Bekwaamheidsbewijzen voor het ambt van artsVereistBasisdiploma
Aangevuld met een bijkomend diploma
Gelijkstellingen inzake bijkomende diploma's1) Worden gelijkgesteld met de graad van gediplomeerde in de gespecialiseerde studies van jeugdgezondheidszorg: 1° het diploma van geneesheer-hygiënist, richting schoolhygiëne 2° het certificaat van geneesheer-hygiënist in de jeugdgezondheidszorg 2) Tijdelijke afwijkingen inzake bijkomend diploma: Een personeelslid, in het bezit van een diploma van arts of van doctor in de genees-, heel- en verloskunde,kan het ambt van arts gedurende een periode van maximum 60 maanden tijdelijk uitoefenen zonder in het bezit te zijn van de graad van gediplomeerde in de gespecialiseerde studies van jeugdgezondheidszorg, op voorwaarde dat betrokkene zich inschrijft voor de voortgezette opleiding uiterlijk het academiejaar volgend op zijn eerste aanstelling als arts. De periode van maximum 60 maanden start op 1 september van het schooljaar van de eerste aanstelling. 3) Overgangsbepalingen inzake het vereist bekwaamheidsbewijs: De bekwaamheidsbewijzen van de volgende personeelsleden worden eveneens gelijkgesteld met de graad van gediplomeerde in de gespecialiseerde studies van jeugdgezondheidszorg: a) de personeelsleden die ten persoonlijke titel houder zijn van een specialisatietitel die vóór 1 september 1985 door de minister die de volksgezondheid onder zijn bevoegdheid had, overeenkomstig het koninklijk besluit van 3 september 1975 houdende wijziging van het koninklijk besluit van 4 augustus 1969 met betrekking tot het verlenen van subsidies aan de erkende equipes voor medisch schooltoezicht als gelijkwaardig erkend is met het post-universitair diploma van schoolhygiënist; b) de personeelsleden die op 31 augustus 2000 werkzaam zijn als arts in een PMS- of MST-centrum, ongeacht de aard van hun overeenkomst, en die op 1 september 2000 worden tewerkgesteld in een gefinancierd of gesubsidieerd ambt in een centrum voor leerlingenbegeleiding, op voorwaarde dat zij sedert 1 september 1985 ten minste gedurende vijf dienstjaren prestaties hebben verricht als arts in een PMS- of MST-centrum. Overgangsbepalingen inzake bijkomend diplomaartsen die op 31 augustus 2000 werkzaam waren in een PMS-centrum of in een gesubsidieerde equipe voor medisch schooltoezicht en die niet in het bezit zijn van de graad van gediplomeerde in de gespecialiseerde studies van jeugdgezondheidszorg of een hiermee gelijkgesteld bekwaamheidsbewijsVoldoende geachtBasisdiploma
Aangevuld met een bijkomend diploma
AnderBasisdiploma
|