Visietekst 'Brede School in Vlaanderen en Brussel'
Download de volledige visietekst 'Brede School' (pdf, 12,8 MB)
Download the full vision text 'Broad School in Flanders and Brussels' (pdf, 334 kB)
Inhoud:
Samen Brede School maken
Ten geleide
Hoe wordt de buurt of wijk een omgeving waar kinderen en jongeren de kans krijgen om wereldwijs te worden? Hoe bouw je de samenwerking tussen school, gezin en lokale, formele en informele organisaties zo uit, dat daaruit een Brede School ontstaat? Een School dus met een hoofdletter, waar kinderen en jongeren zich veilig en geïnspireerd voelen om op allerlei terreinen hun competenties op te bouwen? Die vraag legden wij voor aan de mensen die daar al jaren over nadenken. Gangmakers uit alle sectoren van Cultuur, Jeugd en Sport, Welzijn en Onderwijs vroegen wij naar hun ervaringen, ideeën en bezorgdheden, in persoonlijke gesprekken en tijdens forumdiscussies. Het resultaat is deze tekst, een breed gedragen visie op Brede School in Vlaanderen.
Work in progress
Brede School mag evenwel geen theoretisch concept blijven. Deze tekst is een beginpunt, een eerste leidraad die door de praktijk moet worden scherpgesteld, aangevuld en bijgestuurd. Dat gebeurt in wisselwerking met het beleid, het werkveld in het algemeen en in de proefprojecten Brede School in het bijzonder. Wij kozen er bewust voor nog geen concrete acties voor te stellen of praktische tips over de organisatie van een Brede School te geven. Een visietekst moet geen voorgekookte plannen aanbieden, noch mag het een keurslijf zijn. Brede School moet groeien op lokaal niveau uit de eigenheid van een buurt, de mensen die er wonen, de scholen en de organisaties die er werkzaam zijn. Wel zullen wij alle kennis en ervaringen die wij opdeden en nog zullen opdoen bundelen in fiches en dossiers ‘Brede School in de praktijk’ en toegankelijk maken voor wie specifieke informatie zoekt of inspiratie nodig heeft. Sommige thema’s die in deze visietekst slechts in algemene termen worden aangekaart, zullen we in ‘Brede School in de praktijk’ uitgebreider behandelen, concreter maken en van voorbeelden voorzien. Bijvoorbeeld: ouders, het netwerk, de regie, financiën, regelgeving, infrastructuur, de link met de buurt, ...
Couleur locale
Brede School in Vlaanderen komt niet uit het niets tevoorschijn. Wij kunnen profiteren van ervaringen die in het buitenland zijn opgedaan. In Nederland wordt al sinds het midden van de jaren negentig aan Brede Scholen gebouwd. De naam Brede School waaide over naar Vlaanderen en op diverse plaatsen heeft het concept al Vlaamse navolgers gekregen. Maar inmiddels is ook duidelijk dat de noorderburen wegbereiders zijn en geen gidsen die we onvoorwaardelijk volgen. In deze visietekst worden eigen keuzes gemaakt en richtingen ingeslagen die vertrekken van de Vlaamse context en ervaringen. Geen vastgelegde modellen, maar principes en uitgangspunten zijn de toetsstenen voor elke individuele Brede School. Zo zullen Brede Scholen in Vlaanderen niet alleen anders zijn dan de Nederlandse nevenpoten, maar ook onderling sterk verschillen.
De plaats van de school.
Binnen een Brede School is de school vaak een prominente partner. Kinderen en jongeren brengen een groot deel van hun tijd op school door. De school speelt dan ook een onmiskenbare rol in hun leven en in hun omgeving. Dat betekent echter niet dat de school een grotere of centralere rol krijgt toebedeeld dan aan de andere partners. Het gewicht of het belang van één of meerdere scholen alsook van de andere partners in een Brede School wordt bepaald door de lokale context. In sommige gevallen zullen de onderwijspartners het initiatief en de coördinatie opnemen, op andere plaatsen zullen partners uit jeugd, sport, cultuur of welzijn het voortouw nemen. Principieel gaat deze visie uit van een gelijkwaardigheid en wederkerigheid van alle partners. Brede School grijpt dus in wezen terug op de oorspronkelijke betekenis van het woord ‘school’. Het Oudgriekse woord scholè betekent immers ‘tijd voor liefhebberij en studie’.
Gelijke kansen
Brede School wil kansengroepen niet stigmatiseren of in hun kansarme positie houden. Het is juist de de mix en uitwisseling van ervaringen, zienswijzen en ideeën die verrijkt. Daarom wordt bewust gemikt op een brede doelgroep: àlle kinderen en jongeren. Dat schept voor elk kind en elke jongere kansen om de eigen ervaringen en inzichten uit te breiden met die van anderen en om nieuwe uitdagingen aan te gaan. Brede School verruimt dus ook het blikveld van kinderen en jongeren uit meer gegoede en beschermde milieus. Zo zorgt iedereen mee voor een rijke uitwisseling en kan iedereen mee bruggen slaan en kloven dichten.
Deze focus vereist per definitie een bijzondere en permanente aandacht voor kansarme en leerbedreigde groepen. Zowel de uitgangspunten en de toetsstenen van deze visie op Brede School als het accent op lokale eigenheid staan hier garant voor. De uitbouw van een Brede School vereist immers een goede analyse van de lokale context en een duidelijk zicht op de aanwezige kansengroepen en hun noden. De beste gidsen zijn en blijven de hoofdrolspelers in dit verhaal: de kinderen en jongeren zelf. Hun eigenheid als groep én individu is het vertrekpunt voor een Brede School waar alle kinderen en jongeren leerkansen krijgen.
Met dank aan iedereen die met ons meedacht en bereid bleek zijn of haar schouders onder het project Brede School te zetten. Ook aan de naaste collega’s die de tekst van deskundig commentaar voorzagen en die we hier niet met name hebben genoemd.
December 2006
Steunpunt Gelijke Onderwijskansen
Annelies Joos, Veerle Ernalsteen, An Lanssens en Marjan Engels
De chemie van verbindingen
Het referentiekader voor een Brede School
Wat wordt precies verstaan onder een Brede School? In de onderstaande kadertjes zijn de uitgangspunten en toetsstenen voor Brede School kort samengevat. Ze vormen het referentiekader voor Brede School en de rode draad in deze visietekst. Het samenspel van partners, doel, inhoud en organisatie in Brede school is op de volgende pagina gevisualiseerd. Het grijze veld in dit schema staat voor de onderlinge relaties.


Wereldwijs worden
De brede ontwikkeling van kinderen en jongeren
Kinderen en jongeren houden ervan om grenzen te verleggen. Hun persoonlijkheid ontwikkelt zich pas ten volle wanneer men hen daartoe uitnodigt en veel van hen verwacht. Brede School staat voor die verwachtingsvolle uitnodiging om hun talenten te ontplooien. Door kinderen en jongeren een veelheid aan ervaringen en ontmoetingen aan te bieden, wordt hun omgeving een rijke en veilige oefenplaats voor de complexe maatschappij waarin ze later hun eigen plaats moeten vinden.
Diversiteit van competenties
Om in de maatschappij niet aan de zijlijn te staan, moeten kinderen en jongeren enorm veel competenties ontwikkelen. Denk maar aan: omgaan met informatie, zich kritisch kunnen en durven opstellen, probleemoplossend denken, sportieve vaardigheden, samenwerken, werk vinden, vlot communiceren, creatief zijn, keuzes kunnen maken, op verschillende wijzen uitdrukking kunnen geven aan de eigen gedachten en gevoelens, daar plezier aan beleven, … Een Brede School stimuleert en bevordert die competenties. Ze zijn een samenspel van inzichten, vaardigheden en attitudes die kunnen worden ingezet in concrete situaties.
Jongeren en kinderen moeten niet alleen veel kunnen, ze worden uitgedaagd om zich ook in verschillende en voortdurend veranderende omgevingen te bewegen. Participeren in een pluriforme maatschappij vraagt een brede waaier aan competenties die flexibel inzetbaar zijn in wisselende sociaal-culturele contexten. Die flexibiliteit doe je alleen op wanneer je de kans krijgt je breed binnen en buiten de school te ontwikkelen. Kinderen en jongeren maximale mogelijkheden en kansen bieden op een dergelijke brede ontwikkeling is waar een Brede School zich in essentie op richt.
Totale persoonlijkheid
In een Brede School staat de totale ontwikkeling van de persoonlijkheid van het kind of de jongere centraal. Er wordt dus ook geïnvesteerd in het welzijn en het welbevinden van het kind of de jongere. Een positief en realistisch zelfbeeld, weerbaarheid, openstaan voor nieuwe uitdagingen, plezier kunnen beleven, zich verbonden weten en respectvol omgaan met medemensen groeien hier uit voort.
‘Jongeren hebben met het oog op het welslagen in een snel veranderende en complexer wordende maatschappij, baat bij een opvoeding die ook aandacht heeft voor hun persoonlijkheidsontwikkeling op fysisch, sociaal, emotioneel, cultureel en toekomstig professioneel vlak’ (Pirard, 2004, p.189).
Bij een brede ontwikkeling ligt de nadruk niet op geïsoleerde facetten van de persoon – het is geen optelsom van losse elementen – maar op de integratie ervan. Dat wil zeggen: op de verbinding tussen de verschillende aspecten van elke concrete leer- en leefervaring en tussen de vele leer- en leefervaringen waarmee kinderen en jongeren dagelijks worden geconfronteerd. Binnen eenzelfde leeren leefervaring doen kinderen en jongeren niet eerst kennis en dan vaardigheden op. Dat gebeurt gelijktijdig en in samenspel. Een kind dat aan een probleem werkt leert ook zelf initiatief te nemen en zelfstandig te werken. Voert een jongere een taak uit in groep, dan komt er een heel gamma van sociale vaardigheden bij kijken.
Binnen verschillende leef- en leerervaringen doen zich vergelijkbare problemen voor die om een oplossing vragen, net als taken die in een groep moeten worden uitgevoerd.
Variatie in leer- en leefervaringen
Leer- en leefervaringen kunnen in een Brede School op heel verschillende wijzen met elkaar worden verbonden. Er kan klemtoon worden gelegd op competenties die kinderen en jongeren in staat stellen levensbreed en levenslang te leren. Of er kan worden gewerkt aan een actieve transfer van kennis en ervaring uit de ene context naar een andere context. Jongeren leren bijvoorbeeld muziek spelen in de muziekacademie of in hun eigen rockgroepje. Leerkrachten kunnen deze muzikale verworvenheden actief opzoeken en de jongeren stimuleren om ze ook op school verder te exploreren. De wisselwerking tussen verschillende leer- en leefervaringen versterkt het leren en motiveert kinderen en jongeren. Ze leren meedenken en meedoen in de sportclub, bij de organisatie van het buurtfeest, als lid van de redactie van een buurtkrant en tijdens de activiteiten op school.
Diversiteit is hierbij een sleutelelement: een verscheidenheid aan omgangsvormen, talenten, leerstijlen, interesses en behoeften. Competenties zijn ook altijd individueel ingekleurd. De uitdaging is iedereen zoveel mogelijk aan te spreken op zijn mogelijkheden en de nodige kansen te bieden deze te herkennen, benoemen, verruimen, verdiepen en verder te ontwikkelen.
(…), pikken kinderen overal van alles en nog wat op en doen daar het hunne mee. Stimuleren van hun ontwikkelingskansen betekent daarom: stimuleren van hun eigen vermogen om in alles wat ze meemaken, die momenten en dingen aan te grijpen die hun ontwikkeling vooruithelpen’ (Van Oenen, 2004, p.9).
Verscheidenheid aan publiek
Daarnaast is ook de verscheidenheid aan publiek van belang. Brede School wil een brede ontwikkeling mee mogelijk maken voor álle kinderen en jongeren. Dit sluit aandacht voor gelijke (onderwijs)kansen echter niet uit, integendeel.
‘Uit de focusgroepen in Vlaanderen is zeer duidelijk naar voren gekomen dat achterstandsbestrijding maar één deelaspect kan zijn van de brede school: deze richt zich op de brede, integrale ontwikkeling van alle kinderen, weliswaar met een bijzondere aandacht voor kansarme en leerbedreigde kinderen.’ (Pirard, 2004, p.187).
Dat Brede School zich richt op de brede ontwikkeling van kinderen en jongeren, is uit oogpunt van gelijke kansen zelfs cruciaal. Bij het voorkomen van achterstand en onderpresteren speelt uitgebreide en diverse sociale relaties aangaan een belangrijke rol. Alsook mogelijkheden hebben tot zelfsturing en geboeid worden door wat er op school gebeurt (Bentley 198). Hier kan Brede School in een belangrijke mate toe bijdragen.
Hoofdzaak is het stimuleren van de mogelijkheden van kinderen en jongeren én van hun verlangen om te blijven leren, om op uiteenlopende manieren en plaatsen te ontdekken, om deel te nemen, en daar plezier aan te beleven. In het benutten van die diversiteit spelen kinderen en jongeren zelf een actieve en onmisbare rol. Zij gaan zelf op ontdekking; zij zijn de ultieme vormgevers van hun ontwikkeling. Die exploratieve houding wil een Brede School stimuleren en ondersteunen.
Een waaier aan mogelijkheden
Een brede leer- en leefomgeving voor kinderen en jongeren
Kinderen en jongeren bewegen zich doorheen een veelheid aan leer- en leefdomeinen en leren zowel binnen formele als informele verbanden: school, sportvereniging, initiatieven op cultureel vlak, jeugdwerk, de buurt, de peergroup, het gezin, ... Brede school stimuleert en verbindt de ervaringen en competenties die ze daar overal opdoen. wisselwerking verhogen
Competenties ontwikkelen zich maar als kinderen en jongeren zich in een complexe en uitdagende omgeving kunnen bewegen. Brede School wil die omgeving creëren en ondersteunen. Een Brede School is hierbij gevoelig voor initiatieven die vanuit kinderen en jongeren zelf ontstaan en wil deze, met alle respect voor hun autonomie, ondersteunen. Tevens kan ze anticiperen en aanvoelen welke contexten kinderen en jongeren zouden kunnen bekoren.
Daarnaast ligt de uitdaging van een Brede School in het verhogen van de wisselwerking tussen de verschillende leer- en leefdomeinen. Zo wordt ingespeeld op en aangesloten bij datgene wat kinderen en jongeren ‘elders’ hebben beleefd en geleerd. Ze ervaren hoe ze dit flexibel kunnen inzetten en gebruiken in uiteenlopende situaties en contexten.
Door kinderen en jongeren de kans te bieden verschillende contexten te verkennen of daarin actief te participeren, ondervinden ze – bewust of onbewust – welke competenties er nodig zijn om te functioneren in een bepaalde maatschappelijke context. Dit daagt hen uit daarvoor de nodige kennis, vaardigheden en attitudes verder te ontwikkelen. Het opent nieuwe blikvelden en laat hen plezier beleven in verschillende interessesferen.
Variëren in leren
Binnen een brede leer- en leefomgeving doen kinderen en jongeren ervaringen op die bijdragen tot hun welbevinden en hun ontwikkeling. Ze beleven plezier, ervaren wat ze al dan niet leuk vinden, ontdekken, experimenteren, spelen, oefenen, participeren, geven betekenis aan dingen; kortom ze leven en leren eigenlijk de hele dag en overal. Leven en leren gaat in dit verband verder dan het leren zoals dat meestal binnen de schoolcontext vorm krijgt. Kinderen en jongeren leren zowel formeel als informeel, zowel gestuurd als spontaan. Wat kinderen zelf ontdekken op een spontane, informele manier, bijvoorbeeld door samen te spelen of te sporten, leidt tot de ontwikkeling van een breed gamma aan inzichten, vaardigheden, attitudes die de schoolervaring aanvullen en versterken. Een Brede School creëert en verrijkt dan ook een grote diversiteit aan ervaringsmogelijkheden voor kinderen en jongeren zonder hun vrije tijd in te palmen en te pedagogiseren.
Leren en leven
Brede School legt verbindingen tussen de verschillende leer- en leefdomeinen, tussen de verschillende competenties en tussen verschillende contexten waarin eenzelfde competentie inzetbaar is.
Daarnaast besteedt Brede School ook aandacht aan de relatie tussen wat kinderen en jongeren leren en waarvoor ze dit allemaal kunnen inzetten in de praktijk, tussen handelen en het daar nadien op reflecteren.
Deze verbanden verdiepen en verruimen het leren, maken ervaringen en belevingen betekenisvol en zetten aan tot meer leren, ontdekken, uitdagingen aangaan, verbanden leggen en die benoemen. Dat heeft dezelfde functie als de ‘contextualisering’ van leren op school. Hierbij worden abstracte begrippen uit taal, wiskunde, wetenschappen en technologie actief verbonden met en toegepast in het dagelijks leven van de leerlingen. De dingen die ze op school leren, horen zo niet bij een ‘andere wereld’, maar komen voort uit ervaringen en inzichten uit het dagelijkse leven van de kinderen en jongeren, en beïnvloeden op hun beurt dat leven. Dat is een succesvolle strategie voor alle leerders, ook voor kinderen en jongeren at risk.
Uitdagende omgeving
Hoe kan een Brede School project zo’n uitdagende omgeving creëren? Op welke manier kan een brede leer- en leefomgeving vorm krijgen over verschillende leer- en leefdomeinen heen? Ook hier is het sleutelwoord diversiteit. Kinderen en jongeren moeten niet alleen een groot aanbod aan inhoudelijke variatie krijgen, maar ook de gelegenheid krijgen om daarin op verschillende manieren te participeren. Dat kan gaan van ‘zelf uitdenken tot deelnemen’, tot ‘kennis maken met en ontmoeten’, en tot ‘oefenen en uitproberen’. (Van Oenen, 2004).
Creëren en deelnemen: kinderen en jongeren zetten zelf activiteiten op in een bepaalde maatschappelijke context of krijgen de gelegenheid er aan deel te nemen.
De kinderen en de jongeren zijn daarbij verantwoordelijk voor (een deel van) de activiteit en dragen bij aan het proces en de resultaten ervan. Ze oefenen mee invloed uit op die activiteit en de maatschappelijke context. Ze spreken niet alleen hun competenties aan in onderlinge samenhang maar verbinden die ook met een betekenisvolle maatschappelijke context. Ze doen dat door zelf te handelen binnen die context en iets te betekenen voor de betrokkenen daarbinnen.
Bijvoorbeeld:
- lid zijn van een koor als muziekliefhebber
- als sportvereniging een sportevenement organiseren voor kinderen uit de buurt
- stage lopen in een bedrijf als leerling van een school
- als leerling van de tekenacademie bijdragen aan het illustreren van de buurtkrant
- in het jeugdhuis acties organiseren om een internationale uitwisseling te financieren
- vanuit de jeugdbeweging mee nadenken over de aanleg van het buurtspeelplein en nadien mee aanleggen als toekomstige gebruiker
- mee uitwerken van een veilig fietsplan als lid van de jeugdraad
- opzetten van een tentoonstelling rond de levens van de bewoners van het rusthuis als leerling van de stedelijke academie
- organisatie van een plaatselijk popconcertje om de buurtbewoners meer met elkaar in contact te brengen
- voor het wijkfeest samen met de kinderen van de buren een voorstelling op éénwielers in elkaar boksen als buurtbewoner
- als leerling BSO mode kleding op maat ontwerpen voor kinderen met een fysieke handicap uit het Buitengewoon Onderwijs
Ontmoeten: kinderen en jongeren nemen zelf het initiatief of krijgen de gelegenheid om met allerlei soorten mensen, situaties, beroepen, activiteiten en werk/woonsituaties kennis te maken. Deze vorm van meedoen stelt kinderen en jongeren in staat zich een beeld te vormen door indrukken op te doen, dingen mee te maken, ervaringen en manieren van kijken en denken uit te wisselen. Ze verkennen ook competenties in onderlinge samenhang en verbinden die met een concrete maatschappelijke context.Bijvoorbeeld:
- een muziekconcert bijwonen
- bezoek aan een bedrijf/instelling/…
- kennismaken met buurtbewoners in het kader van een project ‘onze school in onze buurt’
- uitnodigen van een schepen die het plaatselijke jeugdbeleidsplan komt toelichten
- met verschillende talen in contact komen tijdens de naschoolse opvang
- spelen met andere kinderen in een speelstraat
- bijwonen van het wijkontbijt in de buurt
- onderhouden van het speelterrein in samenwerking met de plaatselijke vuilniswerkers
Oefenen: kinderen en jongeren nemen zelf het initiatief of krijgen de gelegenheid om een specifieke competentie te oefenen in een concrete maatschappelijke context.Bijvoorbeeld:
- leren fietsen tijdens de speelpleinwerking
- voetballen in een plaatselijk opgezette competitie tussen bewoners helpen koekjes bakken bij de onthaalmoeder
- majorette zijn in de jaarlijkse stoet van de wijk
- in schoolverband specifieke competenties oefenen: bomen en ondergrond onderzoeken in het bos, architectuurwandelingen in de stad, fysica ervaren door zelf proeven op te zetten, brood bakken bij de bakker, je veilig gedragen in het verkeer door de straat op te gaan, mee bouwen aan het podium in de toneelzaal van de plaatselijke academie, de etalages van de buurtwinkels inrichten, de kringloopwinkel mee open houden, als leerling van de richting BSO verzorging de plaatselijke rusthuisbewoners begeleiden naar het nabije cultuurcentrum
- een promotiefilm opnemen en monteren voor een bedrijf in de buurt
- ...
Binnen een bepaalde activiteit kan één manier van participeren centraal staan of in combinatie met de andere optreden. Deze verschillende vormen van meedoen, bieden de mogelijkheid om over de verschillende leer- en leefdomeinen heen activiteiten voor kinderen en jongeren te organiseren, alsook de bestaande activiteiten te benoemen en in kaart te brengen. In een Brede School kan men vervolgens nagaan of er leemten zijn, welke mogelijkheden verrijkt en welke kansen gecreëerd kunnen worden. Deze activiteiten in kaart brengen biedt ook de kans om uiteenlopende competenties zichtbaar te maken voor zichzelf en anderen. Dit kan de blik van alle partners op de capaciteiten van de kinderen en jongeren verruimen: ‘wat die niet allemaal kunnen!’. Ook kan het de eigen verwachtingen van kinderen en jongeren en die van anderen ten aanzien van hen optrekken en leiden tot nieuwe uitdagingen. Een belangrijke voorwaarde voor leren tout court.
Een Brede School geeft bij dit alles zoveel mogelijk de ruimte aan kinderen en jongeren om het eigen ontwikkelingsproces vorm te geven en er plezier aan te beleven. Vragen en initiatieven van kinderen en jongeren worden gestimuleerd en ernstig genomen. Hierbij mag niet uit het oog worden verloren dat kinderen en jongeren ook nood hebben aan vrije ruimte en tijd om zelf op ontdekking te gaan zonder begeleiding. Een Brede School bewaakt dan ook sterk dat er voldoende tijd en ruimte wordt geboden om het heft in eigen handen te nemen.
Aan het (net)werk
De organisatie van een Brede School
Verschillende sectoren, organisaties, partners – ouders, kinderen en jongeren zelf, onderwijs, cultuur, jeugd, sport, welzijn, milieu, buurt, tewerkstelling – spelen op hun eigen manier een rol in de verschillende levensdomeinen – gezin, school, vrienden, vrije tijd, buurt, werk, maatschappij, opvang – van kinderen en jongeren. In een Brede School werken de partners met een gemeenschappelijk doel en gelijkwaardig samen in een breed netwerk.
Op zoek naar opportuniteiten
Binnen een Brede School gaan partners uit verschillende organisaties en sectoren die zich daartoe willen engageren, samen actief op zoek naar mogelijke verbindingen en opportuniteiten, gemeenschappelijke doelen, gedeelde zorgen en gezamenlijke acties met als doel te komen tot een brede en kwaliteitsvolle ondersteuning van de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Een verscheidenheid aan partners brengt zo hun deskundigheid en eigenheid in het netwerk in en laat de Brede School mee groeien met evoluties binnen de verschillende levensdomeinen en maatschappelijke sectoren. De kinderen en jongeren zelf zijn daarbij belangrijke partners. Net als hun ouders: zij kennen hun kinderen tenslotte het beste. Ouders spelen hoe dan ook een centrale rol in het leren en het leven van hun kinderen en in hun relaties met de omgeving en met andere partners.
Meerwaarde voor alle partners
Het brede netwerk versterkt de kernactiviteiten van de betrokken partners, vergroot de effectiviteit van de eigen werking of rol, en verhoogt de kwaliteit van ieders aanbod. Brede School vraagt van alle betrokkenen een inhoudelijke en organisatorische inzet, maar creëert ook een meerwaarde: het beter of efficiënter realiseren van de eigen doelen, het bereik van de doelgroep uitbreiden, het bieden en het vragen van ondersteuning. Voorwaarde is wel dat deze samenwerking verloopt in een sfeer van gelijkwaardigheid, wederkerigheid, overleg, betrokkenheid en participatie. Dit hoeft niet steeds even formeel te zijn: prettige informele momenten versterken de samenwerking en enthousiasmeren.
Lokale dynamiek
Een Brede School in het algemeen en een breed netwerk in het bijzonder kan niet anders dan lokaal vorm krijgen: een netwerk groeit uit de lokale mogelijkheden en speelt in op de lokale kansen, dynamieken, behoeften en noden. Die beweging kan ook van bovenaf in gang worden gezet. Gemeenten en/of organisaties die actief zijn op bovenlokaal of mesoniveau kunnen een inspirerende, stimulerende rol opnemen en de lokale dynamiek in gang steken en/of coachen.
Flexibel maar duurzaam
Een breed netwerk heeft de intentie duurzaam te zijn. Het overstijgt eenmalige acties en streeft ernaar de brede ontwikkeling van kinderen en jongeren op lange termijn te ondersteunen. In het groeiproces van een Brede School wordt flexibel ingespeeld op de lokale dynamiek en tegelijkertijd gezocht naar een constante waardoor het netwerk standhoudt en op langere termijn de ontwikkeling van kinderen en jongeren mee kan ondersteunen. Dat kan een forum zijn waar de partners elkaar blijven vinden of enkele sleutelfiguren die telkens opnieuw initiatief nemen en anderen actief opzoeken.
Veelzijdig en verweven
Toetsstenen voor een Brede School
Niet ieder project dat werkt aan de ontwikkeling van kinderen of jongeren is een Brede School. Niet ieder samenwerkingsverband tussen partners is een Brede School. Wanneer spreken we van een Brede School? Welke impulsen kunnen een project helpen om te groeien tot een kwaliteitsvolle Brede School? Een Brede School maakt het verschil naar mate er aandacht is voor de drie toetsstenen: diversiteit, verbindingen en participatie. Diversiteit, verbindingen en participatie doorheen alle terreinen maken mee de kracht uit van een Brede School. Ze moeten inherent aanwezig zijn in zowel de doelen, de inhoud als de organisatie van een Brede School. Maar juist door die diversiteit kunnen ze ook op uiteenlopende manieren vorm krijgen en zo tegemoet komen aan de lokale complexiteit waar een Brede School voor staat en moet mee omgaan.
De toetsstenen dienen als drie impulsen om een Brede School te helpen groeien op vlak van doelen, inhoud en organisatie. Alhoewel sommige aspecten ook al in de vorige hoofdstukken aan de orde zijn geweest, worden ze hier nog eens systematisch bij elkaar gezet.
Diversiteit
- Een Brede School maakt zoveel mogelijk gebruik van diversiteit
om de ontwikkelingskansen van kinderen en jongeren te
vergroten en te verrijken en richt zich op een breed scala aan
inzichten, vaardigheden en attitudes.
- Een Brede School wil de rijkdom en diversiteit van de
verschillende levenssferen van kinderen en jongeren – gezin,
school, buurt, vriendenkring, werk, vrije tijd, maatschappij –
actief uitbreiden en de eigenheid, de verschillen en de rijkdom
van ieder domein volop benutten. Ze wil met andere woorden
de omgeving waarin kinderen en jongeren zich bewegen laten
uitgroeien tot een brede en krachtige leer- en leefomgeving
waarin ze kennismaken met een grote diversiteit aan praktijken,
referentiekaders en perspectieven en zich daar goed bij voelen.
Ook het benutten van en actief inspelen op de aanwezige
diversiteit bij de kinderen en jongeren zelf speelt daarbij een
cruciale rol.
- Ten slotte streeft een Brede School naar een grote diversiteit in haar netwerk. Verschillende sectoren, organisaties, partners, individuen spelen op hun eigen manier een rol in de verschillende leer- en leefdomeinen van kinderen en jongeren. De verschillende betrokkenen kunnen hun deskundigheid, referentiekaders en praktijken inbrengen in het netwerk en een brede school mee laten groeien met evoluties binnen de verschillende leer- en leefdomeinen en maatschappelijke sectoren.
Verbindingen
- Een Brede School legt de nadruk bij de ontwikkeling van
kinderen en jongeren niet op geïsoleerde facetten van de
persoon, maar juist op de integratie van en de verbinding
tussen verschillende competenties. De ontwikkeling van een
positief zelfbeeld van het kind of de jongere staat niet los
van zijn taalontwikkeling en het ene kan het andere versterken
doorheen verschillende positieve spreekervaringen. In het
balspel zijn motorische, sociale (samenwerken), motivationele
(doorzetten om te winnen) en emotionele (omgaan met falen
of samen genieten van succes) ervaringskansen spontaan en
ongedwongen samengebracht.
- Kinderen en jongeren krijgen binnen een veelheid aan – vaak
afzonderlijke – leer- en leefdomeinen kansen tot het opdoen
van ontwikkelingservaringen. Het leggen van verbindingen
en de uitwisseling van competenties tussen verschillende
domeinen draagt bij tot zinvolle en betekenisvolle ervaringen.
Zo kunnen verworven inzichten, vaardigheden en attitudes
flexibel worden ingezet in verschillende domeinen en in steeds
weer nieuwe situaties. Een ervaring om met succes voor jezelf
op te komen in een vereniging wordt kracht bijgezet als dit
ook op school voldoende kansen krijgt. Het samenbrengen van
verschillende contexten levert bovendien ook nieuwe leer- en
leefervaringen op.
- In een Brede School gaan sectoren, organisaties en partners actief op zoek naar verbindingen, naar gedeelde of gekoppelde opportuniteiten, zorgen, doelen, problemen, gezamenlijke acties voor de kinderen en de jongeren. Ze willen samen komen tot een brede en kwaliteitsvolle ondersteuning van de ontwikkeling van kinderen en jongeren. Zo worden ook binnen het netwerk voortdurend verbindingen gelegd.
Participatie
- Kinderen en jongeren zijn zelf de ultieme vormgevers van hun
ontwikkeling. Ze moeten de kans krijgen op ontdekking te gaan
en mee leer- en leefdomeinen te creëren. Een Brede School
stimuleert deze ontdekkingstocht door kinderen en jongeren de
nodige ruimte en/of ondersteuning te bieden.
- Kinderen en jongeren hebben ook nood aan en recht op vrije
ruimte en tijd waarbinnen ze zelf actief op ontdekking kunnen
gaan zonder dat ze daarin voortdurend onder begeleiding
staan. Een Brede School heeft dus niet tot doel om het hele
scala aan levensdomeinen waarbinnen kinderen en jongeren
zich bewegen onder haar vleugels te brengen. Het creëren
van de nodige vrije ruimte kan natuurlijk wel door een Brede
School worden ondersteund. Een Brede School kan bijvoorbeeld
vragen van jongeren om accommodatie voor eigen activiteiten,
mee ondersteunen of er in samenwerking met de jongeren aan
tegemoet komen. Een Brede School kan er ook over waken dat
kinderen en jongeren eigenaar blijven van hun eigen projecten,
ook al leiden die zo misschien niet meteen tot het verhoopte
succes. Kunnen mislukken is dan deel van een proces waar
nieuwe doelen en ontwikkelingen uit volgen.
- Daarnaast kan binnen een Brede School ook aandacht gaan
naar het verhogen van de participatie van kinderen en jongeren
binnen de meer gestructureerde levensterreinen, naar het
vergroten van de mogelijkheden tot inbreng van en invulling
door de kinderen en jongeren zelf en hun naaste omgeving.
- Tot slot is participatie van alle betrokkenen van een Brede School een belangrijk gegeven. Dat de stem van de jongeren zelf én hun ouders en opvoeders in dit verhaal cruciaal zijn, kan daarbij niet genoeg benadrukt worden. Daarnaast is het ook binnen het netwerk de bedoeling dat iedereen actief deelneemt op basis van gelijkwaardigheid en wederkerigheid. Daarbij kan er natuurlijk variatie in intensiteit optreden naargelang wat op de agenda staat of de rol die men opneemt in een bepaald verband of domein.
Som van de delen
Meerwaarde van een Brede School
Een Brede School biedt een meerwaarde voor alle betrokkenen. Het kan heel wat positiefs op gang brengen bij kinderen en jongeren, maar ook bij ouders en bij buurtbewoners, bij vrijwilligers en professionelen van organisaties en in de visie, de dagelijkse werking en/of het beleid van organisaties.
De ervaring leert dat Brede School veel teweeg kan brengen in buurten, zowel bij de mensen die er wonen en de organisaties die er werkzaam zijn. Om aan het eind van deze visietekst de balans voor alle partijen nog eens op te maken, bieden we hier een kort, maar niet uitputtend overzicht daarvan.
Kinderen en jongeren
Voor alle kinderen en jongeren verhoogt Brede School de kansen op een brede ontwikkeling en hun welbevinden en betrokkenheid. Brede School optimaliseert hun persoonlijke participatie in een complexe, pluriforme en aan verandering onderhevige maatschappij. Brede School is ook cruciaal bij de bevordering van gelijke kansen voor alle kinderen en jongeren.
Ouders en buurtbewoners
Ook de ouders en buurtbewoners varen er wel bij. Het bestaande aanbod wordt zichtbaarder en toegankelijker. Door de nauwe banden tussen partners en organisaties kunnen ze meer diverse relaties aangaan en breidt ook het netwerk uit waarop ze een beroep kunnen doen. Daardoor schept Brede School ook voor deze groep voorwaarden tot verhoogde deelname aan en betrokkenheid bij het leven in de buurt.
Partners en organisaties
Partners en organisaties krijgen door een Brede School de kans te groeien. Ze vergroten het bereik van de eigen werking en verhogen de impact daarvan. Ook het imago en de kwaliteit van de organisatie kunnen verbeteren. De verhoogde arbeidsvreugde die hiermee gepaard gaat, mag ten slotte niet onvermeld blijven.
De hele buurt
De hele buurt profiteert van een Brede School. Een Brede school verhoogt de samenhang van het aanbod en verbreedt het globale aanbod. Ook ontstaan er meer mogelijkheden om tegemoet te komen aan een diversiteit van vragen vanwege kinderen, jongeren, ouders en andere betrokkenen. Brede School biedt de mogelijkheid om ‘lasten’ te delen met andere partners. Ook zijn er kansen om ervaringen en methodieken onderling uit te wisselen.
Bibliografie
Geraadpleegde literatuur
Bentley, Tom (198). Learning beyond the classroom. Education for a changing world. Routledge: London.
Boersma, Paul (2005). Levensecht leren in de buurt. Praktijkboek voor schoolbuurtwerk binnen het basisonderwijs. Stichting Welzijn Westerpark, Amsterdam.
Bossuyt, Tijl, Joos, Annelies en Morbee, Annemie. 4 jaar Vlaggen en Wimpels. Ervaringen, instrumenten en voorbeelden. De veerman, Hoboken.
Joos, Annelies en Delrue, Kaat (2000). Puur uit de buurt. Een werkboek. Steunpunt Intercultureel Onderwijs, Universiteit Gent.
Meerdink, Jorien en Hameetman, Margot (2001). Vraag het aan de leerlingen! Een verkennend onderzoek naar leerlingenparticipatie en de brede school in het voortgezet onderwijs. Uitgeverij SWP, Amsterdam.
Pirard, frank , Ruelens, Lieve en Nicaise, Ides (2004). Naar een brede school in Vlaanderen? HIVA, Katholieke Universiteit Leuven.
Soenen, Ruth (2006). Het kleine ontmoeten. Over het sociale karakter van de stad. Garant-Uitgevers nv, Antwerpen.
Studulski, Frank en Kloprogge, Jo (red.) (2003). Breed uitgemeten. Kwaliteit en opbrengsten van de brede school. Uitgeverij SWP, Amsterdam.
Van der Grinten, Michiel, Walraven, Miriam, Studulski, Frank, Hoogeveen, Karin (2004). Handboek Brede School. 0-12 jaar. Oberon/ Sardes, Utrecht.
Van Oenen, Saskia, e.a., (2001). Sociale competentie en de brede school. NIZW Uitgeverij, Utrecht.
Van Oenen, Saskia, Van der Zwaard, Joke, Huisman, Marijke en Rotmans, Gert (19). Starten met de brede school. NIZW, Utrecht.
Van Oenen, Saskia (2004). Startnotitie voor de conferentie ‘Brede School, streven naar meer levensecht leren’. NIZW, Utrecht.
Van Oenen, Saskia en Hajer, Froukje (red.) (2004) De school en het echte leven. Leren binnen en buiten de school. Uitgeverij SWP Amsterdam.


