Secundair onderwijs, eerste graad B-stroom: uitgangspunten bij de vakoverschrijdende ontwikkelingsdoelenInleidingOverheid en samenleving doen geregeld een beroep op het onderwijs om maatschappelijke verschijnselen en problemen aan de orde te stellen. Dat geldt niet alleen voor België maar voor de meeste Europese landen. Sinds jaren vragen maatschappelijke organisaties en belangengroepen de aandacht van de school voor consumentenopvoeding, gezondheidsopvoeding, milieu-educatie, verkeersopvoeding, vrijetijdsopvoeding, mundiale en staatsburgerlijke opvoeding, leren leren, enz. De druk op de scholen om dergelijke thema's in het curriculum op te nemen is dan ook groot. Het belang van deze onderwerpen kan niet worden ontkend, het gaat hier stuk voor stuk om waardevolle inhouden en vormingscomponenten die op één of andere manier aan jonge mensen moeten worden meegegeven. De vraag is echter of dat allemaal op school moet gebeuren. Er zijn ook nog andere opvoedingsmilieus waar deze onderwerpen aan bod kunnen komen. Dat neemt niet weg dat ook op school een aantal van deze thema's op een meer gestructureerde wijze behandeld worden. Zo kan de school een bredere invulling geven aan de beoogde basisvorming van de leerlingen. Bij het maken van een keuze in de onderwerpen die de school aanbiedt, houdt men het best rekening met de wensen van de overheid, met internationale ontwikkelingen, met maatschappelijke verwachtingen en met redzaamheidsaspecten om als burger in een complexe maatschappij te functioneren. Hierdoor beperkt men het aantal thema's en vermijdt men overbevraging van de scholen. Scholen weten nu precies wat hun bijdrage is in het totaal van de maatschappelijke eisen. Op basis van de hierboven genoemde criteria worden voor de volgende thema's vakoverschrijdende ontwikkelingsdoelen geformuleerd:
Deze vakoverschrijdende ontwikkelingsdoelen zorgen voor een soort vangnet voor belangrijke doelstellingen die niet of nauwelijks in de vakken aan bod komen. In het secundair onderwijs is er geen enkel leervak dat alle aspecten van dergelijke onderwerpen volledig bestrijkt. Een vakoverschrijdende benadering is dus noodzakelijk. Vakoverschrijdend kan in twee betekenissen worden gebruikt. Ten eerste verwijzen vakoverschrijdende ontwikkelingsdoelen naar competenties die niet tot de inhoud van één of meerdere vakken behoren, maar die er wel in kunnen worden aangeleerd, geoefend en toegepast, zoals de ontwikkelingsdoelen leren leren en sociale vaardigheden. Ten tweede moeten bepaalde vakoverschrijdende ontwikkelingsdoelen ook worden gezien als een aanvulling op de vakontwikkelingsdoelen. Ze laten toe om meer samenhang tussen de vakken te realiseren en verbanden tussen de vakken te leggen. De vakoverschrijdende ontwikkelingdsdoelen zijn in belangrijke mate gericht op het ontwikkelen van het verantwoordelijkheidsgevoel. Het gaat hier dikwijls om doelstellingen waarvoor de hele school verantwoordelijk is en waarvoor ze een voorbeeldfunctie vervult ten overstaan van de leerlingen. |