Nieuwe procedure afhandeling pensioendossier

  • referentie
    PERS/2012/07
  • publicatiedatum
    12/10/2012
  • datum laatste wijziging
    23/08/2016

In het kader van het elektronisch pensioendossier (Capelo) heeft de Federale Pensioendienst (FPD) de procedure om het overheidspensioen aan te vragen grondig gewijzigd. Deze aanpassing was noodzakelijk om de dienstverlening van de FPD te optimaliseren en om tegemoet te komen aan de nieuwe uitdagingen als gevolg van de pensioenhervorming.

De nieuwe procedure heeft directe gevolgen voor de wijze waarop de personeelsleden uit het onderwijs hun pensioen moeten aanvragen. In de oude procedure richt het personeelslid dat op pensioen wenst te gaan zich tot zijn inrichtende macht, dat op zijn beurt de pensioenaanvraag bezorgt aan het bevoegde werkstation. In de nieuwe procedure vraagt het personeelslid zijn pensioen rechtstreeks aan bij de FPD.

Het agentschap voor Onderwijsdiensten (AgODi) en het agentschap voor hoger onderwijs, volwassenenonderwijs, kwalificaties en studietoelagen (AHOVOKS) bezorgen de loopbaangegevens rechtstreeks aan de FPD. De nieuwe procedure zorgt voor een aanzienlijke administratieve vereenvoudiging, zowel voor het personeelslid als voor de scholen.

Vanaf 1 april 2016 is de Pensioendienst voor de Overheidssector gefuseerd met de Rijksdienst voor Pensioenen (RVP). De nieuwe instantie heet Federale Pensioendienst (FPD).

Deze omzendbrief is van toepassing op alle pensioenaanvragen die ingaan vanaf 01/01/2013 of die na die datum aangevraagd worden.

In punt 3.4.1. is een wijziging aangebracht met betrekking tot het ambtshalve pensioen.

1. Het personeelslid vraagt zijn pensioen aan bij de Federale Pensioendienst (FPD)

Een personeelslid uit het onderwijs vraagt zijn pensioen onmiddellijk aan bij de Federale Pensioendienst. Hij of zij kan dit elektronisch doen via www.pensioenaanvraag.be.Daarnaast is een schriftelijke aanvraag nog steeds mogelijk door het formulierpensioenaanvraag in te vullen en ondertekend op te sturen naar volgend adres:

FPD

Zuidertoren

1060 Brussel

De pensioenaanvraag gebeurt best tussen 6 maanden en 1 jaar vóór de ingangsdatum. Gebeurt de aanvraag later dan 1 jaar nà de ingangsdatum dan ontvangt het personeelslid zijn pensioenuitkering vanaf de eerste maand volgend op de aanvraag.

Wanneer het personeelslid zijn pensioenaanvraag opstuurt, licht het op hetzelfde moment zijn inrichtende macht hierover in. De inrichtende macht moet immers tijdig de noodzakelijke maatregelen kunnen nemen om in een vervanging te voorzien.

De FPD bezorgt aan het personeelslid een brief met de bevestiging van de pensionering en de ingangsdatum. Hij of zij bezorgt een kopie van deze brief aan zijn of haar inrichtende macht.

De nieuwe voorwaarden om met pensioen te kunnen gaan kan het personeelslid terugvinden in de brochures van de FPD op www.sfpd.fgov.be.Omdat een pensioen voor een vast benoemd personeelslid van het onderwijs gelijk is aan een ambtenarenpensioen klikt hij of zij door naar de gelijknamige rubriek.

2. De inrichtende macht

Op het moment dat de FPD het pensioen bevestigt kan en moet het einde van de opdracht van het personeelslid worden meegedeeld aan het werkstation. Dit gebeurt via een RL-4 met als reden: pensioen. Om onterechte doorbetalingen en terugvorderingen te vermijden, is het belangrijk om deze stopzetting tijdig te melden. Vooraleer zij de zending doet moet de inrichtende macht er voor zorgen dat zij in het bezit is van de kopie van de bevestiging van de pensionering (zie punt 1). Beschikt zij al over een goedkeuring van een TBSVP of bonus voor haar personeelslid dan mag de inrichtende macht er van uit gaan dat de pensionering geen probleem vormt en kan zij de zending uitvoeren.

Opmerking: In deze omzendbrief wordt het begrip inrichtende macht gehanteerd. Voor het basis- en secundair onderwijs moet inrichtende macht steeds gelezen worden als schoolbestuur, in het volwassenenonderwijs als centrumbestuur, voor de centra voor leerlingenbegeleiding als bestuur en voor de autonome internaten en internaten verbonden aan een school voor gewoon basis- of secundair onderwijs als raad van bestuur (gemeenschapsonderwijs) of inrichtende macht (gesubsidieerd onderwijs).

3. De verschillende pensioenvormen

De procedures in de punten 1en 2 gelden voor alle pensioenvormen, tenzij hieronder anders vermeld.

3.1. Uitgesteld pensioen

Personeelsleden die ooit in het onderwijs gewerkt hebben en vast benoemd waren, kunnen onder bepaalde voorwaarden een ambtenarenpensioen krijgen voor hun prestaties in het onderwijs. De voorwaarden vindt u terug op www.sfpd.fgov.be.

De inrichtende macht hoeft niets te doen tenzij de FPD hierom vraagt.

3.2. Het voortijdig definitief pensioen wegens ziekte of gebrekkigheid

Medex- Cel Pensioenen kan beslissen om een personeelslid definitief met pensioen te zetten. Deze beslissing is een gevolg van een onderzoek door Medex na oproeping door het werkstation, omdat het personeelslid zich in de stand terbeschikkingstelling wegens ziekte bevindt. Meer informatie over deze terbeschikkingstelling vindt u in omzendbrief PERS/2007/07 van 21/09/2007.

Het pensioen gaat in op de 1ste dag van de maand volgend op de datum vermeld op de aangetekende brief waarin MEDEX - Cel Pensioenen de beslissing aan het personeelslid meedeelt.

Indien het personeelslid beroep aantekent tegen de beslissing van MEDEX - Cel Pensioenen, en dit beroep wordt afgewezen, dan blijft de ingangsdatum van de eerste beslissing van kracht.

Als het beroep wordt aanvaard, gaat het eventuele pensioen in op de 1ste dag van de maand volgend op de datum, vermeld op de aangetekende brief, waarin MEDEX - Cel Pensioenen zijn nieuwe beslissing aan het personeelslid meedeelt.

3.3. Het voortijdig tijdelijk pensioen wegens ziekte of gebrekkigheid

Medex - Cel Pensioenen kan ook beslissen om een personeelslid tijdelijk met pensioen te zetten.

Deze beslissing is een gevolg van een onderzoek door Medex - Cel Pensioenen na oproeping door het werkstation, omdat het personeelslid zich in de stand terbeschikkingstelling wegens ziekte bevindt. Meer informatie over deze terbeschikkingstelling vindt u in omzendbrief PERS/2007/07 van 21/09/2007.

Het tijdelijk pensioen gaat in op de 1ste dag van de maand volgend op de datum vermeld op de aangetekende brief waarin Medex - Cel Pensioenen de beslissing aan het personeelslid meedeelt.

Indien het personeelslid beroep aantekent tegen de beslissing van Medex - Cel Pensioenen, en dit beroep wordt afgewezen, dan blijft de ingangsdatum van de eerste beslissing van kracht.

Als het beroep wordt aanvaard, gaat het eventuele tijdelijk pensioen in op de 1ste dag van de maand volgend op de datum, vermeld op de aangetekende brief, waarin Medex - Cel Pensioenen zijn nieuwe beslissing aan het personeelslid meedeelt.

Het tijdelijk pensioen kan nooit langer dan twee jaren duren. Als het personeelslid binnen die periode voldoende hersteld is, kan het zijn werk terug aanvatten mits akkoord van Medex - Cel Pensioenen. Hiertoe zal deze dienst het personeelslid na 18 maanden tijdelijk pensioen opnieuw oproepen. Medex - Cel Pensioenen zal dan beslissen of het personeelslid zijn onderwijsbetrekking opnieuw kan opnemen of dat het personeelslid definitief op pensioen wordt gesteld. Het personeelslid kan zelf ook na minimaal 6 maanden tijdelijk pensioen een nieuw onderzoek bij Medex - Cel Pensioenen aanvragen.

Gedurende de periode van het tijdelijk pensioen ontvangt het personeelslid een pensioen en geen salaris. Het bevindt zich in de stand non-activiteit.

Vermits het personeelslid zich in de toestand van het tijdelijk pensioen bevindt, blijft de terugkeer naar zijn betrekking van vaste benoeming gegarandeerd. Als het personeelslid zijn betrekking weer opneemt, bevindt hij zich weer in de stand dienstactiviteit en wordt ook de periode van tijdelijk pensioen als dienstactiviteit beschouwd.

In tegenstelling tot de andere pensioenvormen stuurt het schoolbestuur/de inrichtende macht voor een tijdelijk rustpensioen een RL-2 in met dienstonderbrekingscode 095. Het personeelslid kan gedurende het tijdelijk rustpensioen worden vervangen door een interimaris.

Omdat het wel degelijk om een pensionering gaat moet het personeelslid zijn tijdelijk pensioen aanvragen volgens de procedure vermeld in de punten 1en 2.

3.4. Ambtshalve pensioen

Personeelsleden die ambtshalve met pensioen gaan moeten ook zo snel mogelijk hun pensioenaanvraag opsturen. Zodoende vermijden zij het risico om de aanvraagtermijn van 1 jaar na de ingangsdatum te overschrijden (zie punt 1).

Er bestaan 2 vormen van ambtshalve pensionering.

3.4.1. 365 dagen afwezigheid wegens ziekte na de leeftijd van 62 jaar, 62 jaar en 6 maanden en 63 jaar

In de omzendbrief PERS/2007/07 van 21/09/2007 vindt u een overzicht van wat dit betekent voor de personeelsleden die 365 dagen afwezig zijn wegens ziekte na de leeftijd van 62 jaar, 62 jaar en 6 maanden en 63 jaar.

3.4.2. Geen terbeschikkingstelling vanaf de datum waarop aanspraak kan gemaakt worden op een rustpensioen

Als een personeelslid de pensioenleeftijd heeft bereikt kan het niet meer ter beschikking worden gesteld of gehouden vanaf de datum waarop het aanspraak kan maken op een rustpensioen en 30 dienstjaren telt die in aanmerking komen voor de berekening van een overheidspensioen.

Het betreft alle vormen van terbeschikkingstelling, met uitzondering van:

  • de terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking voor de personeelsleden die een zekere waarborgregeling genieten
  • de terbeschikkingstelling wegens gedeeltelijke ontstentenis van betrekking
  • de terbeschikkingstelling wegens bijzondere opdracht met het oog op een opdracht in Europese scholen
  • de volledige, halftijdse of een vierde terbeschikkingstelling in toepassing van de overgangsmaatregel zoals bepaald in artikel 9quinquies van het besluit van 11 februari 2000 betreffende de volledige terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden voorafgaand aan het rustpensioen voor personeelsleden van het onderwijs en van de psycho-medisch-sociale centra
  • de terbeschikkingstelling wegens persoonlijke aangelegenheden
  • de ter beschikkingstelling wegens ziekte en waarvoor er een geschil voor een arbeidsrechtbank lopende is. Dit geschil moet handelen over het niet-erkennen van een afwezigheid ten gevolge van een arbeidsongeval of een beroepsziekte of over de consolidatiedatum
  • de ter beschikkingstelling wegens ziekte en waarvoor de procedure buitendienstongeval niet is afgesloten.

Tellen mee voor het berekenen van de 30 dienstjaren:

  • alle onderwijsdiensten
  • alle overheidsdiensten (wet van 14 april 1965)
  • de militaire diensten
  • eventueel de diplomabonificatie. Voor meer informatie over dit onderwerp kan u terecht bij de FPD.

Nuttige ervaring telt niet mee.

Het pensioen gaat in op de 1ste dag van de maand volgend op de dag waarop deze voorwaarden zijn vervuld.

3.5. Het overlevingspensioen

Voor de aanvraag van een overlevingspensioen na het overlijden van de rechtgever in activiteit, sturen de nabestaanden het aanvraagformulier voor het overlevingspensioen op naar de FPD.

Het overlevingspensioen van een rechtgever die overlijdt als gepensioneerde met een rustpensioendossier bij de FPD, wordt ambtshalve toegekend aan de langstlevende echtgenoot zonder pensioensaanvraag.

De inrichtende macht hoeft niets te doen.

4. Webadres

Website FPD: www.sfpd.fgov.be.

5. Bijlage