OPGEHEVEN : Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het ICT-infrastructuurprogramma voor de informatisering van het onderwijs voor het schooljaar 2007-2008

  • goedkeuringsdatum
    07 DECEMBER 2007
  • publicatiedatum
    B.S.14/01/2008
  • datum laatste wijziging
    01/09/2008

COORDINATIE

impliciet opgeheven door Art. 7 van ditzelfde besluit

De Vlaamse Regering,

Gelet op het decreet van 14 februari 2003 betreffende het onderwijs XIV, inzonderheid op artikel X.49, op artikel X.50, gewijzigd bij het decreet van 16 mei 2007, en op artikel X.51;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de Begroting, gegeven op 23 oktober 2007;

Gelet op het advies nr. 43.771/1 van de Raad van State, gegeven op 13 november 2007 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

Voor de toepassing van dit besluit dient te worden verstaan onder :

1° onderwijsinstellingen :

a) scholen : de scholen van het gewoon en buitengewoon basisonderwijs, het gewoon en buitengewoon voltijds secundair onderwijs en de centra voor deeltijds beroepssecundair onderwijs gefinancierd of gesubsidieerd door de Vlaamse gemeenschap (met inbegrip van de ziekenhuisscholen);

b) de centra voor basiseducatie.

c) de instellingen voor deeltijds kunstonderwijs.

d) de centra voor volwassenenonderwijs

2° ziekenhuisschool : school voor buitengewoon basisonderwijs van type 5, verbonden aan een ziekenhuis waar kinderen om ernstige medische redenen opgenomen worden;

3° afdeling secundair onderwijs van een ziekenhuisschool : afdeling secundair onderwijs, verbonden aan een ziekenhuisschool;

4° leerlingen : het aantal regelmatige leerlingen van het basisonderwijs op de eerste schooldag van februari 2007, het aantal regelmatige leerlingen van het secundair onderwijs op de eerste lesdag van februari 2007 en het aantal financierbare leerlingen uit het deeltijds kunstonderwijs op de eerste lesdag van februari 2007;

5° deelnemersuren : voor dit besluit wordt uitgegaan van het erkenningsvolume aantal deelnemersuren zoals toegekend voor het werkingsjaar 2007 bij het ministerieel besluit van 12 februari 2007 houdende de verdeling van het toegekende urenvolume tussen de centra voor basiseducatie en het Vlaams ondersteuningscentrum voor de basiseducatie voor de periode van 1 januari 2007 tot 31 december 2007;

6° lesurencursist : het aantal lesurencursist in het volwassenenonderwijs in de referteperiode 1 februari 2006 tot 31 januari 2007.

Art. 2.

Er worden voor het schooljaar 2007-2008 financiële middelen ter beschikking gesteld aan de onderwijsinstellingen om zich uit te rusten met informatie- en communicatietechnologie en om hun leerkrachten met die nieuwe technologieën vertrouwd te maken.

Art. 3.

Ten laste van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse Gemeenschap voor het begrotingsjaar 2007 worden binnen de beschikbare kredieten volgende extra middelen toegekend aan :

1° de scholen van het gewoon basisonderwijs, met uitzondering van de ziekenhuisscholen : maximaal 7,493 euro per leerling;

2° de scholen van het buitengewoon basisonderwijs, met uitzondering van de ziekenhuisscholen : maximaal 11,239 euro per leerling;

3° de ziekenhuisscholen: een forfaitair bedrag van 1.650,00 euro;

4° de scholen van het secundair onderwijs, met uitzondering van de ziekenhuisscholen : maximaal 8,447 euro per leerling;

5° de scholen van het buitengewoon secundair onderwijs, met uitzondering van de ziekenhuisscholen: maximaal 12,671 euro per leerling;

6° de afdelingen secundair onderwijs van de ziekenhuisscholen : een forfaitair bedrag van 1.650,00 euro;

7° de centra voor basiseducatie met minder dan 30 000 deelnemersuren: een forfaitair bedrag van maximaal 7.790 euro, de centra voor basiseducatie met meer dan 30 000 en minder dan 50 000 deelnemersuren : een forfaitair bedrag van maximaal 12.433 euro, de centra voor basiseducatie met meer dan 50 000 deelnemersuren : een forfaitair bedrag van maximaal 17.008 euro;

8° de instellingen voor deeltijds kunstonderwijs : maximaal 2,668 euro per financierbare leerling;

9° de centra voor volwassenenonderwijs : 0,010673 euro per lesurencursist.

Art. 4.

De extra middelen, genoemd in artikel 3, kunnen aangewend worden voor de aankoop of de huur van hard- en softwareproducten, randapparatuur, netwerkdiensten, algemene ICT-diensten, nascholing van de leerkrachten in informatie- en communicatietechnologie, en voor de vergoeding van kosten voor internetaansluiting en -verkeer.

De aangekochte uitrusting moet worden aangewend in het leerproces en mag niet worden gebruikt voor de ondersteuning van de administratie van de onderwijsinstelling. Alleen voor aangekochte netwerkinfrastructuur kan een gedeeld gebruik ten behoeve van de administratie van de onderwijsinstelling worden toegestaan op voorwaarde dat er hierdoor geen bijkomende kosten zijn binnen de informatisering van het onderwijs en het gebruik door de administratie niet ten koste gaat van de capaciteit en performantie die nuttig zouden kunnen worden aangewend op de ICT-infrastructuur van de leerlingen.

Art. 5.

De extra middelen, genoemd in artikel 3, zijn bestemd voor het schooljaar 2007-2008, met de mogelijkheid de middelen over te dragen naar het volgende schooljaar. Ze kunnen niet gebruikt worden ter vergoeding van kosten gemaakt vóór het schooljaar 2007-2008.

Art. 6.

In het gemeenschapsonderwijs is het college van accountants, zoals bedoeld in artikel 47, § 1, van het bijzonder decreet van 14 juli 1998 betreffende het gemeenschapsonderwijs, en in het gesubsidieerd onderwijs zijn de daartoe gemachtigde ambtenaren van het Agentschap voor Onderwijsdiensten belast met de controle op de aanwending van de extra middelen. De onderwijsinstellingen stellen daartoe de nodige documenten tot hun beschikking.

Als uit de controle blijkt, dat de extra middelen, genoemd in artikel 3, niet werden aangewend zoals omschreven in artikel 4, dan moet het schoolbestuur/de inrichtende macht in kwestie de extra middelen onmiddellijk terugbetalen.

Art. 7.

Dit besluit heeft uitwerking met ingang vanaf 1 september 2007. Onverminderd hetgeen bepaald is in artikel 5 heeft dit besluit enkel betrekking op het schooljaar 2007-2008.

Art. 8.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het Onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.