Voor elke nieuwbouw is vanaf 2006 een berekening verplicht
van het E-peil (EPB).
Dit volgens het Besluit Vlaamse Regering (BVR) van 11/3/2005
tot vaststelling van de eisen op het vlak van de
energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen.
Voor bestaande publieke gebouwen (scholen) groter dan
1.000 m², is vanaf 2009 een energieprestatiecertificaat
nodig (EPC). Dit volgens het BVR van 20/4/2007 betreffende de
invoering van het energieprestatiecertificaat voor
publieke gebouwen.
Doelstelling van het EPC ?
Het is belangrijk dat onderwijs plaats vindt in
kwaliteitsvolle gebouwen. Om een zicht te krijgen op de kwaliteit van een
schoolgebouw inzake energieprestaties, is het EPC een handig instrument. Alle
schoolgebouwen worden op een gelijkaardige manier beschreven en voor gans
Vlaanderen ontstaat zo een beeld van het energiegebruik van de Vlaamse
onderwijsgebouwen. Op het EPC worden specifieke adviezen geformuleerd over de
gewenste aanpassing voor een concreet schoolgebouw om te komen tot een rationeel
energiegebruik. Het EPC kan een basis vormen voor een verdergaand Vlaams beleid
betreffende gerichte investeringen naar die schoolgebouwen die het meeste
energie verbruiken.
Op termijn zal elk gebouw in Vlaanderen over een EPC
beschikken, voor de meeste types gebouwen is een EPC verplicht bij verhuur of
verkoop.
EPC is een nieuwe taak ?
Het energieprestatiecertificaat is inderdaad een bijkomende
taak voor het onderwijsveld. Dit is voor iedereen binnen de Europese Unie die
een gebouw gebruikt, verhuurt of verkoopt, dus ook voor particulieren en
bedrijven.
Een aandachtig en constant energiebeleid in een school
levert jaarlijks een belangrijke besparing op. (-30 à 40%) Voor een deel kan dit
gebruikt worden voor de kost van het energieprestatiecertificaat.
Een energiebeleid in een school is een zaak van directie,
personeel, leerlingen zodat de inspanningen kunnen gespreid worden.
Scholen kunnen ook samenwerken binnen een schoolbestuur,
scholengemeenschap of regio om een energiebeleid te voeren of een
energieprestatiecertificaat op te stellen.
Voor een energiebeleid op school kan de school voor hulp en
ondersteuning terecht bij de provinciale diensten van milieuzorg op school (MOS)
:
www.milieuzorgopschool.be.
EPC in het kort ?
Het energieprestatiecertificaat (EPC) drukt de energetische
kwaliteit van het gebouw uit aan de hand van een kengetal. Het kengetal wordt
berekend op basis van de bruikbare vloeroppervlakte en de energieverbruiken van
exact één jaar. Op het energieprestatiecertificaat zal de energieprestatie van
het gebouw vergeleken worden met de referentiewaarde van gelijkaardige gebouwen
door het kengetal te positioneren op een kleurenbalk. Daarnaast worden op het
energieprestatiecertificaat ook energiebesparende adviezen vermeld.
Volgens de Vlaamse regelgeving moet de gebruiker van een schoolgebouw uiterlijk
op 1 januari 2009 voor elk afzonderlijk gebouw of elke gebouwsite groter dan
1000m2, over een energieprestatiecertificaat beschikken.
Gebouwen die na 1 oktober 2007 in gebruik worden genomen als school, moeten
uiterlijk vijftien maanden na de ingebruikname over een
energieprestatiecertificaat beschikken.
Geldigheidsduur EPC ?
Het energieprestatiecertificaat voor schoolgebouwen is
maximaal tien jaar geldig.
Scholen kunnen op vrijwillige basis, na bijvoorbeeld een
investering inzake isolatie, na een aantal jaren een nieuw EPC opmaken. Ook het
nieuwe EPC moet steunen op gegevens van EXACT een jaar energieverbruik.(vb. van
17.11.2010 tot 16.11.2011)
Als een schoolgebouw een andere gebruiker (buiten
onderwijs) krijgt, dan vervalt het energieprestatiecertificaat in kwestie. Als
de nieuwe gebruiker een publieke organisatie is, moet die binnen vijftien
maanden na de ingebruikname van het gebouw over een energieprestatiecertificaat
beschikken.
Hoe concreet aan een EPC komen ?
1. De school stelt een interne of een erkende externe
energiedeskundige voor publieke gebouwen aan.
2. De energiedeskundige noteert de startwaarden van meters
van elektriciteit, aardgas en stookolie.(december 2007)
Opgelet: stookolie moet gemeten worden met een
stookoliedebietmeter.
3. De energiedeskundige bepaalt de totale bruikbare
vloeroppervlakte en voert een doorlichting van de gebouwen aan de hand van de
auditlijsten die op de website te vinden zijn.
4. Exact één jaar na het noteren van de startwaarden
(december 2008) noteert de energiedeskundige de eindwaarden van de meter van
elektriciteit, aardgas en stookolie.
Met de opnameformulieren en de auditlijsten kan de interne
of externe energiedeskundige de opmaak van het EPC op papier voorbereiden.
5. De energiedeskundige geeft de gegevens van de gebouwen
in de webapplicatie,
www.energieprestatiedatabank.be, maakt het EPC op en overhandigt het
gehandtekende EPC aan de school.
6. De school hangt het energieprestatiecertificaat uit op
een voor het publiek duidelijk zichtbare plaats, uiterlijk tegen 1 januari
2009.
Uitzonderingen op EPC ?
Gebouwen waar geen energie gebruikt wordt ten behoeve van
personeel en leerlingen, zoals een stookgebouw, een opslagruimte, of een
materiaalloods zijn vrijgesteld van het EPC. Ook gebouwen met een bruikbare
vloeroppervlakte minder dan 1.000m² vallen niet onder het toepassingsgebied.
Wat met containers ?
De oppervlakte en het energieverbruik van de containers
dient mee in rekening gebracht te worden bij het opstellen van het EPC van de
school.
Wat is bruikbare vloeroppervlakte
?
Er is een toelichting bij het
bepalen van de bruikbare vloeroppervlakte :
www2.vlaanderen.be/economie/energiesparen/epc/doc/toelichting_bruikbarevloeroppervlakte.pdf.
In principe gaat het om de buitenmaten van alle gebouwen
die verwarmd en gebruikt worden door leerlingen en personeel.
Een jaar energiegebruik ?
Om op Vlaams niveau
vergelijkbare cijfers te hebben is er de afspraak dat het energieverbruik over
één jaar wordt ingegeven. Voor onderwijsgebouwen is dat zeker van belang omdat
er vakantieperiodes zijn die nu bij iedereen in rekening worden gebracht.
Voor elektriciteit, aardgas en
stookolie moet het gemeten jaarverbruik worden ingegeven. Voor de andere
energiebronnen (LPG, e.a.) mag gebruik gemaakt worden van factuurgegevens. Zorg
ervoor dat de periode van deze gebruikte facturen de meetperiode van één jaar
omvat.
Bij meting stookolieverbruik hoort
een debietmeter ?
Bij het opstellen van het EPC wordt het stookolieverbruik
gemeten via stookoliedebietmeters. Het gebruik van facturen, peilstokken,
urentellers, enz is niet toegelaten.
Als de school nog geen debietmeters heeft dan moeten die zo
snel mogelijk geïnstalleerd worden.
EPC en meerdere gebouwen op één
site?
Vaak liggen verschillende gebouwen op dezelfde vestiging.
In geval er minstens één gemeenschappelijke teller is voor elektriciteit,
aardgas of stookolie, dan moet één EPC voor de gebouwen samen opgemaakt worden.
De oppervlaktes en de jaarverbruiken moeten in dat geval samengeteld worden. De
auditlijst kan ingevuld worden voor het gebouw waar het meeste advies voor
wenselijk is (het oudste gebouw). Een kopie van het ondertekende EPC moet wel in
de verschillende gebouwen uitgehangen worden.
Zie de EPC-brochure op volgende webpagina :
http://www.ond.vlaanderen.be/energie/energieprestatiecertificaat.htm
EPC en een of meerdere gebouwen
met meerdere soorten scholen (basis, secundair)?
Er moet één EPC voor de gebouwen samen opgemaakt worden als
de gebouwen minsten één gemeenschappelijke teller hebben. Ongeacht de
verschillende soorten schoolbesturen of soorten onderwijs. Wie het initiatief
neemt of hoe de kosten verdeeld worden moet onderling afgesproken worden.
Enkel als er tussentellers geïnstalleerd staan, die met
eenzelfde nauwkeurigheid werken als officiële tellers, dan kan wel opgesplitst
worden. Opmaken van verschillende EPC op basis van verdeling met caloriemeters
of verdeelsleutels allerhande is niet toegelaten.
EPC en een gebouw met onderwijs en
met een andere overheidsinstantie ?
Stel dat een gebouw van 2000 m² gedeeltelijk door een
school gebruikt wordt voor een totale bruikbare vloeroppervlakte van 1600 m² en
gedeeltelijk door een federale overheidsinstantie voor 400 m². In dit geval moet
alleen de school voor haar gedeelte van het gebouw een
energieprestatiecertificaat opmaken.
In geval van gemeenschappelijke tellers wordt een
gezamenlijk energieprestatiecertificaat opgemaakt.
Als een school en een andere overheid (Kind en Gezin,
gemeente, bibliotheek) voor elk minstens 1000 m² bruikbare vloeroppervlakte
beschikken in het gebouw dan moeten beide instanties een
energieprestatiecertificaat laten opmaken.
In geval van gemeenschappelijke tellers wordt een gezamenlijk
energieprestatiecertificaat opgemaakt.
Hier moet wel tussen school en de andere overheden
afspraken gemaakt worden over wie het EPC organiseert en hoe de kosten verdeeld
worden. Het EPC moet zowel in de school als bij de andere overheid op een
zichtbare plaats uitgehangen worden.
EPC en een gebouw met een school
en met een privé-instantie ?
Men dient eerst te bekijken of de oppervlakte die de school
inneemt meer dan 1.000m2 is. Is dit zo dan moet er een EPC komen.
Indien het gebouw over één gemeenschappelijke teller
beschikt, en geen gebruik maakt van officiële tussentellers, wordt een energieprestatiecertificaat
voor het hele gebouw opgemaakt.
De gegevens van het volledige gebouw (school en privé)
worden ingegeven.
Enkel als er tussentellers geïnstalleerd staan, die met
eenzelfde nauwkeurigheid werken als officiële tellers dan kan wel opgesplitst
worden en wordt het EPC opgemaakt enkel voor het gedeelte van de school.
In elk geval is het zo dat het EPC onder de
verantwoordelijkheid valt van de school.
Een
school verhuurt geregeld een schoolgebouw (vb. sporthal) aan verenigingen ?
Indien de sporthal
steeds tijdelijk verhuurd wordt aan verschillende verenigingen en de school
gebruikt het gebouw zelf niet, dan gaat het over een gebouw dat de school als
dienstverlening ter beschikking stelt aan meerdere kleine gebruikers. De school
wordt dan nog altijd als de hoofdgebruiker beschouwd. Dit houdt in dat de school
de verplichting heeft tot opmaak van een energieprestatiecertificaat.
Indien een
schoolgebouw constant aan één en slechts één vereniging verhuurd wordt dan is
die vereniging te beschouwen als de gebruiker.
Is de vereniging een
publieke organisatie dan geldt de verplichting tot opmaak van een
energieprestatiecertificaat door de vereniging.
Is de vereniging geen
publieke organisatie dan geldt er geen verplichting tot het opstellen van een
energieprestatiecertificaat : vb. de scouts. De scouts is geen publieke
organisatie en dus voor schoollokalen constant gebruikt door de scouts geldt
geen verplichting tot opmaak van een energieprestatiecertificaat.
Wat als er op één meter oudere en
nieuwere gebouwen zijn aangesloten ?
Op basis van de gemeenschappelijke teller worden oudere en
nieuwere gebouwen samengenomen. Bij de rubriek gebouwgegevens van het EPC kan
men wel de verschillende bouwjaren invullen. Voor de auditlijsten wordt met het
geheel rekening gehouden. Dit betekent dat veel vragen een neen antwoord zullen
krijgen, waarbij vervolgens de effectgrootte wellicht hoog of zeer hoog zal zijn
omwille van de omvang van het oudere gebouw. Het verdient de voorkeur om
hoofdzakelijk rekening te houden met het oudere gebouw. Dit is het meest
doelmatig omdat het EPC vervolgens adviezen tot verbetering oplevert die in het
bijzonder op het oudere gebouw van toepassing zijn.
Verschillende meters ?
Er is bij een viertal gebouwen op één site één
elektriciteitsmeter en 2 gasmeters voor 3 verwarmingsinstallaties. Er wordt één
EPC opgemaakt voor de 4 gebouwen samen omdat er tenminste één gemeenschappelijke
meter is. Voor jaarverbruik bij elektriciteit is er de ene meter en voor gas
worden de 2 meterstanden samengeteld.
Wie maakt EPC op ?
Het energieprestatiecertificaat kan opgemaakt worden ofwel
door een erkende externe energiedeskundige publieke gebouwen ofwel door een
interne energiedeskundige voor publieke gebouwen.
-Om erkend te kunnen worden als externe energiedeskundige
is het volgen van een door het Vlaams Energieagentschap erkende opleiding
verplicht.
Een overzicht van de reeds erkende externe
energiedeskundigen is te vinden op:
http://www.energiesparen.be/epcpubliek/energiedeskundige+epc+publiek
-Een interne energiedeskundige is een medewerker vanuit het
onderwijs die binnen de school of scholen in zijn huidige functie minstens twee
jaar ervaring heeft op het vlak van energiezorg of die ook een erkende opleiding
tot energiedeskundige voor publieke gebouwen heeft gevolgd.
Wie mag intern energiedeskundige
zijn ?
Een personeelslid van een school die in zijn huidige
functie minstens twee jaar ervaring heeft op het vlak van energiezorg (of een
erkende opleiding tot externe energiedeskundige voor publieke gebouwen gevolgd
heeft).
Hier zitten twee elementen in :
-twee jaar al bezig geweest zijn met energiezorg, in de
ruimste betekenis, een specifieke opleiding of bijscholing is niet verplicht;
-de eigen organisatie betekent dat het personeelslid de
schoolgebouwen moet kennen, in het ene geval zal dat enkel maar de ene eigen
school zijn, in andere gevallen kan dat een reeks van scholen zijn binnen een
schoolbestuur, scholengemeenschap of scholengroep.
Dit betekent dat er veel scholen een beroep kunnen doen op
een interne energiedeskundige.
Hiervoor wordt heel wat hulp geboden op de webpagina :
www.energiesparen.be/epcpubliek
Hulpinstrumenten voor de interne
energiedeskundige
Verdere informatie is te vinden op :
Websiteluik EPC publiek:
http://www.energiesparen.be/epcpubliek
Verzameling van nuttige documenten, ook link naar
auditlijst, toelichtingen bij opmaak, wetgeving:
http://www.energiesparen.be/epcpubliek/documenten
Link naar de veelgestelde vragen:
http://www.energiesparen.be/node/874
De volgende documenten zijn er te vinden
-Een toelichting bij de
opmaak van een EPC.
-Een toelichting bij het
bepalen van de bruikbare vloeroppervlakte.
-Toelichting bij de
opname van meterstanden voor hoogspanning.
-Auditlijsten:
toelichting bij de vragen van de auditlijsten. In deze toelichting wordt per
rubriek en subrubriek verdere uitleg gegeven bij de gesloten vragen van de
auditlijst, indien verschillende interpretaties mogelijk zijn.
-Auditlijsten:
toelichting bij het begrip "effectgrootte" in de auditlijsten.
-Auditlijsten: toelichting
bij het antwoord "niet aanwezig" van de auditlijsten. In deze toelichting
wordt verduidelijkt hoe het antwoord “niet aanwezig” te interpreteren is.
Onderdelen van het
softwareprogramma ?
Voor de opmaak van het EPC moeten een reeks gegevens in de
software ingegeven worden via de energieprestatiedatabank (www.energieprestatiedatabank.be):
-jaarverbruik van energie;
-gebouwgegevens, ondermeer bruikbare vloeroppervlakte;
-invullen van 9 reeksen vragen over het schoolgebouw (auditlijsten)
: energie, gebouw, eindeenheden (radiatoren), warmte, koude, sanitair,
ventilatie, verlichting, apparatuur
De auditlijsten bestaan uit een reeks van gesloten vragen
waarbij voor elke vraag er drie rubrieken voorkomen:
Voorbeeldvraag : Zijn de daken (of zoldervloeren) voldoende
geïsoleerd?
-
antwoord met : ja of nee (of niet aanwezig)
-
bij het antwoord neen is er de vraag naar de
effectgrootte : laag, hoog, zeer hoog (verplicht in te vullen)
-
een ruimte om opmerkingen te noteren over de plaats
binnen het gebouw : alleen het dak van het hoofdgebouw
De auditlijsten worden op het gebied van effectgrootte te
goeder trouw ingevuld. Het ontbreken van dakisolatie in gebouw 1 kan een laag
effect hebben omdat het weinig gebruikt wordt, terwijl in gebouw 2 het effect
zeer hoog is omdat onder het platte dak er een rij klassen intensief gebruikt en
verwarmd wordt.
Ik ben pas directeur en er is
niets gebeurd rond EPC ?
Indien geen metingen van jaarverbruiken werden uitgevoerd,
dan zal er geen EPC opgesteld kunnen worden. De school riskeert een boete omdat
er niet tijdig een EPC is voor het betrokken gebouw. De school dient zo snel
mogelijk de meting op te starten om na een periode van 1 jaar het EPC alsnog te
kunnen opstellen. Het Vlaams Energieagentschap (VEA) zal steeds eerst in
overleg treden met de school over het waarom van het ontbreken van een EPC,
alvorens er een boete toe te kennen.
Voorlopig en definitief EPC ?
Na het invullen van alle
vereiste gegevens in de software klikt de energiedeskundige op “Indienen”. Het
systeem kijkt na of alle vereiste gegevens werden ingevuld.
Bij aanmaak van een
energieprestatiecertificaat klikt de energiedeskundige best bij elk ingevuld
tabblad steeds op “voorlopig opslaan”. Indien men terug melding krijgt dat het
energieprestatiecertificaat is aangemaakt onder een welbepaald nummer, dan heeft
de energiedeskundige de zekerheid dat er weldegelijk een
energieprestatiecertificaat werd opgeslagen in de databank op zijn naam. Verder
bewerken kan door in de overzichtslijst van de voorlopig opgeslagen
energieprestatiecertificaten (te bereiken via het menu "Certificaat" -"Publiek
gebouw" - "Voorlopig") bij het bewuste energieprestatiecertificaat op het
potlood te klikken (=bewerken). Dit is best te herhalen bij elk ingevuld
tabblad, zodanig dat als de webapplicatie de laatste wijzigingen niet
registreert, alleen de info van het laatst ingevulde tabblad verloren gaat.
De
volledige tekst met bijhorende printscreens is te bekijken op de
www.energiesparen.be onder de rubriek nuttige documenten en wetgeving.
(www2.vlaanderen.be/economie/energiesparen/epc/doc/voorlopig_opslaan_EPCpubliek.doc)
De energiedeskundige kan een
nieuw scherm openen waarin hij de ingevoerde gegevens, het kengetal, het
referentiekengetal en de belangrijkste adviezen kan nalezen. Na bevestiging van
controle door de energiedeskundige krijgt het EPC de status “ingediend”. Na het
drukken op “Bevestig indienen” krijgt de energiedeskundige het definitief EPC in
pdf-formaat. De ingediende EPC’s vindt u terug onder de rubriek “ingediend”.
Er is in het afgelopen jaar een
belangrijke investering gebeurd ?
Er is een nieuwe centrale verwarmingsinstallatie geplaatst
die nu in 2008 in gebruik wordt genomen. De metingen voor het EPC zijn dus
achterhaald. Moet het EPC dan nu opgesteld worden of kan de meting nu beginnen
naar het volgende jaar toe?
Er zijn geen uitzonderingsbepalingen voorzien in de
wetgeving. Elk publiek gebouw met een bruikbare vloeroppervlakte groter dan
1000m² moet uiterlijk op 1 januari 2009 in het bezit zijn van een EPC publieke
gebouwen. Het EPC is 10 jaar geldig, maar mag eerder gereviseerd worden: na het
nemen van een maatregel en opnieuw 1 jaar meten kan een nieuw EPC opgemaakt
worden.
Verplichtingen bij EPC adviezen ?
Hoewel de REG-adviezen niet verplicht uit te voeren zijn
door de gebruiker, geven ze de gebruiker en bezoekers van het gebouw informatie
over hoe energie kan bespaard worden in de gebouwen. De adviezen samen van de
verschillende gebouwen kunnen een aanzet zijn om gerichte beslissingen te nemen
door het schoolbestuur inzake investeringen.
Er is geen EPC in januari 2009 en
wat met sancties ?
Er zijn geen uitzonderingsbepalingen voorzien in de
wetgeving. Het Vlaams Energieagentschap zal vanaf januari 2009 de contoles
uitvoeren.
In principe riskeert de school dan een boete. Het Vlaams
Energieagentschap (VEA) zal uiteraard eerst in overleg treden met de school over
het waarom van het niet tijdig aanwezig zijn van het EPC. Bijvoorbeeld een
leverings- en installatieprobleem van een stookoliedebietmeter kan een
verklaring zijn. Wil de school een boete ontlopen dan moet duidelijk zijn dat
het probleem in behandeling is of zo snel mogelijk opgelost wordt.
Hierbij blijft het onverminderd zo dat er altijd EXACT één
jaar energieverbruik moet gemeten worde n en ingegeven worden in de software van
het EPC, voorafgaand aan het opstellen van een EPC.
Bij controle blijkt dat het EPC
niet correct is opgesteld ?
In principe riskeert de energiedeskundige die het EPC
opgesteld heeft een boete. Het VEA zal in overleg treden met de externe of
interne energiedeskundige over het waarom van het niet correct zijn van het EPC. Er
zullen maatregelen afgesproken worden om tot een correct EPC te komen.
Wie komt langs voor de EPC
controle ?
De onderwijsinspectie start in 2009 met een nieuw systeem
van schooldoorlichtingen : enkel die onderwijspunten die minder goed zijn zullen
nog een verdere analyse ondergaan. (gedifferentieerde doorlichtingen) In dat
kader past het niet dat er een uitbreiding is van de controle van de
pedagogische inspectie voor een thema als energieprestatie.
De ambtenaren van het Vlaams Energieagentschap zullen in de
scholen langs komen voor de controle op het EPC.
EPC Nieuwsbrief
Er is een elektronische nieuwsbrief rond het EPC. Hiervoor
dient men zich elektronisch in te schrijven.
Link naar de nieuwsbrief:
http://www.energiesparen.be/epcpubliek/EPC-nieuwsbrief.
Brussels Hoofdstedelijk Gewest
Voor het Brussels Hoofdstedelijk
Gewest is de regelgeving rond het energieprestatiecertificaat nog niet afgerond.
Hier zal de verplichting voor de opmaak van een energieprestatiecertificaat pas
in de loop van 2009 worden ingevoerd.