Lager Onderwijs: Eindtermen Frans

1 Frans - Luisteren

Met betrekking tot die communicatieve situaties waarin leerlingen redelijkerwijze kunnen terechtkomen en volgens de verworven basiswoordenschat en taalstructuur, kunnen de leerlingen:
1.1 de hoofdzaken begrijpen in korte mededelingen.
1.2 hun gesprekspartner begrijpen in een kort gesprek over :
  • henzelf
  • hun gezins- en leefsituatie
  • spelsituatie
  • hun voorkomen
  • omgangsvormen
1.3* Bij het realiseren van de bovenstaande eindtermen leggen de leerlingen de nodige luisterbereidheid aan de dag.


2 Frans - Lezen

Met betrekking tot die communicatieve situaties waarin leerlingen redelijkerwijze kunnen terechtkomen en volgens de verworven basiswoordenschat en taalstructuur, kunnen de leerlingen:
2.1 eenvoudige opschriften, aanwijzingen, waarschuwingen en aankondigingen begrijpen.
2.2 een tekst globaal begrijpen met behulp van visuele ondersteuning.
2.3 in een tweetalige alfabetische basiswoordenlijst de vertaling opzoeken van een Frans woord.
2.4* Bij het realiseren van de bovenstaande eindtermen leggen de leerlingen de nodige leesbereidheid aan de dag.


3 Frans - Spreken

Met betrekking tot die communicatieve situaties waarin leerlingen redelijkerwijze kunnen terechtkomen en volgens de verworven basiswoordenschat en taalstructuur, kunnen de leerlingen:
3.1 zinnen en beeldmateriaal combineren;
3.2 in een kort gesprek aan een gesprekspartner vragen stellen en informatie verstrekken over:
  • henzelf
  • hun gezins- en leefsituatie
  • hun voorkomen
  • omgangsvormen
  • een wegaanduiding
3.3* Bij het realiseren van de bovenstaande eindtermen leggen de leerlingen de nodige spreekbereidheid en spreekdurf aan de dag.
3.4* De leerlingen tonen de bereidheid te streven naar een zo correct mogelijke uitspraak.


4 Frans - Schrijven

4 De leerlingen kunnen veelvuldig voorkomende basiswoorden en taalstructuren kopiëren.

* De attitudes werden met een asterisk (*) in de kantlijn aangeduid.

naar boven