Intro Dag Cultuureducatie

Papa?
Ja.
Wat is dat daar?
Waar?
Daar. Op die toren?
Ah, dat jongen, dat is een draak,
de gouden draak.
 
Papa?
Ja jongen.
Waarom staat die draak op die toren?
Eum…
Wel,
om iedereen te laten zien dat we in een erg mooie stad wonen.
En ook wel om de bozen geesten weg te jagen.
 
Bestaat die echt? (Vliegt die?)
Wie?
Die draak?
Wel deze hier staat op de toren,
maar
in verhalen
en in onze dromen
vliegt ze wel.
Misschien vliegt ze vannacht wel je droom binnen?
 
Papa
Ja.
Waarom?
Waarom wat?
Waarom droom ik?
 
Wel, dat is niet gemakkelijk.
Sommige mensen zeggen dat we dromen om dingen beter te weten
Sommige mensen denken dat we dromen om dingen te vergeten
 
Wat is dat, vergeten?
Wel, dat is wanneer je eerst iets weet en het daarna niet meer weet.
Zoals wanneer we eten
en jij weet dat je op je stoel moet blijven zitten tot je klaar bent
maar je er toch afspringt om te dansen omdat er mooie muziek is.
 
Waarom?
Ja, dat weet ik niet
maar dat is ook gewoon omdat je niet altijd alles kunt weten.
 
Zelfs opa niet?
Neen, zelf opa niet.
 
En zelfs jouw opa niet?
Nee, zelfs mijn opa niet.
Mijn opa is nu dood.
 
Waarom?
Dat weet ik niet.
Hij was heel oud.
 
En jouw oma?
Mijn oma, die leeft nog, maar ze weet niets meer.
Ze praat zelfs niet meer.
 
Heeft die veel gedroomd?
 
Ik dacht terug aan dit gesprek met onze tweede, Marius, hij wordt dit jaar 4.
Toen we met de collega’s van ACCE en CANON discussieerden over deze 13de dag van de cultuureducatie.
Ik vroeg me af hoeveel ik nog weet van mijn ‘waarom’-tijd
En hoe die tijd nog verder leeft in mij.
 
Wat weten we van vroeger nog.
Wat zijn onze haast onopmerkbare en vaak onbewuste herinneringen aan de – vroege – kindertijd.
Welke woorden, beelden, ideeën en kaders houden we er aan over?
 
Deze vragen kwamen op tafel toen we samen met ACCE en CANON Cultuurcel
nadachten over het WAAROM van het samen gaan van onderwijs en cultuur
- over de noodzaak aan cultuureducatie. Waarom gaan (op)groeien en leren noodzakelijk samen met kunst en cultuur?
 
Want dat is het uiteindelijke doel van deze dag:
Cultuureducatie of cultuuronderwijs op de agenda zetten, een breder draagvlak geven.
 
Daarbij hebben we niet de hoogmoed om definitieve antwoorden te willen geven.
Of om het discours over te nemen van een hard werkende
en vaak geïnspireerde onderwijs- en cultuursector.
Het is er ons veeleer om te doen waardering en zichtbaarheid te geven
aan dat harde werk en aan die inspiratie.
 
Een deel van ons antwoord op de vraag waarom je niet langs cultuur en kunst kunt
in onderwijs, in leren of in groei – noem het zoals je wil -
Probeerden we vorig jaar te geven. Op onze 12de dag van de cultuureducatie.
Op die dag focusten we op talentontwikkeling.
Hierbij sterk geïnspireerd door wat Peter Adriaenssens schreef in het rapport Gedeeld/Verbeeld van de commissie Bamford.
 
We leven, zo schrijft Adriaenssens, in een tijd die verbale communicatie overwaardeert. Je moet praten over je gevoelens, over ideeën, je moet standpunten formuleren. De realiteit is dat deze aanleg zeer ongelijk verdeeld is. Er zijn heel wat kinderen en jongeren die zich het best voelen als ze emoties mogen uitdrukken in andere talen: dans, zang, muziek, beeld, ruimte, theater …
 
Daar ligt volgens Adriaenssens voor cultuureducatie een grote kans: Jonge mensen uitnodigen om die taal te verkennen die hen het beste ligt, en van vanuit die taal te groeien.
Een visie die wij niet alleen graag zouden terugzien in hoe elke volwassene naar een groeiend kind kijkt.  Maar die we ook zelf willen hanteren als perspectief op u en onszelf, de volwassene.
 
Deze kijk op cultuureducatie, die we vorig jaar naar voor brachten, resoneert bovendien sterk met één van de twee basisopdrachten van zowat ieder onderwijssysteem: persoonlijke ontwikkeling.
 
Het was moeilijker om cultuureducatie te verknopen met de 2de basisopdracht van onderwijs: sociale ontwikkeling.
 
We vonden een boeiende visie op het thema in het meest recente boek van professor Paul Verhaeghe.
Daarin heeft hij het onder meer over de ontwikkeling van een zelfbeeld of identiteit.
De mens wordt niet met een identiteit geboren, maar ontwikkelt die gaandeweg.
Het individu, zo schrijft hij, kan die identiteit niet alleen vanuit zichzelf ontwikkelen,
maar heeft steeds de Ander nodig om zich toe te verhouden.
 
Het ik groeit niet alleen vanuit een ik
Maar steeds vanuit een wij.
 
Misschien moeten we daarom hier en nu dan ook erkennen dat deze dag mogelijk een andere titel had moeten krijgen:
Het nieuw WIJ - ipv het nieuwe ik – groeit in cultuur.
 
Paul Verhaeghe reikt 3 mogelijke kernbegrippen aan waarrond identiteit zich vormt:
zingeving, normen en waarden en omgang met het lichaam.
Begrippen die volgens ons identiteit nog dichter bij cultuur brengen.
 
Trouw aan onze fascinatie voor de groeiende mens
verknoopten we het thema identiteit met het groeiende kind.
Waarbij we met u graag tegelijk vooruit en achteruit kijken.
Want identiteit en cultuur zijn nooit af, maar constant in beweging.
 
Wat weet u van vroeger nog?
Wat rest er nog van dat kind in u?
Hoe bouwen kinderen vandaag een zelfbeeld op?
Doen ze dit anders dan wij vroeger?
Welke rol spelen wij, vaak onbewust,
in dit fundamentele persoonlijke en gemeenschappelijke proces,
dat ook de cultuur van morgen vorm geeft,
als ouder, als meester, als begeleider van een creatief (leer)proces.
En hebben wij, volwassenen, ook niet vooral het kind nodig om zelf te groeien?
 
Levensomvattende vragen.
Waarrond we vandaag graag samen met u op verkenning gaan.
Samen met u en met een eminente groep denkers, sprekers en doeners,
die ons stuk voor stuk inspireren.
 
Met dank aan kunstencentrum Vooruit en Cultuurnetwerk Nederland voor de intense samenwerking.
 
Verwacht kortom geen antwoorden vandaag.
Hopelijk gaat u vanavond juist met meer vragen naar huis.
Want dat verwachten graag van u.
 
Dames en heren
We wensen u graag een inspirerende 13de dag van de cultuureducatie.