De reaffectatie- en wedertewerkstellingsregeling voor de inrichtende machten en de personeelsleden tewerkgesteld in het niet-tertiair onderwijs

  • Nieuwe maatregelen met ingang van 1 september 2015:
  • - Voor de scholen en instellingen die tot een scholengemeenschap behoren wordt de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie en van de reaffectatiecommissie van de scholengroep opgeschort. Ter beschikking gestelde personeelsleden die na de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet konden worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld, worden door deze reaffectatiecommissie toegewezen in een niet-organieke betrekking aan bij voorkeur één of meerdere scholen van de scholengemeenschap, in het ambt waarin het personeelslid ter beschikking werd gesteld. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap oefent haar bevoegdheden uit gedurende het volledige schooljaar.
  • - De opschorting van de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie en van de reaffectatiecommissie van de scholengroep voor de scholen en instellingen die tot een scholengemeenschap behoren heeft tot gevolg dat ook alle verplichtingen worden opgeschort voor de betrokken personeelsleden, scholen en instellingen en de reaffectatiecommissies van de scholengemeenschap tegenover hogervermelde reaffectatiecommissies. Dit betekent o.a. dat de Vlaamse reaffectatiecommissie en de reaffectatiecommissie van de scholengroep geen toewijzingen meer kunnen doen naar een school of instelling die behoort tot een scholengemeenschap.
  • - Tot op heden wordt “hetzelfde ambt” bepaald door na te gaan in welke opdracht en ambten/vakken/specialiteiten/opleiding/modules een personeelslid op 30 juni van het voorafgaand schooljaar vast benoemd was en/of ter beschikking was gesteld wegens ontstentenis van betrekking. Vermits de datum van vaste benoeming verschuift van 1 januari naar 1 juli (en 1 oktober) heeft dit een impact op de bepaling van “hetzelfde ambt”. Vanaf dit schooljaar zal de bepaling van “hetzelfde ambt” gebeuren op basis van de toestand op het einde van het voorgaande schooljaar. Concreet betekent dit 31 augustus van het voorgaande schooljaar en dus na een eventuele vaste benoeming op 1 juli.

INLEIDING

Deze omzendbrief biedt een gecoördineerd overzicht van de reglementaire bepalingen betreffende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling.

De omzendbrief bestaat uit een algemeen deel dat geldt voor alle niveaus, aangevuld met specifieke delen per onderwijsniveau.

1. Toepassingsgebied

De reglementering is van toepassing op de personeelsleden en op de inrichtende machten van het gemeenschapsonderwijs en van het gesubsidieerd onderwijs.

De reglementering geldt voor de volgende onderwijsniveaus:

- het basisonderwijs;

- het secundair onderwijs;

- het volwassenenonderwijs;

- het deeltijds kunstonderwijs;

- de centra voor leerlingenbegeleiding.

Binnen deze onderwijsniveaus is de reglementering niet van toepassing op:

- de personeelsleden die tot de proeftijd zijn toegelaten in een selectie- of bevorderingsambt bij toepassing van artikel 48 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs;

- de leden van het meesters-, vak- en dienstpersoneel en de inrichtende machten die ze tewerkstellen;

De reglementering is evenmin van toepassing op:

-de leden van het personeel van het academisch onderwijs;

-het personeel van de hogescholen;

- de personeelsleden van de pedagogische begeleidingsdiensten en de inrichtende machten die deze personeelsleden tewerkstellen;

- de personeelsleden van de basiseducatie.

2. Begrippenkader

2.1. Inrichtende macht

Voor de toepassing van de reglementering inzake de verdeling van betrekkingen, de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, de reaffectatie en de wedertewerkstelling is de inrichtende macht voor het gemeenschapsonderwijs de scholengroep. Bij ontstentenis van dit bestuursorgaan is de inrichtende macht de Raad van het Gemeenschapsonderwijs.

Voor het gemeentelijk en provinciaal onderwijs zijn respectievelijk het gemeentebestuur en het provinciebestuur inrichtende macht.

De inrichtende macht in het gesubsidieerd vrij onderwijs bestaat uit een feitelijke of wettelijke vereniging van personen die middelen samenbrengen met het doel onderwijs in te richten.

2.2. "Hetzelfde ambt" en "ander ambt"

De definitie van “hetzelfde ambt” is verschillend per onderwijsniveau en wordt uitgelegd in de specifieke delen.

Het begrip “hetzelfde ambt” speelt een cruciale rol, zowel bij de aan de terbeschikkingstelling voorafgaand te nemen maatregelen, als bij de terbeschikkingstelling en bij de reaffectatie.

Het begrip “ander ambt” speelt een rol bij de wedertewerkstelling.

2.3. Reaffectatie en wedertewerkstelling

Wat is een reaffectatie?

Dit betekent dat men een ter beschikking gesteld personeelslid een betrekking toewijst in “hetzelfde ambt”.

Voor de toepassing van "hetzelfde ambt" wordt tussen het gewoon en het buitengewoon onderwijs en tussen de verschillende onderwijsniveaus, voor wat reaffectatie betreft, geen onderscheid gemaakt voor de leden van het ondersteunend personeel, het opvoedend hulppersoneel, het administratief personeel, het paramedisch personeel, het medisch personeel, het orthopedagogisch personeel, het sociaal personeel en het psychologisch personeel.

Voor de personeelsleden die een erkende nascholing genoten hebben en hierdoor een bijkomende onderwijsbevoegdheid verworven hebben, wordt "hetzelfde ambt" uitgebreid in functie van deze nieuwe onderwijsbevoegdheid zowel voor de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling als bij de terbeschikkingstelling.

Voor de personeelsleden die in het kader van een professionaliseringstraject een bijkomende onderwijsbevoegdheid verworven hebben, wordt "hetzelfde ambt" uitgebreid in functie van deze nieuwe onderwijsbevoegdheid zowel voor de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking als bij de terbeschikkingstelling zelf.

Voor een leraar die in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid een inperking van de draagwijdte van zijn vaste benoeming krijgt, wordt “hetzelfde ambt” in overeenstemming daarmee ingeperkt. Zie punt 9.1.1.1 (secundair onderwijs), punt 10.1.1 (deeltijds kunstonderwijs) of punt 12.1.1.1 (volwassenenonderwijs).

Wat is een wedertewerkstelling?

Dit betekent dat men een ter beschikking gesteld personeelslid een betrekking toewijst in een “ander ambt”.

Een “ander ambt” wordt als volgt gedefinieerd: elk ambt, met uitzondering van “hetzelfde ambt” in de verschillende onderwijsniveaus en centra waarvoor het betrokken personeelslid:

- over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het vereiste bekwaamheidsbewijs;

- over een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en de inrichtende macht. …

Voor een leraar die in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid een inperking van de draagwijdte van zijn vaste benoeming krijgt, behoren de vakken, specialiteiten, opleidingen of modules die daardoor niet meer behoren tot de draagwijdte van zijn vaste benoeming, daardoor ook niet tot de omschrijving van “ander ambt”. Zie punt 9.1.1.2 (secundair onderwijs), punt 10.1.2 (deeltijds kunstonderwijs) of punt 12.1.1.2 (volwassenenonderwijs).

Naar welke personeelscategorieën een personeelslid verplicht wedertewerkgesteld kan worden, is bepaald in artikel 11 van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1992. …

Een wedertewerkstelling vanuit een wervingsambt naar een selectie- of bevorderingsambt of vanuit een selectieambt naar een bevorderingsambt is niet verplicht.

2.4. Vacature

Wat is een vacature?

Een vacature is elke volledige of onvolledige betrekking die vacant is, of waarvan de titularis of zijn vervanger afwezig is voor een periode van ten minste 10 werkdagen. Elke betrekking die door de overheid financierbaar of subsidieerbaar is, is onderworpen aan de bepalingen van dit besluit.

2.5. Karakter

Het begrip “karakter” wordt ingevoerd in functie van de werkzaamheden van de Vlaamse reaffectatiecommissie en wordt als volgt gedefinieerd:

“indeling van instellingen en scholen naargelang ze behoren tot het gesubsidieerd officieel onderwijs, het gesubsidieerd vrij onderwijs naargelang van de onderscheiden godsdiensten of levensbeschouwingen, of tot het gesubsidieerd vrij niet-confessioneel onderwijs”.

3. Fasen te doorlopen tot de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

3.1. Verdeling van de betrekkingen onder de vastbenoemde titularissen

Met uitzondering van de centra voor leerlingenbegeleiding, verdeelt de inrichtende macht bij het begin van het schooljaar de betrekkingen waarop zij volgens het lestijdenpakket en (eventueel) de puntenenveloppe(n) recht heeft over de vastbenoemde personeelsleden.

Ook voor vastbenoemde personeelsleden met een verlofstelsel op 31 augustus, voorziet de inrichtende macht op de daaropvolgende 1 september een opdracht. Dit is zelfs zo als het verlof op 1 september verder doorloopt of verlengd wordt.

Deze verdeling gebeurt:

- per instelling of, voor het gewoon secundair onderwijs, per pedagogische entiteit;

- per ambt, dus in hetzelfde ambt als dit waarin het personeelslid vast benoemd is;

- voor eenzelfde gepondereerd volume van de opdracht waarvoor de personeelsleden op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar vastbenoemd personeelslid waren en/of ter beschikking waren gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

De mogelijkheid bestaat dat de inrichtende macht in een bepaald ambt niet genoeg lestijden/lesuren/uren-leraar of punten heeft om al haar vastbenoemde personeelsleden een opdracht te garanderen. In dit geval moet zij in het ambt, waarvoor er onvoldoende lestijden/lesuren/uren-leraar zijn of in een ambt opgericht binnen de puntenenveloppe, een vastbenoemd personeelslid ter beschikking stellen wegens ontstentenis van betrekking.

Voordat de inrichtende macht een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking kan uitspreken, moet zij de voorafgaande maatregelen toepassen.

3.2. Maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling

Als de inrichtende macht in een bepaald ambt niet genoeg lestijden/lesuren/uren-leraar of punten heeft om al haar vastbenoemde personeelsleden een opdracht te geven, zal zij een aantal personeelsbewegingen moeten uitvoeren. Dit noemt men de voorafgaande maatregelen. De bedoeling van deze maatregelen is een terbeschikkingstelling te vermijden of tot een minimum te beperken.

Bij de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling in het onderwijs wordt een onderscheid gemaakt tussen het gewoon onderwijs enerzijds en het buitengewoon onderwijs anderzijds.

In het gemeenschapsonderwijs neemt de inrichtende macht de voorafgaande maatregelen onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde instelling.

In het gesubsidieerd onderwijs neemt de inrichtende macht de voorafgaande maatregelen onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde instelling of tot de instellingen die deze inrichtende macht tot stand gebracht heeft op het grondgebied van dezelfde gemeente. Als de instellingen van de inrichtende macht tot een scholengemeenschap behoren, is deze keuze beperkt tot de instellingen van de inrichtende macht die binnen de scholengemeenschap op het grondgebied van dezelfde gemeente liggen.

Zowel de inrichtende macht van het gesubsidieerd onderwijs als deze van het gemeenschapsonderwijs moeten in de opgegeven volgorde en voor zover dit nodig is om een terbeschikkingstelling te vermijden de volgende maatregelen treffen:

- Zij brengt binnen “hetzelfde ambt” de prestaties van de personeelsleden in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet op het minimum aantal (les)uren vereist voor een betrekking met volledige prestaties.

- Zij brengt binnen “hetzelfde ambt” de prestaties van de personeelsleden in een andere instelling op het minimum aantal (les)uren vereist voor een betrekking met volledige prestaties.

- Zij stelt een einde aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die “hetzelfde ambt” uitoefenen.

- Zij stelt een einde aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in “hetzelfde ambt” uitoefenen.

- Zij stelt een einde aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van wedertewerkstelling of bij wijze van reaffectatie in dienst genomen werden in “hetzelfde ambt”.

Aandacht!
Als de inrichtende macht in het gesubsidieerd onderwijs de keuze maakt om de voorafgaande maatregelen toe te passen op al haar instellingen op het grondgebied van een zelfde gemeente, en die in voorkomend geval behoren tot eenzelfde scholengemeenschap, behoort voor een vastbenoemd personeelslid een nieuwe affectatie ook tot de voorafgaande maatregelen.
Het personeelslid dat behoort tot een instelling van het gesubsidieerd vrij onderwijs en dat niet akkoord gaat met een nieuwe affectatie als gevolg van de toepassing van de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling, wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in de instelling van affectatie.

Specifieke afwijkingen voor bepaalde onderwijsniveaus vindt u terug in het desbetreffende deel.

3.3. Voorwaarden waaraan een personeelslid moet voldoen om ter beschikking gesteld te kunnen worden wegens ontstentenis van betrekking

3.3.1. Vaste benoeming

Het personeelslid moet vast benoemd zijn.

3.3.2. Hoofdambt - bijbetrekking

De personeelsleden moeten het ambt waarin ze vast benoemd zijn in hoofdambt uitoefenen.

Uitzondering

In het gemeenschapsonderwijs kan een personeelslid dat vast benoemd is in een ambt in bijbetrekking in het volwassenenonderwijs eveneens ter beschikking worden gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

De personeelsleden, die ter beschikking gesteld worden wegens ontstentenis van betrekking en die het ambt in bijbetrekking uitoefenen, ontvangen geen wachtgeld. In het geval van een gedeeltelijke terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking worden ze slechts bezoldigd pro rata van de resterende prestaties in de bedoelde bijbetrekking.

3.3.3. Salaris(toelage)

De personeelsleden moeten op de vooravond van de te nemen maatregel een salaris of een salaristoelage ten laste van de Vlaamse Gemeenschap genieten.

De vastbenoemde personeelsleden die op de vooravond van de te nemen maatregel een reglementair verlof, afwezigheid of een andere terbeschikkingstelling genieten worden gelijkgesteld met de in het eerste lid bedoelde personen.

3.4. Oorzaken van de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

De personeelsleden kunnen worden ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking als gevolg van:

- de toepassing van de geldende normen;

- een wijziging in de schoolbevolking;

- een door de Vlaamse Gemeenschap of door een inrichtende macht genomen beslissing betreffende de organisatie van het onderwijs, van de inspectie, van de instelling;

- een beslissing van MEDEX waarbij een personeelslid dat getroffen is door een arbeidsongeval of een beroepsziekte ongeschikt wordt bevonden om zijn ambt uit te oefenen maar die andere met zijn gezondheidstoestand verenigbare ambten kan vervullen (artikel 5, §1ter van het decreet van 9 april 1992 betreffende het onderwijs III);

- een terugzetting in rang van een personeelslid dat vast benoemd is in een selectie- of bevorderingsambt;

- de keuze van de directeur van een kleuterschool om onmiddellijk bij omvorming van een kleuterschool tot basisschool ter beschikking gesteld te worden in zijn ambt, of de beslissing van de inrichtende macht om dit personeelslid, na een proefperiode van één jaar, niet vast te benoemen in het ambt van directeur van de basisschool. 

Als de directeur van de kleuterschool het ambt van directeur van een basisschool aanneemt en de functie niet kan waarmaken of als de inrichtende macht beslist om hem niet te benoemen in dit ambt wordt hij ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking als directeur;

- het vrijwillig afzien door een personeelslid van zijn vaste benoeming in een selectie- of bevorderingsambt. 

Een personeelslid kan alleen op1 september vrijwillig afzien van de vaste benoeming in een selectie- of bevorderingsambt. Hij deelt dit via een aangetekende brief mee aan zijn inrichtende macht vóór 1 juni daaraan voorafgaand. In dit geval wordt het betrokken personeelslid op 1 september ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in het ambt waarin hij voorafgaandelijk vast benoemd werd.

In onderling overleg tussen personeelslid en inrichtende macht kan een latere datum dan 1 juni worden afgesproken. Het personeelslid zelf kan uitzonderlijk ook eenzijdig een latere datum dan 1 juni inroepen, als het personeelslid na 15 mei een evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” heeft verkregen en om deze reden wil afzien van zijn vaste benoeming; 

- de verwijdering uit het mandaat van directeur CLB of uit een selectie- of bevorderingsambt na één definitieve evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” van een personeelslid dat voorheen vast benoemd was in een ander ambt in het onderwijs. Het personeelslid dat voorheen vastbenoemd was in een ander ambt in het onderwijs wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in dat vroegere ambt;

- in het volwassenenonderwijs in het kader van een professionaliseringstraject hbo5.

In het kader van de omvorming vaneen hbo5-opleiding kan een vastbenoemde lector door zijn inrichtende macht ter beschikking worden gesteld wegens ontstentenis van betrekking om tijdens een periode van maximum twee schooljaren een bijkomende opleiding te volgen.

Meer informatie hierover vindt u in punt 12.5.

- de inperking van de draagwijdte van de vaste benoeming van een leraar in het kader van herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid;

- een nieuwe vaste benoeming in het kader van herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid.

3.5. Volledige ontstentenis van betrekking/gedeeltelijke ontstentenis van betrekking?

Terbeschikkingstelling wegens volledige ontstentenis van betrekking betekent dat het vastbenoemd personeelslid zijn volledige betrekking waarvoor hij/zij vastbenoemd is niet meer effectief kan uitoefenen.

Terbeschikkingstelling wegens gedeeltelijke ontstentenis van betrekking betekent dat het vastbenoemd personeelslid nog een gedeelte van zijn/haar betrekking waarvoor hij/zij vastbenoemd is effectief uitoefent.

3.6. Wie wordt ter beschikking gesteld?

Als de verdeling van de opdrachten en het toepassen van de voorafgaande maatregelen niet volstaan om alle vastbenoemde personeelsleden in hetzelfde ambt een opdracht te geven op 1 september, zullen er in principe één of meer personeelsleden moeten worden ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

Dit betekent dat de inrichtende macht over onvoldoende lestijden/lesuren/uren-leraar of punten beschikt om aan haar vastbenoemde personeelsleden een opdracht toe te kennen als titularis.

Enerzijds heeft de inrichtende macht personeelsleden in vast verband in dienst en anderzijds zijn er geen of onvoldoende opdrachten om alle personeelsleden hun vaste benoeming te laten uitoefenen in organieke uren of punten.

Voor het verschil tussen de lestijden/lesuren/uren-leraar van vaste benoeming en de beschikbare opdrachten spreekt de inrichtende macht een terbeschikkingstelling uit wegens ontstentenis van betrekking.

Onder alle vastbenoemde personeelsleden die hetzelfde ambt als hoofdambt uitoefenen wordt het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

Als de dienstanciënniteit van bepaalde personeelsleden dezelfde is, dan geldt de ambtsanciënniteit.

De terbeschikkingstelling kan enkel worden uitgesproken voor prestaties die een volledige opdracht niet overschrijden.

3.7. De dienstanciënniteit en ambtsanciënniteit

3.7.1. De dienstanciënniteit

De dienstanciënniteit wordt berekend volgens de voorschriften van artikel 4 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs en van artikel 6 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en van de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding.

3.7.1.1. Welke diensten komen in aanmerking

- de gesubsidieerde/ gefinancierde diensten gepresteerd in hoofdambt;

- het bezoldigd ziekteverlof;

- het bezoldigd bevallingsverlof

- als vastbenoemd personeelslid (steeds volledig bezoldigd)

- als tijdelijk personeelslid:

- vóór 1 mei 1991 alleen de 30 door het departement bezoldigde dagen;

- vanaf 1 mei 1991, de volledige periode als het bevallingsverlof binnen de periode van aanstelling valt;

- onbezoldigd ouderschapsverlof (voorheen borstvoedingsverlof);

- als vastbenoemd personeelslid:

a. in het gesubsidieerd onderwijs vanaf 1 september 1988;

b. in het gemeenschapsonderwijs vanaf 1 juli 1968;

- als tijdelijk personeelslid vanaf 1 september 1993, als het onbezoldigd ouderschapsverlof binnen de periode van aanstelling valt

  • - alle perioden verloven, afwezigheden en terbeschikkingstellingen gelijkgesteld met dienstactiviteit;

  • - diensten in het deeltijds beroepssecundair onderwijs als tewerkgestelde werkloze, als werknemer in het “Bijzonder Tijdelijk Kader” en als gesubsidieerde contractuele;

  • - diensten in het bijzonder tijdelijk kader of als gesubsidieerde contractuele in de hierna vermelde projecten:

- begeleiding leerkrachten voor projecten in uitvoering van de EG-richtlijn 77/486

- ondersteuning basisscholen met meer dan 30% kinderen die de onderwijstaal niet machtig zijn

- migrantenleerlingen op het niveau secundair onderwijs

- ondersteuning van kleuterscholen met migranten binnen onderwijsvoorranggebieden opgenomen in de geco-conventie 8285 onder projectnummers 1.24, II.10, III.12

- ontwikkelen van werkmethodes en werkmiddelen die tegemoet komen aan gedifferentieerde noden in functie van CLB-begeleiding voor migranten opgenomen in de geco-conventie 7636 en 8285 onder de projectnummers I.9, III.3

Voor deze diensten kan maximaal een anciënniteit van 2 jaar aangerekend worden.

- de legerdienst telt mee indien hij valt binnen een periode als vastbenoemde, stagiair of permanent waarnemende.

De dienstanciënniteit wordt bovendien voor de CLB's berekend volgens hoofdstuk I van het besluit van de VlaamseRegering van 7 september 2001 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de personeelsleden van de centra voor leerlingenbegeleiding.

3.7.1.2. Welke diensten komen niet in aanmerking

- diensten in bijbetrekking

- diensten als BTK'er, GECO, stagiair NO (niet-organiek), tewerkgestelde werkloze, DAC behalve uitzonderingen hierboven vermeld in punt 6 en 7;

- alle onbezoldigde verloven/afwezigheden/ terbeschikkingstellingen die niet gelijkgesteld zijn met dienstactiviteit (TBS-PA, afwezigheid van lange duur voor opvoeding kind, ongewettigde afwezigheid)

3.7.1.3. Berekening van de dienstanciënniteit voor het bepalen van de terbeschikkingstelling, de reaffectatie en de wedertewerkstelling

Men rekent alle diensten gepresteerd in het gemeenschapsonderwijs en alle gesubsidieerde diensten gepresteerd in het gesubsidieerd onderwijs en in de gesubsidieerde centra mee, met uitsluiting van de diensten gepresteerd aan een hogeschool na 1 januari 1999 of aan een universiteit.

Zowel de diensten gepresteerd in het gemeenschapsonderwijs als de diensten gepresteerd in het gesubsidieerd onderwijs en in de gesubsidieerde centra worden berekend zoals respectievelijk bepaald in artikel 4 van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs en in artikel 6 van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs.

Voor de berekening van de dienstanciënniteit worden de perioden die gelijkgesteld zijn met dienstactiviteit, beschouwd als gefinancierde of gesubsidieerde diensten.

Identiek dezelfde principes gelden bij de berekening van de ambtsanciënniteit.

Als een inrichtende macht bij de berekening van de dienstanciënniteit bv. twee personeelsleden heeft met gelijke dienstanciënniteit, dan wordt de ambtsanciënniteit in aanmerking genomen.

3.7.2. De ambtsanciënniteit

De ambtsanciënniteit omvat de dienstanciënniteit verworven in het betrokken ambt.

3.7.3. Minimumleeftijd voor dienst- en ambtsanciënniteit

De dienst- en ambtsanciënniteit worden bij de bepaling van de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking in aanmerking genomen vanaf:

- 21 jaar voor de leden van het opvoedend hulppersoneel, het ondersteunend, het beleids- en ondersteunend personeel van het basisonderwijs, het paramedisch, het sociaal en het administratief personeel;

- 21 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel van het basisonderwijs;

- 23 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel die een wervingsambt bekleden op lager secundair niveau in het deeltijds kunstonderwijs;

- 23 jaar voor de leden van het technisch personeel die een ambt van maatschappelijk werker, paramedisch werker, of psycho-pedagogisch werker bekleden;

- 24 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel in het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs en het volwassenenonderwijs;

- 25 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel die een wervingsambt bekleden op hoger secundair niveau in het deeltijds kunstonderwijs en voor het psychologisch, het medisch en het orthopedagogisch personeel;

- 25 jaar voor de leden van het technisch personeel die een ambt van arts, consulent of psycho-pedagogisch-consulent of een ambt van directeur van de centra bekleden.

3.8. Waar wordt een personeelslid ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking?

De algemene regel is dat het personeelslid wordt ter beschikking gesteld in de instelling waar de vermindering van de prestaties zich voordoet.

De uitzonderingen hierop vindt u terug in het specifieke gedeelte van elk onderwijsniveau.

3.9. Ingangsdatum van de terbeschikkingstelling

De terbeschikkingstellingen gaan in op 1 september.

Dit geldt ook voor de scholen die als teldatum de eerste schooldag van oktober hebben.

Voor de hierna opgesomde terbeschikkingstellingen wegens ontstentenis van betrekking is de ingangsdatum de eerste dag van de maand volgend op de datum waarop de hierin vermelde beslissingen uitwerking hebben. Indien deze beslissingen uitwerking hebben op de eerste dag van de maand, dan gaan de terbeschikkingstellingen wegens ontstentenis van betrekking in op dezelfde dag.

Dit geldt voor de terbeschikkingstellingen om volgende redenen:

- een door de Vlaamse Gemeenschap of door een inrichtende macht genomen beslissing betreffende de organisatie van het onderwijs, van de inspectie, van de instelling, het centrum voor leerlingenbegeleiding;

- een terugzetting in rang van een personeelslid dat vast benoemd is in een selectie- of bevorderingsambt;

- een vrijwillig afzien door een personeelslid van zijn vaste benoeming in een selectie- of bevorderingsambt, als vermeld in artikel 43ter van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en van de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding;

- het vrijwillig afzien door een personeelslid van zijn vaste benoeming in een selectie- of bevorderingsambt, als vermeld in artikel 53, a) van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs;

- het verwijderen van een personeelslid uit het mandaat van een directeur CLB na één definitieve evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” volgens artikel 73quinquiesdecies, §2 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs of volgens artikel 47quinquiesdecies, §2 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en van de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding;

- het verwijderen van een personeelslid uit een selectie- of bevorderingsambt na één definitieve evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” volgens artikel 73sexiesdecies, §2 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs of volgens artikel 47sexiesdecies, §2 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en van de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding;

- een beslissing van MEDEX waarbij een personeelslid dat getroffen is door een arbeidsongeval of een beroepsziekte ongeschikt wordt bevonden om zijn ambt uit te oefenen, maar die andere met zijn gezondheidstoestand verenigbare ambten kan vervullen (artikel 5, §1ter van het decreet van 9 april 1992 betreffende het onderwijs III); de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking gaat altijd in op de eerste kalenderdag van de maand volgend op het verzoek van het personeelslid;

- de keuze van de directeur van een kleuterschool om onmiddellijk bij omvorming van een kleuterschool tot basisschool ter beschikking gesteld te worden in zijn ambt, of de beslissing van de inrichtende macht om dit personeelslid, na een proefperiode van één jaar, niet vast te benoemen in het ambt van directeur van de basisschool;

- de inperking van de draagwijdte van de vaste benoeming van een leraar in het kader van herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid;

- een nieuwe vaste benoeming in het kader van herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid.

 

De terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking van een vastbenoemd lector in het volwassenenonderwijs in het kader van een professionaliseringstraject hbo5 gaat in op 1 september of 1 februari.

3.10. Melding van de terbeschikkingstelling en aanvraag wachtgeld(toelage)

De inrichtende macht moet jaarlijks de terbeschikkingstellingen wegens volledige of gedeeltelijke ontstentenis van betrekking van al haar personeelsleden melden. Dit gebeurt bij het bevoegde werkstation van het Ministerie van Onderwijs en Vorming.

Bij deze mededeling wordt de aanvraag gevoegd van het ter beschikking gestelde personeelslid om een wachtgeld(toelage) of een eventuele afstand van wachtgeld(toelage) te bekomen, evenals een verklaring dat hij/zij onder de voorwaarden van de terzake geldende reglementering wil gereaffecteerd of wedertewerkgesteld worden.

Dit gebeurt door middel van een Pers 2 of een RL1, kennisgeving opdracht, die de instelling waar de terbeschikkingstelling zich voordoet moet opsturen. Zij moet deze Pers 2 of RL1 zo vlug mogelijk indienen bij het begin van het schooljaar.

Het document Pers 7 is afgeschaft voor de scholen die elektronisch communiceren met het Ministerie van Onderwijs en Vorming.

4. Reaffectatie en wedertewerkstelling

4.1. Rechten en verplichtingen

Reaffectatie en wedertewerkstelling zijn een onderdeel van de rechten en de plichten die samengaan met een vaste benoeming in het onderwijs. In het onderwijs worden personeelsleden vast benoemd door de inrichtende macht. De vaste benoeming levert belangrijke voordelen op zowel voor de inrichtende macht als voor het personeel.

Ook indien er een tekort is aan betrekkingen in een school blijven de voordelen verbonden aan de vaste benoeming gegarandeerd.

Dat verlies heeft geen invloed op de vaste benoeming van het personeelslid. Door een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking blijft het Ministerie van Onderwijs en Vorming een vastbenoemd personeelslid verder financieren of subsidiëren, terwijl er geen of onvoldoende opdrachten meer zijn voor dat vastbenoemd personeelslid.

Zowel de vaste benoemingen als de terbeschikkingstellingen wegens ontstentenis van betrekking zijn onderworpen aan strikte regels.

De overheid heeft de inrichtende machten enerzijds de verplichting opgelegd en anderzijds het recht gegeven de ter beschikking gestelde personeelsleden opnieuw een betrekking aan te bieden, vooraleer zij kunnen overgaan tot de aanwerving van tijdelijke personeelsleden.

De ter beschikking gestelde personeelsleden hebben de verplichting dit aanbod te aanvaarden en ze hebben anderzijds het recht een betrekking op te eisen ten opzichte van tijdelijke collega's.

Dit gebeurt volgens bepaalde regels, namelijk volgens de regels van reaffectatie en wedertewerkstelling.

Reaffectatie of wedertewerkstelling van een ter beschikking gesteld personeelslid betekent de toewijzing aan dat personeelslid van een betrekking respectievelijk in “hetzelfde” of een “ander” ambt.

Het terug in dienst roepen van ter beschikking gestelde personeelsleden moet gebeuren volgens een bepaalde volgorde. De inrichtende machten moeten deze volgorde respecteren.

De volgorde van verplichtingen en vrijheden inzake reaffectatie en wedertewerkstelling vindt u terug in het specifieke deel per onderwijsniveau.

AANDACHT
In afwijking van de verplichtingen die gelden betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling is een inrichtende macht niet verplicht om een personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking in een vacature aan te stellen via reaffectatie of wedertewerkstelling, als dit personeelslid in de instelling of pedagogische entiteit waar de vacature zich situeert, eerder ontslagen werd als gevolg van evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” volgens hoofdstuk VIIIter van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs of hoofdstuk Vter van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs.

In het volwassenenonderwijs moet een inrichtende macht t.a.v. de vastbenoemde lector die in het kader van een professionaliseringstraject hbo5 ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking haar verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling niet naleven tijdens de duur van dit professionaliseringstraject.

4.2. De reaffectatiecommissies

Een inrichtende macht heeft een aantal verplichtingen inzake reaffectatie en wedertewerkstelling binnen een welbepaalde (geografische) omschrijving. Zij moet in eerste instantie eigen personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in dienst nemen via reaffectatie of wedertewerkstelling en vervolgens personeelsleden die door een reaffectatiecommissie worden toegewezen.

Volgende reaffectatiecommissies kunnen optreden in het kader van deze verplichtingen:

- de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap;

- de reaffectatiecommissie van de scholengroep;

- de Vlaamse reaffectatiecommissie.

De reaffectatiecommissies van de scholengemeenschap en scholengroep en hun bevoegdheden zijn opgenomen in de specifieke delen.

Met ingang van 1 september 2015 wordt de werkin g van de Vlaamse reaffectatiecommissie en van de reaffectatiecommissie van de scholengroep opgeschort voor scholen van het basis- en secundair onderwijs die behoren tot een scholengemeenschap.

4.2.1. De Vlaamse reaffectatiecommissie

Binnen het Ministerie van Onderwijs en Vorming is een Vlaamse reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit 2 kamers. Een kamer is bevoegd voor het gemeenschapsonderwijs, de andere kamer is bevoegd voor het gesubsidieerd onderwijs.

De Vlaamse reaffectatiecommissie heeft de volgende bevoegdheden:

1. In eerste orde het reaffecteren van personeelsleden per kamer en in elke kamer per onderwijsniveau. In het gesubsidieerd onderwijs gebeuren deze reaffectaties daarenboven per karakter.

2. In tweede orde het weder te werk stellen van personeelsleden per kamer en in elke kamer per onderwijsniveau. In het gesubsidieerd onderwijs gebeuren deze wedertewerkstellingen daarenboven per karakter.

3. In derde orde het reaffecteren en wedertewerkstellen van personeelsleden over de onderwijsniveaus heen.

4. Het beslechten van bezwaarschriften en het beslissen over de moeilijkheden met betrekking tot de reaffectaties, de wedertewerkstellingen en de tewerkstellingen in niet-organieke betrekkingen. Bij een staking van de stemmen ligt de beslissing bij de voorzitter van de Vlaamse reaffectatiecommissie.

5. Het beschikbaar stellen als administratieve ondersteuning van vastbenoemde personeelsleden die geheel of gedeeltelijk ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en voor wie geen reaffectatie of wedertewerkstelling mogelijk is en dit onder volgende voorwaarden.

a) de personeelsleden kunnen alleen tewerkgesteld worden binnen de grenzen vastgelegd in de reglementering van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening;

b) de ter beschikking gestelde personeelsleden worden toegewezen in het onderwijsniveau waar ze ter beschikking zijn gesteld, tenzij alle betrokken partijen akkoord gaan met een toewijzing in een ander onderwijsniveau;

c) een personeelslid kan maar in één instelling worden tewerkgesteld. In onderling akkoord tussen personeelslid en inrichtende macht kan van dit principe worden afgeweken.

De personeelsleden die al als administratieve hulp of ondersteuning in het basisonderwijs tewerkgesteld waren voor 1 september 2008, blijven tewerkgesteld in deze functie tenzij de bepalingen betreffende de beëindiging van deze bestendigheid van toepassing is. De tewerkstelling met toepassing van dit besluit is een wedertewerkstelling, met de bij de functie horende prestatieregeling (het aantal uren per week) en vakantieregeling. In deze betrekkingen is geen vaste benoeming mogelijk.

De tewerkstelling als administratieve ondersteuning wordt opgeschort door een reaffectatie of een wedertewerkstelling.

De tewerkstelling als administratieve ondersteuning kan in het volwassenenonderwijs niet worden toegewezen aan een personeelslid dat een professionaliseringtraject hbo5 weigert of het afgesproken professionaliseringstraject niet succesvol beëindigt. Dit personeelslid blijft desgevallend ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking. Zie punt 12.5.

De Vlaamse reaffectatiecommissie is - na uitputting van de mogelijkheden bedoeld in punt 1 tot en met 3 - ook bevoegd om de principes betreffende de toewijzing als administratieve ondersteuning toe te passen op een personeelslid dat door een beslissing van MEDEX ingevolge een arbeidsongeval of een beroepsziekte definitief ongeschikt wordt bevonden om zijn ambt uit te oefenen, maar die andere met zijn gezondheidstoestand verenigbare ambten kan vervullen (artikel 5, §1ter van het decreet van 9 april 1992 betreffende het onderwijs III.

De reaffectaties en wedertewerkstellingen uitgesproken door de Vlaamse reaffectatiecommissie gaan in op de eerste werkdag van oktober of op een latere door haar te bepalen datum.

Voor de scholen en instellingen die tot een scholengemeenschap behoren wordt de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissi e opgeschort. Deze opschorting heeft tot gevolg dat ook alle verplichtingen worden opgeschort die gelden voor de betrokken personeelsleden, scholen, instellingen en reaffectatiecommissies tegenover de Vlaamse reaffectatiecommissie. Dit betekent o.a. dat va nuit de Vlaamse reaffectatiecommissie geen toewijzingen meer kunnen gebeuren in de vorm van een reaffectatie of weder tewerkstelling naar een school of instelling die behoort tot een scholengemeenschap.

Boventallige personeelsleden die na de werking van
de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet kunnen worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld, worden door deze laatste reaffectatiecommissie toegewezen aan bij voorkeur één of meerdere scholen van de scholengemeenschap, steeds in een niet-or ganieke betrekking in het ambt waarin het personeelslid ter beschikking werd gesteld.

Ter beschikking gestelde personeelsleden die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking verkiezen boven een toewijzing door de reaffectatiecomm
issie van de scholengemeenschap in een niet-organieke betrekking kunnen daartoe een vraag richten aan de Vlaamse reaffectatiecommissie. De Vlaamse reaffectatiecommissie is verplicht op deze vraag in te gaan. In afwachting van een reaffectatie door de Vlaam se reaffectatiecommissie blijft de beslissing genomen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap van kracht.

4.3. Werkdocumenten voor de reaffectatiecommissies

De documenten en de gegevens waar de verschillende reaffectatiecommissies moeten over beschikken, worden nader toegelicht in de omzendbrief

PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

4.4. Betrekking niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling

Wanneer een inrichtende macht een betrekking wil toewijzen aan een tijdelijk personeelslid is het van belang om te weten of de betrekking al of niet vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling.

Bij toewijzing van een betrekking aan een tijdelijk personeelslid dat niet reaffectatievrij is, kan een wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking gesteld personeelslid deze betrekking innemen. Dit betekent concreet dat het tijdelijke personeelslid geheel of gedeeltelijk zijn/haar opdracht verliest.

Om te bepalen of de betrekking die een tijdelijk personeelslid inneemt vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling, moet het personeelslid bepaalde voorwaarden vervullen.

Voldoet het tijdelijke personeelslid op een bepaalde datum aan deze voorwaarden, dan is de betrekking van het personeelslid vanaf deze datum niet meer vatbaar voor een reaffectatie of een wedertewerkstelling.

Deze voorwaarden zijn niet dezelfde voor alle onderwijsniveaus. U vindt deze voorwaarden terug in het specifieke deel voor uw onderwijsniveau.

4.5. Bestendigheid van reaffectatie en wedertewerkstelling

Een reaffectatie of wedertewerkstelling blijft behouden over de schooljaren heen.

Dit geldt ook voor de vrijwillige reaffectatie en wedertewerkstelling.

Aan een reaffectatie of wedertewerkstelling in een betrekking wordt slechts een einde gesteld:

- doordat de toegewezen betrekking niet meer voor financiering of subsidiëring in aanmerking komt;

- doordat de inrichtende macht in kwestie personeelsleden in deze betrekking in dienst moest nemen bij wijze van voorafgaande maatregelen of bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling;

- doordat de betrokken inrichtende macht, bij het begin van een school- of dienstjaar, deze betrekking toewijst aan een ander ter beschikking gesteld personeelslid;

- doordat het betrokken personeelslid niet meer voor subsidiëring of voor financiering in aanmerking komt;

- doordat het personeelslid in kwestie zelf een gelijkwaardige andere betrekking opneemt.

Wat een gelijkwaardige betrekking precies is, vindt u terug in de omzendbrief “Afstand van wachtgeld of van wachtgeldtoelage bij terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking - Begrip "gelijkwaardige andere betrekking" om een einde te stellen aan een reaffectatie of wedertewerkstelling van 22 februari 1993 met kenmerk OND/I/6/SH/nc.

- doordat de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap, de reaffectatiecommissie van de scholengroep, of de Vlaamse reaffectatiecommissie een nieuwe beslissing van toewijzing neemt;

- na voorafgaande toestemming van de Vlaamse minister bevoegd voor het onderwijs of zijn afgevaardigde op advies van de Vlaamse reaffectatiecommissie;

- doordat het personeelslid opnieuw vastbenoemd titularis wordt bij de inrichtende macht die hem in dienst genomen heeft of hij opnieuw aangewezen wordt;

- door een benoeming na reaffectatie of wedertewerkstelling, een mutatie, nieuwe affectatie of toelating tot de proeftijd van betrokken personeelslid;

- door de terugkeer van de titularis of van het personeelslid dat de titularis vervangt;

- als het personeelslid wordt ontslagen of afgezet ingevolge een tuchtmaatregel;

- als het personeelslid wordt ontslagen na een definitieve evaluatie met eindconclusie “onvoldoende”.

Opmerking:

1. Opschorting van een reaffectatie of wedertewerkstelling is mogelijk.

Een personeelslid kan, mits toestemming van de inrichtende macht waar hij gereaffecteerd of wedertewerkgesteld is, vragen om de reaffectatie of wedertewerkstelling tijdelijk op te schorten voor de volledige duur van een andere vacature. Na de beëindiging ervan neemt hij de oorspronkelijke reaffectatie of wedertewerkstelling terug op.

2. Voor personeelsleden die werden ter beschikking gesteld in een school die behoort tot een scholengemeenschap, en die reeds voor 1 september 2005 werden gereaffecteerd of wedertewerkgesteld, blijft het principe van de bestendigheid van reaffectatie en wedertewerkstelling gelden.

Dit betekent het volgende:

a) Voor deze personeelsleden komt er een einde aan hun reaffectatie of wedertewerkstelling als er een definitief vacante betrekking in “hetzelfde ambt” is bij de inrichtende macht die hen heeft ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

b) De inrichtende macht waar ze zijn ter beschikking gesteld, moet deze ter beschikking gestelde personeelsleden niet meedelen aan de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap. Als deze personeelsleden op 1 september voor een bijkomend aantal uren ter beschikking gesteld worden, moet dit uiteraard wel meegedeeld worden aan de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap.

c) De personeelsleden kunnen op hun verzoek aan de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een nieuwe toewijzing vragen. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap moet op deze vraag ingaan en moet een nieuwe reaffectatie of wedertewerkstelling aanbieden in een gelijkwaardige betrekking. Als er geen gelijkwaardige betrekking beschikbaar is en de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap geen nieuwe toewijzing kan doen, dan blijft de oorspronkelijke reaffectatie of wedertewerkstelling doorlopen.

4.6. Indienen van bezwaarschriften

4.6.1. Indienen van bezwaarschriften door de inrichtende machten

De inrichtende machten en wat het gemeenschapsonderwijs betreft eveneens de instellingshoofden, kunnen een bezwaarschrift indienen tegen:

- de toewijzingen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap bij de voorzitter van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap;

- de toewijzingen door de reaffectatiecommissie van de scholengroep bij de voorzitter van de reaffectatiecommissie van de scholengroep;

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen door de Vlaamse reaffectatiecommissie bij de voorzitter van de Vlaamse reaffectatiecommissie.

De bezwaarschriften moeten bij aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs worden ingediend binnen een termijn van vijf werkdagen te rekenen vanaf de ontvangst van de toewijzing.

In het bezwaarschrift moet de inrichtende macht de reden van haar bezwaar aanvoeren en omstandig motiveren.

De inrichtende macht moet binnen dezelfde termijn eveneens een afschrift van het bezwaarschrift bezorgen aan het betrokken personeelslid.

Wanneer een reaffectatiecommissie een bezwaarschrift aanvaardt, moet zij een vervangende reaffectatie of wedertewerkstelling aanbieden. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt het bezwaarschrift samen met haar advies doorgestuurd naar de voorzitter van de daaropvolgende reaffectatiecommissie.

De bevoegde administratie van het Ministerie van Onderwijs en Vorming zal de bezwaarschriften ingediend bij de Vlaamse reaffectatiecommissie samen met haar advies ter beoordeling voorleggen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Het indienen van een bezwaarschrift schort de reaffectatie of wedertewerkstelling niet op, tenzij de voorzitter van de bevoegde reaffectatiecommissie anders beslist.

4.6.2. Indienen van bezwaarschriften door de personeelsleden

Het personeelslid dat gereaffecteerd of wedertewerkgesteld wordt, kan binnen een termijn van vijf werkdagen, te rekenen vanaf de ontvangst van het aanbod, bij aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs een bezwaarschrift indienen tegen:

- de toewijzingen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap bij de voorzitter van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap;

- de toewijzingen door de reaffectatiecommissie van de scholengroep bij de voorzitter van de reaffectatiecommissie van de scholengroep;

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen door de Vlaamse reaffectatiecommissie bij de voorzitter van de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Het personeelslid moet tevens binnen dezelfde termijn een afschrift van het bezwaarschrift indienen bij de inrichtende macht bij wie het wordt gereaffecteerd of wedertewerkgesteld.

Wanneer de bevoegde reaffectatiecommissie een bezwaarschrift aanvaardt, moet zij een vervangende reaffectatie of wedertewerkstelling aanbieden. Wanneer dit niet mogelijk is, wordt het bezwaarschrift samen met haar advies doorgestuurd naar de voorzitter van de daaropvolgende reaffectatiecommissie.

De bevoegde administratie van het Ministerie van Onderwijs en Vorming zal de bezwaarschriften ingediend bij de Vlaamse reaffectatiecommissie samen met haar advies ter beoordeling voorleggen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Het personeelslid moet zijn bezwaarschrift omstandig motiveren.

Het indienen van een bezwaarschrift schort de reaffectatie of wedertewerkstelling niet op, tenzij de voorzitter van de bevoegde reaffectatiecommissie anders beslist.

4.7. Geldige redenen voor het niet aanvaarden van een reaffectatie of wedertewerkstelling door de personeelsleden

De geldige redenen voor het niet aanvaarden van een reaffectatie of wedertewerkstelling zijn de volgende:

- wanneer het gereaffecteerde of wedertewerkgestelde personeelslid de tewerkstellingsplaats niet kan bereiken binnen de grenzen vastgelegd in de reglementering van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening;

RVA-regel

a. Afwezigheid:

"Een dienstbetrekking wordt als niet passend beschouwd indien zij een gewone dagelijkse afwezigheid uit de gewone verblijfplaats ten gevolge heeft van meer dan 12 uur of indien de dagelijkse duur van de verplaatsing gewoonlijk meer dan 4 uur bedraagt.

Om de duur van de afwezigheid en van de verplaatsing te bepalen wordt rekening gehouden met de gemeenschappelijke vervoermiddelen en eventueel met de persoonlijke vervoermiddelen die de werknemer normaal kan gebruiken."

Concreet betekent dit dat een personeelslid een reaffectatie of wedertewerkstelling kan weigeren als hij/zij dagelijks meer dan 12 uur afwezig is of een dagelijkse verplaatsing van meer dan 4 uur heeft. Als het personeelslid 50 jaar is of ouder, kan dit personeelslid een reaffectatie of wedertewerkstelling weigeren als hij/zij dagelijks meer dan 10 uur afwezig is of een dagelijkse verplaatsing van meer dan 2 uur moet maken.

b. Afstand:

"Indien de afstand tussen de verblijfplaats van de werknemer en de plaats van het werk 60km niet overschrijdt, wordt geen rekening gehouden met de duur van de afwezigheid en van de verplaatsing"

De RVA-regel geldt niet wanneer een personeelslid wordt gereaffecteerd of wedertewerkgesteld in de eigen instelling, met inbegrip van alle vestigingsplaatsen die deze instelling heeft.

Hij geldt evenmin wanneer een personeelslid wordt gereaffecteerd of wedertewerkgesteld in een instelling of een vestigingsplaats gelegen in dezelfde gemeente als deze waar het personeelslid op de vooravond van zijn terbeschikkingstelling tewerkgesteld was.

- wanneer het bezwaarschrift aanvaard wordt;

- wanneer een betrekking aangeboden wordt door een andere inrichtende macht dan die welke het personeelslid ter beschikking heeft gesteld en wanneer het personeelslid op het ogenblik van het aanbod, ten minste 58 jaar is en zijn recht op pensioen kan doen gelden binnen een termijn van twee jaar.

Als dit personeelslid de aangeboden betrekking weigert en het voldoet aan de voorwaarden om een terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen te genieten, is hij verplicht deze terbeschikkingstelling aan te vragen.

Het gaat hier over de terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen zoals bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 11 februari 2000 betreffende de volledige terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen voor personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding.

In dat geval wordt het voordeel van het wachtgeld of de wachtgeldtoelage ingetrokken, wanneer de betrokkene de leeftijd van 60 jaar bereikt.

Een gereaffecteerd of wedertewerkgesteld personeelslid dat de leeftijd van 58 jaar bereikt, blijft in dienst zo lang als de betrekking waarin het gereaffecteerd of wedertewerkgesteld is voor salaris of salaristoelage in aanmerking komt;

- wanneer in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, in het buitengewoon secundair onderwijs, in het secundair onderwijs georganiseerd volgens het modulair stelsel, in het volwassenenonderwijs, in het deeltijds kunstonderwijs, in de internaten, in de semi-internaten of in de opvangcentra, in betrekkingen en ambten bedoeld in artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 28 augustus 2000 inzake het tehuis van het gemeenschapsonderwijs dat instaat voor de opname van jongeren in het kader van hulp- en bijstandsregeling, een betrekking wordt aangeboden;

Deze reaffectatie of wedertewerkstelling moet slechts worden opgenomen wanneer de betrokken personeelsleden verzocht hebben om te worden gereaffecteerd of wedertewerkgesteld in één van de voormelde onderwijssectoren.

Deze bepaling geldt niet voor het personeelslid dat in de betreffende onderwijssector fungeerde op de vooravond van de terbeschikkingstelling.

- wanneer in het buitengewoon basisonderwijs een betrekking wordt aangeboden.

Deze reaffectatie of wedertewerkstelling moet slechts worden opgenomen als de betrokken personeelsleden, met uitzondering van deze behorend tot het medisch, paramedisch, sociaal, psychologisch en orthopedagogisch personeel, verzocht hebben om te worden gereaffecteerd of wedertewerkgesteld in het buitengewoon basisonderwijs. Deze bepaling geldt niet voor de leden van het beleids- en ondersteunend personeel.

Deze bepaling geldt niet voor het personeelslid dat in het buitengewoon basisonderwijs fungeerde op de vooravond van de terbeschikkingstelling.

- wanneer aan een ter beschikking gestelde personeelslid dat ten minste vier vijfden van een volledige opdracht vervult en dat reeds in drie instellingen fungeert een betrekking wordt aangeboden in een andere instelling dan degene waar hij reeds tewerkgesteld is;

- wanneer bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling een betrekking aangeboden wordt aan het ter beschikking gestelde personeelslid dat voor de volledige duur van het schooljaar en voor eenzelfde aantal uren als waarvoor het ter beschikking gesteld is, gereaffecteerd of weder te werk gesteld is in een door de Vlaamse Gemeenschap bezoldigde betrekking in een andere instelling of gesubsidieerd centrum.

Wanneer er echter in een instelling van de inrichtende macht die tot dezelfde scholengemeenschap behoort of in een instelling van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoort of in een gesubsidieerd centrum, waar het personeelslid ter beschikking gesteld is of in de instelling die de instelling waar het personeelslid ter beschikking is gesteld, heeft overgenomen, een vacante betrekking in hetzelfde ambt bij wijze van reaffectatie moet toegewezen worden, moet het personeelslid zijn verplichtingen inzake reaffectatie nakomen.

- wanneer er door het ter beschikking gestelde personeelslid afstand gedaan wordt van de financiële voordelen.

Wanneer er echter in een instelling van de inrichtende macht die tot dezelfde scholengemeenschap behoort of in een instelling van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoort of in een gesubsidieerd centrum, waar het personeelslid ter beschikking gesteld is of in de instelling die de instelling waar het personeelslid ter beschikking is gesteld, heeft overgenomen, een vacante betrekking in hetzelfde ambt bij wijze van reaffectatie moet toegewezen worden, moet het personeelslid zijn verplichtingen inzake reaffectatie nakomen.

- wanneer tengevolge van vrijwillige fusie in toepassing van artikel 129 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 aan een ter beschikking gestelde directeur de betrekking van adjunct-directeur wordt aangeboden;

- wanneer aan een ter beschikking gestelde directeur, die ten gevolge van vrijwillige fusie met toepassing van artikel 129 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 belast is met de functie van adjunct-directeur, buiten de school waar hij deze functie waarneemt, een tijdelijke vacante betrekking van directeur wordt aangeboden;

- wanneer aan een ter beschikking gestelde personeelslid een betrekking wordt aangeboden van een ambt dat nacht - en of weekendprestaties omvat en het personeelslid voor dergelijk ambt niet benoemd is;

- als in een netoverschrijdende scholengemeenschap aan een ter beschikking gestelde personeelslid een betrekking wordt aangeboden in een instelling van de scholengemeenschap die behoort tot een ander net dan de instelling waaraan het personeelslid is ter beschikking gestelde wegens ontstentenis van betrekking;

- als aan een personeelslid dat ter beschikking is gesteld ingevolge een beslissing van Medex waarbij een personeelslid dat getroffen is door een arbeidsongeval of een beroepsziekte ongeschikt wordt bevonden om zijn ambt uit te oefenen maar die andere met zijn gezondheidstoestand verenigbare ambten kan vervullen, een betrekking wordt aangeboden die niet beantwoordt aan deze beslissing;

4.8. Reaffectatie en wedertewerkstelling van personeelsleden ter beschikking gesteld in een onderwijsinstelling die opgeheven is.

Voor volgende onderwijsinstellingen geleden specifieke bepalingen:

- onderwijsinstellingen van het Technisch Instituut van het Kempisch Bekken;

- de School voor Moderne Beroepen in Kortrijk;

- het Hof ter Linden in Evergem;

- het instituut voor Secundair Beroepsonderwijs in Zelzate;

- de vrije Beroepsschool voor Beenhouwers-Charcutiers in Brussel;

- de gesubsidieerde vrije niet confessionele scholen, instellingen, CVO of CLB die gesloten zijn;

- de gesubsidieerde vrije lagere school te Horebeke, Abraham Hansstraat 1;

- de gesubsidieerde vrije basisschool te Boechout, Lange Kroonstraat 1;

- de gesloten scholen, instellingen, CVO en CLB en de scholen, instellingen, CVO en CLB die werden of worden overgedragen naar een inrichtende macht behorende tot een ander net voor zover zij ervoor opteren om niet mee over te gaan naar een school, instelling, CVO of CLB van het overnemende net, voor zover er voor deze gesloten scholen, instellingen, CVO en CLB enkel de Vlaamse reaffectatiecommissie bestaat.

Voor de personeelsleden ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in één van de voormelde onderwijsinstellingen geldt wat volgt, zonder rekening te houden met net en karakter:

- ze worden door de Vlaamse Reaffectatiecommissie gereaffecteerd of wedertewerkgesteld in de onderwijsinstellingen van de verschillende netten of buiten het onderwijs of centra;

- ze zijn verplicht een reaffectatie of wedertewerkstelling van de Vlaamse reaffectatiecommissie te aanvaarden;

De inrichtende machten zijn verplicht de personeelsleden die aan hen toegewezen worden bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

Deze personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in één van de voormelde onderwijsinstellingen kunnen hun voorkeur voor een reaffectatie of wedertewerkstelling in een bepaald net kenbaar maken aan de voorzitter van de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Bij het begin van elk schooljaar kan het personeelslid deze keuze wijzigen als het nog niet werd gereaffecteerd of wedertewerkgesteld of na het regelmatig beëindigen van een reaffectatie of wedertewerkstelling in het gekozen net.

Zowel de inrichtende macht als het personeelslid kunnen eveneens tegen deze toewijzingen een bezwaarschrift indienen bij de voorzitter van de Vlaamse reaffectatiecommissie om de heroverweging van een toewijzing te vragen.

4.9. Reaffectatie en wedertewerkstelling na een beslissing van Medex of in het kader van een procedure tot re-integratie vóór 1 september 2014

Voor 1augustus 2012 was een inrichtende macht verplicht om een personeelslid ter beschikking te stellen wegens ontstentenis van betrekking als gevolg van:

  • een beslissing van MEDEX na uitputting van zijn ziekteverlof dat het personeelslid definitief arbeidsongeschikt wordt verklaard, maar wel nog geschikt wordt bevonden om tewerkgesteld te worden onder bepaalde voorwaarden (artikel 5, §1bis van het decreet van 9 april 1992 betreffende het onderwijs III);
  • een advies van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van de procedure tot re-integratie, waarbij het personeelslid definitief arbeidsongeschikt wordt verklaard maar nog wel geschikt wordt geacht om een andere functie uit te oefenen(artikel 5, §1quater van het decreet van 9 april 1992 betreffende het onderwijs III).

Vanaf 1 augustus 2012 verdween die verplichting maar tot en met het schooljaar 2013-2014 kon de inrichtende macht nog wel kiezen om het personeelslid ter beschikking te stellen wegens ontstentenis van betrekking; daarbij golden dan meer uitgebreide verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling.

Zie hierover ook de volgende omzendbrieven:

PERS/2009/09 - Personeelslid voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking na een advies van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van een procedure tot re-integratie ingeroepen door het personeelslid (18/08/2009)

PERS/2007/02 - Personeelslid voor 1 september 2014 ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking na een beslissing van MEDEX. - Personeelslid definitief ongeschikt verklaard om zijn ambt uit te oefenen, doch geschikt bevonden voor een specifieke functie (04/06/2007)

4.9.1. Ter beschikking gesteld uiterlijk met ingang van 1 augustus 2012

Op de personeelsleden die uiterlijk met ingang van 1 augustus 2012 ter beschikking gesteld werden wegens ontstentenis van betrekking als gevolg van een van die bovenvermelde beslissingen blijven de principes betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling van toepassing zoals ze golden tijdens het schooljaar 2011-2012. Voor die personeelsleden geldt er geen verplichting tot wedertewerkstelling naar de personeelscategorieën ondersteunend personeel en beleids- en ondersteunend personeel.

Voor de personeelsleden die in het verleden al een toewijzing hebben gekregen van hun schoolbestuur of van een reaffectatiecommissie of die van de Vlaamse reaffectatiecommissie een toewijzing als administratieve ondersteuning in een niet-organieke betrekking hebben gekregen, blijft het principe van de bestendigheid van reaffectatie of wedertewerkstelling van kracht.

4.9.2. Ter beschikking gesteld tussen 1 augustus 2012 en 1 september 2014

Op de personeelsleden die tussen 1 augustus 2012 en 1 september 2014 ter beschikking gesteld werden wegens ontstentenis van betrekking als gevolg van een van die bovenvermelde beslissingen blijven de principes betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling van toepassing zoals ze golden tijdens het schooljaar 2013-2014. Voor die personeelsleden geldt er dus wel een verplichting tot wedertewerkstelling naar o.a. de personeelscategorieën ondersteunend personeel en beleids- en ondersteunend personeel, zoals in deze tabel opgenomen is.

TERBESCHIKKINGSTELLING 

WEDERTEWERKSTELLING 

de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn omdat zij door een beslissing van Medex definitief ongeschikt verklaard werden om op normale en regelmatige wijze hun ambt uit te oefenen, maar die wel geschikt bevonden werden om tewerkgesteld te worden onder bepaalde voorwaarden 

wervingsambten, rekening houdend met de beslissing van Medex, van het: 

- bestuurs- en onderwijzend personeel 

- opvoedend hulppersoneel 

- ondersteunend personeel 

- beleids- en ondersteunend personeel 

- administratief personeel 

- psychologisch personeel 

- paramedisch personeel 

- sociaal personeel 

- orthopedagogisch personeel 

- medisch personeel 

- technisch personeel 

de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in het kader van een procedure tot re-integratie en door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer geschikt geacht zijn om een andere functie uit te oefenen 

wervingsambten, rekening houdend met de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer, van het: 

- bestuurs- en onderwijzend personeel 

- ondersteunend personeel 

- beleids- en ondersteunend personeel 

- opvoedend hulppersoneel 

- administratief personeel 

- psychologisch personeel 

- paramedisch personeel 

- sociaal personeel 

- orthopedagogisch personeel 

- medisch personeel 

- technisch personeel 

Voor de personeelsleden die in het verleden al een toewijzing hebben gekregen van hun schoolbestuur of van een reaffectatiecommissie of die van de Vlaamse reaffectatiecommissie een toewijzing als administratieve ondersteuning in een niet-organieke betrekking hebben gekregen, blijft het principe van de bestendigheid van reaffectatie of wedertewerkstelling van kracht.

5. Na de reaffectatie- en wedertewerkstellingsverplichtingen

Na de toepassing van de procedures van reaffectatie en wedertewerkstelling blijven er voor de personeelsleden die ter beschikking gesteld blijven wegens ontstentenis van betrekking zonder volledige reaffectatie of wedertewerkstelling, een aantal zinvolle mogelijkheden voor tewerkstelling.

5.1. Pedagogische taken

De personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en die geen of een onvolledige reaffectatie of wedertewerkstelling kregen, moeten beschikbaar blijven voor het uitoefenen van pedagogische taken.

De volgende personeelsleden zijn verplicht om pedagogische taken op te nemen:

- de personeelsleden die volledig ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en die ingevolge de reglementering inzake rationalisatie en programmatie een waarborgregeling inzake het wachtgeld(toelage) genieten;

- de personeelsleden die volledig ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en die gedeeltelijk gereaffecteerd of wedertewerkgesteld zijn;

- de personeelsleden die gedeeltelijk ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en die niet of niet volledig gereaffecteerd of wedertewerkgesteld zijn.

Dus enkel de personeelsleden die volledig ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en die niet gereaffecteerd of wedertewerkgesteld zijn, zijn niet verplicht om pedagogische taken op te nemen.

De hiervoor vermelde personeelsleden blijven in de eerste plaats beschikbaar voor de directeur van de instelling waarin zij vóór hun terbeschikkingstelling waren tewerkgesteld of voor de inrichtende macht die hen heeft ter beschikking gesteld. Het uitoefenen van pedagogische taken gebeurt pro rato het aantal uren waarvoor ze ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking en waarvoor ze geen reaffectatie/wedertewerkstelling hebben.

Indien de inrichtende macht geen beroep doet op het personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking, moet zij schikkingen treffen om dit personeelslid deze taken te laten uitoefenen bij een andere inrichtende macht.

Een sanctie is voorzien zowel voor de inrichtende machten als voor de personeelsleden bij het niet naleven van deze verplichting.

5.2. Tewerkstelling buiten het onderwijs

De mogelijkheid bestaat dat personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking, ook een tewerkstelling kunnen krijgen buiten het onderwijs of de centra voor leerlingenbegeleiding.

Om een tewerkstelling buiten het onderwijs te kunnen bekomen moeten de personeelsleden ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking.

Bovendien kunnen enkel deze ter beschikking gestelde personeelsleden in aanmerking komen, die niet of onvolledig gereaffecteerd of wedertewerkgesteld zijn in een organieke betrekking.

Meer inlichtingen kan vindt u in de omzendbrief 13CC/GL/GDH/VVL van 22 september 2000 - Terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking - Tewerkstelling buiten het onderwijs - zgn. outplacement.

5.3. Vrijwillige fusie

In het specifiek deel van het basisonderwijs vindt u hierover de nodige informatie (punt 8.8).

6. Bezoldigingsregeling bij terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

De personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens volledige ontstentenis van betrekking krijgen een wachtgeld(toelage).

Zij die ter beschikking gesteld zijn wegens volledige ontstentenis van betrekking, maar reeds gedeeltelijk werden gereaffecteerd of wedertewerkgesteld en de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens gedeeltelijke ontstentenis van betrekking krijgen een salaris(toelage) voor de uren die zij niet meer uitoefenen.

Alle ter beschikking gestelde personeelsleden moeten een aanvraag indienen om wachtgeld(toelage)of salaris(toelage) te ontvangen. Deze personeelsleden moeten eveneens verklaren gereaffecteerd of wedertewerkgesteld te willen worden.

Het wachtgeld of de wachtgeldtoelage is bij een volledige terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking de eerste twee jaar gelijk aan 100% van het laatste activiteitssalaris of de laatste activiteitssalaristoelage.

Vanaf het derde jaar wordt het elk jaar met 20% verminderd. Het bedrag mag echter niet lager zijn dan zoveel maal 1/30 van het activiteitssalaris of de activiteitssalaristoelage als het personeelslid dienstjaren telt die in aanmerking komen voor de berekening van het rustpensioen.

De periode voor de berekening van het wachtgeld of de wachtgeldtoelage wordt opgeschort in de volgende gevallen:

- gedeeltelijke of volledige reaffectatie;

- gedeeltelijke of volledige wedertewerkstelling;

- het volgen of geven van erkende nascholing of navorming;

- overgang naar een andere administratieve stand;

- overgang naar een andere vorm van terbeschikkingstelling;

- het volledig afstand doen van wachtgeld of van wachtgeldtoelage.

De ziekten of gebrekkigheden of het feit dat op het personeelslid de bepalingen van toepassing zijn van artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971 schorten de periode voor de berekening van het wachtgeld of de wachtgeldtoelage niet op.

Na de hierboven opgesomde periodes van opschorting wordt het wachtgeld of de wachtgeldtoelage berekend op grond van het initiële activiteitssalaris of de activiteitssalaristoelage. Behoudens bij volledige afstand van wachtgeld of wachtgeldtoelage wordt het initiële activiteitssalaris of de activiteitssalaristoelage verhoogd met de nieuw verworven anciënniteit gedurende deze periode van opschorting.

7. Afstand van wachtgeld(toelage)

7.1. Ontslag van verplichting inzake reaffectatie of wedertewerkstelling

Een ter beschikking gesteld personeelslid dat tijdelijk afstand doet van zijn recht op de financiële voordelen wordt zonder dat er afbreuk gedaan wordt aan de terbeschikkingstelling, op zijn verzoek, voor de duur van deze afstand ontslagen van elke verplichting inzake reaffectatie en wedertewerkstelling.

Tijdens deze periode wordt aan betrokkene geen wachtgeld(toelage) betaald.

Wanneer er echter in een instelling van de inrichtende macht die tot dezelfde scholengemeenschap behoort of in een instelling van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoort of in een gesubsidieerd centrum, waar het personeelslid ter beschikking gesteld is of in de instelling die de instelling waar het personeelslid ter beschikking is gesteld, heeft overgenomen, een vacante betrekking in “hetzelfde ambt”, bij wijze van reaffectatie moet toegewezen worden, moet het personeelslid zijn verplichtingen inzake reaffectatie nakomen.

Het ontstaan van deze vacante betrekking betekent immers dat de terbeschikkingstelling van dit personeelslid, hetzij op 1 september of in de loop van het schooljaar, geheel of gedeeltelijk vervalt.

7.2. Verklaring van de afstand

De verklaring van afstand van het recht op de financiële voordelen gebeurt via het formulier Pers 2 of via een RL 1. Ze moet naargelang van het geval ingediend worden vóór dezelfde datum als de terbeschikkingstelling of bij het begin van het schooljaar of dienstjaar, bij het bevoegde werkstation en bij de instelling of het gesubsidieerd centrum dat het personeelslid ter beschikking heeft gesteld.

De afstand van het recht op de financiële voordelen moet betrekking hebben op het volledig school- of dienstjaar of in ieder geval vanaf het begin van de terbeschikkingstelling tot het einde van het betrokken schooljaar.

Deze afstand van het recht op de financiële voordelen kan gevraagd worden voor een gedeelte van of voor de totale opdracht waarvoor het personeelslid de financiële voordelen genoot of zou genieten.

Als het personeelslid afstand doet van het recht op de financiële voordelen, dan blijven de pensioenrechten gewaarborgd voor een periode van 5 jaar. Dit betekent dat men voor het pensioen ervan uitgaat dat de opdracht van vaste benoeming is blijven doorlopen gedurende die 5 jaar. Na 5 jaar wordt voor het pensioen alleen nog rekening gehouden met de nog effectief bezoldigde opdrachten in het onderwijs. Om deze periode van 5 jaar samen te stellen, wordt naast de afstand van het recht op de financiële voordelen, geen rekening gehouden met o.a. verloven voor verminderde prestaties of loopbaanonderbreking.

8. Basisonderwijs

Opmerking: In het basisonderwijs wordt de term “schoolbestuur” gebruikt in plaats van de term ”inrichtende macht”.

8.1. Hetzelfde en ander ambt

Voor de toepassing van deze reglementering hebben de personeelsleden en de schoolbesturen rechten en plichten in een ambt.

Voor alle ambten die behoren tot “hetzelfde ambt” van een personeelslid bestaan er rechten en plichten. Dit betekent dat een personeelslid nooit kan weigeren ambten op te nemen die voor hem tot “hetzelfde ambt” horen. Anderzijds is het schoolbestuur steeds verplicht de opdrachten die “hetzelfde ambt” zijn voor een bepaald personeelslid, aan hem aan te bieden.

Hetzelfde ambt

“Hetzelfde ambt” is het ambt zoals het opgenomen is in de reglementering tot rangschikking en indeling van de ambten van het bestuurs- en onderwijzend personeel, het paramedisch personeel in het basisonderwijs, het beleids- en ondersteunend personeel in het basisonderwijs, het opvoedend hulppersoneel, het psychologisch personeel, het paramedisch personeel, het medisch personeel, het sociaal personeel en het administratief personeel in het basisonderwijs, behalve de rekenplichtige-correspondenten in het gemeenschapsonderwijs die fungeren in de internaten en de semi-internaten.

Men kan enkel vast benoemd worden in een ambt dat formeel voorzien is in de reglementering betreffende de ambten.

Het is dus het ambt dat vermeld staat in de reglementering en op de vaste benoeming, dat bepaalt wat “hetzelfde ambt” is voor een personeelslid.

Bijzondere bepalingen i.v.m. hetzelfde ambt

- De directeur die ter beschikking gesteld is in een school met enkel kleuteronderwijs heeft de keuze om de betrekking van directeur ingericht in een basisschool of lagere school al dan niet op te nemen. Het schoolbestuur kan in hetzelfde geval beslissen dit personeelslid na een periode van één jaar niet meer aan te stellen.

- Voor de toepassing van "hetzelfde ambt" voor leden van het opvoedend hulppersoneel, het administratief personeel, het paramedisch personeel, medisch personeel, orthopedagogisch personeel, sociaal personeel en het psychologisch personeel wordt voor zover het reaffectatie betreft geen onderscheid gemaakt tussen het gewoon en buitengewoon onderwijs en tussen de verschillende onderwijsniveaus. In het type 6 van het buitengewoon onderwijs worden het ambt van leermeester ASV compensatietechniek-braille en het ambt van leraar ASV compensatietechniek-braille als "hetzelfde ambt" beschouwd, ongeacht het onderwijsniveau: basis- of secundair onderwijs en ongeacht de opleidingsvorm in het secundair onderwijs. Deze bepaling is niet van toepassing indien hierdoor een lagere salarisschaal bekomen wordt.

- Voor de personeelsleden die een erkende nascholing genoten hebben en hierdoor een bijkomende onderwijsbevoegdheid verworven hebben, wordt "hetzelfde ambt " uitgebreid in functie van deze nieuwe onderwijsbevoegdheid.

- Voor de toepassing van "hetzelfde ambt" wordt voor de leden van het beleids- en ondersteunend personeel geen onderscheid gemaakt tussen het gewoon en het buitengewoon onderwijs.

Het ambt van administratief medewerker in het basisonderwijs en het secundair onderwijs is echter niet “hetzelfde ambt”. Bijgevolg kan een administratief medewerker van het basisonderwijs niet gereaffecteerd worden naar het secundair onderwijs en omgekeerd.

Bij de verdeling van de betrekkingen bij het begin van het schooljaar wordt voor de leden van het beleids- en ondersteunend personeel dezelfde opdracht toegewezen als deze waarvoor het personeelslid op het einde van het voorgaande schooljaar vast benoemd is. Bovendien moet het een betrekking zijn in hetzelfde ambt met een zelfde puntengewicht en een zelfde salarisschaal.

Ander ambt

"Ander ambt" is elk ambt, met uitzondering van hetzelfde ambt, waarvoor het betrokken personeelslid:

- over het vereist bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het vereist bekwaamheidsbewijs;

- over een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en het schoolbestuur.

8.2. Definitie van reaffectatie en wedertewerkstelling

8.2.1. Reaffectatie: hetzelfde ambt

Reaffectatie van een ter beschikking gesteld personeelslid betekent dat men dit personeelslid een betrekking toewijst in “hetzelfde ambt”.

Reaffectatie heeft steeds voorrang op wedertewerkstelling.

Voorbeeld

In school A wordt een vastbenoemde kleuteronderwijzer(es) ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking op 1 september. In dezelfde school neemt een andere kleuteronderwijzer(es) een volledige loopbaanonderbreking met ingang van 1 september. De ter beschikking gestelde leerkracht wordt dan gereaffecteerd in hetzelfde ambt van kleuteronderwijzer(es).

Voor het beleids- en ondersteunend personeel wordt via reaffectatie in eerste instantie een betrekking toegewezen in een ambt met hetzelfde opleidingsniveau, een zelfde puntengewicht en een zelfde salarisschaal.

Als er geen reaffectatie gevonden wordt die aan deze voorwaarden voldoet, kunnen deze personeelsleden een betrekking toegewezen krijgen in hetzelfde ambt maar met een ander puntengewicht. Als de toegewezen betrekking meer punten kost moet het schoolbestuur niet meer punten inleveren, maar als de toegewezen betrekking minder punten kost komen er ook geen punten vrij.

8.2.2. Wedertewerkstelling: ander ambt

Wedertewerkstelling van een ter beschikking gesteld personeelslid betekent dat men dit personeelslid een betrekking toewijst in een “ander ambt”.

Voorbeeld

In school A wordt een vastbenoemd onderwijzer ASV ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking op 1 september. Binnen hetzelfde schoolbestuur neemt in school B voor gewoon lager onderwijs een onderwijzer een volledige loopbaanonderbreking met ingang van 1 september. De onderwijzer ASV die in het bezit is van het vereist bekwaamheidsbewijs voor het ambt van onderwijzer komt in aanmerking voor een wedertewerkstelling als onderwijzer in het gewoon lager onderwijs = “ander ambt”.

Een vastbenoemd personeelslid dat ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking en voor wie geen reaffectatie gevonden wordt, kan verzoeken om wedertewerkgesteld te worden in het ambt waarvoor hij het vereist bekwaamheidsbewijs heeft of waarvoor het over een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs beschikt mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en het schoolbestuur.

Wedertewerkstelling van ter beschikking gestelde personeelsleden in een ambt van een andere personeelscategorie dan deze van het beleids- en ondersteunend personeel naar de ambten die behoren tot de categorie van het beleids- en ondersteunend personeel, is niet verplicht. …

De personeelsleden die ter beschikking zijn gesteld wegens ontstentenis van betrekking kunnen wel op vrijwillige basis worden wedertewerkgesteld in een ambt van het beleids- en ondersteunend personeel. Bij een vrijwillige wedertewerkstelling houdt het schoolbestuur - net zoals bij een reaffectatie - rekening met het puntengewicht van de betrekking.

De personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking ingevolge een beslissing van MEDEX in het kader van een arbeidsongeval of een beroepsziekte, of die uiterlijk met ingang van 1 augustus 2012 ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking ingevolge een beslissing van MEDEX over definitieve arbeidsongeschiktheid of ingevolge een beslissing van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van een procedure tot re-integratie, en nog geschikt zijn bevonden voor een administratieve functie, kunnen eveneens op vrijwillige basis worden wedertewerkgesteld als administratief medewerker in het basisonderwijs.

Als een personeelslid dat ter beschikking gesteld werd wegens ontstentenis van betrekking ingevolge een beslissing van MEDEX of een advies van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer in het kader van de procedure tot re-integratie wordt wedertewerkgesteld in een vacante betrekking, kost de wedertewerkstelling 63 punten voor een voltijdse betrekking.

Voorbeeld 1

Een school ontvangt voor het schooljaar 2008-2009 55 punten voor administratie. Zij stelt hiervoor een administratief medewerker aan, niveau HSO, voor 31/36. De administratief medewerker wordt op 1 januari 2009 voor 28/36 vast benoemd. De overige 3/36 opdracht oefent hij/zij uit als tijdelijk personeelslid.

Voor het schooljaar 2009-2010 ontvangt de school opnieuw een puntenenveloppe van 55 punten voor administratie. Van deze 55 punten moet de school er minimum 49 gebruiken om de administratief medewerker zijn/haar vastbenoemde opdracht van 28/36 terug te geven. De school kan maximum 6 punten samenleggen op het niveau van de scholengemeenschap.

Voorbeeld 2

De school heeft een administratieve puntenenveloppe van 118 punten. Ze heeft hiervoor een administratief medewerker in dienst die vast benoemd is voor 36/36 , dit personeelslid is aangesteld in het diplomaniveau ten minste HSO = 63 punten. Daarnaast heeft de school een tijdelijk administratief medewerker die voor 24/36 (= 55 punten) werd aangesteld. Dit laatste personeelslid is aangesteld in het diplomaniveau ten minste HOKT.

Het volgende schooljaar is er een daling van het leerlingenaantal, wat zich vertaalt in een daling van de punten in de enveloppes. Voor administratieve omkadering verliest de school 19 punten.

De vast benoemde administratieve medewerker moet zijn 36/36 terugkrijgen en de tijdelijke administratieve medewerker kan nog slechts voor 16/36 worden aangesteld.

Uitzonderingen

1. Een ter beschikking gesteld personeelslid in de categorie van het opvoedend hulppersoneel kan, in afwijking op de algemene regel, ook wedertewerkgesteld worden als het een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs bezit.

Voorbeeld

Voor een vastbenoemde beheerder die ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking wordt geen reaffectatie of wedertewerkstelling gevonden waarvoor hij het vereist bekwaamheidsbewijs heeft. Dit personeelslid heeft echter een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs voor het ambt van opvoeder-internaat en kan dus uitzonderlijk in dit ambt wedertewerkgesteld worden.

2. Een vastbenoemd onderwijzer die ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking en voor wie geen reaffectatie gevonden wordt als onderwijzer, kan wedertewerkgesteld te worden als leermeester godsdienst of niet-confessionele zedenleer als hij voor dat ambt het vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs heeft.

Deze toewijzing kan echter enkel met instemming van het schoolbestuur en het hoofd van de eredienst aangeboden worden. Dit geldt zowel voor het gesubsidieerd onderwijs als het gemeenschapsonderwijs.

Wedertewerkstelling gewoon en buitengewoon basisonderwijs

Een personeelslid dat vast benoemd is in het gewoon onderwijs en ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking, is niet verplicht om een wedertewerkstelling naar het buitengewoon onderwijs te aanvaarden, zelfs als hij/zij hiervoor over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt, als hij/zij hiervoor niet gekozen heeft.

Uitzonderingen: voor de volgende personeelscategorieën geldt de verplichting wel:

- de personeelsleden die behoren tot het medisch, paramedisch, sociaal, psychologisch en orthopedagogisch personeel;

- de leden van het beleids- en ondersteunend personeel;

- voor het personeelslid dat in de betreffende onderwijssector fungeerde op de vooravond van de terbeschikkingstelling.

Een personeelslid dat vast benoemd is in het buitengewoon onderwijs en ter beschikking gesteld is wegens ontstentenis van betrekking moet een wedertewerkstelling naar het gewoon onderwijs aanvaarden.

8.3. Betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling

Wanneer een schoolbestuur een betrekking wil toewijzen aan een tijdelijk personeelslid, is het van belang om te weten of de betrekking al of niet vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling.

Is de betrekking van het tijdelijke personeelslid nog vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, dan kan deze betrekking ingenomen worden door een wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking gesteld personeelslid. Dit betekent concreet dat het tijdelijke personeelslid geheel of gedeeltelijk zijn/haar opdracht verliest.

Een betrekking is vanaf 1 september van het betrokken schooljaar niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, als het personeelslid dat deze betrekking bekleedt voldoet aan de volgende voorwaarde:

Ten minste 720 dagen dienstanciënniteit in hoofdambt verworven hebben gespreid over ten minste drie schooljaren:

- op 31 augustus van het voorgaande schooljaar voor de leden van het administratief personeel, de administratief medewerker in het basisonderwijs en voor het personeel van de semi-internaten en van de opvangcentra;

- op 30 juni van het voorgaande schooljaar voor de andere personeelsleden;

De dienstanciënniteit wordt als volgt bepaald:

Men rekent alle diensten gepresteerd in het gemeenschapsonderwijs en alle gesubsidieerde diensten gepresteerd in het gesubsidieerd onderwijs en in de gesubsidieerde centra mee, met uitsluiting van de diensten gepresteerd aan een hogeschool na 1 januari 1999 of aan een universiteit.

Zowel de diensten gepresteerd in het gemeenschapsonderwijs als de diensten gepresteerd in het gesubsidieerd onderwijs en in de gesubsidieerde centra worden berekend zoals respectievelijk bepaald in artikel 4 van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs en in artikel 6 van het decreet van 27 maart 1991 rechtspositie personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs.

Voor de berekening van de dienstanciënniteit worden de perioden gelijkgesteld met dienstactiviteit beschouwd als gefinancierde of gesubsidieerde diensten.

Voor de berekening van de 720 dagen worden alle diensten geteld zonder rekening te houden met leeftijdstrappen. Dus een personeelslid kan al zijn diensten meetellen ongeacht vanaf welke leeftijd ze gepresteerd zijn.

Zodra deze voorwaarden in hoofde van het personeelslid zijn vervuld, blijven deze bepalingen geldig over de schooljaren heen.

In het basisonderwijs gaat de immuniteit pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld. Dit betekent dat elk(e) schoolbestuur/scholengroep zal verplicht worden al haar tijdelijke personeelsleden mee te delen aan de eerste bevoegde reaffectatiecommissie. Dit geldt ook voor de tijdelijke personeelsleden met een aanstelling voor doorlopende duur.

Opmerking :

Voor deze berekening worden tijdelijke diensten van personeelsleden die fungeren tot en met 30 juni vermenigvuldigd met 1,2.

8.4. Waar wordt er een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uitgesproken?

8.4.1. De voorafgaande maatregelen

Bij het begin van het schooljaar gaat het schoolbestuur/de scholengroep het lestijdenpakket verdelen onder de vastbenoemde personeelsleden en de ter beschikking gestelde personeelsleden.

De verdeling gebeurt:

- per school;

- per ambt, in hetzelfde ambt als dat van vaste benoeming;

- per opdracht, voor dezelfde opdracht als deze waarvoor het personeelslid op het einde van het voorafgaande schooljaar (31 augustus) vast benoemd was.

Voordat het schoolbestuur/de scholengroep een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking kan uitspreken moet het eerst de voorafgaande maatregelen toepassen.

Gemeenschapsonderwijs

In het gemeenschapsonderwijs stelt de scholengroep een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde school, volgende maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

Gesubsidieerd onderwijs

In het gesubsidieerd onderwijs stelt een schoolbestuur een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde school of tot de scholen die dit schoolbestuur tot stand gebracht heeft op het grondgebied van dezelfde gemeente, en die in voorkomend geval tot dezelfde scholengemeenschap behoren, volgende maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties. Dit gebeurt eerst in de school waar er een vermindering is van prestaties en vervolgens in een andere school;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

De maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling hoeven uiteraard maar te gebeuren voor zover dit nodig is om de terbeschikkingstelling te vermijden.

Aandacht!
Als het schoolbestuur in het gesubsidieerd onderwijs de keuze maakt om de voorafgaande maatregelen toe te passen op al haar instellingen op het grondgebied van een zelfde gemeente, en die in voorkomend geval behoren tot eenzelfde scholengemeenschap, behoort voor een vastbenoemd personeelslid een nieuwe affectatie ook tot de voorafgaande maatregelen.
Het personeelslid dat behoort tot een instelling van het gesubsidieerd vrij onderwijs en dat niet akkoord gaat met een nieuwe affectatie als gevolg van de toepassing van de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling, wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in de instelling van affectatie.

8.4.2. Waar wordt een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uitgesproken?

8.4.2.1. In het gewoon basisonderwijs

In het gemeenschapsonderwijs wordt een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uitgesproken in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet.

In het gesubsidieerd vrij en officieel gewoon basisonderwijs heeft men de keuze:

1. de instelling behoort tot een scholengemeenschap

- in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet

2. de instelling behoort niet tot een scholengemeenschap

- in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet

of

- in het geheel van de instellingen die een schoolbestuur op het grondgebied van dezelfde gemeente organiseert.

Eens de keuze gemaakt geldt deze voor een periode van 6 jaar voor het vrij onderwijs of voor de lopende of aanvangende legislatuur voor het officieel onderwijs en dit voor alle personeelsleden in alle categorieën.

8.4.2.2. In het buitengewoon basisonderwijs

In het gemeenschapsonderwijs wordt een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uitgesproken in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet.

In het gesubsidieerd vrij onderwijs wordt een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uitgesproken in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet.

In het gesubsidieerd officieel onderwijs heeft men de keuze:

1. de instelling behoort tot een scholengemeenschap

- in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet

2. de instelling behoort niet tot een scholengemeenschap

- in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet

of

- in het geheel van de instellingen die een schoolbestuur op het grondgebied van dezelfde gemeente organiseert.

Eens de keuze gemaakt geldt deze voor een periode van 6 jaar of voor de lopende of aanvangende legislatuur en dit voor alle personeelsleden in alle categorieën.

8.4.3. Bijzondere regels i.v.m. de terbeschikkingstelling.

8.4.3.1. Het gewoon basisonderwijs

Bij daling van het globale lestijdenpakket in het gewoon kleuteronderwijs, moet de daling van het aantal lestijden evenredig verdeeld worden tussen het aantal lestijden in het ambt van kleuteronderwijzer enerzijds en het aantal lestijden in het ambt van leermeester lichamelijke opvoeding anderzijds.

Bij daling van het globale lestijdenpakket in het gewoon lager onderwijs, moet de daling van het aantal lestijden evenredig verdeeld worden tussen het aantal lestijden in het ambt van onderwijzer enerzijds en het aantal lestijden in het ambt van leermeester lichamelijke opvoeding anderzijds.

Het gaat hier steeds om lestijden die in de school of instelling werden aangewend op het einde van het voorafgaande schooljaar (31 augustus). Dit kan betekenen dat de school of de instelling een of meer betrekkingen van (kleuter)onderwijzer en/of leermeester lichamelijke opvoeding minder kan inrichten.

8.4.3.2. Het buitengewoon basisonderwijs

Bij een vermindering van het globale lestijdenpakket in het buitengewoon lager onderwijs, moet de daling van het aantal lestijden evenredig verdeeld worden tussen het aantal lestijden in het ambt van onderwijzer algemene en sociale vorming enerzijds en het aantal lestijden in het ambt van leermeester algemene en sociale vorming, specialiteit lichamelijke opvoeding anderzijds.

Voor de toepassing van deze reglementering beslist het schoolbestuur in het buitengewoon lager onderwijs bij een vermindering van het urenpakket van de leden van het paramedisch, medisch, sociaal, psychologisch en orthopedagogisch personeel of een betrekking of betrekkingen in het afzonderlijke ambt van kinesitherapeut, logopedist, verpleger, ergotherapeut, kinderverzorger, maatschappelijk werker, arts, psycholoog en orthopedagoog niet meer kan of kunnen in stand gehouden, op basis van criteria die gelden voor ten minste drie schooljaren en waarover wordt onderhandeld in het bevoegd lokaal comité. Het gaat hier steeds om ambten die in de school of instelling werden ingericht op het einde van het voorafgaande schooljaar (31 augustus).

Voor de toepassing van dit besluit beslist het schoolbestuur in het buitengewoon basisonderwijs bij een daling van het leerlingenaantal in een bepaald niveau, of een betrekking of betrekkingen in het afzonderlijk ambt van kleuteronderwijzer algemene en sociale vorming en onderwijzer algemene en sociale vorming niet meer kan of kunnen worden in standgehouden, op basis van criteria die gelden voor ten minste drie schooljaren en waarover wordt onderhandeld in het bevoegd lokaal comité.

Het gaat hier steeds om lestijden die in de school of instelling werden aangewend op het einde van het voorafgaande schooljaar (31 augustus).

8.4.3.3. Het gewoon en buitengewoon basisonderwijs

Een leermeester godsdienst of niet-confessionele zedenleer waarvan de lestijden werden vastgesteld volgens de schalen, mag niet ter beschikking gesteld worden om een onderwijzer aan te werven. Ook mag een onderwijzer niet ter beschikking gesteld worden om een leermeester godsdienst of niet-confessionele zedenleer waarvan de lestijden werden vastgesteld volgens de schalen, aan te werven.

8.5. Reaffectatie en wedertewerkstelling - Rechten en verplichtingen

Het terug in dienst roepen van ter beschikking gestelde personeelsleden moet gebeuren volgens een bepaalde volgorde.

Reaffectatie heeft steeds voorrang op wedertewerkstelling.

Bij het terug in dienst roepen van ter beschikking gestelde personeelsleden komt diegene met de grootste dienstanciënniteit eerst in aanmerking.

Voor het in acht nemen van de volgorde wordt een onderscheid gemaakt tussen drie groepen:

- de scholen die behoren tot een scholengemeenschap;

- de scholen die behoren tot een netoverschrijdende scholengemeenschap;

- de scholen die niet behoren tot een scholengemeenschap en de gesloten scholen.

8.5.1. In scholen die behoren tot een scholengemeenschap

Als een school die op 31 augustus 2014 nog tot een scholengemeenschap behoorde op 1 september 2014 niet langer deel uitmaakt van die scholengeme enschap en ook niet toetreedt tot een andere scholengemeenschap, wordt deze school voor de reaffectatieverplichtingen in de scholen die behoren tot de scholengemeenschap voor het schooljaar 2014-2015 nog eenmalig beschouwd als behorende tot de scholengemee nschap. Dit betekent dat de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschappen terbeschikkinggestelde personeelsleden en vacatures in deze school nog eenmalig meeneemt in haar toewijzingen voor het schooljaar 2014-2015.
Vanaf het schooljaar 2014-2015 gelden voor deze school de regels die van kracht zijn voor scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren.

8.5.1.1. Het gemeenschapsonderwijs

1. Verplichte reaffectatie binnen dezelfde scholengroep:

- Verplichte reaffectatie van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de eigen school;

- Verplichte reaffectatie van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een school die werd overgenomen;

- In tweede instantie verplichte reaffectatie van ter beschikking gestelde personeelsleden in de scholen van de scholengroep die tot dezelfde scholengemeenschap behoren.

2. Vrijwillige wedertewerkstelling binnen dezelfde personeelscategorie binnen dezelfde scholengroep in de scholen die tot dezelfde scholengemeenschap behoren (mits instemming van het personeelslid).

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholen van de scholengemeenschap die door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling, in dienst te nemen.

Voor deze reaffectatieverplichting zijn er twee uitzonderingen:

- Als het gaat om de betrekking van directeur moet deze betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet toegewezen worden op voorwaarde dat de scholengroep deze betrekking al toegewezen heeft aan een van haar eigen personeelsleden. Als een personeelslid, in deze betrekking al via een verlof voor tijdelijk andere opdracht in dienst was vóór 1 september, wordt het personeelslid beschouwd als een “eigen personeelslid”.

- Als het gaat over een betrekking van directeur dan moet deze betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet toegewezen worden aan een personeelslid dat de functie van adjunct-directeur waarneemt.

Zie punt 8.8.2.

4. Na de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap is de scholengroep vrij:

- een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

- verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

- vrij een personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

Opgelet: wanneer de scholengroep gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

De fases 1 tot en met 4 moeten beëindigd zijn op 1 september.

Vanaf 1 september 2015 wordt de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengroep en van de Vlaamse reaffectatiecommissie opgeschort voor de scholen die tot een scholengemeenschap behoren. Ter beschikking gestelde personeelsleden die na de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet kunnen worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld, worden door deze reaffectatiecommissie toegewezen aan bij voorkeur één of meerdere scholen van de scholengemeenschap, steeds in een niet-organieke betrekking in het ambt waarin het personeelslid ter beschikking werd gesteld.

Een personeelslid dat een betrekking toegewezen krijgt die als “hetzelfde ambt” kan beschouwd worden, is verplicht deze betrekking te aanvaarden. Wanneer een toewijzing in “hetzelfde ambt” niet mogelijk is, kan het personeelslid een betrekking toegewezen worden binnen dezelfde categorie die niet als “hetzelfde ambt” kan beschouwd worden. Het personeelslid kan dergelijke toewijzing weigeren, maar wordt in dat geval als administratieve ondersteuning van de scholengemeenschap tewerkgesteld met de daarbij horende prestatie-en vakantieregeling.


De hierboven vermelde toewijzing wordt beschouwd als een reaffectatie in een niet vacante betrekking. Die toewijzing schort de reaffectatieverplichtingen van de inrichtende machten binnen de scholengemeenschap en van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet op. Als er dus in de loop van het schooljaar in een school van de scholengemeenschap een vacature ontstaat, moet de inrichtende macht en/of de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap nagaan of het terbeschikkinggesteld personeelslid in deze vacature kan worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Als dat het geval is, moet het ter beschikking gesteld personeelslid in de vacature worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Tijdens deze reaffectatie/weder tewerkstelling wordt de toewijzing in de niet-organieke betrekking opgeschort.

Ter beschikking gestelde personeelsleden die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking verkiezen boven een toewijzing in een niet-organieke betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap kunnen daartoe een vraag richten aan de reaffectatiecommissie van de scholengroep of aan de Vlaamse reaffectatiecommissie. De reaffectatiecommissie van de scholengroep of de Vlaamse reaffectatiecommissie is verplicht op deze vraag in te gaan. In afwachting van een reaffectatie of weder tewerkstelling door de reaffectatiecommissie van de scholengroep of de Vlaamse reaffectatiecommissie blijft de toewijzing genomen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap onverminderd van kracht.

8.5.1.2. Het gesubsidieerd onderwijs

1. Verplichte reaffectatie binnen hetzelfde schoolbestuur:

- Verplichte reaffectatie van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de eigen school;

- Verplichte reaffectatie van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een school die werd overgenomen;

- In tweede instantie verplichte reaffectatie van ter beschikking gestelde personeelsleden in de scholen van het schoolbestuur die tot dezelfde scholengemeenschap behoren.

2. Vrijwillige wedertewerkstelling binnen dezelfde personeelscategorie in de scholen die tot hetzelfde schoolbestuur behoren (mits instemming van het personeelslid).

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholen van de scholengemeenschap die door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling, in dienst te nemen.

Voor deze reaffectatieverplichting zijn er twee uitzonderingen:

- Als het gaat om de betrekking van directeur moet deze betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet toegewezen worden op voorwaarde dat de scholengroep deze betrekking al toegewezen heeft aan een van haar eigen personeelsleden. Als een personeelslid in deze betrekking al via een verlof voor tijdelijk andere opdracht in dienst was vóór 1 september, wordt het personeelslid beschouwd als een “eigen personeelslid”.

- Als het gaat over een betrekking van directeur dan moet deze betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet toegewezen worden aan een personeelslid dat de functie van adjunct-directeur waarneemt.

Zie punt 8.8.2.

4. Na de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap is het schoolbestuur vrij:

- een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

- verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

- vrij een personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

Opgelet: wanneer het schoolbestuur gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

De fases 1 tot en met 4 moeten beëindigd zijn op 1 september.

Vanaf 1 september 2015 wordt de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie opgeschort voor de scholen die tot een scholengemeenschap behoren. Ter beschikking gestelde personeelsleden die na de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet kunnen worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld, worden door deze reaffectatiecommissie toegewezen aan bij voorkeur één of meerdere scholen van de scholengemeenschap, steeds in een niet-organieke betrekking in het ambt waarin het personeelslid ter beschikking werd gesteld.

Een personeelslid dat een betrekking toegewezen krijgt die als “hetzelfde ambt” kan beschouwd worden, is verplicht deze betrekking te aanvaarden. Wanneer een toewijzing in “hetzelfde ambt” niet mogelijk is, kan het personeelslid een betrekking toegewezen worden binnen dezelfde categorie die niet als “hetzelfde ambt” kan beschouwd worden. Het personeelslid kan dergelijke toewijzing weigeren, maar wordt in dat geval als administratieve ondersteuning van de scholengemeenschap tewerkgesteld met de daarbijhorende prestatie-en vakantieregeling.

De hierboven vermelde toewijzing wordt beschouwd als een reaffectatie in een niet vacante betrekking. Die toewijzing schort de reaffectatieverplichtingen van de inrichtende machten binnen de scholengemeenschap en van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet op. Als er dus in de loop van het schooljaar in een school van de scholengemeenschap een vacature ontstaat, moet de inrichtende macht/reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap nagaan of het terbeschikkinggestelde personeelslid in deze vacature kan worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Als dat het geval is, moet het terbeschikkinggestelde personeelslid in de vacature worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Tijdens deze reaffectatie/wedertewerkstelling wordt de toewijzing in de niet-organieke betrekking opgeschort.


Ter beschikking gestelde personeelsleden die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking verkiezen boven een toewijzing in een niet-organieke betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap kunnen daartoe een vraag richten aan de Vlaamse reaffectatiecommissie. De Vlaamse reaffectatiecommissie is verplicht op deze vraag in te gaan. In afwachting van een reaffectatie of weder tewerkstelling door de Vlaamse reaffectatiecommissie blijft de beslissing genomen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap onverminderd van kracht.

8.5.2. Scholen die behoren tot een netoverschrijdende scholengemeenschap

Hier wordt zowel voor het gemeenschapsonderwijs als voor het gesubsidieerd onderwijs dezelfde volgorde gehanteerd als in het voorgaande punt (8.5.1).

Wanneer echter de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een personeelslid reaffecteert of wedertewerkstelt in een school van dezelfde scholengemeenschap die behoort tot een inrichtende macht van een ander net dan het net waar het personeelslid is ter beschikking gesteld, kan het personeelslid de reaffectatie of wedertewerkstelling weigeren. …

8.5.3. Scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren en de gesloten scholen

Opmerking: dit punt geldt eveneens voor scholen die vóór 1 september 2005 gesloten werden.

8.5.3.1. Het gemeenschapsonderwijs

1. Verplichte reaffectatie binnen dezelfde scholengroep

- Verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de eigen school;

- Verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een school die werd overgenomen;

- In tweede instantie verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de scholen van de scholengroep die niet tot een scholengemeenschap behoren;

- Als de functie van adjunct-directeur ingericht wordt verplicht één van de ingevolge de fusie ter beschikking gestelde directeurs in dienst te nemen.

2. Vrijwillige wedertewerkstellingen (mits toestemming van het personeelslid) in dezelfde personeelscategorie binnen dezelfde scholengroep in de scholen van de scholengroep die niet tot een scholengemeenschap behoren.

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de reaffectatiecommissie van de scholengroep werden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

4. Na de reaffectatiecommissie van de scholengroep is de scholengroep vrij om:

- vrij een personeelslid in dienst te nemen bij wijze van nieuwe affectatie of mutatie;

- verplicht een tijdelijk personeelslid in dienst te houden of aan te stellen dat het recht heeft verworven op een aanstelling van doorlopende duur;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen;

- vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

Opgel et :

Wanneer de scholengroep gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

5. De scholengroep is verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling worden toegewezen in dienst te nemen.

Opgelet :

De tijdelijke personeelsleden zijn vrij van reaffectatie na het beëindigen van de werkzaamheden van de 1ste reaffectatiecommissie, hier de reaffectatiecommissie van de scholen groep.

Dit betekent echter niet dat de scholengroep geen tijdelijk personeelslid kan in dienst houden of kan aanstellen voor doorlopende duur, of een andere werving kan doen. Deze personeelsleden zijn echter pas na de toepassing van de toewijzingen door de voor hun net bevoegde reaffectatiecommissie zeker van hun betrekking. Tot en met deze reaffectatiecommissie kunnen zij immers worden verdrongen door ter beschikking gestelde personeelsleden.

8.5.3.2. Het gesubsidieerd onderwijs

1. Verplichte reaffectatie binnen hetzelfde schoolbestuur

- Verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de eigen school;

- Verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een school die werd overgenomen;

- In tweede instantie verplichte reaffectatie van personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in de scholen van het schoolbestuur die niet tot een scholengemeenschap behoren;

- Als de functie van adjunct-directeur ingericht wordt, verplicht één van de ingevolge de fusie ter beschikking gestelde directeurs in dienst te nemen.

2. Vrijwillige wedertewerkstellingen (mits toestemming van het personeelslid) in dezelfde personeelscategorie binnen hetzelfde schoolbestuur in de scholen van het schoolbestuur die niet tot een scholengemeenschap behoren.

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie werden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

4. Na de Vlaamse reaffectatiecommissie is het schoolbestuur vrij om:

- vrij een personeelslid in dienst te nemen bij wijze van nieuwe affectatie of mutatie;

- verplicht een tijdelijk personeelslid in dienst te houden of aan te stellen dat het recht heeft verworven op een aanstelling van doorlopende duur;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen;

- vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

O pgelet :

Wanneer het schoolbestuur gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

Opgelet :

De tijdelijke personeelsleden zijn vrij van reaffectatie na het beëindigen van de werkzaamheden van de eerste bevoegde reaffectatiecommissie, hier de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Dit betekent echter niet dat het schoolbestuur geen tijdelijk personeelslid kan in dienst houden of kan aanstellen voor doorlopende duur, of een andere werving kan doen. Deze personeelsleden zijn echter pas na de toepassing van de toewijzingen door de voor hun net bevoegde reaffectatiecommissie zeker van hun betrekking. Tot en met deze reaffectatiecommissie kunnen zij immers worden verdrongen door ter beschikking gestelde personeelsleden.

8.5.4. Bijkomend principe

Wanneer een schoolbestuur/scholengroep over verschillende vacatures beschikt, moet elke reaffectatie of wedertewerkstelling eerst gebeuren in vacante betrekkingen; vervolgens in niet-vacante betrekkingen.

Zowel bij de vacante als de niet-vacante betrekkingen gebeurt de toewijzing eerst in een betrekking die niet wordt ingenomen door een tijdelijk personeelslid aangesteld voor doorlopende duur.

8.6. De reaffectatiecommissies

8.6.1. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap

In elke scholengemeenschap in het basisonderwijs wordt een reaffectatiecommissie opgericht, de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap.

Deze reaffectatiecommissies bestaan zowel voor het gemeenschapsonderwijs als voor het gesubsidieerd onderwijs.

In de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap komen de ter beschikking gestelde personeelsleden terecht van scholen die tot een scholengemeenschap behoren en die het schoolbestuur/de scholengroep niet heeft gereaffecteerd of wedertewerkgesteld.

Samenstelling

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap bestaat uit evenveel vertegenwoordigers van de inrichtende machten van de scholen van de scholengemeenschap enerzijds en de representatieve vakorganisaties anderzijds. Deze commissie oefent haar bevoegdheid uit in overleg en streeft daarbij naar consensus. Als de vertegenwoordigers van de inrichtende machten geen overeenstemming bereiken met de vertegenwoordigers van de representatieve vakorganisaties, nemen de vertegenwoordigers van de inrichtende machten de uiteindelijke beslissing.

Elke scholengemeenschap stelt een huishoudelijk reglement op houdende het aantal leden en de werking van haar reaffectatiecommissie.

In elke reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap fungeert een voorzitter en een secretaris, die beiden door deze reaffectatiecommissie zijn aangewezen. De secretaris coördineert de uitwisseling van de gegevens over enerzijds de vacatures en anderzijds de ter beschikking gestelde personeelsleden. Hij is ertoe gehouden alle beschikbare informatie over de vacatures te verstrekken aan de ter beschikking gestelde personeelsleden die erom verzoeken en alle beschikbare informatie over de ter beschikking gestelde personeelsleden mee te delen aan de inrichtende machten die erom verzoeken.

Bevoegdhe den

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap heeft volgende bevoegdheden:

1. Verzamelen van de ter beschikking gestelde personeelsleden en de vacatures van de scholen van de scholengemeenschap.

2. Reaffecteren en wedertewerkstellen van de ter beschikking gestelde personeelsleden binnen dezelfde categorie in de scholen die behoren tot de scholengemeenschap.

3. Behandelen van bezwaarschriften tegen de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft uitgesproken.

4. Ter beschikking gestelde personeelsleden voor wie geen reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking kan gevonden worden, een niet-organieke betrekking toewijzen aan bij voorkeur één of meerdere scholen binn en de scholengemeenschap in hetzelfde ambt. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap doet deze toewijzing op basis van voorstellen die binnen de commissie worden bediscussieerd.

De genoemde bevoegdheden moeten begrepen worden als verplichtingen. Als de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een personeelslid niet kan reaffecteren maar wel kan weder tewerkstellen binnen dezelfde categorie, dan moet ze dat doen.

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap oefent haar bevoegdheden u it gedurende het volledige schooljaar.

De uiterste ingangsdatum van de reaffectaties en de wedertewerkstellingen uitgesproken door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap is 1 september.

8.6.2. De reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs

Per scholengroep wordt een reaffectatiecommissie opgericht.

In de reaffectatiecommissie van de scholengroep worden voor het basisonderwijs de … dossiers behandeld van:

- de ter beschikking gestelde personeelsleden van scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren en die de scholengroep niet kon reaffecteren of weder tewerkstellen en van gesloten scholen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden van scholen die tot een scholengemeenschap behoren die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking buiten de eigen scholengemeenschap verkiezen boven een toewijzing in een niet-organieke betrekking in de eigen scholengemeenschap;

De ingangsdatum van de reaffectaties en wedertewerkstellingen uitgesproken door de reaffectatiecommissie van de scholengroep is:

- 1 september: reaffectaties;

- 1 september: wedertewerkstellingen binnen het niveau

- 15 september: wedertewerkstellingen over de categorieën en over de niveaus.

Na haar werkzaamheden moet de reaffectatiecommissie van de scholengroep voor de scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren volgende gegevens verzamelen en meedelen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie:

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft toegewezen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden die nog niet of nog niet volledig zijn gereaffecteerd of wedertewerkgesteld;

- de resterende vacatures in de scholengroep. Dit zijn de vacatures die worden ingenomen door de personeelsleden die niet vrij van reaffectatie zijn.

Meer informatie over de melding van deze gegevens vindt u in de omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

8.6.3. De volgende reaffectatiecommissies bestaan zowel voor het gemeenschapsonderwijs als voor het gesubsidieerd onderwijs

8.6.3.1. De Vlaamse reaffectatiecommissie

Zie punt 4.2.1.

8.7. Administratieve ondersteuning van de scholengemeenschappen

Sinds 1 september 2008 wijst de Vlaamse reaffectatiecommissie in principe een personeelslid waar ze geen organieke reaffectatie of wedertewerkstelling voor kan toewijzen, als administratieve ondersteuning toe aan een instelling van het onderwijsniveau waar het personeelslid werd ter beschikking gesteld.

De personeelsleden die al als administratieve ondersteuning in het basisonderwijs tewerkgesteld waren vóór 1 september 2008 blijven in deze scholengemeenschap tewerkgesteld tenzij voor hen een reaffectatie of wedertewerkstelling gevonden wordt of ze door een gewijzigde situatie moeten terugkeren naar hun oorspronkelijk niveau.

Voorbeeld

Een regentes kleding is toegewezen aan een scholengemeenschap van het basisonderwijs.

Deze leerkracht wordt terug geroepen om een reaffectatie van 2 weken op te nemen in het secundair onderwijs. Ze doet deze reaffectatie en gaat dan terug naar de scholengemeenschap van het basisonderwijs. Indien deze leerkracht een reaffectatie krijgt en uiteindelijk opnieuw vast benoemd wordt in het secundair onderwijs komt er een einde aan haar terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking. Dit personeelslid is dan terug leerkracht in het secundair onderwijs. Indien ze na verloop van tijd opnieuw zou ter beschikking gesteld worden blijft ze in haar niveau want ze kan niet meer toegewezen worden aan een scholengemeenschap van het basisonderwijs.

8.8. Vrijwillige fusie

Om de nadelige gevolgen van een vrijwillige fusie te milderen werden enkele maatregelen uitgewerkt. Vanaf 1 september 1997 is de omzendbrief 13BB/DDC/WF van 24 juni 1997 van toepassing.

In een school die ontstaan is uit vrijwillige fusie kan vanaf 1 september 1997 de functie van adjunct-directeur gefinancierd of gesubsidieerd worden op voorwaarde dat:

- de scholen die bij de fusie betrokken zijn op de eerste schooldag van februari van het voorafgaande schooljaar een leerlingenaantal bereiken dat minstens 15% boven de rationalisatienormen ligt. Als meer dan twee scholen bij de fusie betrokken zijn, is het toegelaten dat één van de scholen de hiervoorvermelde verhoogde norm niet bereikt;

- ten minste twee directeurs van de bij de fusie betrokken scholen vast benoemd zijn.

8.8.1. Terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

Naargelang de fusievorm worden een of meer directeurs ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking. Het schoolbestuur kiest de adjunct-directeur uit deze ter beschikking gestelde directeurs. De adjunct-directeur wordt ter beschikking gesteld als directeur in zijn vroegere school. De aanstelling als adjunct-directeur is een wedertewerkstelling. Op de overblijvende ter beschikking gestelde directeurs is de gewone regeling inzake reaffectatie/wedertewerkstelling van toepassing.

8.8.2. De adjunct-directeur

Inrichten van de f unctie van adjunct-directeur

Het schoolbestuur is niet verplicht de functie van adjunct-directeur in te richten, maar als ze die functie inricht moet zij ze wel aanbieden aan één van de omwille van de fusie wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking gestelde directeurs.

Een bij de fusie betrokken directeur, die ter beschikking gesteld wordt wegens ontstentenis van betrekking, is niet verplicht het aanbod voor adjunct-directeur te aanvaarden.

Eens de functie ingericht, blijft ze ingericht tot de definitieve uitdiensttreding van de adjunct-directeur, tenzij er nog een directeur is die ter beschikking gesteld is ingevolge de oorspronkelijke vrijwillige fusie waardoor deze functie ingericht werd. Bij een eventuele nieuwe vrijwillige fusie kan er geen bijkomende functie van adjunct-directeur worden gefinancierd of gesubsidieerd.

Aanbieden van betrekkingen van directeur

Het schoolbestuur is verplicht de vacante betrekkingen van directeur aan te bieden aan één van de wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking gestelde directeurs, dus ook aan diegene die de functie van adjunct-directeur bekleedt.

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap moet de betrekking van directeur via reaffectatie niet aanbieden aan een personeelslid dat de functie van adjunct-directeur waarneemt.

De adjunct-directeur is echter wel verplicht om een vacante betrekking van directeur via reaffectatie op te nemen in het schoolbestuur waar hij oorspronkelijk ter beschikking gesteld werd.

De adjunct-directeur is ook verplicht om een niet-vacante betrekking van directeur via reaffectatie op te nemen in de school waar hij de functie van adjunct-directeur uitoefent.

8.9. Bezoldigingsregeling bij terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

Voor de directeur in het gewoon of buitengewoon basisonderwijs die sinds 1 september 2002 volledig is ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking en niet werd gereaffecteerd of wedertewerkgesteld, geldt als laatste activiteitssalaris het salaris of de salaristoelage zoals bepaald in de salarisschaal 479 of in de salarisschaal 498 als het gaat om een directeur van een oefenschool.

9. Secundair onderwijs

De bepalingen vervat in dit gedeelte gelden zowel voor het gewoon als voor het buitengewoon secundair onderwijs. Als er toch verschillen zijn, wordt dit uitdrukkelijk vermeld.

Elke scholengemeenschap en elke school die niet behoort tot een scholengemeenschap heeft jaarlijks recht op een globale puntenenveloppe.
Deze globale puntenenveloppe moet worden aangewend voor de instandhouding en oprichting van betrekkingen in ambten van het bestuurspersoneel, het ondersteunend personeel en voor taak- en functiedifferentiatie in wervingsambten van het onderwijzend personeel, het ondersteunend personeel en paramedische disciplines in het buitengewoon secundair onderwijs. De scholengemeenschap kan via een voorafname een deel van de punten aanwenden voor haar beleid betreffende taak- en functiedifferentiatie.
De bepalingen betreffende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling voor de ambten die met deze globale puntenenveloppe worden ingericht, vindt u in een aparte omzendbrief: PERS/2009/06 van 17-08-2009 - Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs

9.1. Begrippenkader

9.1.1. “Hetzelfde” en “ander” ambt

Een vastbenoemd personeelslid kan in principe worden ingezet in de vier graden van het secundair onderwijs, met inbegrip van het hoger beroepsonderwijs, opleiding Verpleegkunde. Hierbij moet uiteraard rekening worden gehouden met het begrip "hetzelfde ambt".

De principes voor het berekenen van de dienstanciënniteit die nodig is om te bepalen welk vast benoemd personeelslid moet worden ter beschikking gesteld vindt u in punt 9.2.2.1.

In het buitengewoon secundair onderwijs opleidingsvorm 4 gelden dezelfde principes als in het gewoon secundair onderwijs.

9.1.1.1. Definitie van het begrip "hetzelfde ambt"

Voor het ambt van directeur in het secundair onderwijs moet voor “hetzelfde ambt” een onderscheid gemaakt worden tussen het ambt van directeur van een instelling met een derde graad of met hoger beroepsonderwijs, opleiding verpleegkunde (bovenbouwschool) en het ambt van directeur van een instelling met een eerste graad of een eerste en tweede graad (middenschool). Dit onderscheid geldt niet als het betrokken personeelslid over een vereist bekwaamheidsbewijs beschikt voor de beide ambten en op voorwaarde dat het personeelslid hierdoor niet in een lagere salarisschaal terechtkomt.

Voor leraar is "hetzelfde ambt" als volgt gedefinieerd:

1° een opdracht in hetzelfde vak of dezelfde specialiteit waarvan het personeelslid titularis was op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar en/of waarvoor het personeelslid ter beschikking is gesteld. Deze bepaling is enkel geldig als het personeelslid een vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs heeft of geacht wordt in het bezit te zijn van een vereist of van een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs voor dit vak of deze specialiteit;

2° een opdracht in een vak of specialiteit, andere dan bedoeld in 1,

- waarvoor het personeelslid het vereiste bekwaamheidsbewijs of het vereist bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel bezit. Deze bepaling geldt niet voor het vak niet-confessionele zedenleer.

- waarvoor het personeelslid het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs of het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel bezit, waarvoor het personeelslid is vast benoemd en dat het personeelslid in de loop van de laatste vijf jaar gedurende een ononderbroken periode van zes maanden heeft onderwezen. Als de instelling behoort tot een scholengemeenschap geldt de toepassing van deze bepaling voor alle instellingen van deze scholengemeenschap. Als de instelling niet behoort tot een scholengemeenschap geldt deze bepaling enkel voor de inrichtende macht.

Als de vaste benoeming van een leraar in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “hetzelfde ambt” beperkt tot de vakken of specialiteiten die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

3° een opdracht die ten minste een gelijke salarisschaal en een voor die salarisschaal gelijke geldelijke anciënniteit oplevert. Deze bepaling geldt niet voor het bevorderingsambt van directeur, behalve als het gaat om directeur van een instelling met een derde graad of met hoger beroepsonderwijs, opleiding verpleegkunde(bovenbouwschool) die het vereist bekwaamheidsbewijs heeft voor het ambt van directeur in een instelling met een eerste graad of met een eerste en tweede graad (middenschool) en op voorwaarde dat het personeelslid hierdoor niet in een lagere salarisschaal terechtkomt.

Voor het buitengewoon secundair onderwijs gelden daarenboven ook de volgende bepalingen voor “hetzelfde ambt”:

4° er wordt onderscheid gemaakt tussen de leraar BGV in opleidingsvorm 2 en de leraar BGV in opleidingsvorm 3;

5° in type 6 wordt het ambt van leraar ASV Compensatietechniek-braille als “hetzelfde ambt” beschouwd ongeacht de opleidingsvorm en wordt het ook als “hetzelfde ambt” beschouwd voor leermeester ASV Compensatietechniek-braille in het buitengewoon basisonderwijs;

6° voor leraar BGV in opleidingsvorm 3 vormen de specialiteiten beroepsgerichte vorming en de praktische vakken in opleidingsvorm 4 of in de eerste graad van het gewoon secundair onderwijs “hetzelfde ambt” volgens onderstaande tabel.

Dit geldt voor de leraar BGV die voor de specialiteit BGV en het praktische vak OV 4 of eerste graad SO:

a)zowel in het buitengewoon secundair als in het gewoon secundair onderwijs een vereist bekwaamheidsbewijs of een vereist bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel bezit ;

b)in het buitengewoon secundair onderwijs een vereist bekwaamheidsbewijs, een vereist bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel, het voldoende geacht bekwaamheidsbewijs of het voldoende geacht bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel bezit en in het gewoon secundair onderwijs een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs of een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel. In onderling akkoord kunnen personeelslid en inrichtende macht voor punt b) toch een onderscheid maken tussen buitengewoon en gewoon secundair onderwijs, tenzij het personeelslid in het gewoon secundair onderwijs het praktische vak al eerder als vastbenoemd personeelslid heeft onderwezen.

Specialiteit BGV OV 3 

Praktisch vak eerste graad OV 4 of eerste graad SO 

Agrarische technieken 

Agrarische technieken 

Autotechniek 

Autotechniek 

Bakkerij 

Bakkerij 

Bouw 

Bouw 

Carrosserie 

Carrosserie 

Centrale verwarming 

Centrale verwarming 

… 

… 

… 

… 

Grafische technieken 

Grafische technieken 

Haartooi- en schoonheidszorgen 

Haartooi 

Hout 

Hout 

Huishoudkunde 

Huishoudkunde 

Kleding 

Kleding 

Lassen-monteren 

Lassen-constructie 

Leder 

Leder 

Mechanica 

Mechanica 

Metaal 

Metaal 

Sanitair 

Sanitair 

Schilderen en decoratie 

Schilderen en decoratie 

… 

… 

Slagerij 

Slagerij 

Textiel 

Textiel 

Verkoop- en kantoortechnieken 

Dactylografie 

Verzorging 

Verzorging 

Verzorgingstechnieken 

Voeding 

Voeding 

9.1.1.2. Definitie van het begrip “ander ambt”

Een 'ander ambt' is elk ambt, met uitzondering van 'hetzelfde ambt', in de verschillende onderwijsniveaus, waarvoor het personeelslid over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een vereist bekwaamheidsbewijs.

Ook een ambt, waarvoor het personeelslid een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs heeft of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, behoort hier toe, mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en de inrichtende macht.

Als de vaste benoeming van een leraar in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, behoren de vakken of specialiteiten die daardoor niet meer behoren tot de draagwijdte van zijn vaste benoeming en tot de omschrijving van “hetzelfde ambt”, ook niet tot de omschrijving van “ander ambt”.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure

9.1.2. Definitie van het begrip "betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling"

In het secundair onderwijs is een betrekking vanaf 1 september van het betrokken schooljaar niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, indien het personeelslid dat deze betrekking bekleedt een dienstanciënniteit in hoofdambt verworven heeft van ten minste 720 dagen gespreid over ten minste drie schooljaren.

Deze dienstanciënniteit moet bereikt zijn op:

- 31 augustus van het voorgaande schooljaar voor de leden van het ondersteunend personeel, het administratief personeel en het personeel van de semi-internaten;

- 30 juni van het voorgaande schooljaar voor de andere personeelsleden (x 1,2!).

Voor het personeelslid dat deze voorwaarden vervult, blijven de bovenstaande bepalingen geldig over de schooljaren heen.

Zowel voor het gewoon als het buitengewoon secundair onderwijs gaat de immuniteit pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld. Dit betekent dat elke inrichtende macht zal verplicht worden al haar tijdelijke personeelsleden mee te delen aan de eerste bevoegde reaffectatiecommissie. Dit geldt ook voor de tijdelijke personeelsleden met een aanstelling voor doorlopende duur (zie punt 9.3.1.1 en punt 9.3.3.1).

9.1.3. De reaffectatiecommissies

Welke personeelsleden u aan welke reaffectatiecommissies moet melden, vindt u in punt 9.3 van deze omzendbrief.

9.1.3.1. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap

In elke scholengemeenschap in het secundair onderwijs wordt een reaffectatiecommissie opgericht, de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit evenveel vertegenwoordigers van de inrichtende machten van de scholen van de scholengemeenschap enerzijds en de representatieve vakorganisaties anderzijds. Deze reaffectatiecommissie oefent haar bevoegdheid uit in overleg en streeft daarbij naar consensus. Als de vertegenwoordigers van de inrichtende machten geen overeenstemming bereiken met de vertegenwoordigers van de representatieve vakorganisaties, nemen de vertegenwoordigers van de inrichtende machten de uiteindelijke beslissing.

De samenstelling van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap gebeurt steeds op basis van de scholen die deel zullen uitmaken van de scholengemeenschap op 1 september van het schooljaar waarop de toewijzingen van de reaffectatiecommissie ingaan.

Als er dus op 1 september in de scholengemeenschap scholen bijkomen of scholen weggaan, moet daar bij de samenstelling van de reaffectatiecommissie al rekening mee worden gehouden.

Voor een scholengemeenschap die op 1 september volledig nieuw is (dus voor het eerst wordt opgericht), betekent dit dat de reaffectatiecommissie van deze scholengemeenschap al voor 1 september moet worden samengesteld.

Elke scholengemeenschap stelt een huishoudelijk reglement op houdende het aantal leden en de werking van haar reaffectatiecommissie.

In elke reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap fungeren een voorzitter en een secretaris, die beiden door deze reaffectatiecommissie zijn aangewezen. De secretaris coördineert de uitwisseling van de gegevens over de vacatures en de ter beschikking gestelde personeelsleden. Hij moet alle beschikbare informatie over de vacatures verstrekken aan de ter beschikking gestelde personeelsleden die erom verzoeken en alle beschikbare informatie over de ter beschikking gestelde personeelsleden meedelen aan de inrichtende machten die erom verzoeken.

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap behandelt de dossiers van ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholen die op 1 september tot eenzelfde scholengemeenschap (zullen) behoren en die de inrichtende macht niet heeft gereaffecteerd of wedertewerkgesteld.

Als een school die op 31 augustus 2014 nog tot een scholengemeenschap behoorde op 1 september 2014 niet langer deel uitmaakt van die scholengemeensc hap en ook niet toetreedt tot een andere scholengemeenschap, wordt deze school voor de reaffectatieverplichtingen in de scholen die behoren tot de scholengemeenschap voor het schooljaar 2014-2015 nog eenmalig beschouwd als behorende tot de scholengemeensch ap. Dit betekent dat de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschappen terbeschikkinggestelde personeelsleden en vacatures in deze school nog eenmalig meeneemt in haar toewijzingen voor het schooljaar 2014-2015.
Vanaf het schooljaar 2014-2015 gelden v oor deze school de regels die van kracht zijn voor scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren.

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap heeft volgende bevoegdheden:

1. Verzamelen van de ter beschikking gestelde personeelsleden en de vacatures van de scholen van de scholengemeenschap.

2. Reaffecteren en wedertewerkstellen van de ter beschikking gestelde personeelsleden binnen dezelfde categorie uit in de scholen die behoren tot de scholengemeenschap.

3. Behandelen van bezwaarschriften tegen de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft uitgesproken.

4. Ter beschikking gestelde personeelsleden voor wie geen reaffectatie of weder tewerkstelling in een organ ieke betrekking kan gevonden worden, een niet-organieke betrekking toewijzen aan bij voorkeur één of meerdere scholen binnen de scholengemeenschap in hetzelfde ambt. De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap doet deze toewijzing op basis van voors tellen die binnen de commissie worden besproken.

De genoemde bevoegdheden moeten begrepen worden als verplichtingen. Als de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een personeelslid niet kan reaffecteren maar wel kan wedertewerkstellen binnen deze lfde categorie, dan moet ze dat doen.

De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap oefent haar bevoegdheden uit gedurende het volledige schooljaar.

De uiterste ingangsdatum van de reaffectaties en de wedertewerkstellingen uitgesproken door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap is 15 september.

9.1.3.2. De reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs

De scholengroep is een geografische entiteit die scholen kan omvatten van alle onderwijsniveaus en die minstens basis- en secundair onderwijs omvat. Per scholengroep wordt een reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie heeft volgende bevoegdheden:

- toewijzen van een reaffectatie in de scholen behorende tot de scholengroep per onderwijsniveau en afzonderlijk voor het gewoon en buitengewoon onderwijs;

- toewijzen van een wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie en binnen het onderwijsniveau;

- toewijzen van een wedertewerkstelling over de categorieën en over de onderwijsniveaus heen.

In de reaffectatiecommissie van de scholengroep worden voor het secundair onderwijs de … dossiers behandeld van:

- de ter beschikking gestelde personeelsleden van scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren en die de school niet kon reaffecteren of weder tewerkstellen en van gesloten scholen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden van scholen die tot een scholengemeenschap behoren die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking buiten de eigen scholengemeenschap verkiezen boven een toewijzing in een niet-organieke betrekking in de eigen scholengemeenschap;

De uiterste ingangsdatum van de reaffectaties en wedertewerkstellingen die de reaffectatiecommissie van de scholengroep uitspreekt, is 15 september.

Na haar werkzaamheden genereert het secretariaat van de Vlaamse reaffectatiecommissie de nodige gegevens zelf uit het elektronische personeelsdossier.

Praktische informatie over de melding van deze gegevens vindt u in omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

9.1.3.3. De Vlaamse reaffectatiecommissie

Binnen het Ministerie van Onderwijs en Vorming is een Vlaamse reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit 2 kamers. Een kamer is bevoegd voor het gemeenschapsonderwijs, de andere kamer is bevoegd voor het gesubsidieerd onderwijs.

De bevoegdheden van de Vlaamse reaffectatiecommissie zijn opgesomd in punt 4.2.1.

Voor de scholen van het gesubsidieerd onderwijs die niet tot een scholengemeenschap behoren, is de Vlaamse reaffectatiecommissie de eerstbevoegde reaffectatiecommissie.

Met ingang van 1 september 2015 wordt de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie opgeschort voor de scholen die behoren tot een scholengemeenschap.

9.2. De terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

Als het gaat om betrekkingen van personeelsleden in ambten die ingericht worden via de globale puntenenveloppe, moet de inrichtende macht voorafgaand aan de toepassing van de hierna volgende regels een aantal criteria opstellen die zij wenst te hanteren bij een eventuele vermindering van het aantal punten van de globale puntenenveloppe.
Meer informatie hierover vindt u in de omzendbrief PERS/2009/06 van 17/08/2009 - Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

9.2.1. Maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling

Bij de aanvang van het schooljaar beschikt de inrichtende macht voor elke school, op basis van het aantal leerlingen op 1 februari van het voorafgaande schooljaar, over een aantal ambten en een pakket uren-leraar/lesuren en punten. Met deze ambten en het pakket uren-leraar/lesuren en punten richt de school betrekkingen op. Deze betrekkingen moeten worden ingevuld door vastbenoemde personeelsleden volgens het principe van “hetzelfde ambt”. Wanneer niet alle vastbenoemde personeelsleden binnen de bepalingen van "hetzelfde ambt" een opdracht kunnen opnemen, moet de inrichtende macht een aantal maatregelen treffen. Dit zijn de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking.

Als het gaat om voorafgaande maatregelen t.a.v. betrekkingen van personeelsleden in ambten die ingericht worden via de globale puntenenveloppe, moet de inrichtende macht bij het nemen van deze voorafgaande maatregelen rekening houden met de beslissing die ze heeft genomen m.b.t. een vermindering van de globale puntenenveloppe.
Meer informatie hierover vindt u in de omzendbrief PERS/2009/06 van 17/08/2009 -Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

In het gemeenschapsonderwijs stelt een inrichtende macht een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde school, volgende maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

In het gesubsidieerd onderwijs stelt een inrichtende macht een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot dezelfde school of tot de scholen die deze inrichtende macht tot stand gebracht heeft op het grondgebied van dezelfde gemeente en, ingeval van een scholengemeenschap, die tot dezelfde scholengemeenschap behoren, volgende maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties. Dit gebeurt eerst in de school waar er een vermindering is aan uren-leraar en vervolgens in een andere school;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

De maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling hoeven uiteraard maar te gebeuren voor zover dit nodig is om de terbeschikkingstelling te vermijden.

Als de inrichtende macht besluit een pedagogische entiteit te vormen, vormt deze pedagogische entiteit één instelling voor de toepassing van voormelde maatregelen.

9.2.2. Wie wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking?

Wanneer de verdeling van de opdrachten en de voorafgaande maatregelen er niet toe hebben geleid dat alle vastbenoemde personeelsleden op 1 september opnieuw over een opdracht beschikken, is de inrichtende macht verplicht een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uit te spreken.

9.2.2.1. De dienstanciënniteit

Het is het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt" dat ter beschikking wordt gesteld wegens ontstentenis van betrekking. Deze dienstanciënniteit wordt berekend vanaf een bepaalde leeftijd:

- 21 jaar voor de leden van het opvoedend hulppersoneel, het administratief personeel, het ondersteunend personeel, het paramedisch en het sociaal personeel;

- 24 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel ;

- 25 jaar voor het psychologisch, het medisch en het orthopedagogisch personeel.

9.2.2.2. De terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

In het secundair onderwijs wordt een onderscheid gemaakt tussen enerzijds het gemeenschapsonderwijs en het gesubsidieerd vrij onderwijs en anderzijds het gesubsidieerd officieel onderwijs.

In het gemeenschapsonderwijs en in het gesubsidieerd vrij onderwijs spreekt de inrichtende macht de terbeschikkingstelling uit in de school waar de vermindering zich voordoet ten laste van het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt". Een pedagogische entiteit wordt als één school beschouwd.

In het gesubsidieerd officieel onderwijs spreekt de inrichtende macht de terbeschikkingstelling eveneens uit in de school waar de vermindering zich voordoet ten laste van het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt". Maar in scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren, gebeurt de terbeschikkingstelling naar keuze in de school waar zich de vermindering voordoet of in het geheel van de scholen die de inrichtende macht op het grondgebied van dezelfde gemeente inricht en die niet tot een scholengemeenschap behoren. Deze keuze geldt voor een periode van zes jaar of tot op het einde van de legislatuur.

Bijzondere regels i.v.m. de terbeschikkingstelling.

In het buitengewoon secundair onderwijs gelden volgende specifieke maatregelen bij een vermindering van het urenpakket voor het paramedisch, medisch, orthopedagogisch, psychologisch en sociaal personeel:

Als een school of een instelling ten overstaan van het einde van het voorafgaande schooljaar (31 augustus) minder uren heeft binnen het urenpakket voor het paramedisch, medisch, orthopedagogisch, psychologisch en sociaal personeel, kan dit tot gevolg hebben dat de school of instelling één of meerdere betrekkingen minder kan inrichten.

Bij daling van het aantal uren kiest de inrichtende macht in eerste instantie - op basis van criteria die gelden voor tenminste drie schooljaren en die worden onderhandeld in het bevoegde lokaal comité - een betrekking of betrekkingen uit de ambten van het paramedisch, medisch, orthopedagogisch, psychologisch en sociaal personeel die door deze vermindering niet meer kan of kunnen worden in stand gehouden. Het gaat hierbij steeds om ambten die in de betrokken school of instelling werden ingericht op het einde van het voorgaande schooljaar (31 augustus).

Bij een vermindering van het aantal punten van de globale puntenenveloppe kiest de inrichtende macht, op basis van de beslissing die ze heeft gemaakt m.b.t. een vermindering van de globale puntenenveloppe, welke betrekking of betrekkingen door deze vermindering niet meer kan of kunnen in stand worden gehouden.

Meer informatie hierover vindt u in de omzendbrief PERS/2009/06van 17/08/2009 - Aanwending van de globale puntenenveloppe in het secundair onderwijs.

9.3. Reaffectatie en wedertewerkstelling

In het secundair onderwijs wordt bij de volgorde van reaffectatie en wedertewerkstelling een onderscheid gemaakt tussen drie groepen:

- de scholen die behoren tot een scholengemeenschap;

- de scholen die behoren tot een netoverschrijdende scholengemeenschap;

- de scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren en de gesloten scholen.

9.3.1. Scholen die behoren tot een scholengemeenschap

9.3.1.1. Voorafgaand

1. Het begrip “vacature”

Een vacature is een vacante of een niet-vacante betrekking die is ingenomen door een tijdelijk personeelslid.

De inrichtende macht moet alle vacatures voor reaffectatie aanbieden aan haar ter beschikking gestelde personeelsleden en aan de ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholengemeenschap.

Een vacature (zowel een vacante als een niet-vacante betrekking) die is ingenomen door een tijdelijk personeelslid aangesteld voor doorlopende duur, kan de inrichtende macht voor wedertewerkstelling aanbieden. Dit is echter niet verplicht.

Dit principe geldt tot de verplichtingen binnen de scholengemeenschap zijn vervuld.

2. Het begrip “pedagogische entiteit”

Een pedagogische entiteit is een entiteit die bestaat uit enerzijds één school met een eerste graad en anderzijds uit één school met een tweede en een derde graad en eventueel een opleiding Verpleegkunde hbo5, die behoort tot dezelfde inrichtende macht en die in hetzelfde gebouwencomplex is gelegen. Het begrip "pedagogische entiteit" zal een rol spelen en dit zowel voor wat betreft de verdeling van de opdrachten als voor de terbeschikkingstelling en de reaffectatie.

De aandacht wordt erop gevestigd dat dit betekent dat een entiteit die bestaat uit 3 of meer scholen (bv. 1 middenschool en 2 bovenbouwscholen of 2 middenscholen en 2 bovenbouwscholen) die in een zelfde gebouwencomplex zijn gelegen, nooit één pedagogische entiteit kan zijn. Als de inrichtende macht hier een pedagogische entiteit wil vormen, moet er steeds een één-op-één relatie zijn tussen middenschool en bovenbouw. In dat geval kiest de inrichtende macht met welke bovenbouwschool de middenschool een pedagogische entiteit vormt.

3. Verplichtingen t.a.v. een school die op 31 augustus 2014 nog tot de scholengemeenschap behoort maar op 1 september 2014 niet meer tot een scholengemeenschap behoort

Als een school die op 31 augustus 2014 nog tot een scholengemeenschap behoorde, op 1 september 2014 niet langer deel uitmaakt van die scholengemeenschap en ook niet toetreedt tot een andere scholengemeenschap, wordt deze school voor de reaffectatieverplichtingen in de scholen die behoren tot de scholengemeenschap voor het schooljaar 2014-2015 nog eenmalig beschouwd als behorende tot de scholengemeenschap. Dit betekent dat de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschappen terbeschikkinggestelde personeelsleden en vacatures in deze school nog eenmalig meeneemt in haar toewijzingen voor het schooljaar 2014-2015.

Vanaf het schooljaar 2014-2015 gelden voor deze school de regels die van kracht zijn voor scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren.

9.3.1.2. De verplichtingen inzake reaffectatie en wedertewerkstelling

AANDACHT
In afwijking van de hiernavolgende verplichtingen is een inrichtende macht niet verplicht om een personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking in een vacature aan te stellen via reaffectatie of wedertewerkstelling, als dit personeelslid in de instelling of pedagogische entiteit waar de vacature zich situeert, eerder ontslagen werd als gevolg van evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” volgens hoofdstuk VIIIter van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs of hoofdstuk Vter van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs.

De verplichtingen en vrijheden van de scholen die tot een scholengemeenschap behoren, zijn in volgorde de volgende:

1. Verplichte reaffectatie binnen dezelfde inrichtende macht in principe in eerste instantie in dezelfde school of dezelfde pedagogische entiteit, in tweede instantie in de scholen van die inrichtende macht die tot dezelfde scholengemeenschap behoren.

Als het personeelslid en de inrichtende macht het erover eens zijn, kan reaffectatie onmiddellijk in de andere scholen van de inrichtende macht.

2. Vrijwillige wedertewerkstellingen (mits instemming van het personeelslid) binnen dezelfde personeelscategorie binnen dezelfde inrichtende macht in de scholen die tot dezelfde scholengemeenschap behoren.

Deze eerste twee stappen moeten beëindigd zijn op 1 september. Daarna meldt de inrichtende macht de personeelsleden die nog ter beschikking zijn gesteld en de resterende vacatures (dus ook de tijdelijke personeelsleden aangesteld voor doorlopende duur) aan de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap. Deze melding gebeurt aan de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap waar de school of scholen van de inrichtende macht op 1 september zullen toe behoren.

3. Verplichting om de ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholen van de scholengemeenschap die de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap toewijst bij wijze van reaffectatie, in dienst te nemen.

De scholengemeenschap wijst een reaffectatie in een ambt van het ondersteunend personeel bij voorrang toe in een vacante betrekking met dezelfde puntenwaarde als deze van het ter beschikking gestelde personeelslid en als dat niet kan in een vacante betrekking met een andere puntenwaarde.

4. Verplichting om de ter beschikking gestelde personeelsleden van de scholen van de scholengemeenschap die de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap toewijst bij wijze van wedertewerkstelling in dezelfde personeelscategorie, in dienst te nemen.

De scholengemeenschap wijst een wedertewerkstelling in een ambt van het ondersteunend personeel bij voorrang toe in een vacante betrekking met dezelfde puntenwaarde als deze van het ter beschikking gestelde personeelslid en als dat niet kan in een vacante betrekking met een andere puntenwaarde.

5. Na deze verplichtingen is de inrichtende macht:

- vrij een personeelslid in dienst te nemen bij wijze van nieuwe affectatie of mutatie;

- verplicht een tijdelijk personeelslid in dienst te houden of aan te stellen dat het recht heeft verworven op een aanstelling van doorlopende duur;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

- vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

Opgelet: wanneer de inrichtende macht gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

Deze fases moeten beëindigd zijn op 15 september.

Vanaf 1 september 2015 wordt de werking van de Vlaamse reaffectatiecommissie en van de reaffectatiecommissie van de scholengroep opgeschort voor de schole n die tot een scholengemeenschap behoren. Ter beschikking gestelde personeelsleden die na de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet kunnen worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld, worden door deze reaffectatiecommissie toe gewezen aan bij voorkeur één of meerdere scholen van de scholengemeenschap, steeds in een niet-organieke betrekking in het ambt waarin het personeelslid ter beschikking werd gesteld.

Een personeelslid dat een betrekking toegewezen krijgt die als “hetzelf
de ambt” kan beschouwd worden, is verplicht deze betrekking te aanvaarden. Wanneer een toewijzing in “hetzelfde ambt” niet mogelijk is, kan het personeelslid een betrekking toegewezen worden binnen dezelfde categorie die niet als “hetzelfde ambt” kan besch ouwd worden. Het personeelslid kan dergelijke toewijzing weigeren, maar wordt in dat geval als administratieve ondersteuning van de scholengemeenschap tewerkgesteld met de daarbijhorende prestatie-en vakantieregeling.

De hierboven vermelde toewijzing word
t beschouwd als een reaffectatie in een niet vacante betrekking. Die toewijzing schort de reaffectatieverplichtingen van de inrichtende machten binnen de scholengemeenschap en van de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap niet op. Als er dus in de loop van het schooljaar in een school van de scholengemeenschap een vacature ontstaat, moet de inrichtende macht/reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap nagaan of het terbeschikkinggestelde personeelslid in deze vacature kan worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Als dat het geval is, moet het terbeschikkinggestelde personeelslid in de vacature worden gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Tijdens deze reaffectatie of weder tewerkstelling wordt de toewijzing in de niet-organieke betrekking o pgeschort.

Ter beschikking gestelde personeelsleden die een reaffectatie of weder tewerkstelling in een organieke betrekking verkiezen boven een toewijzing in een niet-organieke betrekking door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap kunnen daa
rtoe een vraag richten aan de reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs en/of aan de Vlaamse reaffectatiecommissie . De reaffectatiecommissie van de scholengroep en/of de Vlaamse reaffectatiecommissie is verplicht op deze vraag in te gaan. In afwachting van een reaffectatie of weder tewerkstelling door de reaffectatiecommissie van de scholengroep en/of van de Vlaamse reaffectatiecommissie blijft de toewijzing genomen door de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap onverm inderd van kracht.

9.3.2. Scholen die behoren tot een netoverschrijdende scholengemeenschap

Hier wordt net dezelfde volgorde gehanteerd als in het voorgaande punt (punt 9.3.1.).

Wanneer echter de reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap een personeelslid reaffecteert of weder tewerkstelt in een school van dezelfde scholengemeenschap die behoort tot een inrichtende macht van een ander net dan het net waar het personeelslid is ter beschikking gesteld, kan het personeelslid de reaffectatie of wedertewerkstelling weigeren. …

9.3.3. Scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren

Opmerking: dit punt geldt eveneens voor scholen die vóór 1 september 1999 gesloten werden.

9.3.3.1. Voorafgaand

1. Het begrip “vacature”

Een vacature is een vacante of een niet-vacante betrekking die is ingenomen door een tijdelijk personeelslid.

De inrichtende macht moet alle vacatures voor reaffectatie aanbieden aan haar ter beschikking gestelde personeelsleden.

Een vacature (zowel een vacante als een niet-vacante betrekking) die is ingenomen door een tijdelijk personeelslid aangesteld voor doorlopende duur, kan de inrichtende macht in het kader van de vrijwillige wedertewerkstelling aanbieden aan haar ter beschikking gestelde personeelsleden. Dit is echter niet verplicht.

2. Het begrip “pedagogische entiteit”

Net zoals in het decreet rechtspositie wordt ook in het besluit betreffende de terbeschikkingstelling en reaffectatie het begrip pedagogische entiteit ingevoerd. Een pedagogische entiteit is een entiteit die bestaat uit enerzijds één school met een eerste graad en anderzijds uit één school met een tweede en een derde graad en eventueel een opleiding Verpleegkunde hbo5 van het secundair onderwijs, die behoort tot dezelfde inrichtende macht en die in hetzelfde gebouwencomplex is gelegen. Het begrip "pedagogische entiteit" zal een rol spelen en dit zowel voor wat betreft de verdeling van de opdrachten als voor de terbeschikkingstelling en de reaffectatie.

De aandacht wordt erop gevestigd dat dit betekent dat een entiteit die bestaat uit 3 of meer scholen (bv. 1 middenschool en 2 bovenbouwscholen of 2 middenscholen en 2 bovenbouwscholen) die in een zelfde gebouwencomplex zijn gelegen, nooit één pedagogische entiteit kan zijn. Als de inrichtende macht hier een pedagogische entiteit wil vormen, moet er steeds een één-op-één relatie zijn tussen middenschool en bovenbouw. In dat geval kiest de inrichtende macht met welke bovenbouwschool de middenschool een pedagogische entiteit vormt.

9.3.3.2. De verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling

De verplichtingen en vrijheden van de scholen die niet tot een scholengemeenschap behoren, zijn in volgorde de volgende:

1. Verplichte reaffectatie binnen dezelfde inrichtende macht in principe in eerste instantie in dezelfde school of dezelfde pedagogische entiteit, in tweede instantie in de andere scholen van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoren. Als het personeelslid en de inrichtende macht het erover eens zijn, kan reaffectatie onmiddellijk in de andere scholen van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoren.

2. Vrijwillige wedertewerkstellingen (mits toestemming van het personeelslid) in dezelfde personeelscategorie binnen dezelfde inrichtende macht in de scholen van de inrichtende macht die niet tot een scholengemeenschap behoren.

Na deze eerste twee stappen, die op 1 september moeten beëindigd zijn, meldt de inrichtende macht de personeelsleden die nog ter beschikking zijn gesteld en de resterende vacatures (dus ook de tijdelijke personeelsleden aangesteld voor doorlopende duur) aan de bevoegde reaffectatiecommissie.

Voor het gemeenschapsonderwijs is dat de reaffectatiecommissie van de scholengroep.

Voor het gesubsidieerd onderwijs is dat de Vlaamse reaffectatiecommissie.

3. Vervolgens is de inrichtende macht verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de reaffectatiecommissie van de scholengroep (gemeenschapsonderwijs) of de Vlaamse reaffectatiecommissie (het gesubsidieerd onderwijs) worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling, in dienst te nemen.

De reaffectatiecommissie van de scholengroep of de Vlaamse reaffectatiecommissie wijst een reaffectatie of wedertewerkstelling in een ambt van het ondersteunend personeel bij voorrang toe in een vacante betrekking met dezelfde puntenwaarde als deze van het ter beschikking gestelde personeelslid en als dat niet kan in een vacante betrekking met een andere puntenwaarde.

4. Pas nadat deze verplichtingen zijn nageleefd, komt de inrichtende macht in een vrije fase en is zij:

- vrij een personeelslid in dienst te nemen bij wijze van nieuwe affectatie of mutatie;

- verplicht een tijdelijk personeelslid in dienst te houden of aan te stellen dat het recht heeft verworven op een aanstelling van doorlopende duur;

- vrij een ter beschikking gesteld personeelslid bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen;

- vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat "vrij van reaffectatie" is.

Opgelet: wanneer de inrichtende macht gebruik maakt van deze "vrijheden", moet zij de hiervoor vermelde volgorde respecteren.

Deze fase gaat in op 15 september (gemeenschapsonderwijs) of op de eerste werkdag van oktober (gesubsidieerd onderwijs). Dit betekent echter niet dat een inrichtende macht geen tijdelijk personeelslid kan in dienst houden of kan aanstellen voor doorlopende duur, of een andere werving kan doen. Deze personeelsleden zijn echter pas na de toepassing van de toewijzingen door de voor hun net bevoegde reaffectatiecommissie zeker van hun betrekking. Tot en met deze reaffectatiecommissie kunnen zij immers worden verdrongen door ter beschikking gestelde personeelsleden.

5. Tenslotte is de inrichtende macht in het gemeenschapsonderwijs verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

9.3.4. Belangrijk principe

Wanneer een inrichtende macht over verschillende vacatures beschikt, moet elke reaffectatie of wedertewerkstelling eerst gebeuren in vacante betrekkingen; vervolgens in niet-vacante betrekkingen.

Zowel bij de vacante als de niet-vacante betrekkingen gebeurt de toewijzing eerst in een betrekking die niet wordt ingenomen door een tijdelijk personeelslid aangesteld voor doorlopende duur.

Voor het ondersteunend personeel gebeurt de toewijzing bij voorrang in een vacante betrekking met dezelfde puntenwaarde als deze van het ter beschikking gestelde personeelslid en als dat niet kan in een vacante betrekking met een andere puntenwaarde.

9.4. Het ondersteunend personeel in het secundair onderwijs

Specifieke bepalingen betreffende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking, reaffectatie en wedertewerkstelling voor het ondersteunend personeel in het secundair onderwijs, kan u terugvinden in de omzendbrief PERS/2009/07van 17/08/2009 -Het ondersteunend personeel in het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs.

10. Het deeltijds kunstonderwijs

Aandacht:
De instelling voor deeltijds kunstonderwijs die op basis van artikel 98bis van het decreet van 31 juli 1990 betreffende het onderwijs II, naast betrekkingen van opsteller, ook nog bij overgangsmaatregel beschikt over gefinancierde of gesubsidieerde betrekkingen van studiemeester-opvoeder, moet bij het toepassen van de bepalingen van deze omzendbrief de volgende regel gebruiken bij een vermindering van haar uren-opsteller.
Bij een vermindering van de uren-opsteller beslist de inrichtende macht of zij de vermindering volledig plaatst in de groep van studiemeester-opvoeder, volledig in de groep van opsteller of dat zij de vermindering verdeelt over beide groepen. Dit gebeurt op basis van criteria die worden onderhandeld in het bevoegde lokaal comité.

Een kunstacademie, die vanaf 1 september 2009 kan worden gevormd, heeft recht op extra uren-leraar beleidsondersteuning. De betrekking die met deze uren-leraar beleidsondersteuning wordt opgericht is niet onderhevig aan de bepalingen van deze omzendbrief. Vanaf 1 september 2014 kan aan een kunstacademie die ontstaat door een fusie van instellingen onder bepaalde voorwaarden een niet-organieke betrekking van directeur worden toegevoegd. Als dat het geval is, krijgt die kunstacademie geen uren-leraar voor beleidsondersteuning. Zie hierover ook punt 10.8 en de omzendbrief DKO/2009/03 over de personeelsaspecten van de regelgeving over de Kunstacademie in het Deeltijds Kunstonderwijs.

10.1. Hetzelfde en ander ambt

Voor de toepassing van deze reglementering hebben de personeelsleden en de inrichtende machten rechten en plichten in een ambt.

10.1.1. Hetzelfde ambt

Voor alle opdrachten die behoren tot 'hetzelfde ambt' van een personeelslid bestaan er rechten en plichten. Dit betekent dat een personeelslid nooit kan weigeren een betrekking op te nemen die voor hem tot 'hetzelfde ambt' behoort. Anderzijds is de inrichtende macht steeds verplicht de opdrachten die 'hetzelfde ambt' zijn voor een bepaald personeelslid, aan hem aan te bieden.

De omschrijving van 'hetzelfde ambt' gebeurt aan de hand van een aantal criteria die met het ambt, het vak, de salarisschaal en het niveau te maken hebben.

Ambt.

'Hetzelfde ambt' is in de eerste plaats beperkt tot het ambt waarin het personeelslid vastbenoemd is. Men kan enkel vast benoemd worden voor een ambt dat opgenomen is in de reglementering tot rangschikking en indeling van de ambten van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het administratief en opvoedend hulppersoneel in het deeltijds kunstonderwijs.

Vak en specialiteit.

Voor het ambt van leraar wordt 'hetzelfde ambt' verder beperkt tot:

a) een opdracht in hetzelfde vak of dezelfde specialiteit, en voor technische, artistieke of kunstvakken, in de vakken die behoren tot dezelfde specialiteit, waarvan het personeelslid op 31 augustus van het voorgaand schooljaar titularis was en waarvoor hij het vereist of voldoende geacht bekwaamheidsbewijs bezit.

b) een opdracht in elk vak of elke specialiteit, andere dan bedoeld in a), en wanneer het technische, artistieke of kunstvakken betreft, de vakken die behoren tot dezelfde specialiteit, waarvoor het personeelslid het vereiste bekwaamheidsbewijs bezit ofwel het voldoende geachte bekwaamheidsbewijs onder de voorwaarde dat hij dat vak gedurende een ononderbroken periode van ten minste zes maanden onderwezen heeft in de loop van de laatste vijf schooljaren.

Als de vaste benoeming van een leraar in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “hetzelfde ambt” beperkt tot de vakken of specialiteiten die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

Individueel vak of ander vak.

In de studierichtingen 'muziek', 'woordkunst' en 'dans' wordt voor 'hetzelfde ambt' bovendien een onderscheid gemaakt tussen de zogenaamde individuele vakken en de andere vakken. Individuele vakken zijn de vakken met maximum 4 leerlingen als groeperingsnorm (artikel 11 van het besluit van de Vlaamse regering van 31 juli 1990 houdende organisatie van het deeltijds kunstonderwijs, studierichtingen “Muziek”, “Woordkunst” en “Dans”).

Salarisschaal.

'Hetzelfde ambt' levert minstens een gelijke salarisschaal op.

Niveau.

Voor de toepassing van 'hetzelfde ambt' wordt een onderscheid gemaakt tussen het lager secundair niveau en het hoger secundair niveau.

Uitzondering: het onderscheid tussen lager en hoger secundair niveau wordt in de studierichtingen 'muziek', 'woorkunst' en 'dans' niet gemaakt voor opdrachten in individuele vakken in dezelfde specialiteit; daarbij wordt dan ook geen rekening gehouden met een verschil in salarisschaal. Een opdracht in dezelfde specialiteit in een individueel vak behoort dus tot 'hetzelfde ambt' ook al bevindt zij zich op een ander niveau en ook al levert zij geen gelijke salarisschaal op.

10.1.2. Ander ambt

'Ander ambt' is elk ambt, met uitzondering van 'hetzelfde ambt', in de verschillende onderwijsniveaus, waarvoor het personeelslid over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een vereist bekwaamheidsbewijs.

Ook een ambt waarvoor het personeelslid een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs heeft of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, behoort hier toe, mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en de inrichtende macht.

Als de vaste benoeming van een leraar in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, behoren de vakken of specialiteiten die daardoor niet meer behoren tot de draagwijdte van zijn vaste benoeming en tot de omschrijving van “hetzelfde ambt”, ook niet tot de omschrijving van “ander ambt”.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

10.2. Reaffectatie en wedertewerkstelling

Reaffectatie van een ter beschikking gesteld personeelslid betekent dat men dit personeelslid een betrekking toewijst in 'hetzelfde ambt'.

Voorbeeld

In een DKO-school wordt een vastbenoemde leraar voor het vak 'algemene muzikale vorming' in de lagere graad ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking op 1 september 2005. In dezelfde school neemt een andere vastbenoemde leraar in het vak 'algemene muziekcultuur' in de middelbare graad gedeeltelijke loopbaanonderbreking met ingang van 1 september 2005. De ter beschikking gestelde leerkracht wordt dan gereaffecteerd in deze vacature 'algemene muziekcultuur', die voor hem tot hetzelfde ambt behoort. Het is immers ook een opdracht als leraar op het lager secundair niveau in een vak waarvoor hij een vereist bekwaamheidsbewijs heeft en waarvoor hij een gelijke salarisschaal heeft.

Wedertewerkstelling van een ter beschikking gesteld personeelslid betekent dat men dit personeelslid een betrekking toewijst in een 'ander ambt'.

Voorbeeld

In een DKO-school wordt een vastbenoemd leraar in het vak 'tekenen' in de hogere graad ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking op 1 september 2005. In de middelbare graad neemt een leraar van deze school voor zijn prestaties in het vak 'waarnemingstekenen' een gedeeltelijke loopbaanonderbreking met ingang van 1 september 2005. De leraar 'tekenen' komt in aanmerking voor een wedertewerkstelling als leraar 'waarnemingstekenen' in de middelbare graad. Dit is voor hem niet 'hetzelfde ambt' omdat het niet op hoger secundair niveau is en een lagere salarisschaal oplevert. Hij beschikt over het vereiste bekwaamheidsbewijs. Het is dus een 'ander ambt', waarin geen reaffectatie maar wel wedertewerkstelling mogelijk is.

OPGELET !

Reaffectatie heeft steeds voorrang op wedertewerkstelling.

10.3. Betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling

De voorwaarden waaronder een betrekking in het deeltijds kunstonderwijs niet meer vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling, zijn als volgt:

In het deeltijds kunstonderwijs is een betrekking vanaf 1 september van het schooljaar in kwestie niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, als het personeelslid dat die betrekking bekleedt een dienstanciënniteit heeft van ten minste 720 dagen in hoofdambt, gespreid over tenminste drie schooljaren. Het personeelslid moet deze dienstanciënniteit bereiken op 31 augustus van het voorgaande schooljaar voor de leden van het administratief personeel of op 30 juni van het voorgaande schooljaar voor de andere personeelsleden.

Zodra deze voorwaarden in hoofde van het personeelslid zijn vervuld, blijven deze bepalingen geldig over de schooljaren heen.

De bescherming waarvan een tijdelijk personeelslid geniet in een betrekking die niet meer vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling noemt men ook 'immuniteit'.

AANDACHT!
Zoals in de andere onderwijsniveaus gaat de immuniteit pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld. Dit is voor het deeltijds kunstonderwijs van het gemeenschapsonderwijs de reaffectatiecommissie van de scholengroep en voor het gesubsidieerd deeltijds kunstonderwijs de Vlaamse reaffectatiecommissie. Dat betekent dat voor die eerstbevoegde reaffectatiecommissie de opdrachten van alle tijdelijke personeelsleden als potentiële vacatures gelden. Dit geldt ook voor de tijdelijke personeelsleden met een aanstelling voor doorlopende duur.

10.4. Waar wordt men ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking?

In het deeltijds kunstonderwijs wordt, onder de vastbenoemde personeelsleden die 'hetzelfde ambt' als hoofdambt uitoefenen, diegene ter beschikking gesteld die de kleinste dienstanciënniteit heeft.

In het gemeenschapsonderwijs en het vrij gesubsidieerd onderwijs spreekt de inrichtende macht de terbeschikkingstelling uit in de instelling waar de vermindering van de prestaties zich voordoet.

In het officieel gesubsidieerd onderwijs gebeurt de terbeschikkingstelling naar keuze in de instelling waar de vermindering van prestaties zich voordoet of in het geheel van de instellingen die een inrichtende macht op het grondgebied van dezelfde gemeente organiseert. Deze keuze geldt voor een periode van zes jaar of tot op het einde van de legislatuur en geldt voor alle personeelsleden in alle categorieën.

10.5. Reaffectatie en wedertewerkstelling - Rechten en verplichtingen

Het terug in dienst roepen van ter beschikking gestelde personeelsleden moet gebeuren volgens een bepaalde volgorde.

Reaffectatie heeft steeds voorrang op wedertewerkstelling.

De verplichtingen inzake reaffectatie en wedertewerkstelling zijn de volgende.

10.5.1. Het gemeenschapsonderwijs

De verplichtingen en vrijheden van de instellingen voor deeltijds kunstonderwijs in een scholengroep zijn in volgorde de volgende:

1. Verplichte reaffectatie binnen de instelling:

a) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in hetzelfde ambt in deze instelling en die prioritaire rechten hebben op een reaffectatie (artikel 69 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie voor de studierichtingen “Muziek”, “Woordkunst” en “Dans”);

b) van de personeelsleden die in deze instelling ter beschikking gesteld zijn in hetzelfde ambt zonder prioritaire rechten;

c) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een instelling die werd overgenomen en die prioritaire rechten hebben op een reaffectatie (artikel 69 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie voor de studierichtingen “Muziek”, “Woordkunst” en “Dans”).

d) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een instelling die werd overgenomen en die geen prioritaire rechten op reaffectatie hebben.

2. Vrijwillige wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie als deze waarin het personeelslid werd ter beschikking gesteld, mits toestemming van het personeelslid.

3. Verplichting om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de reaffectatiecommissie van de scholengroep werden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

4. Na de reaffectatiecommissie van de scholengroep komt de scholengroep in de “vrije fase” en is zij in volgende volgorde:

1° vrij een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

2° verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

3° vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

4° vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat de voorwaarden vervult waaronder de betrekking niet meer vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling.

Na de reaffectatiecommissie van de scholengroep worden de overblijvende ter beschikking gestelde personeelsleden verwezen naar de Vlaamse reaffectatiecommissie.

5. Verplichting om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

10.5.2. Het gesubsidieerd onderwijs

De verplichtingen en vrijheden van de instellingen voor deeltijds kunstonderwijs van een inrichtende macht in het gesubsidieerd onderwijs zijn in volgorde de volgende:

1. Verplichte reaffectatie binnen de instelling:

a) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in hetzelfde ambt in deze instelling en die prioritaire rechten hebben op een reaffectatie (artikel 69 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie voor de studierichtingen “Muziek”, “Woordkunst” en “Dans”).

b) van de personeelsleden die in deze instelling ter beschikking gesteld zijn in hetzelfde ambt zonder prioritaire rechten.

c) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een instelling die werd overgenomen en die prioritaire rechten hebben op een reaffectatie (artikel 69 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 houdende de organisatie voor de studierichtingen “Muziek”, “Woordkunst” en “Dans”).

d) van de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in een instelling die werd overgenomen en die geen prioritaire rechten op reaffectatie hebben.

2. Vrijwillige wedertewerkstelling binnen de instellingen van dezelfde inrichtende macht binnen dezelfde categorie als deze waarin het personeelslid werd ter beschikking gesteld, mits toestemming van het personeelslid.

3. Verplichting om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie werden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling in dienst te nemen.

4. Nadat deze verplichtingen zijn nageleefd, komt de inrichtende macht in de 'vrije fase' en is zij in volgende volgorde:

1° vrij een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

2° verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

3° vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

4° vrij een tijdelijk personeelslid aan te stellen dat de voorwaarden vervult waaronder de betrekking niet meer vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling.

AANDACHT!
Deze 'vrije fase' gaat pas in na de toewijzingen van de Vlaamse reaffectatiecommissie. Dit betekent echter niet dat een inrichtende macht voordien geen tijdelijk personeelslid kan in dienst houden of kan aanstellen voor doorlopende duur, of een andere werving kan doen. Deze personeelsleden zijn echter pas na de toepassing van de toewijzingen door de Vlaamse reaffectatiecommissie zeker van hun betrekking. Tot en met deze reaffectatiecommissie kunnen zij immers worden verdrongen door ter beschikking gestelde personeelsleden.

10.5.3. Gemeenschaps- en gesubsidieerd onderwijs

Wanneer een inrichtende macht over meerdere vacatures in hetzelfde ambt beschikt, moet elke reaffectatie en wedertewerkstelling eerst gebeuren in vacante betrekkingen en vervolgens in niet-vacante betrekkingen.

Zowel bij vacante als bij niet-vacante betrekkingen gebeurt de toewijzing eerst in een betrekking die niet is ingenomen door een tijdelijk personeelslid dat aangesteld is voor doorlopende duur.

10.6. De reaffectatiecommissies

10.6.1. De reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs

Deze bepalingen zijn enkel van toepassing op het gemeenschapsonderwijs.

Per scholengroep wordt een reaffectatiecommissie opgericht.

Een scholengroep is een geografisch bepaalde entiteit die scholen kan omvatten van alle onderwijsniveaus en die minstens basis- en secundair onderwijs omvat.

In elke reaffectatiecommissie van de scholengroep wordt eerst gereaffecteerd afzonderlijk voor het deeltijds kunstonderwijs.

In tweede orde wordt wedertewerkgesteld binnen dezelfde categorie.

Nadat de voorgaande reaffectaties en wedertewerkstellingen zijn uitgevoerd, wordt wedertewerkgesteld over de categorieën en onderwijsniveaus heen.

Deze reaffectatiecommissie heeft dus volgende bevoegdheden:

- reaffectatie in de scholen behorende tot de scholengroep;

- wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie en binnen het onderwijsniveau;

- wedertewerkstelling over de categorieën en over de onderwijsniveaus heen.

Met ingang van 1 september 2015 wordt de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengroep opgeschort voor wat betreft de scholen van het basis- en secundair onderwijs die tot een scholengemeenschap behoren. Dit betekent d at de reaffectatiecommissie van de scholengroep geen wedertewerkstelling meer kan toewijzen aan een van deze scholen.

De ingangsdatum van de reaffectaties en wedertewerkstellingen uitgesproken door de reaffectatiecommissie van de scholengroep is uiterlijk 1 oktober.

Na haar werkzaamheden moet de reaffectatiecommissie van de scholengroep volgende gegevens verzamelen en meedelen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie:

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft toegewezen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden die nog niet of nog niet volledig zijn gereaffecteerd of wedertewerkgesteld;

- de resterende vacatures in de scholengroep. Dit zijn de vacatures die worden ingenomen door de personeelsleden die niet vrij van reaffectatie zijn.

Meer informatie over de melding van deze gegevens vindt u in de omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

10.6.2. Eén Vlaamse reaffectatiecommissie

Binnen het Ministerie van Onderwijs en Vorming is een Vlaamse reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit 2 kamers. Een kamer is bevoegd voor het gemeenschapsonderwijs, de andere kamer is bevoegd voor het gesubsidieerd onderwijs.

De bevoegdheden van de Vlaamse reaffectatiecommissie zijn opgesomd in punt 4.2.1.

Voor de instellingen van het gesubsidieerd Deeltijds Kunstonderwijs is de Vlaamse reaffectatiecommissie de eerstbevoegde reaffectatiecommissie.

10.7.  Administratieve ondersteuning in een instelling of in een scholengemeenschap

De personeelsleden die wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking zijn gesteld en die niet in organieke betrekkingen kunnen gereaffecteerd of wedertewerkgesteld worden, kunnen beschikbaar worden gesteld als administratieve ondersteuning in een instelling of in een scholengemeenschap (zie ook punt 4.2.1).

Deze tewerkstelling wordt toegekend door de Vlaamse reaffectatiecommissie. Deze tewerkstelling wordt beschouwd als een wedertewerkstelling. In deze betrekkingen is geen vaste benoeming mogelijk.

De tewerkstelling als administratieve ondersteuning kan opgeschort worden door een reaffectatie of een wedertewerkstelling.

Sinds 1 september 2008 wijst de Vlaamse reaffectatiecommissie in principe een personeelslid als administratieve ondersteuning toe aan een instelling van het onderwijsniveau waar het personeelslid werd ter beschikking gesteld. Een personeelslid dat in het deeltijds kunstonderwijs werd ter beschikking gesteld, zal dus als administratieve ondersteuning worden toegewezen aan een instelling van het deeltijds kunstonderwijs.

Personeelsleden die al vóór 1 september 2008 tewerkgesteld waren als 'administratieve hulp in het basisonderwijs' of als administratieve ondersteuning van een scholengemeenschap, blijven in deze functie tewerkgesteld in afwachting van een eventuele nieuwe toewijzing door de Vlaamse reaffectatiecommissie.

10.8. Niet-organieke betrekking van directeur toegevoegd aan een kunstacademie die ontstaat door fusie

Vanaf 1 september 2014 geldt een nieuwe regeling voor een kunstacademie die ontstaat door fusie. Als een kunstacademie ontstaat door fusie en er als gevolg van die fusie een vastbenoemde directeur ter beschikking gesteld wordt wegens ontstentenis van betrekking, wordt aan die kunstacademie een niet-organieke betrekking van directeur toegevoegd, waarin dat personeelslid op persoonlijke titel tewerkgesteld kan worden. De tewerkstelling in die niet-organieke betrekking wordt beschouwd als een reaffectatie en schort voor dat personeelslid alle reaffectatie- en wedertewerkstellingsverplichtingen buiten de instelling op.

Wanneer de titularis van de (organieke) betrekking van directeur van de kunstacademie tijdelijk afwezig is, bv. doordat hij een dienstonderbreking neemt, dan moet de wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking gestelde directeur in die betrekking gereaffecteerd worden. Tijdens de duur van die reaffectatie wordt er geen niet-organieke betrekking van directeur toegekend, maar kan de kunstacademie wel een beroep doen op uren-leraar voor beleidsondersteuning.

Wanneer de (organieke) betrekking van directeur van de kunstacademie definitief vacant wordt, nl. bij de definitieve ambtsneerlegging van de directeur, wordt de directeur die ter beschikking gesteld was wegens ontstentenis van betrekking vast benoemd titularis van het ambt van directeur van de kunstacademie en komt er een einde aan de terbeschikkingstelling en ook aan de niet-organieke betrekking van directeur. Vanaf dan ontvangt de kunstacademie uren-leraar voor beleidsondersteuning.

11. Centra voor leerlingenbegeleiding

De documenten en de gegevens waar de verschillende reaffectatiecommissies moeten over beschikken, worden nader beschreven in de omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

11.1. Definitie van het begrip “ hetzelfde ambt ”

Voor de centra wordt "hetzelfde ambt" als volgt gedefinieerd: het ambt zoals opgenomen in artikel 73 van het CLB-decreet en na toepassing van de concordantie zoals opgenomen in artikel 182 van hetzelfde decreet.

11.2. Definitie van het begrip “ ander ambt ”:

Voor de centra wordt "het ander ambt" als volgt gedefinieerd:

elk ambt, met uitzondering van "hetzelfde ambt" in de verschillende onderwijsniveaus en centra waarvoor het betrokken personeelslid:

1° over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het vereiste bekwaamheidsbewijs;

2° over een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van het voldoende geachte bekwaamheidsbewijs, mits er een onderlinge overeenkomst is tussen het personeelslid en de inrichtende macht.

11.3. Vaststelling van de personeelsformatie

Voor de start van de driejaarlijkse omkaderingsperiode, stelt het centrumbestuur de personeelsformatie voor ieder van zijn centra vast.

Volgens artikel 72 van het CLB-decreet mag een wijziging van de personeelsformatie niet leiden tot het bijkomend ter beschikking stellen van vastbenoemde personeelsleden wegens ontstentenis van betrekking.

11.4. Reaffectaties en wedertewerkstellingen

11.4.1. Verdeling van de betrekkingen onder de vastbenoemde titularissen.

Het centrumbestuur verdeelt jaarlijks bij de start van het schooljaar en binnen de personeelsformatie die ze heeft vastgelegd (zie punt 11.3) de betrekkingen over de vastbenoemde personeelsleden. … 

Het centrumbestuur wijst, rekening houdend met de bepalingen betreffende “hetzelfde ambt”, de betrekkingen toe aan de vastbenoemde personeelsleden voor eenzelfde volume van de opdracht waarvoor de betrokken personeelsleden vast benoemd waren op het einde van het voorafgaand schooljaar of waarvoor ze ter beschikking gesteld zijn wegens ontstentenis van betrekking.

Deze toewijzing gebeurt:

- per centrum;

- per ambt, dus in hetzelfde ambt als dit waarin het personeelslid vast benoemd is;

- voor dezelfde opdracht als deze waarvoor de personeelsleden op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar vast benoemd titularis waren.

De mogelijkheid bestaat dat een centrumbestuur onvoldoende omkaderingsgewicht heeft om al haar vastbenoemde personeelsleden dezelfde opdracht te garanderen als deze waarvoor ze op de laatste dag van het schooljaar (31 augustus) vast benoemd titularis waren. In dit geval moet zij een of meer vastbenoemde personeelsleden ter beschikking stellen wegens ontstentenis van betrekking.

Vooraleer de inrichtende macht een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking kan uitspreken, moet zij de voorafgaande maatregelen toepassen (zie punt 11.4.2). De bedoeling van deze maatregelen is een terbeschikkingstelling te vermijden of tot een minimum te beperken.

Terbeschikkingstellingen gaan in op 1 september.

11.4.2. Maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling

Een centrumbestuur stelt een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat het in voorkomend geval onder alle personeelsleden van het betrokken centrum en in volgende volgorde:

- een einde heeft gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden, die "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- een einde heeft gesteld aan de diensten van vastbenoemde personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen als bijbetrekking;

- een einde heeft gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die bij wijze van wedertewerkstelling of bij wijze van reaffectatie in dienst genomen werden in hetzelfde ambt.

Een centrumbestuur kan een dreigende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking ook afwenden door een affectatie door te voeren van een vastbenoemd personeelslid naar een ander centrum van hetzelfde bestuur. Deze affectatie is alleen mogelijk als het vastbenoemde personeelslid instemt met deze affectatie, zoals bepaald in het decreet rechtspositie dat op het personeelslid van toepassing is.

11.4.3. Definitie van het begrip "betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling"

In de centra is een betrekking vanaf 1 september van het betrokken schooljaar niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, indien het personeelslid dat deze betrekking bekleedt een dienstanciënniteit in hoofdambt verworven heeft van ten minste 720 dagen gespreid over ten minste drie schooljaren.

Deze dienstanciënniteit moet bereikt zijn op 31 augustus van het voorgaande schooljaar.

Voor de personeelsleden van de centra gaat de immuniteit pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld, dit is na:

- de scholengroep voor het gemeenschapsonderwijs voor de centra van het gemeenschapsonderwijs;

- de Vlaamse reaffectatiecommissie voor de centra van het gesubsidieerd onderwijs.

11.4.4. De reaffectatiecommissies

11.4.4.1. De reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs

De scholengroep is een geografische entiteit die scholen kan omvatten van alle onderwijsniveaus en die minstens basis- en secundair onderwijs omvat. Per scholengroep werd een reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie heeft wat betreft de centra volgende bevoegdheden:

- wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie en binnen het onderwijsniveau;

- wedertewerkstelling over de categorieën en over de onderwijsniveaus heen.

Met ingang van 1 september 2015 wordt de werking van de reaffect atiecommissie van de scholengroep opgeschort voor wat betreft de scholen van het basis- en secundair onderwijs die tot een scholengemeenschap behoren. Dit betekent dat de reaffectatiecommissie van de scholengroep geen wedertewerkstelling meer kan toewijzen aan een van deze scholen.

In de reaffectatiecommissie van de scholengroep wordt eerst afzonderlijk gereaffecteerd voor de centra. In tweede orde worden de wedertewerkstellingen binnen dezelfde categorie gerealiseerd.

Toewijzingen door de reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs gaan in uiterlijk op 15 september.

Na haar werkzaamheden moet de reaffectatiecommissie van de scholengroep volgende gegevens verzamelen en meedelen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie:

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft toegewezen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden die nog niet of nog niet volledig zijn gereaffecteerd of wedertewerkgesteld;

- de resterende vacatures in de scholengroep. Dit zijn de vacatures die worden ingenomen door de personeelsleden die niet vrij van reaffectatie zijn.

Meer informatie over de melding van deze gegevens vindt u in de omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

11.4.4.2. De Vlaamse reaffectatiecommissie

Binnen het Ministerie van Onderwijs en Vorming is een Vlaamse reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit 2 kamers. Een kamer is bevoegd voor het gemeenschapsonderwijs, de andere kamer is bevoegd voor het gesubsidieerd onderwijs.

De bevoegdheden van de Vlaamse reaffectatiecommissie zijn opgesomd in punt 4.2.1.

Voor de centra van het gesubsidieerd onderwijs is de Vlaamse reaffectatiecommissie nu de eerstbevoegde reaffectatiecommissie.

11.4.5. Wie wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking?

Wanneer de verdeling van het toegekende omkaderingsgewicht en de voorafgaande maatregelen er niet toe hebben geleid dat alle vastbenoemde personeelsleden op 1 september opnieuw over hun volledige opdracht beschikken, is het centrumbestuur verplicht een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uit te spreken.

… De terbeschikkingstelling komt ten laste van het vastbenoemde personeelslid in "hetzelfde ambt" met de kleinste dienstanciënniteit.

In de centra spreekt het centrumbestuur de terbeschikkingstelling eerst uit in het centrum waar de vermindering zich voordoet ten laste van het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt".

De dienst- en ambtsanciënniteit worden bij de terbeschikkingstelling, de reaffectatie en de wedertewerkstelling vanaf een bepaalde leeftijd in aanmerking genomen:

- 23 jaar voor de leden van het technisch personeel die een ambt van maatschappelijk werker, paramedisch werker, of psycho-pedagogisch medewerker bekleden;

- 25 jaar voor het psychologisch, het medisch en het orthopedagogisch personeel;

- 25 jaar voor de leden van het technisch personeel die een ambt van arts, consulent of psycho-pedagogisch-consulent of een ambt van directeur van de centra bekleden.

12. Het volwassenenonderwijs

12.1. Begrippenkader

12.1.1. “Hetzelfde” en “ander” ambt

12.1.1.1. Definitie van het begrip "hetzelfde ambt"

Voor de leraar secundair volwassenenonderwijs … wordt "hetzelfde ambt" als volgt gedefinieerd:

1° een opdracht in dezelfde opleiding of dezelfde module waarvan het personeelslid titularis was op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar en/of waarvoor het personeelslid ter beschikking is gesteld. Deze bepaling is enkel geldig als het personeelslid een vereist of voldoende geacht bekwaamheidsbewijs heeft of bij overgangsmaatregel in het bezit is van een vereist (OM/VE) of van een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs (OM/VO) voor deze opleiding of deze module;

2° een opdracht in een opleiding of module, andere dan bedoeld in 1°:

- waarvoor het personeelslid het vereiste bekwaamheidsbewijs of het vereist bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel (OM/VE) bezit;

- waarvoor het personeelslid het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs of het voldoend geacht bekwaamheidsbewijs bij overgangsmaatregel (OM/VO) bezit, waarvoor het personeelslid is vast benoemd en dat het personeelslid in de loop van de laatste vijf jaar gedurende een … periode van ten minste zes maanden heeft onderwezen. Deze bepaling geldt enkel voor de centra van eenzelfde centrumbestuur;

Als de vaste benoeming van een leraar secundair volwassenenonderwijs in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “hetzelfde ambt” beperkt tot de opleidingen of modules die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

3° een opdracht die ten minste een gelijke salarisschaal en een voor die salarisschaal gelijke geldelijke anciënniteit oplevert. Deze bepaling is niet van toepassing op het bevorderingsambt van directeur.

Voor de lector die een opdracht heeft in een lineaire opleiding wordt "hetzelfde ambt" als volgt gedefinieerd:

1° een opdracht in hetzelfde vak waarvan het personeelslid titularis was op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar en/of waarvoor het personeelslid ter beschikking is gesteld;

2° een opdracht in een vak, andere dan bedoeld in 1°, waarvoor het personeelslid vast benoemd is en dat het personeelslid in de loop van de laatste vijf jaar gedurende een … periode van ten minste zes maanden heeft onderwezen. Deze bepaling geldt enkel voor de centra van eenzelfde centrumbestuur;

Als de vaste benoeming van een lector in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “hetzelfde ambt” beperkt tot de vakken die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

3° een opdracht die ten minste een gelijke salarisschaal en een voor die salarisschaal gelijke geldelijke anciënniteit oplevert. Deze bepaling is niet van toepassing op het bevorderingsambt van directeur.

Voor de lector die een opdracht heeft in een voorlopig of definitief modulaire opleiding wordt "hetzelfde ambt" als volgt gedefinieerd:

1° een opdracht in dezelfde opleiding of dezelfde module waarvan het personeelslid titularis was op 31 augustus van het voorafgaand schooljaar en/of waarvoor het personeelslid ter beschikking is gesteld;

2° een opdracht in een opleiding of een module, andere dan bedoeld in 1°, waarvoor het personeelslid vast benoemd is en die het personeelslid in de loop van de laatste vijf jaar gedurende een … periode van ten minste zes maanden heeft onderwezen. Deze bepaling geldt enkel voor de centra van eenzelfde centrumbestuur;

Als de vaste benoeming van een lector in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “hetzelfde ambt” beperkt tot de opleidingen of modules die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

3° een opdracht die ten minste een gelijke salarisschaal en een voor die salarisschaal gelijke geldelijke anciënniteit oplevert. Deze bepaling is niet van toepassing op het bevorderingsambt van directeur.

Als een lector een opdracht uitoefent die is gespreid over een lineaire of voorlopig modulaire opleiding en een definitief modulaire opleiding, moet u bij de verdeling van de betrekkingen bij het begin van het schooljaar in eerste instantie voor de definitie van “hetzelfde ambt” onderscheid maken tussen beide delen van de opdracht.
Als het personeelslid niet of niet volledig kan aangesteld worden in de opdracht die hij het voorgaand schooljaar uitoefende, moet u op basis van beide definities van “hetzelfde ambt” een andere opdracht toekennen. Als het personeelslid een vereist bekwaamheidsbewijs heeft voor een vak, een opleiding of een module, valt dit immers binnen de definitie(s) van “hetzelfde ambt”.

Voor het bestuurs- en ondersteunend personeel, uitgezonderd het ambt van directeur, wordt “hetzelfde ambt “ gedefinieerd als een betrekking in het desbetreffende ambt met eenzelfde puntengewicht en eenzelfde salarisschaal.

12.1.1.2. Definitie van het begrip “ander ambt”

'Ander ambt' is elk ambt, met uitzondering van 'hetzelfde ambt', in de verschillende onderwijsniveaus, waarvoor het personeelslid over het vereiste bekwaamheidsbewijs beschikt of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een vereist bekwaamheidsbewijs.

Ook een ambt waarvoor het personeelslid een voldoende geacht bekwaamheidsbewijs heeft of bij overgangsmaatregel geacht wordt in het bezit te zijn van een voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, behoort hier toe, mits onderlinge overeenkomst tussen het personeelslid en de inrichtende macht.

Als de vaste benoeming van een lector in het kader van een herinschakeling na definitieve arbeidsongeschiktheid is ingeperkt, is de hiervoor vermelde definitie van “ander ambt” beperkt tot de opleidingen of modules die na die inperking nog tot zijn vaste benoeming behoren.

Meer informatie over deze inperking van vaste benoeming vindt u in de omzendbrieven PERS/2014/03 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid na een beslissing van MEDEX en PERS/2014/04 (08-05-2014) - Werkwijze vanaf 1 september 2014 voor de herinschakeling van een definitief arbeidsongeschikt personeelslid in het kader van een re-integratieprocedure .

12.1.2. Definitie van het begrip "betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling"

In het volwassenenonderwijs is een betrekking vanaf 1 september van het betrokken schooljaar niet meer vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling, indien het personeelslid dat deze betrekking bekleedt een dienstanciënniteit in hoofdambt verworven heeft van ten minste 720 dagen gespreid over ten minste drie schooljaren.

Deze dienstanciënniteit moet bereikt zijn:

- op 30 juni van het voorgaande schooljaar (x 1,2!) voor het onderwijzend en ondersteunend personeel;

- 31 augustus voor het bestuurspersoneel.

Voor het personeelslid dat deze voorwaarden vervult, blijven de bovenstaande bepalingen geldig over de schooljaren heen.

Voor het volwassenenonderwijs gaat deze immuniteit pas in nadat de eerste reaffectatiecommissie haar werkzaamheden heeft vervuld. Dit betekent dat elk bestuur zal verplicht worden al haar tijdelijke personeelsleden mee te delen aan de eerste bevoegde reaffectatiecommissie. Dit geldt ook voor de tijdelijke personeelsleden met een aanstelling voor doorlopende duur.

Voor het gemeenschapsonderwijs is de eerste bevoegde commissie de reaffectatiecommissie van de scholengroep en voor het gesubsidieerd onderwijs is dit de Vlaamse reaffectatiecommissie.

12.1.3. De reaffectatiecommissies

Welke personeelsleden u aan welke reaffectatiecommissies moet melden, vindt u in punt 12.3 van deze omzendbrief.

12.1.3.1. De reaffectatiecommissie van de scholengroep in het gemeenschapsonderwijs

De scholengroep is een geografische entiteit die scholen kan omvatten van alle onderwijsniveaus en die minstens basis- en secundair onderwijs omvat. Per scholengroep wordt een reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie heeft volgende bevoegdheden:

- toewijzen van een reaffectatie in de scholen behorende tot de scholengroep per onderwijsniveau;

- toewijzen van een wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie en binnen het onderwijsniveau;

- toewijzen van een wedertewerkstelling over de categorieën en over de onderwijsniveaus heen.

Met ingang van 1 september 2015 wordt de werking van de reaffectatiecommissie van de scholengroep opgeschort voor wat betreft de scholen van het basis- en secundair onderwijs die tot een scholengemeenscha p behoren. Dit betekent dat de reaffectatiecommissie van de scholengroep geen wedertewerkstelling meer kan toewijzen aan een van deze scholen.

In de reaffectatiecommissie van de scholengroep worden voor het volwassenenonderwijs de dossiers behandeld van de ter beschikking gestelde personeelsleden, ook van de gesloten centra voor volwassenenonderwijs en die het bestuur niet kon reaffecteren of weder tewerkstellen;

De uiterste ingangsdatum van de reaffectaties en wedertewerkstellingen die de reaffectatiecommissie van de scholengroep uitspreekt, is 1 oktober.

Na haar werkzaamheden moet de reaffectatiecommissie van de scholengroep volgende gegevens verzamelen en meedelen aan de Vlaamse reaffectatiecommissie:

- de reaffectaties en wedertewerkstellingen die ze heeft toegewezen;

- de ter beschikking gestelde personeelsleden die nog niet of nog niet volledig zijn gereaffecteerd of wedertewerkgesteld;

- de resterende vacatures in de scholengroep. Dit zijn de vacatures die worden ingenomen door de personeelsleden die niet vrij van reaffectatie zijn.

Meer informatie over de melding van deze gegevens vindt u in de omzendbrief PERS/2015/03 van 15 juni 2015 - Elektronisch communiceren van gegevens over terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking naar het Agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) of het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen(AHOVOS).

12.1.3.2. De Vlaamse reaffectatiecommissie

Binnen het Ministerie van Onderwijs en Vorming is een Vlaamse reaffectatiecommissie opgericht.

Deze reaffectatiecommissie bestaat uit 2 kamers. Een kamer is bevoegd voor het gemeenschapsonderwijs, de andere kamer is bevoegd voor het gesubsidieerd onderwijs.

De bevoegdheden van de Vlaamse reaffectatiecommissie zijn opgesomd in punt 4.2.1.

Voor centra voor volwassenenonderwijs van het gesubsidieerd onderwijs is de Vlaamse reaffectatiecommissie de eerstbevoegde reaffectatiecommissie.

12.2. De terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

Specifieke maatregel voor de puntenenveloppe van het bestuurs- en onderste unend personeel

Het centrumbestuur van het centrum voor volwassenenonderwijs beslist bij een vermindering van het aantal beschikbare punten voor een betrekking of betrekkingen van adjunct-directeur hoger onderwijs, adjunct-directeur secundair onderwijs, technisch adviseur-coördinator, technisch adviseur en administratief medewerker, of deze betrekking of betrekkingen door deze vermindering nog kan of kunnen worden in stand gehouden, op basis van de criteria die worden onderhandeld in het bevoegde lokaal comité.

Hierbij houdt het centrumbestuur steeds rekening met het feit dat ten minste 55 % van de basisenveloppe moet worden aangewend om betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker in stand te houden.

Als door de vermindering van de beschikbare punten een lid van het bestuurspersoneel ter beschikking dreigt te worden gesteld, mag de inrichtende macht afwijken van die verplichting, met dien verstande dat dan steeds ten minste 50 % van de basisenveloppe moet worden aangewend om betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker in stand te houden en dat voormelde vermindering tot 50% niet tot gevolg mag hebben dat een vastbenoemd administratief medewerker ter beschikking wordt gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

Onder basisenveloppe wordt begrepen: de puntenenveloppe waar een centrum recht op heeft op basis van artikel 4, §2, 1° van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 september 2007 tot regeling van een aantal gelegenheden voor de Centra voor Volwassenenonderwijs in uitvoering van het decreet van 15 juni 2007 betreffende het volwassenenonderwijs.

12.2.1. Maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling

Bij de aanvang van het schooljaar beschikt het centrumbestuur voor elk centrum voor volwassenenonderwijs over een puntenenveloppe en een lestijdenpakket. Met deze punten en dit lestijdenpakket richt het centrum voor volwassenenonderwijs betrekkingen op. Deze betrekkingen moeten worden ingevuld door vastbenoemde personeelsleden volgens het principe van “hetzelfde ambt” (zie punt 12.1.1.1.).

Wanneer niet alle vastbenoemde personeelsleden binnen de bepalingen van "hetzelfde ambt" een opdracht kunnen opnemen, moet de inrichtende macht een aantal maatregelen treffen. Dit zijn de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking.

In het gemeenschapsonderwijs stelt het centrumbestuur een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot hetzelfde centrum, in de opgegeven volgorde de hierna vermelde maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen. Als door voormelde beëindiging van de tijdelijke aanstelling van een administratief medewerker het aantal betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker onder de 50 % van de basisenveloppe van het centrum dreigt te dalen, wordt de vastbenoemde titularis met de kleinste dienstanciënniteit in een ambt van het bestuurspersoneel ter beschikking gesteld, rekening houdend met de criteria die in het lokaal comité werden vastgelegd;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

In het gesubsidieerd onderwijs stelt elk centrumbestuur een personeelslid slechts ter beschikking wegens ontstentenis van betrekking nadat ze, onder alle personeelsleden behorend tot hetzelfde centrum of tot de centra die dit centrumbestuur tot stand gebracht heeft op het grondgebied van dezelfde gemeente, in de opgegeven volgorde de hierna vermelde maatregelen heeft getroffen:

- de prestaties van de vastbenoemde personeelsleden worden binnen "hetzelfde ambt" verminderd tot het minimum aantal lesuren vereist voor een betrekking met volledige prestaties. Dit gebeurt eerst in het centrum waar er een vermindering is aan uren en vervolgens in een ander centrum;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de tijdelijke personeelsleden die "hetzelfde ambt" uitoefenen. Als door voormelde beëindiging van de tijdelijke aanstelling van een administratief medewerker het aantal betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker onder de 50 % van de basisenveloppe van het centrum dreigt te dalen, wordt de vastbenoemde titularis met de kleinste dienstanciënniteit in een ambt van het bestuurspersoneel ter beschikking gesteld, rekening houdend met de criteria die in het lokaal comité werden vastgelegd;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de vastbenoemde personeelsleden die een bijbetrekking in "hetzelfde ambt" uitoefenen;

- er wordt een einde gesteld aan de diensten van de personeelsleden die bij wijze van reaffectatie of bij wijze van wedertewerkstelling in dienst genomen werden in "hetzelfde ambt".

De maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling hoeven uiteraard maar te gebeuren voor zover dit nodig is om de terbeschikkingstelling te vermijden.

Aandacht!
Als het centrumbestuur in het gesubsidieerd onderwijs de keuze maakt om de voorafgaande maatregelen toe te passen op al haar instellingen op het grondgebied van een zelfde gemeente, behoort voor een vastbenoemd personeelslid een nieuwe affectatie ook tot de voorafgaande maatregelen.
Het personeelslid dat behoort tot een instelling van het gesubsidieerd vrij onderwijs en dat niet akkoord gaat met een nieuwe affectatie als gevolg van de toepassing van de maatregelen voorafgaand aan de terbeschikkingstelling, wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking in de instelling van affectatie.

12.2.2. Wie wordt ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking?

Wanneer de verdeling van de opdrachten en de voorafgaande maatregelen er niet toe hebben geleid dat alle vastbenoemde personeelsleden op 1 september opnieuw over hun volledige opdracht beschikken, is het bestuur verplicht een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking uit te spreken.

12.2.2.1. De dienstanciënniteit

Het is het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt" dat ter beschikking wordt gesteld wegens ontstentenis van betrekking. Deze dienstanciënniteit wordt berekend vanaf een bepaalde leeftijd, nl.:

- 21 jaar voor de leden van het ondersteunend personeel;

- 24 jaar voor de leden van het bestuurs- en onderwijzend personeel.

12.2.2.2. De terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking

In het volwassenenonderwijs wordt een onderscheid gemaakt tussen enerzijds het gemeenschapsonderwijs en het gesubsidieerd vrij onderwijs en anderzijds het gesubsidieerd officieel onderwijs.

In het gemeenschapsonderwijs en in het gesubsidieerd vrij onderwijs spreekt het bestuur de terbeschikkingstelling uit in het centrum waar de vermindering zich voordoet ten laste van het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt".

In het gesubsidieerd officieel onderwijs spreekt het bestuur de terbeschikkingstelling eveneens uit in het centrum waar de vermindering zich voordoet ten laste van het personeelslid met de kleinste dienstanciënniteit in "hetzelfde ambt". De terbeschikkingstelling gebeurt naar keuze in het centrum waar zich de vermindering voordoet of in het geheel van de centra die het bestuur op het grondgebied van dezelfde gemeente inricht. Deze keuze geldt voor een periode van zes jaar of tot op het einde van de legislatuur.

Bijzondere regels i.v.m. de terbeschikkingstelling m.b.t. de puntenenveloppe

Voor het bestuurs- en ondersteunend personeel moet het centrumbestuur steeds rekening houden met het feit dat ten minste 55 % van de basisenveloppe moet worden aangewend om betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker in stand te houden. Als door de vermindering van de beschikbare punten een lid van het bestuurspersoneel ter beschikking dreigt te worden gesteld, mag de inrichtende macht afwijken van die verplichting, met dien verstande dat dan steeds ten minste 50 % van de basisenveloppe moet worden aangewend om betrekkingen van 63 en 82 punten in het ambt van administratief medewerker in stand te houden en dat voormelde vermindering tot 50% niet tot gevolg mag hebben dat een vastbenoemd administratief medewerker ter beschikking wordt gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

12.3. Reaffectatie en wedertewerkstelling

Opmerking: dit punt geldt eveneens voor scholen die vóór 1 september 1999 gesloten werden.

12.3.1. Voorafgaand

Het begrip “vacature”

Een vacature is een vacante of een niet-vacante betrekking die is ingenomen door een tijdelijk personeelslid.

Het centrumbestuur moet alle vacatures voor reaffectatie aanbieden aan haar ter beschikking gestelde personeelsleden.

12.3.2. De verplichtingen inzake reaffectatie en wedertewerkstelling

AANDACHT
In afwijking van de hiernavolgende verplichtingen is een centrumbestuur niet verplicht om een personeelslid dat ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking in een vacature aan te stellen via reaffectatie of wedertewerkstelling, als dit personeelslid in de instelling of pedagogische entiteit waar de vacature zich situeert, eerder ontslagen werd als gevolg van evaluatie met eindconclusie “onvoldoende” volgens hoofdstuk VIIIter van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs of hoofdstuk Vter van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs.

Een centrumbestuur moet t.a.v. de vastbenoemde lector die in het kader van een professionaliseringstraject hbo5 ter beschikking is gesteld wegens ontstentenis van betrekking haar verplichtingen betreffende reaffectatie en wedertewerkstelling niet naleven tijdens de duur van dit professionaliseringstraject.

De verplichtingen en vrijheden van de centrumbesturen van de centra voor volwassenenonderwijs zijn in volgorde de volgende:

A. In het gemeenschapsonderwijs.

1. a) Verplicht om de personeelsleden die bij haar ter beschikking gesteld zijn in "hetzelfde ambt" in een centrum voor volwassenenonderwijs van het centrumbestuur bij wijze van reaffectatie en beperkt tot de prestaties waarvoor de terbeschikkingstelling werd uitgesproken, in dienst te nemen in dit centrum voor volwassenenonderwijs. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die verplichting ten overstaan van elke nieuwe vacature in elke module die in de loop van het schooljaar wordt ingericht.

Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur en door personeelsleden die waarnemend of tijdelijk zijn aangesteld;

b) verplicht om de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in "hetzelfde ambt" in een van haar centra voor volwassenenonderwijs, bij wijze van reaffectatie en beperkt tot de prestaties waarvoor de terbeschikkingstelling werd uitgesproken, in dienst te nemen in een van haar centra voor volwassenenonderwijs. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die verplichting ten overstaan van elke nieuwe vacature in elke module die in de loop van het schooljaar wordt ingericht. Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur.

Als het centrumbestuur en het personeelslid akkoord gaan, kan van deze volgorde worden afgeweken als het gaat om een wervingsambt.

Als het gaat om een wervingsambt, wordt het personeelslid met de grootste dienstanciënniteit eerst in dienst geroepen. Bij gelijke dienstanciënniteit heeft het personeelslid met de grootste ambtsanciënniteit voorrang;

2. Vrij om een van de ter beschikking gestelde personeelsleden van de centra voor volwassenenonderwijs van het centrumbestuur in dienst te nemen bij wijze van wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie. Deze wedertewerkstelling gebeurt steeds met instemming van het ter beschikking gestelde personeelslid. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die vrijwillige wedertewerkstelling ten overstaan van elke nieuwe vacature in elke module die in de loop van het schooljaar wordt ingericht. Deze vrijwillige wedertewerkstelling kan ook plaatsvinden in een betrekking die wordt ingenomen door een personeelslid dat tijdelijk aangesteld is voor doorlopende duur;

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden die door de reaffectatiecommissie van hun scholengroep worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling, in dienst te nemen.

Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur en door personeelsleden die waarnemend of tijdelijk aangesteld zijn;

4. Onverminderd de bepalingen van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs, in de volgende volgorde:

a) vrij een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

b) verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

c) vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

d) vrij een personeelslid aan te stellen in een betrekking niet vatbaar voor reaffectatie of wedertewerkstelling

5. Verplicht om de personeelsleden die door de Vlaamse reaffectatiecommissie worden toegewezen bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling, in dienst te nemen.

B. In het gesubsidieerd onderwijs

1. a) Verplicht om de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in "hetzelfde ambt" in een centrum voor volwassenenonderwijs van het centrumbestuur, bij wijze van reaffectatie en beperkt tot de prestaties waarvoor de terbeschikkingstelling werd uitgesproken, in dienst te nemen in dit centrum voor volwassenenonderwijs. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die verplichting ten overstaan van elke nieuwe vacature in elkemodule die in de loop van het schooljaar wordt ingericht. Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur en door personeelsleden die waarnemend of tijdelijk aangesteld zijn;

b) Verplicht om de personeelsleden die ter beschikking gesteld zijn in "hetzelfde ambt" in een van haar centra voor volwassenenonderwijs, bij wijze van reaffectatie en beperkt tot de prestaties waarvoor de terbeschikkingstelling werd uitgesproken, in dienst te nemen in één van haar centra voor volwassenenonderwijs. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die verplichting ten overstaan van elke nieuwe vacature in elke module die in de loop van het schooljaar wordt ingericht. Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur.

Als het bestuur en het personeelslid akkoord gaan, kan van deze volgorde worden afgeweken als het gaat om een wervingsambt.

Als het gaat om een wervingsambt wordt het personeelslid met de grootste dienstanciënniteit eerst in dienst geroepen. Bij gelijke dienstanciënniteit heeft het personeelslid met de grootste ambtsanciënniteit voorrang;

2. Vrij om een van de ter beschikking gestelde personeelsleden van de centra voor volwassenenonderwijs van de inrichtende macht in dienst te nemen bij wijze van wedertewerkstelling binnen dezelfde categorie. Die wedertewerkstelling gebeurt steeds met instemming van het ter beschikking gestelde personeelslid. In het modulair georganiseerd onderwijs geldt die vrijwillige wedertewerkstelling t.a.v. elke nieuwe vacature in elke module die tijdens het schooljaar wordt ingericht. Die vrijwillige wedertewerkstelling kan ook plaatsvinden in een betrekking die wordt ingenomen door een personeelslid dat tijdelijk aangesteld is voor doorlopende duur;

3. Verplicht om de ter beschikking gestelde personeelsleden in dienst te nemen die bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling worden toegewezen door de Vlaamse reaffectatiecommissie.

Deze verplichting geldt eveneens voor betrekkingen die zijn ingenomen door tijdelijke personeelsleden die aangesteld zijn voor doorlopende duur en door personeelsleden die waarnemend of tijdelijk aangesteld, met uitzondering van de betrekkingen van directeur of adjunct-directeur die door de inrichtende macht zijn toegewezen aan een van haar personeelsleden;

4. Onverminderd de bepalingen van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding, in de volgende volgorde:

a) vrij een mutatie of nieuwe affectatie door te voeren;

b) verplicht een personeelslid aan te stellen of in dienst te houden dat het recht op een tijdelijke aanstelling van doorlopende duur heeft verworven;

c) vrij een ter beschikking gesteld personeelslid in dienst te nemen;

d) vrij een personeelslid aan te stellen in een betrekking niet vatbaar voor reaffectatie;

Als aan de bovenvermelde verplichtingen wordt voldaan, kan het centrumbestuur een salaris of een salaristoelage verkrijgen voor een tijdelijk personeelslid dat een betrekking bekleedt die vatbaar is voor reaffectatie of wedertewerkstelling op voorwaarde dat de betrekking aangegeven is bij de bevoegde reaffectatiecommissie, overeenkomstig de voorgeschreven procedure.

Dit salaris of deze salaristoelage wordt verstrekt tot de ingangsdatum van de reaffectatie of wedertewerkstelling door de reaffectatiecommissie.

Wanneer een ter beschikking gesteld personeelslid wordt toegewezen, moet het centrumbestuur dit personeelslid in dienst nemen.

Als een centrumbestuur over meerdere vacatures in hetzelfde ambt beschikt, moet elke reaffectatie en wedertewerkstelling eerst gebeuren in vacante betrekkingen, en vervolgens in niet-vacante betrekkingen, waarbij niet-vacante betrekkingen voor de duur van een schooljaar of voor de duur van een module voorrang hebben op niet-vacante betrekkingen van kortere duur.

Zowel bij vacante als bij niet-vacante betrekkingen gebeurt de toewijzing eerst in een betrekking die niet is ingenomen door een tijdelijk personeelslid dat aangesteld is voor doorlopende duur.

Een reaffectatie of een wedertewerkstelling in een betrekking van het bestuurs- of ondersteunend personeel, de directeur uitgezonderd, gebeurt bij voorrang in een betrekking met dezelfde puntenwaarde als die van het ter beschikking gestelde personeelslid. Als dit niet mogelijk is mag de reaffectatie of wedertewerkstelling in een betrekking met een andere puntenwaarde.

De personeelsleden, ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking, moeten ook als ze niet onmiddellijk beschikbaar zijn, gereaffecteerd of wedertewerkgesteld worden.

Een ter beschikking gesteld personeelslid dat al in drie instellingen fungeert en dat ten minste vier vijfde van een volledige opdracht vervult, moet niet gereaffecteerd of wedertewerkgesteld worden naar een andere instelling buiten deze drie instellingen.

12.4. Administratieve ondersteuning in een instelling of in een scholengemeenschap

De personeelsleden die wegens ontstentenis van betrekking ter beschikking zijn gesteld en die niet in organieke betrekkingen kunnen gereaffecteerd of wedertewerkgesteld worden, kunnen beschikbaar worden gesteld als administratieve ondersteuning in een instelling of in een scholengemeenschap (zie ook punt 4.2.1.).

Deze tewerkstelling wordt toegekend door de Vlaamse reaffectatiecommissie. Deze tewerkstelling wordt beschouwd als een wedertewerkstelling. In deze betrekkingen is geen vaste benoeming mogelijk.

De tewerkstelling als administratieve ondersteuning, kan opgeschort worden door een reaffectatie of een wedertewerkstelling.

Sinds 1 september 2008 wijst de Vlaamse reaffectatiecommissie in principe een personeelslid als administratieve ondersteuning toe aan een instelling van het onderwijsniveau waar het personeelslid werd ter beschikking gesteld. Een personeelslid dat in het volwassenenonderwijs werd ter beschikking gesteld, zal dus als administratieve ondersteuning worden toegewezen aan een centrum voor volwassenenonderwijs.

Personeelsleden die al vóór 1 september 2008 tewerkgesteld waren als 'administratieve hulp in het basisonderwijs' of als administratieve ondersteuning in een scholengemeenschap, blijven in deze functie tewerkgesteld in afwachting van een eventuele nieuwe toewijzing door de Vlaamse reaffectatiecommissie.

De tewerkstelling als administratieve ondersteuning kan niet worden toegewezen aan een personeelslid dat een professionaliseringtraject hbo5 weigert of het afgesproken professionaliseringstraject niet succesvol beëindigt. Dit personeelslid blijft in dat geval ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking.

12.5. Professionaliseringstraject hbo5

Met ingang van 1 september 2014 kan een hbo5-opleiding nog slechts worden aangeboden als dit gebeurt binnen een samenwerkingsverband dat bestaat uit een of meer hogescholen en minstens één centrum voor volwassenenonderwijs. Tegen 1 september 2017 moeten alle bestaande hbo5-opleidingen daarenboven worden omgevormd of afgebouwd.

Bij de omvorming van een hbo5-opleiding is het samenwerkingsverband verantwoordelijk voor de inzetbaarheid en de professionalisering van het personeel, weliswaar binnen de grenzen van de bestaande regelgeving.

Dit houdt in dat het samenwerkingsverband moet nagaan of alle personeelsleden die in een bestaande hbo5-opleiding tewerkgesteld zijn – dus ook de vastbenoemde personeelsleden – over voldoende competenties beschikken om in de toekomst te worden ingezet in de omgevormde hbo5-opleiding.

Binnen het samenwerkingsverband moet daarbij worden gestreefd naar een maximale tewerkstelling en inzetbaarheid van de personeelsleden in de omgevormde hbo5-opleiding.

Als het samenwerkingsverband tot de conclusie komt dat een personeelslid over voldoende competenties beschikt, kan dat personeelslid verder tewerkgesteld worden in een betrekking in de omgevormde hbo5-opleiding. Als de hbo5-opleiding (deels of volledig) wordt ingericht in een hogeschool van het samenwerkingsverband, wordt het vastbenoemde personeelslid van het CVO ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking en kan het tewerkgesteld worden in een betrekking in de hogeschool. Deze tewerkstelling wordt beschouwd als een wedertewerkstelling.

Als het samenwerkingsverband tot de conclusie komt dat een personeelslid niet over voldoende competenties beschikt om in de omgevormde hbo5-opleiding te worden tewerkgesteld, krijgt het personeelslid dat vast benoemd is in het ambt van lector de kans de ontbrekende competenties bij te werken via een professionaliseringstraject.  Tijdens de duur van dit professionaliseringstraject wordt het personeelslid ter beschikking gesteld wegens ontstentenis van betrekking en wordt hij beschouwd als gereaffecteerd.

Meer informatie over het professionaliseringstraject vindt u in de omzendbrief VWO/2014/01 van 16/07/2014 - Professionaliseringstraject in het hoger beroepsonderwijs niveau 5 van het volwassenenonderwijs in het kader van een omvorming van een hbo5-opleiding