Bekwaamheidsbewijzen voor het ambt van directeur

Vereist

Basisdiploma

  • ten minste  HOLT;
    (met ingang van 01.09.2000 t.e.m. 31.08.2007)
     

  • ten minste master, als vermeld in artikel 7 van het besluit van 14 juni 1989;
    (met ingang van 01.09.2007)

Aangevuld met

  • de specifieke vorming inzake leidinggeven als vermeld in artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 12 december 2003; met uitzondering van de volgende gevallen:

1) Overgangsregeling inzake specifieke vorming inzake leidinggeven:

De volgende personeelsleden die na 31 augustus 2000 belast worden met het mandaat van directeur in een centrum, worden geacht de erkende specifieke vorming inzake leidinggeven te hebben beëindigd:

1° de op 31 augustus 2000 vastbenoemde directeurs in een PMS- centrum of in een vormingscentrum;

2° de coördinerende artsen van een gesubsidieerde MST-equipe, die op 31 augustus 2000 minstens 5 dienstjaren coördinerend arts waren.

2) Tijdelijke afwijking:

Personeelsleden, die tijdelijk belast worden met de vervanging van het personeelslid dat het mandaat van directeur uitoefent, moeten niet aantonen dat zij de erkende vorming inzake leidinggeven hebben voltooid op voorwaarde dat de duur van de vervanging in het ambt van directeur minder bedraagt dan twee jaren.