1 Democratische raden en parlementen |
|
|
|
De leerlingen
|
|
1
|
|
kunnen de feitelijke werking van de parlementaire
besluitvorming beschrijven.
|
|
2
|
|
kunnen de rol aangeven van fracties en commissies
in de werking van raden (zoals gemeente- en provincieraden)
en parlementen.
|
|
3
|
|
kunnen parlementen en raden (zoals gemeente-
en provincieraden) situeren als belangrijke actoren in het
vormgeven van de samenleving.
|
|
4
|
|
kunnen verschillende standpunten in parlementaire
debatten van elkaar onderscheiden en met elkaar vergelijken.
|
|
5
|
|
kunnen voorbeelden geven van politieke beslissingen
(bv. onderwijs, jeugdbeleid) die hun leven rechtstreeks beïnvloeden.
|
|
6
|
|
kunnen beslissingen van een raad (zoals een
gemeente- en een provincieraad) of parlement kritisch evalueren
door ze te toetsen aan relevante informatie, de eigen opvatting
en andere opvattingen.
|
|
7
|
|
aanvaarden beslissingen die volgens parlementaire
procedures zijn genomen.
|
|
8
|
|
brengen waardering op voor de functie en de
taken van leden van raden (zoals gemeente- en provincieraden)
en parlementen.
|
2 Maatschappelijke dienstverlening
|
|
|
|
De leerlingen
|
|
9
|
|
kunnen informatie verzamelen over de maatschappelijke
opdracht, het aanbod en de werking van maatschappelijke diensten
en instellingen en van specifieke hulp- en informatiediensten
voor jongeren.
|
|
10
|
|
kunnen hun eigen wensen of behoeften omzetten
in hulp- en informatievragen.
|
|
11
|
|
kunnen aangeven hoe zij op deze diensten of
instellingen een beroep kunnen doen en waar ze met eventuele
klachten, meldingen of aanbevelingen terecht kunnen (o.m.
ombudsdienst).
|
|
12
|
|
durven een beroep te doen op maatschappelijke
diensten of instellingen.
|
3 Wereldburgerschap
|
|
|
|
De leerlingen
|
|
13
|
|
kunnen de rol van internationale instellingen
illustreren.
|
|
14
|
|
kunnen met enkele voorbeelden aantonen dat
de mondiale dimensie in onze samenleving steeds explicieter
wordt op o.m. politiek, economisch en cultureel vlak en dat
deze evolutie voordelen biedt maar ook problemen en conflicten
oplevert.
|
|
15
|
|
kunnen de complexiteit van internationale
samenwerking toelichten aan de hand van de concepten onderlinge
afhankelijkheid, beelden en beeldvorming, sociale rechtvaardigheid,
conflict en conflicthantering, verandering en toekomst.
|
|
16
|
|
kunnen aangeven dat er verschillende opvattingen
zijn over welvaart en over de herverdeling van deze welvaart.
|
|
17
|
|
zijn gevoelig voor het belang van persoonlijke
inzet voor de verbetering van het welzijn en de welvaart in
de wereld.
|