OPGEHEVEN : Besluit van de Vlaamse regering betreffende de bepaling van het aanwendingspercentage van het aantal uren-leraar in het deeltijds kunstonderwijs.

  • goedkeuringsdatum
    22 JULI 1993
  • publicatiedatum
    B.S.14/10/1993
  • datum laatste wijziging
    10/09/2002

COORDINATIE

opgeheven door B.Vl.R. 15-7-2002 - B.S. 10-9-2002

De Vlaamse regering,

Gelet op het decreet van 31 juli 1990 betreffende het onderwijs-II, inzonderheid op artikel 96, § 2, 6°,

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichting beeldende kunst, inzonderheid op de artikelen 29, 30 en 31, §§ 1, en 33;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichting muziek, woordkunst en dans, inzonderheid op de artikelen 42 en 65;

Gelet op het protocol nr. 117 van 7 juli 1993 houdende de conclusies van de onderhandelingen die gevoerd werden in de gemeenschappelijke vergadering van het sectorcomité X en van de onderafdeling "Vlaamse Gemeenschap" van afdeling 2 van het Comité voor de provinciale en de plaatselijke overheidsdiensten;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor begroting, gegeven op 16 juni 1993;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wet van 4 juli 1989;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat de in dit besluit bepaalde maatregelen in werking moeten treden op 1 september 1993 en dat op die datum rechtszekerheid moet bestaan;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs en Ambtenarenzaken;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

§ 1. Van het aantal uren-leraar, bekomen door de toepassing van de artikelen 29 en 30 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichting beeldende kunst, mogen de instellingen vanaf het schooljaar 1993-1994 ten hoogste 85 % aanwenden.

§ 2. Van het aantal uren-leraar, bekomen door de toepassing van artikel 31, § 1, van hetzelfde besluit, mogen de instellingen vanaf het schooljaar 1993-1994 ten hoogste 92 % aanwenden.

§ 3. Van het aantal uren-leraar, bekomen door de toepassing van artikel 33 van hetzelfde besluit, mogen de instellingen vanaf het schooljaar 1993-1994 ten hoogste 95 % aanwenden.

Art. 2.

§ 1. Van het aantal uren-leraar, bekomen door de toepassing van artikel 42, § 1, 1°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichtingen muziek, woordkunst en dans, mogen de instellingen vanaf schooljaar 1993-1994, wat de lagere en middelbare graad betreft, ten hoogste 92 % aanwenden.

§ 2. Vanaf het aantal uren-leraar, bekomen door toepassing van artikel 42, § 1, 1°, van hetzelfde besluit, mogen de instellingen vanaf het schooljaar 1993-1994, wat de vrijgestelden van het vak algemene muziekcultuur in de middelbare graad betreft, ten hoogste 70 % aanwenden.

§ 3. Van het aantal uren-leraar, bekomen door de toepassing van artikel 42, § 1, 2°, van hetzelfde besluit, mogen de instellingen vanaf het schooljaar 1993-1994, wat de lagere graad betreft, ten hoogste 92 % aanwenden en wat de middelbare graad betreft, ten hoogste 90 %.

§ 4. De bepalingen van de §§ 1, 2 en 3 zijn niet van toepassing op de instellingen die gevestigd zijn in de negentien gemeenten van het bestuurlijk arrondissement Brussel-Hoofdstad.

Art. 3.

De produkten, bekomen door de toepassing van de artikelen 1 en 2 bepaalde percentages, worden afgerond naar het dichtst bijzijnd geheel getal. Een produkt waarvan de eerste decimaal 5 is, wordt afgerond naar het dichts bijzijnd hoger geheel getal.

Art. 4.

Dit besluit treedt in werking op 1 september 1993.

Art. 5.

De Vlaamse minister bevoegd voor het onderwijs is belast met de uitvoering van dit besluit.