REFLECTIE OP DE WERKJAREN 2006-2007, 2007-2008 EN 2008-2009
MAXIMALE KANSEN
KORTE BESCHRIJVING
2006-2007
Het project ging in het werkjaar 2006-2007 van start als drieluik
(huiswerkbegeleiding door studenten, toeleiding en drempelverlaging voor
doelgroepleerlingen naar een lokale sportvereniging, netwerk rond het opzetten
van een laagdrempoelig aanbod). Kort na de start van het project besliste een
van de partners zich uit het project terug te trekken. Het project werd herzien
en de focus kwam te liggen op de huiswerkbegeleiding (later studieondersteuning)
door studenten van de lerarenopleiding. De Katholieke Hogeschool nam de
coördinatie van het gehele project op zich. Gedurende het eerste jaar kwam de
focus vooral te liggen op het verkennen van mogelijkheden, kansen en valkuilen
met betrekking tot studieondersteuning aan huis. Een tijdelijke coördinator
kreeg de opdracht het project inhoudelijk verder vorm te geven, in samenspraak
met de stuurgroep en afgevaardigden van de betrokken scholen. Met de
eerstejaarsstudenten ging men intussen al van start door hen te laten deelnemen
aan huistaakbeleiding na de schooluren (op school of binnen buitenschoolse
vrijwilligersinitiatieven).
Tevens kwam er binnen de stad St-Niklaas een dynamiek op gang waarbinnen de uiteenlopende projecten en initiatieven rond huiswerkbegeleiding uit de regio elkaar konden ontmoeten en in overleg gaan.
2007-2008
In het werkjaar 2007-2008 deden alle eerstejaarsstudenten
huiswerkbegeleiding. Begin maart 2008 was er een reflectiemoment. De studenten
bespraken er kort hun ervaringen en discussieerden over verschillende
stellingen. Dit was aanleiding tot individuele reflectieverslagen.
23 derdejaarsstudenten, verspreid over 22 scholen in de regio, realiseerden studieondersteuning aan huis. De GOK/zorgleerkrachten van de stagescholen waar de derdejaarsstudenten stage liepen, selecteerden een gezin. Bij de selectie werden de GOKindicatoren als leidraad gehanteerd. Naast een infomoment in november, waren er twee reflectiemomenten en een slotmoment voor de studenten, telkens begeleid vanuit de hogeschool en Samenlevingsopbouw Oost-Vlaanderen vzw. Tijdens de reflectiemomenten lag de nadruk op het uitwisselen van ervaringen en het kritisch bevragen ervan. Tijdens het slotmoment stonden de studenten stil bij hun eigen evolutie en aangesproken competenties en evalueerden ze het project via een SWOT-analyse. Op het einde van het academiejaar gaven de studenten aan de andere derdejaarsstudenten een presentatie over wat ze wat ze uit dit project meenemen naar hun toekomstig leerkracht zijn.
Op campus Dirk Martens in Aalst werd eveneens een stuurgroep opgestart en realiseerden alle tweedejaarsstudenten huiswerkbegeleiding. De meeste tweedejaarsstudenten realiseerden de studieondersteuning op de stageschool, een tiental deed dit aan huis.
2008-2009
Het project werd dit werkjaar hernomen zonder noemenswaardige aanpassingen.
Studenten krijgen de kans (als keuzeonderdeel) om 15
studieondersteuningsmomenten aan huis in te vullen en zo kennis te maken met
kansarme ouders en kinderen. Het project werd voor een tweede jaar op rij
ondersteund door Samenlevingsopbouw, al werd dit meteen ook het laatste jaar dat
zij hun expertise ter beschikking stelden. Volgend jaar wordt de
studieondersteuning aan huis uitgebreid naar alle derdejaarsstudenten, en wordt
het zo een vast onderdeel van de lerarenopleiding aan de KaHo St-Lieven.
BEKEKEN DOOR DE BRIL VAN HET REFERENTIEKADER BREDE SCHOOL
Doel: brede ontwikkeling van kinderen en jongeren
2006-2007
Het project beoogt doelen op verschillende niveaus: de leerling, de ouders en de
student. De focus ligt daarbij in de eerste plaats op de student. Binnen de
lerarenopleiding wil men de studenten mogelijkheden bieden om competenties te
ontwikkelen in het omgaan met kinderen en ouders uit diverse sociaal-culturele
milieus. Dit wordt vertaald in het aan huis ondersteunen van een leerling zodat
de student in contact komt met ouders en met de thuissituatie van de leerling.
Tav ouders staan schoolbetrokkenheid en ondersteunende vaardigheden voorop. Tav
de leerling ligt de nadruk op het bevorderen van metacognitieve vaardigheden en
op het creëren van een positieve leeromgeving.
Opvallend: het project werd in doelen en opzet uitgewerkt buiten de studenten om. Scholen en andere externe partners werden wel betrokken. Bij de voorstelling van het project aan de studenten bleken duidelijk een aantal vragen en bekommernissen te bestaan. Bvb: door deze invulling van de keuzestage vallen een aantal andere mogelijkheden weg en dat vinden studenten toch wel jammer. De projectcoördinatoren geven participatie van de studenten dan ook zelf aan als een aandachtspunt.
2007 - 2008
De focus richtte zich– net als vorig jaar - in de eerste plaats op de student.
Binnen de lerarenopleiding wil men de studenten mogelijkheden bieden om
competenties te ontwikkelen in het omgaan met kinderen en ouders uit diverse
sociaal-culturele milieus. Dit wordt vertaald in het aan huis ondersteunen van
een leerling zodat de student in contact
komt met ouders en met de thuissituatie van de leerling.
T.a.v. ouders bleven schoolbetrokkenheid en ondersteunende vaardigheden voorop staan.
T.a.v. de leerlingen van het lager onderwijs bleef de nadruk liggen op het bevorderen van metacognitieve vaardigheden (o.m. zelfsturing) en op het creëren van een positieve leeromgeving thuis. Daarnaast werd er in heel wat gevallen ook gewerkt aan het ontwikkelen van meer zelfvertrouwen bij de kinderen
Waar vorig jaar doelen en opzet uitgewerkt werden buiten de studenten om, werd ze nu meer betrokken bij het reflecteren op de doelen van het project. …… De participatie van de studenten blijft voor volgend academiejaar een belangrijk aandachtspunt.
2008-2009
Focus bleef het kansen bieden aan studenten om ervaringen op te doen en
competenties te ontwikkelen in het omgaan met kinderen en ouders uit diverse
socio-economische milieus. Bedoeling om de vaak stereotype beeldvorming rond
kansarme of allochtone gezinnen te doorbreken, en studenten de nodige bagage mee
te geven die ze in hun toekomstig denken en handelen als leerkracht kunnen
inzetten. Ook het denken rond huiswerk en huiswerkbeleid, alsook de communicatie
tussen school en ouders krijgen hierin een plaats. Dit blijft vooralsnog beperkt
tot de student in kwestie, een breder debat binnen de stagescholen is (nog) niet
aan de orde.
Inhoud: brede leer- en leefomgeving
2006-2007
Studenten kunnen een aantal inzichten, vaardigheden en attitudes verwerven,
toepassen en oefenen binnen een levensechte, concrete context. Er worden daarbij
verbindingen gelegd tussen de schoolse context, de thuissituatie en de
opleiding. Ze krijgen zelf verantwoordelijkheid voor het opzetten van de
ondersteuning in overleg met het kind en de ouders.
2007 - 2008
Naast bovenstaande elementen (2006-2007) betekende de confrontatie met kansarme
kinderen en gezinnen voor de meeste derdejaarsstudenten een belangrijke
leerervaring. Ook werd de link gelegd naar het toekomstig leerkracht zijn. Door
de presentatie aan de medestudenten werden ook die betrokken bij het project.
De ouders van de kinderen lager onderwijs werden via informele contacten, via gesprekken en via een evaluatie op het einde van het academiejaar actiever betrokken bij het geheel.
2008-2009
Net als de voorbije jaren ligt het accent voornamelijk bij de student, het kind
en de ouders. Waarbij het voor de student voornamelijk gaat over breed leren:
studenten doen een levensechte ervaring op in een concrete context waarbij ze
met hun bijdrage daadwerkelijk een maatschappelijke bijdrage leveren. De
betrokkenheid van Samenlevingsopbouw als expert verhoogt eveneens de relevantie
van de opdracht. Deze ervaring is voor studenten dan ook erg betekenisvol en
biedt duidelijke kansen op transfer naar de eigen handelingspraktijk als
toekomstige leerkracht. Voor ouders worden kansen geboden om hun rol als
ondersteuner bij het huiswerk te optimaliseren, wat een versterking van de leef-
en leeromgeving kan betekenen voor de kinderen. De kinderen op hun beurt
krijgen, naast de vaak welgekomen aandacht, de kans om enkele metacognitieve
vaardigheden verder te ontwikkelen wat hen in de toekomst in staat moet stellen
het huiswerk vlotter aan te pakken.
Organisatie: breed netwerk
2006-2007
Het project wordt vanuit de hogeschool gecoördineerd en wordt opgevolgd en
ondersteund door een stuurgroep. In de stuurgroep zijn partners uit diverse
sectoren actief (scholen, CLB, LOP, samenlevingsopbouw, stad,
huiswerkbegeleidingsinitiatieven, integratiesector). De partners zijn
voornamelijk betrokken vanuit de overweging dat het belangrijk is om toekomstige
leerkrachten ervaringen te bieden in het omgaan met kinderen en ouders met
diverse socio-culturele achtergronden. De stuurgroep functioneerde het afgelopen
jaar voornamelijk als klankbord eerder dan als actief ontwikkelende groep. Van
actieve participatie en verbindingen met de eigen werking is dan ook minder
sprake. Dit hoeft geen probleem te zijn voor het functioneren van het project,
al is het realiseren van een meerwaarde voor de betrokken organisaties op
langere termijn wel belangrijk voor een verdere samenwerking. GOK-coördinatoren
en/of leerkrachten van de betrokken scholen zijn wel expliciet gevraagd om mee
te denken in de concrete vormgeving van het project.
2007-2008
De elementen uit 2007-2008 blijven grotendeels van kracht. Een aantal leden van
de stuurgroep deden op de laatste stuurgroepvergadering voorstellen om actiever
mee te werken aan het project. Via o.m. een schriftelijke bevraging probeerde
men ook de ouders nauwer te betrekken bij het project.
Samenlevingsbouw Oost-Vlaanderen vzw heeft gedurende vijf maanden vanuit eigen middelen 10% personeelinzet op dit project ingezet. Alle momenten met de studenten en de stuurgroep werden telkens gemeenschappelijk voorbereid en uitgevoerd.
2008-2009
Net als vorig jaar werd het project gestuurd en ondersteund door de KaHo
St-Lieven. De stuurgroep, die tweemaal per werkjaar samenkomst, doet daarbij
vooral dienst als klankbord. Partners komen om op de hoogte te zijn van de
verdere ontwikkelingen. Met het inbouwen van dit project in opleiding stelt zich
de vraag hoe de functie van de stuurgroep verder zal evolueren.
UITDAGINGEN
2006-2007
Van verkenning en vormgeving overgaan naar actie.
Bieden van voldoende ondersteuning van de studenten in hun opdracht.
Heldere communicatie met ouders, kind en school.
Betrekken van het middenveld buiten de stad Sint-Niklaas, aangezien een groot aantal participerende scholen buiten Sint-Niklaas gelokaliseerd zijn (vb. Lokeren, Zele, Waasmunster).
Met het verdwijnen van de tijdelijke coördinatie: voldoende oog hebben voor de coördinatie van het project.
Het project over de grenzen van de eigen opleiding heen tillen en oog hebben voor de meerwaarde voor alle betrokken partners.
2007 - 2008
Bieden van meer duidelijkheid en inhoudelijke ondersteuning voor de studenten in
hun opdracht.
Beter afstemmen van de verwachtingen van de opleiding, de basisscholen en de ouders.
Het project nog verder over de grenzen van de eigen opleiding heen tillen en verder oog hebben voor de meerwaarde voor alle betrokken partners.
De ouders meer betrekken.
Scholen en gezinnen nog dichter bij elkaar brengen.
Participatie van de studenten bij uitzetten en bijsturen van doelen.
2008-2009
Studieondersteuning aan huis wordt een vast onderdeel van het curriculum voor
alle derdejaarsstudenten aan de lerarenopleiding. Daarmee wordt het project
structureel ingebed. Vraag stelt zich wat dit betekent voor de
bredeschoolwerking op zich. Wil de KaHo St-Lieven zich verder opwerpen om te
werken aan Brede School of wordt de keuze gemaakt het hierbij te laten – wat
natuurlijk geen onverdienstelijke keuze is, gezien de duidelijke impact die deze
vorm van breed leren heeft op de studenten. Maar een bredeschoolwerking is het
niet. De mogelijkheden in St-Niklaas zijn evenwel nog niet uitgeput. Mogelijks
kan via de Stad (evt. via het flankerend onderwijsbeleid) een en ander worden
opgenomen. De interesse bij de partners is duidelijk aanwezig, maar het is een
uitdaging om deze te kanaliseren in een (al dan niet nieuw) spoor voor een
bredeschoolwerking. Wie voelt zich geroepen?
Ook voor de studieondersteuning aan huis liggen er nog enkele uitdagingen
zoals bijvoorbeeld het opentrekken van het debat rond huiswerkbeleid in de
scholen, of de samenwerking tussen scholen lokale welzijnsorganisaties ifv
gezinsondersteuning. Ook hier stelt zich de vraag in hoeverre de KaHo St-Lieven
het als haar taak ziet om deze mogelijkheden verder te benutten.
Contactgegevens:
KaHo ST-LIEVEN
Els Michiels/Heidi Huysveld
Hospitaalstraat 23
9100 SINT-NIKLAAS
tel. 03 776 43 48


