U bent hier: Onderwijs en Vorming > Edulex

Omzendbrief

datum laatste wijziging: 01/09/2010 inhoudstafel
ICT-Infrastructuurprogramma
referentie : NO/2007/06
publicatiedatum : (23/11/2007)
wettelijke basis : Decreet betreffende het onderwijs XIV, inzonderheid artikel X.49, X.50 en X.51
wettelijke basis : Besluit van de Vlaamse Regering van 15/12/2006 betreffende het ICT-infrastructuurprogramma voor de informatisering van het onderwijs voor het schooljaar 2006-2007
opheffing : Omzendbrief NO/2007/01
contactpersoon : Basisonderwijs: Elke Defranc, 02/553 92 33
contactpersoon : Secundair onderwijs: Robert Eeckhout, 02/553 88 18
contactpersoon : Basiseducatie: Magda Heestermans, 02/553 96 47
contactpersoon : CVO: Patrick Weckesser, 02/553 97 67
contactpersoon : DKO: Johan Krygelmans, 02/553 89 74
  • Vanaf 1 september 2007 zijn in het basisonderwijs en in de eerste graad so nieuwe vakoverschrijdende eindtermen ICT van kracht. De invoering van de ICT-eindtermen en -ontwikkelingsdoelen gaat gepaard met een inhaaloperatie voor ICT-infrastructuur. De overheid verstrekt via het ICT-infrastructuurprogramma financiële middelen voor de aankoop of huur van informatie- en communicatietechnologie

1. HET ICT-INFRASTRUCTUURPROGRAMMA

Vanaf 1 september 2007 worden in het kleuter- lager onderwijs en in de eerste graad van het secundair onderwijs nieuwe leergebied- resp. vakoverschrijdende eindtermen ICT ingevoerd. De maatschappelijke context vraagt immers om een specifieke invulling van ICT-competentie. ICT-competenties in de vorm van leergebied- en vakoverschrijdende eindtermen en ontwikkelingsdoelen bieden een antwoord op deze maatschappelijke vraag. Ze schetsen de contouren van wat op vlak van ICT van de school wordt verwacht. Ook in de basiseducatie wordt de ICT-opleiding in het licht van de algemene basiscompetenties herbekeken. Het is immers van belang om met betrekking tot ICT-basiscompetenties voldoende samenhang tussen de verschillende onderwijsniveaus te voorzien.

Het spreekt voor zich dat een dergelijke ingrijpende onderwijsvernieuwing gepaard moet gaan met een aangepast ondersteunend beleid. Om leerlingen, studenten en cursisten ICT-competenties aan te leren is het nodig dat scholen over een degelijk computerpark beschikken. Het PC/KD-project dat liep van 1998 tot 2002 had tot doel een basisinfrastructuur in alle onderwijsinstellingen te voorzien. Dit programma vormde een belangrijke impuls om ICT in de dagelijkse werking in te zetten. Daarna werd van de onderwijsinstellingen verwacht dat zij vanuit hun werkingsmiddelen de nodige vervangingsinvesteringen zouden doen. Dit is slechts in beperkte mate gebeurd. Daardoor dreigen we in een situatie terecht te komen waarbij de nieuwe eindtermen en ontwikkelingsdoelen ingevoerd moeten worden op een moment waarop een deel van de infrastructuur verouderd is. Om dit te verhelpen gaat de invoering van de ICT-eindtermen en ontwikkelingsdoelen gepaard met een inhaaloperatie voor ICT-infrastructuur via het ICT-infrastructuurprogramma. Een eerste schijf werd reeds uitbetaald in het schooljaar 2006-2007. Een tweede schijf is voorzien voor het schooljaar 2007-2008.

2. DOELGROEP

De doelgroep bestaat uit:

- het gewoon en buitengewoon kleuteronderwijs,

- het gewoon en buitengewoon lager onderwijs,

- het volledige secundair onderwijs (het gewoon en buitengewoon voltijds secundair onderwijs en het deeltijds beroepssecundair onderwijs),

- de basiseducatie,

- het deeltijds kunstonderwijs en

- het volwassenenonderwijs

3. BEGROTING EN TOELAGEN

3.1. Weging ten gunste van het buitengewoon onderwijs

Rekening houdend met de specifieke noden en mogelijkheden van ICT in het buitengewoon basis- en secundair onderwijs wordt een wegingsfactor van 1,5 ten voordele van deze onderwijsvormen toegepast.

3.2. Berekeningswijze

3.2.1. Voor het schooljaar 2006-2007

Voor het basis- en secundair onderwijs en het deeltijds kunstonderwijs wordt de toelage berekend op basis van de tellingen van de eerste schooldag of lesdag van februari 2006. Voor het volwassenenonderwijs wordt gebruik gemaakt van de telling lesurencursist van de referteperiode 1/2/2005 tot en met 31/1/2006. Voor de basiseducatie werd de opdeling in categorieën gemaakt op basis van het aantal te presteren deelnemersuren in 2006.

3.2.2. Voor het schooljaar 2007-2008

Voor het basis- en secundair onderwijs en het deeltijds kunstonderwijs wordt de toelage berekend op basis van de tellingen van de eerste schooldag of lesdag van februari 2007. Voor het volwassenenonderwijs wordt gebruik gemaakt van de telling lesurencursist van de referteperiode 1/2/2006 tot en met 31/1/2007. Voor de basiseducatie werd de opdeling in categorieën gemaakt op basis van het aantal te presteren deelnemersuren in 2007.

3.3. Grootte van de toelagen

3.3.1. Voor het schooljaar 2006-2007

Doelgroep  

Bedrag  

 

 

Voor het gewoon basisonderwijs 

max. 20,95 euro per leerling 

Voor het buitengewoon basisonderwijs 

max. 31,42 euro per leerling 

Voor het gewoon secundair onderwijs 

max. 23,28 euro per leerling 

Voor het buitengewoon secundair onderwijs 

max. 34,92 euro per leerling 

Voor de ziekenhuisscholen  

een forfait van 1.650 euro 

Voor de CVO's 

max. 0,0294786 euro per lesurencursist 

Voor de instellingen van het DKO 

max. 7,587 euro per leerling 

Voor de Centra voor Basiseducatie  

  • - met minder dan 30.000 deelnemersuren:
  • - met meer dan 30.000 en minder dan 50.000 deelnemersuren:
  • - met meer dan 50.000 deelnemersuren:

 

 

  • - een forfaitair bedrag van maximaal 22.717,00 euro,
  • - een forfaitair bedrag van maximaal 36.260,00 euro,
  • - een forfaitair bedrag van maximaal 49.600,00 euro;

 

3.3.2. Voor het schooljaar 2007-2008

Doelgroep  

Bedrag  

 

 

Voor het gewoon basisonderwijs 

max. 7,493 euro per leerling 

Voor het buitengewoon basisonderwijs 

max. 11,239 euro per leerling 

Voor het gewoon secundair onderwijs 

max. 8,447 euro per leerling 

Voor het buitengewoon secundair onderwijs 

max. 12,671 euro per leerling 

Voor de ziekenhuisscholen  

een forfait van 1.650 euro 

Voor de CVO's 

max. 0,010673 euro per lesurencursist 

Voor de instellingen van het DKO 

max. 2,668 euro per leerling 

Voor de Centra voor Basiseducatie  

  • - met minder dan 30.000 deelnemersuren:
  • - met meer dan 30.000 en minder dan 50.000 deelnemersuren:
  • - met meer dan 50.000 deelnemersuren:

 

 

  • - een forfaitair bedrag van maximaal 7.790 euro,
  • - een forfaitair bedrag van maximaal 12.433 euro,
  • - een forfaitair bedrag van maximaal 17.008 euro;

 

3.4. Uitbetalingsdata

3.4.1. Voor het schooljaar 2006-2007

De uitbetaling gebeurde in één schijf, in januari 2007.

3.4.2. Voor het schooljaar 2007-2008

De uitbetaling gebeurt in één schijf, vermoedelijk in januari 2008.

4. GEBRUIK VAN DE EXTRA MIDDELEN

4.1. Wat aankopen

De Vlaamse overheid stelt via het ICT-infrastructuurprogramma financiële middelen ter beschikking van de scholen. Die kunnen dan zelf beslissen, aansluitend bij de eigen specifieke ICT-noden, welke uitrusting ze daarmee aankopen of huurkopen. De middelen mogen ook gebruikt worden voor ICT-nascholing, maar niet voor schooladministratie.

Overzicht van mogelijkheden tot aankoop of huurkoop in het kader van het ICT-infrastructuurprogramma. 

Categorie 

Verduidelijking 

Multimediacomputers 

een computer of laptop die geschikt is voor weergave van geluid en (bewegende) beelden en die kan aangesloten worden op het internet 

Upgrading van een bestaande pc 

extra geheugen, cd-rom speler, videokaart, geluidskaart, luidsprekers, interne modem, ISDN-kaart, ... 

Randapparatuur 

printer, scanner, externe modem, USB-stick, zip drive, ... 

Netwerkinfrastructuur 

server, bekabeling, netwerkkaarten, router, ... 

Systeemsoftware 

Linux, MacOS, Windows, netwerksoftware, navigatiesoftware, browsers, virtuele leeromgevingen, portfoliosoftware, blogsoftware ... 

Educatieve software  

gesloten pakketten, open pakketten, licenties voor educatieve webtoepassingen,...  

Multimedia 

audio-, video- en fotobewerkingsprogramma's, educatieve CD-Roms, DVD, ... 

Applicatiesoftware: bureauticapakketten 

licenties voor softwarepakketten voor tekstverwerking, rekenbladen, databanken, presentatiepakketten, geďntegreerde pakketten, ... 

Beveiligingssoftware  

antivirusprogramma's, firewalls, spamfilters, contentfilters, ... 

Servicecontract 

overeenkomst met de leverancier voor onderhoud van de aankoop, helpdesk, ...  

Kosten voor internetaansluiting en -verkeer 

 

kosten voor de I-line, kosten voor Internet Service Provider, modem, domeinnaamregistraties, ...  

meer info in punt 6 

Vorming  

opleidingen of (zelf)studiemateriaal voor de leerkrachten over ICT, ... 

meer info in punt 6 

4.2. Waar en hoe aankopen

Binnen het ICT-beleid van een onderwijsinstelling neemt de keuze van aangepaste en kwaliteitsvolle infrastructuur een belangrijke plaats in. Het kiezen van hard- en software vereist een zorgvuldig afwegingsproces waarbij de evaluatie van het beschikbare aanbod, het bekijken van voor- en nadelen en vooral het afstemmen op de concrete noden van de school doorslaggevend zijn. Dat proces gebeurt best in overleg tussen leerkrachten, schoolleiding en ICT-coördinatoren.

De scholen kiezen volledig vrij waar ze de producten aan- of huurkopen en bij welke provider ze een internetabonnement nemen. Ze kunnen daarvoor terecht bij hun lokale verdeler. De school kan best zelf de markt bevragen om na te gaan wat in haar geval de meest gunstige condities zijn. Groepsaankopen - bv. op het niveau van de scholengroep of scholengemeenschap - kunnen vaak prijsreducties opleveren.

4.3. Leasing of huurkoop

De school kan ook hardware aanschaffen via “leasing”. Leasing of huurkoop van een pc betekent dat de aankoper niet ineens de volledige kostprijs van de pc moet betalen, maar dat hij gedurende een bepaalde termijn (meestal 3 of 4 jaar) een “huurprijs” betaalt, waarna de pc zijn eigendom wordt. Dit geeft de mogelijkheid aan scholen met een vrij beperkt ICT-budget om zich toch meteen materiaal aan te schaffen en de kosten ervan te spreiden over meerdere jaren. Leasing van pc's en randapparatuur mag worden aangerekend op de subsidies, maar de school draagt wel zelf de volledige verantwoordelijkheid om in te staan voor de afbetaling van het geleasete materiaal. Dat wil zeggen dat de school er niet mag van uitgaan dat ze de volgende schooljaren met zekerheid subsidies voor ICT-infrastructuur zal ontvangen.

4.4. Wanneer aankopen

4.4.1. Voor het schooljaar 2006-2007

De extra middelen van het schooljaar 2006-2007 zijn bedoeld om te worden ingezet in het schooljaar 2006-2007. De extra middelen die onmogelijk in het schooljaar zelf kunnen worden besteed of gegund, mogen nog in het daaropvolgende schooljaar worden gebruikt. Aankopen die gedaan zijn vóór 1 september 2006 kunnen niet met deze middelen gefinancierd worden.

4.4.2. Voor het schooljaar 2007-2008

De extra middelen van het schooljaar 2007-2008 zijn bedoeld om te worden ingezet in het schooljaar 2007-2008. De extra middelen die onmogelijk in het schooljaar zelf kunnen worden besteed of gegund, mogen nog in het daaropvolgende schooljaar worden gebruikt. Aankopen die gedaan zijn vóór 1 september 2007 kunnen niet met deze middelen gefinancierd worden.

4.5. Gebruik van de aankopen

De ICT-subsidies zijn in eerste instantie bedoeld om de scholen te ondersteunen bij het invoeren van de nieuwe ontwikkelingsdoelen en eindtermen ICT. De infrastructuur, aangekocht met ICT-subsidies, moet ter beschikking staan voor alle leerlingen en cursisten en leerkrachten en voor elk leergebied, domein of vak. In het secundair onderwijs mogen de extra middelen niet uitsluitend gebruikt worden om het computerpark voor de ICT-gerichte vakken te moderniseren. M.a.w. de ICT-infrastructuur moet ook gebruikt kunnen worden voor de algemene vakken.

De ICT-infrastructuurmiddelen mogen niet gebruikt worden voor de schooladministratie. Alleen voor aangekochte netwerkinfrastructuur kan een gedeeld gebruik ten behoeve van de administratie van de school worden toegestaan op voorwaarde dat er hierdoor geen bijkomende kosten zijn binnen het subsidieproject en het gebruik door de administratie niet ten koste gaat van capaciteit en performantie die nuttig zouden kunnen worden aangewend voor de pc's voor de leerlingen en cursisten.

5. CONTROLE OVER HET GEBRUIK VAN DE MIDDELEN

De verificateurs in het gesubsidieerd onderwijs, respectievelijk het college van accountants in het gemeenschapsonderwijs zijn belast met de controle op het gebruik van de extra middelen. Zij moeten alle documenten hieromtrent kunnen inzien bij de school en het schoolbestuur / de inrichtende macht. Aansluitend hierbij zal de onderwijsinspectie, in het kader van de reguliere schooldoorlichtingen, toezien op de effectiviteit van het gebruik van de extra middelen. Als uit controle blijkt dat de extra middelen niet correct werden aangewend, dan moet het schoolbestuur/de inrichtende macht deze extra middelen onmiddellijk terugbetalen.

Er wordt van de scholen niet verwacht dat zij apart over het gebruik van de infrastructuurmiddelen rapporteren. In 2007 zullen onderzoekers van de KULeuven en UGent een ICT-monitor ontwikkelen en afnemen bij een representatieve steekproef van scholen uit het bao, so en volwassenenonderwijs. Daarbij zal o.a. het verzamelen van algemene gegevens over de ICT-infrastructuur in scholen bevraagd worden. De overheid verwacht wel een actieve participatie van de scholen aan dit onderzoek.

6. ONDERSTEUNENDE MAATREGELEN

6.1. Ondersteuning bij de invoering van eindtermen ICT

1) Infofolder over de nieuwe ICT-eindtermen: te downloaden via

http://www.ond.vlaanderen.be/publicaties/eDocs/pdf/299.pdf

2) Gebruik van het zelfevaluatieinstrument pICTos. pICTos is een elektronisch instrument op basis waarvan scholen kunnen opmaken hoever ze al staan met de invoering van de ICT-eindtermen en kunnen bepalen hoe ze de verdere integratie van ICT kunnen ontwikkelen. Het instrument leidt scholen doorheen een aantal belangrijke stappen, die in elke school aan de orde zijn indien de ICT-werking op de agenda staat. Het instrument sluit aan bij de bestaande ICT-werking en de onderwijsvisie van de school en is gericht op het uitwerken van nieuwe activiteiten, die steeds gekoppeld zijn aan de eindtermen. Het werd ontwikkeld door de Universiteit Gent in opdracht van REN Vlaanderen.

Wie pICTos wil gebruiken kan dit via de nascholingsorganisatie REN Vlaanderen: www.ictbeleidstool.be

6.2. Internettoegang

Het ICT-infrastructuurprogramma voorziet in de aankoop van modems voor toegang tot internet en in de kosten voor internetaansluiting en -verkeer. Alle in punt 2 van deze omzendbrief vermelde doelgroepen kunnen bovendien gebruik maken van het telecomaanbod voor scholen, de zgn. I-line. Dit telecomaanbod voorziet in goedkope tarieven voor internetaansluiting via ADSL-technologie. Geďnteresseerde scholen dienen een aanvraag rechtstreeks bij één van de erkende internet service providers in. Alle informatie over het telecomaanbod voor scholen vindt u in een aparte omzendbrief: http://www.ond.vlaanderen.be/edulex/database/document/document.asp?docid=13192

6.3. Software

De overheid ontwikkelde een aantal initiatieven om scholen bij de keuze aan kwaliteitsvolle software te helpen.

- De educatieve en wetenschappelijke uitgevers ontwikkelen kwaliteitsvolle digitale leermiddelen die autonoom of in aansluiting bij hun methodes bruikbaar zijn. Raadpleeg hun aanbod via hun catalogi of websites.

- www.klascement.net - gratis lesmateriaal: lesbladen, oefeningen, software, sites ..., gerubriceerd per onderwijsniveau en vak- of leergebied.

- www.ond.vlaanderen.be/publicaties - bestel de gratis cd-rom met educatieve vrije software (open source software), ook downloadbaar via http://vrijesoftware.klascement.net

- www.ingebeeld.be - lesmateriaal voor audiovisuele vorming (Canon-Cultuurcel).

- www.ond.vlaanderen.be/ict/infrastructuur - raamovereenkomsten voor goedkoop of zelfs gratis gebruik van Microsoft- en IBM-software.

- www.ond.vlaanderen.be/publicaties - Publicaties met praktijkvoorbeelden over de zinvolle integratie van digitale leermiddelen voor het kleuter-, basis- en secundair onderwijs.

Meer info over deze initiatieven: http://www.ond.vlaanderen.be/ict/infrastructuur/default.htm

6.4. Nascholing

De Vlaamse regering gaf aan het regionaal expertisenetwerk Vlaanderen (REN) de opdracht vraag- én aanbodgestuurde nascholingen te organiseren. REN Vlaanderen organiseert nascholingen m.b.t. de invoering en het gebruik van ICT op school en dat op de volgende vlakken: pedagogisch-didactisch, technisch en organisatorisch Hierbij richten ze zich tot alle netten en alle vormen van onderwijs. De bijdrage van scholen voor het volgen van cursussen bedraagt 15 euro per sessie, ze is bewust zo laag mogelijk gehouden.

Info, overzicht nascholingen en contact: www.renvlaanderen.be

6.5. Veilig ICT-gebruik

In de publicatie “Veilig Online, Tips voor veilig ICT-gebruik op school” vinden scholen up to date informatie over uiteenlopende onderwerpen zoals netwerkbeveiliging, diefstalpreventie, legaal downloaden, publiceren op schoolwebsites, cyberpesten, enz. Naast algemene informatie bevat de brochure concrete tips, lesmateriaal en praktische richtlijnen. De publicatie is gratis en bedoeld voor leraren, directies én ICT-coördinatoren. Bij de publicatie hoort ook een cd-rom met o.a. vijf lespakketten die speciaal voor het doel werden ontwikkeld en een Vlaamse versie van het “Diploma Veilig Internet”. De cd-rom bevat ook ander lesmateriaal en een aantal technische en informatieve materialen. Scholen vinden er ook een uitgebreide checklist “Is mijn school cybersafe” en een voorbeeldprotocol tussen school en leerlingen over gebruik van ICT-faciliteiten. Scholen kregen een exemplaar toegestuurd. Bijbestellen kan gratis via:

http://www.ond.vlaanderen.be/publicaties/?get=NIEUW&nr=306&i=37