OPGEHEVEN : Koninklijk besluit houdende toekenning van een bijwedde aan sommige leden van het onderwijzend personeel die houder zijn van bijzondere diploma's.

  • goedkeuringsdatum
    16 JANUARI 1970
  • publicatiedatum
    B.S.14/03/1970
  • datum laatste wijziging
    01/09/2005

COORDINATIE

K.B. 18-2-1974 - B.S. 30-3-1974

B.Vl.R. 12-5-1993 - B.S. 14-7-1993

B.Vl.R. 15-4-2005 - B.S. 24-6-2005

opgeheven door B.Vl.R. 15-4-2005 - B.S. 24-6-2005

BOUDEWIJN, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 15 november 1919 op het landbouwonderwijs, inzonderheid de artikelen 3 en 6;

Gelet op de wetten op het middelbaar onderwijs, gecoördineerd op 30 april 1957;

Gelet op de wetten op het normaalonderwijs, gecoördineerd op 30 april 1957;

Gelet op de wetten op het technisch onderwijs, gecoördineerd op 30 april 1957;

Gelet op de wetten op het lager onderwijs, gecoördineerd op 20 augustus 1957;

Gelet op de wet van 22 juni 1964 betreffende het statuut der personeelsleden van het rijksonderwijs;

Gelet op het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs;

Gelet op het advies van de Syndicale Raad van Advies, d.d. 9 november 1965 en 19 december 1967;

Gelet op het akkoord van Onze Minister van het Openbaar Ambt;

Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting;

Op de voordracht van Onze Ministers van Nationale Opvoeding,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.

§ 1. Aan de regenten(tessen), hoofdonderwijzers(ressen) en onderwijzers(ressen) die in dienst zijn bij de koninklijke athenea, koninklijke lycea, rijksmiddelbarescholen, voorbereidende afdelingen verbonden aan de rijksinrichtingen voor middelbaar onderwijs, oefenscholen verbonden aan de rijksnormaalscholen, rijkstechnische scholen, rijkslagerescholen en -kleuterscholen en internaten voor kinderen wier ouders geen vaste verblijfplaats hebben, en die houder(ster) zijn van de hierna vermelde diploma's, wordt een als volgt vastgestelde bijwedde verleend :

a) diploma van licentiaat in de opvoedkundige wetenschappen of diploma van licentiaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, uitgereikt door een Belgische universiteit : [642,45 euro];

b) diploma van licentiaat in de beroepsoriëntering en -selectie, uitgereikt door een Belgische universiteit : [642,45 euro];

c) diploma van doctor in de opvoedkundige wetenschappen of diploma van doctor of van speciaal doctor in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, uitgereikt door een Belgische universiteit : [856,65 euro];

d) getuigschrift van hogere opvoedkundige studiën, uitgereikt door een hoger instituut voor opvoedkunde erkend door de Staat, of diploma van kandidaat in de opvoedkundige wetenschappen of diploma van kandidaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, uitgereikt door een Belgische universiteit : [321,18 euro];

e) diploma van hogere opvoedkundige studiën, uitgereikt door een hoger instituut voor opvoedkunde erkend door de Staat : [428,29 euro];

f) getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering ingesteld bij koninklijk besluit van 22 oktober 1936, zoals het gewijzigd werd, of van assistent inzake beroepsoriëntering, of gelijkwaardigheidsbewijs verleend krachtens artikel 3 van hetzelfde besluit [en het diploma van assistent inzake beroepskeuze afgeleverd door een instelling voor onderwijs met volledig leerplan]: [428,29 euro];

g) diploma van licentiaat in de opvoedkundige wetenschappen of diploma van licentiaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen en van licentiaat in de beroepsorientering en -selectie, uitgereikt door een Belgische universiteit : [749,54 euro];

h) diploma van licentiaat in de beroepsoriëntering en -selectie en van doctor in de opvoedkundige wetenschappen, of diploma van doctor of van speciaal doctor in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, uitgereikt door een Belgische universiteit : [963,69 euro];

i) diploma van licentiaat in de opvoedkundige wetenschappen, of diploma van licentiaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen uitgereikt door een Belgische universiteit, en getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering, ingesteld bij koninklijk besluit van 22 oktober 1936, zoals het gewijzigd werd, of van assistent inzake beroepsoriëntering, of gelijkwaardigheidsbewijs, verleend krachtens artikel 3 van hetzelfde besluit [en het diploma van assistent inzake beroepskeuze afgeleverd door een instelling voor onderwijs met volledig leerplan]: [749,54 euro];

j) diploma van doctor in de opvoedkundige wetenschappen, of diploma van doctor of van speciaal doctor in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, uitgereikt door een Belgische universiteit, en getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering ingesteld bij het koninklijk besluit van 22 oktober 1936, zoals het gewijzigd werd, of van assistent inzake beroepsoriëntering, of gelijkwaardigheidsbewijs verleend krachtens artikel 3 van hetzelfde besluit [en het diploma van assistent inzake beroepskeuze afgeleverd door een instelling voor onderwijs met volledig leerplan]: [963,69 euro];

k) diploma van hogere opvoedkundige studiën, uitgereikt door een hoger instituut voor opvoedkunde erkend door de Staat, en getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering, ingesteld bij koninklijk besluit van 22 oktober 1936, zoals het gewijzigd werd, of van assistent inzake beroepsoriëntering, of gelijkwaardigheidsbewijs verleend krachtens artikel 3 van hetzelfde besluit [en het diploma van assistent inzake beroepskeuze afgeleverd door een instelling voor onderwijs met volledig leerplan]: [535,33 euro].

§ 2. De in § 1 bedoelde bijwedde wordt onder de in die paragraaf bepaalde voorwaarden toegekend aan de directeur/directrice van een lagere school of een basisschool van het gewoon of het buitengewoon onderwijs.

§ 3. De in § 1 bedoelde bijwedde wordt onder de in die paragraaf bepaalde voorwaarden toegekend aan de kleuteronderwijzer/kleuteronderwijzeres en aan de directeur/directrice van een kleuterschool van het gewoon of buitengewoon onderwijs die houder is van een getuigschrift of diploma van hogere opvoedkundige studiën als bedoeld in § 1, d) en e).

[§ 4. De in § 1 bedoelde bijwedde wordt onder de in die paragraaf bepaalde voorwaarden toegekend aan de tijdelijke, tot de proeftijd toegelaten of vastbenoemde personeelsleden die aangesteld of geaffecteerd zijn, in een betrekking van leermeester aan een kleuterschool, een lagere school of een basisschool van het gewoon of het buitengewoon onderwijs en waarvoor de Vlaamse Gemeenschap een salaris uitbetaalt.]

B.Vl.R.15-4-2005

Art. 2.

Mogen niet gecumuleerd worden, de bijwedden vastgesteld :

a) voor de diploma's van doctor in de opvoedkundige wetenschappen, of het diploma van doctor of speciaal doctor in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, van licentiaat in de opvoedkundige wetenschappen of het diploma van licentiaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, en van kandidaat in de opvoedkundige wetenschappen of het diploma van kandidaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen;

b) voor het diploma van hogere opvoedkundige studiën en voor het getuigschrift van hogere opvoedkundige studiën;

c) voor de diploma's van doctor, van licentiaat en van kandidaat in de opvoedkundige wetenschappen, of de diploma's van doctor, speciaal doctor, licentiaat en kandidaat in de psychologie of in de opvoedingswetenschappen, van licentiaat in de beroepsoriëntering en -selectie enerzijds, en voor het getuigschrift van hogere opvoedkundige studiën en het diploma van hogere opvoedkundige studiën anderzijds;

d) voor het diploma van licentiaat in de beroepsoriëntering en -selectie en voor het getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering of van assistent inzake beroepsoriëntering of het gelijkwaardigheidsbewijs [en het diploma van assistent inzake beroepskeuze afgeleverd door een instelling voor onderwijs met volledig leerplan];

e) voor het getuigschrift van bekwaamheid tot het ambt van adviseur inzake beroepsoriëntering of het gelijkwaardigheidsbewijs en voor het getuigschrift van hogere opvoedkundige studiën.

B.Vl.R.15-4-2005

Art. 3.

[De bijwedde bedoeld in artikel 1 volgt de evolutie van het indexcijfer van de consumptieprijzen overeenkomstig de wet van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het Rijk worden gekoppeld of overeenkomstig elke bepaling die haar mocht wijzigen. Deze bijwedde wordt aan het spilindexcijfer 138,01 gekoppeld.

Vanaf 1 januari 1994 wordt de koppeling aan de index van de consumptieprijzen vervangen door de koppeling aan het prijsindexcijfer dat berekend en benoemd wordt voor de toepassing van artikel 2 van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen, bekrachtigd bij wet van 30 maart 1994.]

B.Vl.R.15-4-2005

Art. 4.

Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 april 1966.

Art. 5.

Onze Ministers van Nationale Opvoeding zijn belast met de uitvoering van dit besluit.