Oproep voor werving van onderwijsinspecteurs

  • Betreft de aanleg van een algemene werfreserve voor de functie van inspecteur bij de Vlaamse onderwijsinspectie door Jobpunt Vlaanderen

1. Functiecontext

De opdrachten van de onderwijsinspectie zijn vastgesteld door het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs

De inspectie oefent volgende opdrachten uit:

1° het verlenen van advies bij de opname van instellingen in de erkenning

2° het uitvoeren van doorlichtingen van instellingen

3° alle andere opdrachten die haar worden toegekend bij decreet of besluit van de Vlaamse Regering.

De onderwijsinspectie voert haar taken autonoom en onafhankelijk uit. Zij brengt m.b.t. de kwaliteit van onderwijsinstellingen adviezen uit aan de Minister van Onderwijs en Vorming. Op basis van deze adviezen beslist de minister over de (verdere) erkenning van de onderwijsinstelling.

Tevens dient de onderwijsinspectie jaarlijks een verslag te bezorgen aan het Vlaams Parlement dat gebaseerd is op haar werkzaamheden en waarin zij een of meer kwaliteitsaspecten van onderwijs behandelt.

De onderwijsinspectie bestaat op dit ogenblik uit 150 inspectieleden (inspecteurs, coördinerend inspecteurs en een inspecteur-generaal).

Het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming stelt 17 personeelsleden ter beschikking van de onderwijsinspectie voor administratieve, organisatorische en conceptuele ondersteuning.

De leden van de inspectie hebben een eigen rechtspositie, die beschreven is in het decreet van 8 mei 2009. Zij zijn niet onderworpen aan het Vlaams Personeelsstatuut.

2. Takenpakket

Een onderwijsinspecteur wordt belast met het uitvoeren van doorlichtingen en onderzoeken in opdracht van de onderwijsoverheid.

De doorlichtingen worden uitgevoerd in teamverband met andere onderwijsinspecteurs of deskundigen en onderzoeken in welke mate onderwijsinstellingen de onderwijsdoelstellingen bereiken en of ze kwaliteitsvol functioneren.

Doorlichtingen worden uitgevoerd in alle basisscholen, secundaire scholen, kunstacademies, centra voor het volwassenenonderwijs, centra voor de basiseducatie, centra voor leerlingenbegeleiding.

Andere opdrachten van de onderwijsinspecteur hebben te maken met onderzoeken die verwijzen naar kwaliteitsaspecten (voorwaarden, modaliteiten) van onderwijs. Zo zal hij - met het oog op goedkeuring - advies dienen te verstrekken over leerplannen. Ook kan hem een advies gevraagd worden over de kwaliteit van onderwijsprojecten. Niet alleen ten aanzien van het formele onderwijs is de onderwijsinspectie de voornaamste officiële, externe toezichthouder. De onderwijsinspectie is ook belast met het toezicht op het huisonderwijs.

3. Aanwervingvoorwaarden

Conform artikel 49 (decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs) kunnen de volgende personeelsleden lid worden van de inspectie:

1° de personeelsleden, vermeld in artikel 2, § 1, van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van bepaalde personeelsleden van het gemeenschapsonderwijs

2° de personeelsleden, vermeld in artikel 4, § 1, a), van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde centra voor leerlingenbegeleiding

3° het zelfstandig en het assisterend academisch personeel van de universiteiten

4° het onderwijzend personeel van de hogescholen

5° de leraars basiseducatie, de stafmedewerkers en de directeurs in een centrum voor basiseducatie en de educatieve personeelsleden tewerkgesteld in het Vlaams Ondersteuningscentrum voor het Volwassenenonderwijs.

De hierboven vermelde personeelsleden kunnen zich kandidaat stellen voor een ambt bij de inspectie als ze ten minste acht jaar dienstanciënniteit hebben in het onderwijs, ten minste acht jaar gepresteerde diensten in de basiseducatie hebben of ten minste acht jaar dienstanciënniteit/gepresteerde diensten hebben in het onderwijs als in de basiseducatie samen.

Ook kan iemand zich kandidaat stellen als hij ten minste acht jaar relevante ervaring heeft in of met het onderwijs of de basiseducatie, aangevuld met ervaring in kwaliteitszorg en evaluatie in educatieve sectoren.

De algemene voorwaarden voor de toelating tot een ambt bij de inspectie zijn:

1° onderdaan zijn van een lidstaat van de Europese Unie of van de Europese Vrijhandelsassociatie, behoudens een door de Vlaamse Regering te verlenen vrijstelling

2° van onberispelijk gedrag zijn, zoals dat blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dar niet langer dan één jaar tevoren werd afgegeven

3° de burgerlijke en politieke rechten genieten behoudens een door de Vlaamse Regering te verlenen vrijstelling die samengaat met de vrijstelling, vermeld in punt 1°

4° voldoen aan de dienstplichtwetten

5° voldoen aan de taalvereisten zoals bepaald in artikel 50 van dit decreet (decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs)

De kandidaat moet aan de aanwervingvoorwaarden voldoen uiterlijk op het ogenblik van de kandidaatstelling voor de test van de generieke competenties.

4. Selectieprocedure

De selectieprocedure bestaat uit volgende fases:

4.1. Toetsing aan de toelatingsvoorwaarden: Jobpunt Vlaanderen gaat voor elke kandidaat na of deze voldoet aan de toelatingsvoorwaarden.

4.2. De generieke test: De generieke test wordt georganiseerd met het oog op het aanleggen van een algemene wervingsreserve van zes jaar. Jobpunt Vlaanderen zal de generieke competenties testen en een lijst opstellen van geslaagde kandidaten.De generieke competenties voor het ambt van inspecteur zijn:

- kritische en synthetische vaardigheden: kunnen afwegen van de geanalyseerde informatie en op grond daarvan een synthese/oordeel kunnen formuleren en creatieve oplossingen kunnen voorstellen met zicht op de consequenties. Blijk kunnen geven van een veelzijdige genuanceerde kijk met oog voor kritieke factoren en activiteiten

- analytisch en probleemoplossend denken: een probleem kunnen duiden in zijn verband en het kunnen bekijken vanuit verschillende invalshoeken. Op een efficiënte wijze op zoek kunnen gaan naar aanvullende relevante informatie

- assertiviteit: kunnen opkomen voor de eigen mening met respect voor anderen, zelfs als er vanuit de omgeving druk wordt uitgeoefend om dit niet te doen

- goede mondelinge en schriftelijke vaardigheden: zich duidelijk kunnen uitdrukken zodat het publiek tot wie de informatie gericht is, deze info begrijpt en vlot kunnen zijn in interactie. Een heldere en motiverende schrijfstijl kunnen hanteren die past bij de boodschap en de doelgroep.

- aanpassingsvermogen: voortdurend kunnen verbeteren van het eigen functioneren en actief kunnen meewerken aan het verbeteren van de uitvoering van de taken. Zich vertrouwd kunnen maken met nieuwe materies die relevant zijn voor de eigen taak. Nieuwe richtlijnen, kennis, informatie kunnen toepassen in de praktijk

- samenwerken: de samenwerking binnen het korps en de entiteit kunnen stimuleren en kunnen bijdragen aan een gezamenlijk resultaat op niveau van het team

- organisatietalent: planmatig en doeltreffend kunnen werken.

Wie geslaagd is voor deze fase van de selectie, wordt opgenomen in een algemene wervingsreserve.

Bij iedere concrete vacature bij de onderwijsinspectie, krijgen de leden van deze reserve een uitnodiging voor de specifieke test.

4.3. De specifieke test

Wie slaagt voor de test van de generieke competenties, kan zich later kandidaat stellen voor een specifiek profiel: inspecteur basisvorming, inspecteur specifieke vorming/specifieke opleidingen, inspecteur zorg, inspecteur onderwijsorganisatie. Deze test bestaat uit een interview (al dan niet aangevuld met een specifieke test).

Wie ten minste 60 procent behaalt tijdens deze fase van de selectie, krijgt toegang tot het ambt van inspecteur.

5. Oproep voor de generieke test

De test bestaat uit een meerkeuzevragenlijst, gekoppeld aan enkele video- en/of tekstfragmenten. Hierbij worden alle generieke competenties voor het ambt van onderwijsinspecteur beoordeeld.

De proef vindt in principe plaats op 2 maart 2010 in het Hadewych-auditorium van het Consciencegebouw te Brussel.

Kandidaten die voldoen aan de toelatingsvoorwaarden krijgen voor deelname aan deze test een schriftelijke uitnodiging van Jobpunt Vlaanderen.

6. Salaris en vergoedingen

Conform het besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs wat de rechtspositie van het personeel van de inspectie en de pedagogische begeleidingsdiensten betreft:

Artikel 55: De salarisschalen die verbonden zijn aan het ambt van inspecteur, worden als volgt bepaald:

1° de inspecteur die in het bezit is van een bekwaamheidsbewijs van het niveau master, met uitzondering van de graad van doctor, heeft recht op salarisschaal 541

2° de inspecteur die in het bezit is van de graad van doctor, heeft recht op salarisschaal 544

3° de inspecteur die niet voldoet aan de voorwaarden, vermeld in 1° en 2° , heeft recht op salarisschaal 354.

Buiten een vergoeding voor woon-werkverkeer en reis- en verblijkosten (artikel 64), ontvangen inspecteurs een ICT-vergoeding (artikel 66).

7. Kandidaatstelling

Geïnteresseerden kunnen solliciteren door uiterlijk op woensdag 26 januari 2011 het sollicitatieformulier met competentieportfolio via aangetekende brief te bezorgen aan:

Kathy Tas

Jobpunt Vlaanderen (zone 3C)

Boudewijnlaan 30 BUS 42

1000 Brussel

Een kandidatuur wordt enkel in aanmerking genomen als:

- het sollicitatieformulier met competentieportfolio wordt gebruikt

- er een uittreksel (model 2: opvoeding en begeleiding van minderjarigen) uit het strafregister is bijgevoegd dat niet langer dan een jaar voordien werd afgeleverd

- de kandidatuur uiterlijk op 26 januari 2011 aangetekend naar Jobpunt Vlaanderen wordt gestuurd (de datum van poststempel geldt hiervoor als bewijs).

De in te vullen documenten, zijn te vinden op www.jobpunt.be.

Je kunt dit document ook opvragen bij Kathy Tas (tel: 02 553 51 55).

Voor verdere inlichtingen over de procedure kan er contact worden opgenomen met Sofie Lekens, selectieverantwoordelijke Jobpunt Vlaanderen (sofie.lekens@jobpunt.be).