Veelgestelde vragen: minstens een jaar naar de kleuterklasUpdate 2.08.2011 Kinderen mogen op vijf of zes jaar pas naar het gewoon lager onderwijs in een Nederlandstalige school als ze eerst een jaar lang regelmatig naar de Nederlandstalige kleuterklas gaan of een taalproef afleggen. Hier vindt u antwoord op vragen van lagere scholen, van scholen die de taalproef afnemen, van kleuterscholen en van CLB's over de nieuwe toelatingsvoorwaarde sinds 2010-2011. Vragen van lagere scholenWat zijn de nieuwe toelatingsvoorwaarden voor het lager onderwijs sinds 2010-2011? Hoe kan ik weten of een leerling voldoende aanwezig was in de kleuterklas? Mag ik de informatie over de aanwezigheid ook telefonisch opvragen? Komt aanwezigheid in om het even welke Nederlandstalige kleuterschool in aanmerking? Wat als het kind helemaal niet ingeschreven was in het Nederlandstalig kleuteronderwijs? Is een kleuterschool verplicht om mij het aantal halve dagen aanwezigheid door te geven? Mag om het even welk CLB de taalproef afnemen? Hoe kom ik het resultaat van de taalproef te weten als het CLB die afneemt? Binnen hoeveel tijd moet een CLB of school de taalproef afnemen? Kan een kind meer dan eens de taalproef afleggen? Kan ik een kind voorbereiden op de taalproef? Wanneer wordt de taalproef afgenomen? Mag ik bij voorrang die kinderen inschrijven die duidelijk aan alle toelatingsvoorwaarden voldoen?
Wat zijn de nieuwe toelatingsvoorwaarden voor het lager onderwijs sinds 2010-2011?Voor het gewoon lager onderwijs geldt sinds het schooljaar
2010-2011 een extra toelatingsvoorwaarde. Voor zesjarigen betekent voldoende aanwezigheid 220 halve dagen, voor
vijfjarigen gaat het om 185 halve dagen. De leeftijd wordt altijd bekeken in functie van 1 januari van het schooljaar waarvoor men wenst in te schrijven. Voor het schooljaar 2011-2012 worden alle leerlingen die geboren zijn in 2006 beschouwd als vijfjarigen (zij werden/worden immers vóór 1 januari 2012 vijf jaar). Alle leerlingen die geboren zijn in 2005 worden voor het schooljaar 2011-2012 beschouwd als zesjarigen (zij werden/worden immers vóór 1 januari 2012 zes jaar). Alle leerlingen geboren in 2004 worden beschouwd als zevenjarigen, etc. Zevenjarige leerlingen of ouder kunnen op basis van hun leeftijd in het gewoon lager onderwijs instappen. Zij moeten dus geen voldoende aanwezigheid aantonen, noch slagen in een taalproef. Voor het buitengewoon lager onderwijs verandert er niets aan de toelatingsvoorwaarden. Hier gelden de leeftijd van het kind en het inschrijvingsverslag dat naar een bepaald type oriënteert. Kan ik een leerling inschrijven op een ogenblik dat die nog niet aan alle toelatingsvoorwaarden voldoet?Ja. Aangezien de inschrijvingen veelal plaatsvinden voor 1 september, zullen heel wat leerlingen op dat ogenblik inderdaad nog niet aan de toelatingsvoorwaarden voldoen. De leerling wordt dan ingeschreven onder opschortende voorwaarde. De leerling moet aan alle toelatingsvoorwaarden voldoen op het ogenblik dat hij/zij effectief in het lager onderwijs instapt (meestal 1 september). Inschrijvingen na 1 september gebeuren onder opschortende voorwaarde, tot u zekerheid hebt over het aantal halve dagen aanwezigheid en/of de taalproef. Hoe kan ik weten of een leerling voldoende aanwezig was in de kleuterklas?De kleuterscholen houden de aanwezigheden bij. Voor leerlingen die het kleuteronderwijs in de eigen school gevolgd hebben,
stelt er zich geen probleem: de aanwezigheid gekend is. Voor leerlingen die uit een andere school komen, dient u bij inschrijving bij de ouders goed na te vragen in welke school of scholen het kind het jaar voorafgaand aan de overstap naar het lager onderwijs naar het kleuteronderwijs geweest is. U vraagt dan bij die kleuterschool of -scholen het aantal halve dagen aanwezigheid op. De school kan het modelformulier (Word, 1 p.) gebruiken, maar kan ook via mail, fax of een ander document antwoorden. Vraag aan ouders dus ook steeds uitdrukkelijk of hun kind het afgelopen jaar in verschillende scholen geweest is. De aanwezigheden uit de verschillende scholen moeten dan opgeteld worden. Als u bij inschrijving vóór 30 juni al zou merken dat het kind niet voldoende aanwezigheid in het kleuteronderwijs telt, maar daar in de rest van het schooljaar nog kan aan geraken, dan spoort u de ouders zo snel mogelijk aan om hun kind nog maximaal in het kleuteronderwijs aanwezig te laten zijn. Als bij de inschrijving al geweten zou zijn dat het kind in de rest van het schooljaar onmogelijk nog aan voldoende halve dagen aanwezigheid kan geraken, moet een taalproef worden afgenomen. De lagere school en het CLB waarmee die een beleidscontract heeft, beslissen onderling wie van hen beide als afnemer van die proef optreedt. Die afspraak geldt dan voor alle leerlingen van de betrokken school, dus niet per individuele leerling. Als de school volgens afspraak de taalproef zal afnemen, moet de school dat uiterlijk 15 juni 2011 melden aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Is die melding op die datum niet ontvangen, dan neemt het CLB de proef af. De details over de procedure en het meldingsformulier vindt u in de omzendbrief.
Mag ik de informatie over de aanwezigheid ook telefonisch opvragen?Nee, een schriftelijk document met vermelding van het aantal halve dagen
aanwezigheid is noodzakelijk voor de controle van de toelatingsvoorwaarden. Komt aanwezigheid in om het even welke Nederlandstalige kleuterschool in aanmerking?Het moet gaan om een door de Vlaamse overheid erkende Nederlandstalige kleuterschool. Ook de Nederlandstalige onderwijsinstellingen uit een lidstaat van de Nederlandse Taalunie komen in aanmerking. In de praktijk zijn dat momenteel de scholen in Nederland. Andere scholen komen niét in aanmerking. Niet de privéscholen, die niet door de Vlaamse overheid erkend zijn. Noch immersiescholen Nederlands in Wallonië … Wat als het kind helemaal niet ingeschreven was in het Nederlandstalig kleuteronderwijs?Indien de taalproef door het CLB zal worden afgenomen, contacteert u zo snel mogelijk het CLB om de gegevens van het kind en de reden waarom het de taalproef moet afleggen over te maken. Tegelijk vraagt u de ouders om contact met het CLB op te nemen in verband met de afname van de taalproef. Als de school de taalproef zal afnemen, maakt u, in overleg met de ouders, een afspraak voor de afname. Wat als de ouders mij niet kunnen of willen vertellen in welke kleuterschool hun kind ingeschreven was?Als uw inspanningen om te weten te komen in welke kleuterschool het
kind ingeschreven was, echt vruchteloos blijven, dan kunt u bij het
Agentschap voor Onderwijsdiensten opvragen in welke school het kind
voorheen ingeschreven was. Is een kleuterschool verplicht om mij het aantal halve dagen aanwezigheid door te geven?Ja. Kleuterscholen zijn verplicht hun medewerking te verlenen en moeten u zo snel mogelijk de gevraagde gegevens bezorgen. Zij kunnen het modelformulier (Word, 1 p.) gebruiken, maar het kan ook per mail, fax of in een ander document. Mag om het even welk CLB de taalproef afnemen?Nee, het CLB waarmee uw school een beleidscontract heeft, is het enige CLB dat bevoegd is om de taalproef af te nemen (zie art. 13, § 1, 2° van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997). Hoe kom ik het resultaat van de taalproef te weten als het CLB die afneemt?Als het CLB de taalproef afnam, bezorgt het u een attest waarin vermeld is of de leerling geslaagd is voor de proef of niet. Als u zelf de taalproef afneemt, dan bezorgt u een attest aan de ouders met vermelding van het resultaat van de taalproef (zie ook de vragen voor de lagere scholen die optreden als afnemer van de taalproef). Het in te vullen attest vindt u in de omzendbrief Binnen hoeveel tijd moet een CLB of school de taalproef afnemen?De taalproef wordt zo snel mogelijk afgenomen. Als het CLB de taalproef afneemt, spreken de ouders de datum met het CLB af. In samenspraak met de ouders kan de taalproef tijdens het schooljaar op school worden afgenomen. Als de school de taalproef afneemt, wordt in onderling overleg tussen de ouders en de school een afspraak gemaakt voor de afname. Wat als ik op 1 september nog niet over alle informatie beschik: aantal halve dagen, taalproef enz.? Mag het kind dan in het lager onderwijs aanwezig zijn?Het streefdoel is dat er op 1 september duidelijkheid is over het feit of het kind tot het lager onderwijs toegelaten wordt, om te vermijden dat kinderen gedurende het schooljaar van niveau moeten veranderen. Toch kunnen er zich situaties voordoen waarbij dit onmogelijk is (bijv. ouders schrijven het kind pas in op of na 1 september). Het kind kan in afwachting van die gegevens opgenomen worden in het lager onderwijs (als het aan de leeftijdsvoorwaarde voldoet) op basis van een inschrijving onder opschortende voorwaarde. Voor inschrijvingen na 1 september kan de school of het CLB ervoor kiezen de taalproef in de school van de leerling tijdens de schooluren af te nemen. Indien het CLB als afnemer van de taalproef optreedt, maakt het hierover afspraken met de school. De afnemer van de proef informeert de ouders over het tijdstip van de taalproef. Kan een kind meer dan eens een taalproef afleggen?Nee. Een leerling kan de taalproef maar één keer afleggen. Als ouders om een of andere reden (bijv. autopech) niet op de afspraak met de afnemer van de taalproef (CLB of school) geraken of het kind is ziek op het ogenblik van de taalproef, dan kan er wel een andere afspraak gemaakt worden. Kan ik een kind voorbereiden op de taalproef?De beste voorbereiding op de taalproef bestaat erin, zoveel mogelijk Nederlands te praten met het kind. Als de ouders zelf geen Nederlands kennen, dan kunt u de ouders aansporen hun kind nog zoveel mogelijk naar een Nederlandstalige kleuterschool te laten gaan of, als dit niet meer mogelijk is, het kind buiten de school zoveel mogelijk met Nederlands in contact te brengen. Wanneer wordt de taalproef afgenomen?
Mag ik bij voorrang die kinderen inschrijven die duidelijk aan alle toelatingsvoorwaarden voldoen?Nee. U moet alle kinderen op dezelfde manier behandelen. Zo mag u geen voorrang geven aan kinderen waarvan u weet dat ze voldoende halve dagen aanwezigheid hebben ten nadele van kinderen die dat (nog) niet kunnen aantonen. Wat als een kind na 1 september inschrijft? Gelden dan ook nog de voorwaarden van voldoende aanwezigheid en taalproef?De voorwaarden zijn van toepassing op alle kinderen die voor 1 januari van het lopende schooljaar vijf of zes jaar geworden zijn, of worden. Het maakt dus niet uit of het kind in het lager onderwijs vóór of na 1 september ingeschreven wordt. Voor inschrijvingen na 1 september kan de school of het CLB ervoor kiezen, de taalproef in de school van de leerling tijdens de schooluren af te nemen. Als het CLB als afnemer van de taalproef optreedt, maakt het daar met de school afspraken over. De afnemer van de proef informeert de ouders over het tijdstip van de taalproef. Voor kinderen die zich na 1 september op uw school aanmelden en bij wie het een schoolverandering van een andere gewone lagere school naar uw school betreft, mag u ervan uitgaan dat de vorige lagere school de voldoende aanwezigheid of het geslaagd zijn voor de taalproef lager onderwijs nagegaan heeft, op voorwaarde dat het kind er al definitief (en niet onder opschortende voorwaarde) ingeschreven was.
|