OPGEHEVEN : Decreet betreffende het onderwijs-III. (uittreksel - NO/Internaten)

  • goedkeuringsdatum
    09 APRIL 1992
  • publicatiedatum
    B.S.16/05/1992
  • datum laatste wijziging
    13/02/2017
  • erratum
    B.S.19-5-1992

COORDINATIE

Decr. 25-4-2014 - B.S. 25-9-2014

Decr. 3-7-2015 - B.S. 28-7-2015

Decr. 19-6-2015 - B.S. 21-8-2015

Opgeheven door Decr. 23-12-2016 - B.S. 13-2-2017

De Vlaamse Raad heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

TITEL I. - Inleidende bepalingen

Artikel 1.

Dit decreet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 59bis, § 2, 2°, van de Grondwet.

...

TITEL III. - Buitengewoon onderwijs

...

HOOFDSTUK II. - Andere bepalingen

Art. 29.

[Verblijf en begeleiding voor haar internen tijdens schoolvrije dagen wordt door het gemeenschapsonderwijs georganiseerd in minimaal acht medisch-pedagogische instituten van het gemeenschapsonderwijs, instituten voor buitengewoon secundair onderwijs van het gemeenschapsonderwijs en autonome internaten buitengewoon onderwijs van het gemeenschapsonderwijs. Op voorstel van de Raad van het Gemeenschapsonderwijs bepaalt de Vlaamse Regering welke van de vermelde instituten en internaten verblijf en begeleiding zullen organiseren.

Verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen, vermeld in het eerste lid, omvat de modules verblijf en begeleiding, gemoduleerd conform het decreet betreffende de integrale jeugdhulp van 12 juli 2013 en respecteert het decreet van 17 oktober 2003 betreffende de kwaliteit van gezondheids- en welzijnsvoorzieningen en het decreet van 7 mei 2004 betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp.

De Vlaamse Regering bepaalt de organisatie van en de ambten, de bekwaamheidsbewijzen en de prestatie-, verlof- en bezoldigingsregeling voor verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen. Ze bepaalt eveneens per ambt het totaal aantal uren dat moet worden georganiseerd om in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen te kunnen voorzien. In afwachting hiervan blijven de bestaande wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen van kracht.

De Vlaamse Regering garandeert een personeelskader dat minimaal nodig is om verblijf en begeleiding te voorzien. De Vlaamse Regering stelt jaarlijks minimaal 7515 uren voor opvoedend hulppersoneel, paramedisch en sociaal personeel, psychologisch en medisch personeel, administratief personeel en minimaal 350.000 euro werkingsmiddelen ter beschikking voor een capaciteit van 265 plaatsen verblijf en begeleiding als vermeld in het tweede lid en sluit daartoe beheersovereenkomsten af met de scholengroep van de in het eerste lid vermelde instituten en internaten.

Het intern verzelfstandigd agentschap Inspectie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin zoals bedoeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 26 maart 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap Inspectie Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, en de inspectie zoals bedoeld in het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs zijn gezamenlijk bevoegd voor de controle op de kwaliteit van het verblijf en de begeleiding, als vermeld in het tweede lid.]

Decr. 25-4-2014

[Art. 29/1.

[[...]] ]

Decr. 25-4-2014; [[ ]] Decr. 23-12-2016

[Art. 29/2.

Met ingang van 1 september 2015 heeft een nieuwe vaste benoeming voor een personeelslid dat is aangesteld in een ambt van een internaat dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen, zoals bedoeld in artikel 29, derde lid, geen uitwerking ten aanzien van de overheid.

In afwijking van het eerste lid heeft een vaste benoeming op 1 juli 2016 wel uitwerking ten aanzien van de overheid als het gaat om een personeelslid dat gebruikmaakt van artikel 40ter, § 2, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs.

In afwijking van het eerste lid heeft een vaste benoeming voor een personeelslid van een internaat dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen wel uitwerking ten aanzien van de overheid als het gaat om een personeelslid dat opgenomen is op de nominatieve lijst die op 30 april 2015 door de herplaatsingscommissie is vastgelegd en dat op 1 september 2015 het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven.

In afwijking van het eerste lid heeft een vaste benoeming voor een personeelslid van een internaat dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen wel uitwerking ten aanzien van de overheid als het gaat om een personeelslid dat vóór 1 september 2015 werd toegelaten tot de proeftijd in het ambt van hoofdopvoeder in een opvangcentrum en is opgenomen op de nominatieve lijst die op 30 april 2015 door de herplaatsingscommissie is vastgelegd. In afwijking van artikel 48, § 1, van het decreet Rechtspositie Personeelsleden Gemeenschapsonderwijs moet het betrokken personeelslid tijdens zijn proeftijd effectief presteren in het ambt van hoofdopvoeder in een opvangcentrum of in een internaat dat in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen voorziet voor het volume waarin het werd toegelaten tot de proeftijd.]

IN VOEGE VANAF 1/1/2016 (Decr. XXV, 19-6-2015 - B.S. 21-8-2015; Art. V.15) : toevoeging van een vijfde lid : "In afwijking van het eerste lid heeft een vaste benoeming voor een personeelslid van een internaat dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen, wel uitwerking ten aanzien van de overheid als het gaat om een personeelslid dat vóór 1 september 2015 werd toegelaten tot de proeftijd in het ambt van hoofdopvoeder in een opvangcentrum en is opgenomen op de nominatieve lijst die op 30 april 2015 door de herplaatsingscommissie is vastgelegd. In afwijking van artikel 48, § 1, van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs moet het betrokken personeelslid tijdens zijn proeftijd effectief presteren in het ambt van hoofdopvoeder in een opvangcentrum of in een internaat dat in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen voorziet voor het volume waarin het werd toegelaten tot de proeftijd."

Decr. 3-7-2015

[Art. 29/3.

§ 1. In afwijking van artikel 10 wordt er, ten gevolge van de reorganisatie van verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen, een herplaatsingscommissie opgericht die instaat voor de herplaatsing van de personeelsleden, bedoeld in artikel 2, § 1, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs die instaan voor verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen die vastbenoemd zijn, tot de proeftijd toegelaten zijn of tijdelijk aangesteld zijn in een vacante betrekking.

§ 2. De herplaatsingscommissie herplaatst zowel de vastbenoemde, de tot de proeftijd toegelaten als de tijdelijke personeelsleden in vacante betrekkingen voor de volledige opdracht waarvan ze op 30 april 2015 titularis zijn.

§ 3. De Vlaamse Regering bepaalt de bevoegdheden, de samenstelling en de werkwijze van deze herplaatsingscommissie. Zij houdt daarbij minstens rekening met volgende criteria: - de herplaatsing gaat in op 1 september, tenzij de betrekking vacant wordt in de loop van het schooljaar. In dat geval gaat de herplaatsing zo snel mogelijk in; - het personeelslid kan zijn voorkeur uitspreken voor een plaats van tewerkstelling.

§ 4. De herplaatsingscommissie treedt in werking op 30 april 2015 en houdt op te bestaan als de reorganisatie bedoeld in paragraaf 1 volledig afgerond is.]

Decr. 25-4-2014

[Art. 29/4.

§ 1. Elke scholengroep is verplicht om de hem toegewezen personeelsleden in dienst te nemen.

§ 2. De scholengroep kan tegen de herplaatsing geen bezwaar indienen.]

Decr. 25-4-2014

[Art. 29/5.

§ 1. De herplaatste personeelsleden zijn verplicht om de toegewezen herplaatsing te aanvaarden en deze op te nemen op 1 september van elk schooljaar of op de datum waarop de vacante betrekking kan worden ingenomen.

§ 2. Het personeelslid kan tegen de herplaatsing enkel bezwaar indienen op grond van het niet volgen van de criteria die de Vlaamse Regering vastlegt.]

Decr. 25-4-2014

[Art. 29/6.

De personeelsleden verkrijgen door de definitieve herplaatsing de hoedanigheid van personeelslid van het internaat dat in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen voorziet, ten belope van de opdracht waarvoor ze er tewerkgesteld worden. Deze personeelsleden gaan, al naargelang ze vastbenoemd, tot de proeftijd toegelaten of tijdelijk aangesteld zijn, over als vastbenoemde, tot de proeftijd toegelaten of tijdelijk aangestelde personeelsleden. De personeelsleden die voor de herplaatsing recht hadden op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur, zoals bedoeld in artikel 21, § 3, en artikel 21bis, § 3, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs behouden dit recht na de herplaatsing.

De diensten die het personeelslid volgens de bepalingen van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs heeft gepresteerd in een ambt of betrekking worden geacht na de herplaatsing ook gepresteerd te zijn in hetzelfde ambt of dezelfde betrekking.]

Decr. 25-4-2014

[Art. 29/7.

Personeelsleden die geen keuze voor een plaats van tewerkstelling indienen of die een herplaatsing volgens de geldende regelgeving weigeren, worden ambtshalve ontslagen.]

Decr. 25-4-2014

HOOFDSTUK III. - Inwerkingtreding

Art. 30.

Deze titel heeft uitwerking met ingang van 1 september 1991.

...