OPGEHEVEN : Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de toekenning van een subsidie van maximum 1.471.000 euro aan het steunpunt Gelijke onderwijskansen voor het werkingsjaar 2005

  • goedkeuringsdatum
    22 JULI 2005
  • publicatiedatum
    B.S.14/10/2005
  • datum laatste wijziging
    02/01/2006

COORDINATIE

impliciet opgeheven door Art. 1 van ditzelfde besluit

De Vlaamse Regering,

Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit gecoördineerd op 17 juli 1991, inzonderheid op de artikelen 55 tot 58;

Gelet op artikel 169bis, § 2 van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap;

Gelet op het decreet van 28 juni 2002 betreffende gelijke onderwijskansen-I, inzonderheid op artikel VI.5 § 1, 1° en artikel VI.15 § 1, 1°;

Gelet op het decreet van 24 december 2004 houdende de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2005, inzonderheid op artikel 14;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 27 juli 2004 tot bepaling van de bevoegdheden van de leden van de Vlaamse Regering;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 19 januari 2001 houdende regeling van de begrotingscontrole en -opmaak;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 13 januari 2005;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor Begroting gegeven op 14 juli 2005;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

§ 1. Ten laste van het krediet ingeschreven onder de basisallocatie 33.11, programma 39.20 van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2005, wordt voor het werkingsjaar 2005, een subsidie van maximaal 1.471.000 EUR toegekend aan de Katholieke Universiteit Leuven, Oude Markt 13, te 3000 Leuven. De subsidie wordt overgeschreven op rekeningnummer 432-0000011-57 van de Katholieke Universiteit Leuven, Oude Markt 13, 3000 Leuven.

Het bedrag wordt verantwoord met de bij de planning 2005 gevoegde begroting.

§ 2. Het steunpunt Gelijke onderwijskansen wordt gevormd door de integratie van de werking van het steunpunt Nederlands als Tweede Taal verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven, het steunpunt Intercultureel Onderwijs verbonden aan de Universiteit Gent en het project "Wetenschappelijke ondersteuning gelijke onderwijskansen" van het Onderzoekscentrum voor kleuter- en lager onderwijs verbonden aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Art. 2.

§ 1. De in artikel 1 van dit besluit genoemde subsidie kan aangewend worden voor lonen, werkingsmiddelen en uitrustingskosten in het kader van de werking van het steunpunt Gelijke onderwijskansen. De overheadkost bedraagt maximaal 5 % van het subsidiebedrag.

§ 2. De werking van het steunpunt betreft de realisatie van activiteiten op het vlak van onderzoek, vorming en materiaalontwikkeling met betrekking tot de inhoudelijke thema's van het ondersteuningsbeleid zoals geregeld in de artikelen VI.5 § 1, 1° en VI.15 § 1, 1°, van het decreet van 28 juni 2002 betreffende gelijke onderwijskansen-I.

Voor de uitwerking van deze opdrachten geldt de planning 2005 als kader. Deze planning wordt als bijlage bij dit besluit gevoegd.

§ 3. Wat het wetenschappelijk onderzoek betreft zal het steunpunt in het werkjaar 2005 :

- de data-analyse en publicatie van de resultaten van de eerste fase van het onderzoek naar meertaligheid in het onderwijs in Vlaanderen afwerken;

- onderzoek doen naar de effecten van intercultureel leren in functie van instrumentontwikkeling;

- een actieonderzoek opzetten naar trajectontwikkeling in het secundair onderwijs;

- het normeringsonderzoek van de TAS II finaliseren;

- het onderzoek naar de doorstroming van anderstalige nieuwkomers in het regulier secundair onderwijs verder uitvoeren en hierover publiceren;

- een onderzoek opzetten met betrekking tot "competentiegericht evalueren" binnen de lerarenopleidingen;

- onderzoek doen naar de wijze waarop interculturalisering ingang kan vinden binnen de lerarenopleiding.

§ 4. Van het steunpunt wordt in 2005 verwacht dat het minimaal 1 500 uren vorming realiseert. Dit aanbod heeft betrekking op :

- het uitwerken en realiseren van een ondersteuningsprogramma voor de begeleiding van de opstart van de nieuwe GOK-cyclus vanaf september 2005;

- het organiseren van een studiedag over gelijke onderwijskansen voor de docenten van de lerarenopleidingen aan hogescholen en universiteiten;

- het aanbieden van twee coachingsmodules voor CLB-medewerkers over anderstalige nieuwkomers en taalbeleid in het kader van gelijke onderwijskansen;

- het houden van overlegmomenten met begeleiders en CLB-medewerkers teneinde de expertise te laten doorstromen naar het intermediaire niveau;

- het aanbieden van coachingsmodules voor schoolinterne coaches over omgaan met weerstanden tijdens veranderingsprocessen;

- het aanbieden van een ondersteuningsmodule voor onthaalleerkrachten rond de problematiek van de opvang van anderstalige nieuwkomers;

- de verdere realisatie van de engagementen van de drie afzonderlijke steunpuntpartners met betrekking tot het open vormingsaanbod voor scholen tot het einde van het schooljaar 2004-2005;

- een open vormingsaanbod over NT2 voor volwassen anderstaligen;

- algemene dienstverlening aan het onderwijsveld.

Het steunpunt zal de vormingsactiviteiten gedetailleerd registreren wat betreft data, aantal deelnemers van scholen en leerkrachten, de frequentie van de vormingsactiviteiten, de thema's,...

§ 5. Inzake ontwikkeling verwacht de overheid van het steunpunt dat in 2005 volgende materialen worden ontwikkeld en/of ter beschikking gesteld :

- de uitbouw van een website inzake gelijke onderwijskansen;

- de ontwikkeling van een bronnenboek m.b.t. leer- en ontwikkelingsstoornissen;

- aanvulling van CLIM-rek voor het kleuteronderwijs en de eerste graad basisonderwijs met nieuwe materialen;

- de ontwikkeling van bronnenboeken voor het secundair onderwijs over prototypische lesopzetten voor de niet-taalvakken, intercultureel leren en gedifferentieerd werken;

- de ontwikkeling van CLIM pakketten voor de tweede en derde graad van het secundair onderwijs;

- het afwerken van een herdruk van een deel van de reeks Taalvaardigheidstaken voor het Middelbaar Onderwijs (Tatami);

- de publicatie van modelthema's voor het werken met anderstalige nieuwkomers in het secundair onderwijs;

- de ontwikkeling van een observatie-instrument voor spreekvaardigheid van anderstaligen in de onthaalklas secundair onderwijs;

- het ontwikkelen van instrumenten en materialen voor de doorstroming van de GOK-competenties binnen de lerarenopleidingen;

- een inventarisatie van lacunes op het vlak van lesmateriaal NT2 op hogere niveaus.

§ 6. Op vraag van het Departement Onderwijs overlegt het steunpunt tussentijds met de stuurgroep die de werkzaamheden van het steunpunt opvolgt, over de uitvoering van de toegewezen opdracht zoals bepaald in dit artikel.

Art. 3.

Een eerste schijf van 60 % van de subsidie zal uitbetaald worden na de ondertekening van dit besluit. De overige 40 % van de subsidie zal uitbetaald worden na voorlegging van de schuldvorderingsaangiften, uitgavebewijsstukken en het financieel eindrapport en mits goedkeuring ervan door de bevoegde administratie.

Het steunpunt kan een reserve opbouwen ten bedrage van maximaal 5 % van de jaarlijkse werkingssubsidie. De reserve moet aangewend worden voor de goede werking en de activiteiten van het steunpunt.

Eventuele opbrengsten die door de werking van het steunpunt gegenereerd worden, worden aangewend om de activiteiten van het steunpunt mee te financieren.

Art. 4.

§ 1. Ten laatste op 1 november 2005 dient het steunpunt een ontwerp van jaarverslag in. Het jaarverslag bevat een kwantitatieve en kwalitatieve beschrijving van de werking, van de uitgevoerde activiteiten en de behaalde resultaten.

§ 2. Het steunpunt rapporteert tevens over de besteding van de subsidie, inclusief de overhead en over de aanwending van de financiële opbrengsten die door de werking van het steunpunt gegenereerd werden. Het financieel eindverslag bevat de schuldvorderingsaangiften en de bewijsstukken van de gedane uitgaven. Het dossier dient ten laatste op 30 september 2006 ter beschikking te zijn van het Departement Onderwijs.

De besteding van de subsidie moet bewezen worden door middel van een voor het steunpunt afgezonderde boekhouding.

§ 3. Verslagen en planningen worden ingediend bij het departement Onderwijs, secretariaat-generaal, H. Consciencegebouw, Koning Albert II-laan 15, 1210 Brussel. Aanpassingen aan de planning worden meegedeeld aan het departement Onderwijs.

Art. 5.

Controle ter plaatse door de daartoe gemachtigde ambtenaren van de Vlaamse Gemeenschap of van het Rekenhof is mogelijk.

Art. 6.

De begunstigde zal onverwijld het bedrag of een gedeelte van de verleende subsidie terugbetalen indien niet aan de toekenningsvoorwaarden werd voldaan of indien de subsidie werd aangewend voor andere doeleinden dan waartoe ze werd verleend.

Art. 7.

Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2005.

Art. 8.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het Onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.