Besluit van de Vlaamse Regering tot erkenning van de beroepskwalificatie operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering

  • goedkeuringsdatum
    29 november 2013
  • publicatiedatum
    B.S.18/02/2014
  • datum laatste wijziging
    18/02/2014

De Vlaamse Regering,

Gelet op het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, artikel 12, vervangen bij het decreet van 1 juli 2011;

Gelet op het erkenningsadvies van het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming, gegeven op 4 november 2013;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 18 november 2013;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel en de Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke Ordening en Sport;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

De beroepskwalificatie van operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering, ingeschaald op niveau 3 van de Vlaamse kwalificatiestructuur, wordt erkend. De beschrijving, opgenomen in de bijlage die bij dit besluit is gevoegd, omvat de definitie en de bijbehorende competenties.

Art. 2.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

BIJLAGE

Beschrijving van de beroepskwalificatie van operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering (m/v) (BK0087) als vermeld in artikel 1.

1. GLOBAAL

a. Titel

Operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering (m/v)

b. Definitie

De operator voert meerdere productiehandelingen uit met manuele en/of automatisch opleg- en snijapparatuur en is inzetbaar bij het opleggen van de stoffen als bij het uitknippen van de stoffen, bij het identificeren en sorteren van de gesneden onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering rekening houdend met veiligheidsregels en productievereisten teneinde de continuïteit van de productie te garanderen.

c. Niveau

3

d. Jaartal

2013

2. COMPETENTIES

2.1 Opsomming competenties

BASISACTIVITEITEN

Voorziet de werkpost van te verwerken/bewerken producten, het gereedschap en de hulpgoederen (Id 23274 - Id 23229)

- Leest de productieorder en/of technische fiche

- Leest codes en symbolen

- Beoordeelt de te verwerken/bewerken producten

- Beoordeelt de netheid van de werkpost

Monteert gereedschap, stelt de machine/apparatuur in of selecteert het programma (Id 15927 - Id 15916)

- Aan- en uitzetten van de machine/apparatuur

- Plaatst indien nodig hulpstukken op de machine/apparatuur

- Controleert de werking van de machine/apparatuur

- Stelt parameters manueel of computergestuurd in

Plaatst de te verwerken/bewerken producten volgens de specificaties van de technische fiche of instructies (Id 16526)

Verwerkt/bewerkt de producten volgens de specificaties van de technische fiche of instructies (Id 23590 - Id 15916)

- Gebruikt de meest geschikte machine bij de verwerking/bewerking

- Controleert de eigen bewerkingen

Registreert de gegevens van de activiteiten (aantal stukken, ...) (Id 25922)

- Houdt gegevens bij over het verloop van de productie (tijdstip, aantal stukken,...)

- Houdt gegevens bij over het gebruik van materiaal

Voert preventief of curatief basisonderhoud van machines/apparaten uit (Id 18027)

- Houdt zich aan het onderhoudsplan en -richtlijnen

- Vervangt onderdelen

Organiseert zijn werkplek veilig, ordelijk en milieubewust (Id 6551 - beroepscompetentieprofiel)

- Sorteert afval volgens de richtlijnen

- Houdt de werkplek schoon

- Bergt de eigen gereedschappen en hulpmiddelen op

- Respecteert de veiligheids- en milieuvoorschriften

- Neemt een goede ergonomische houding aan

- Leeft de veiligheidsnormen na bij het instellen en bedienen van de machines/gereedschappen

SPECIFIEKE ACTIVITEITEN

Voert de voorbereidende activiteiten uit (Id 23229 - Id 297 - Id 25296 - Id 20998 - beroepscompetentieprofiel)

- Maakt (manueel of via computer) snijplannen

- Voorziet de werkpost van de te snijden stoffen

- Spreidt (manueel of machinaal) de verschillende lagen van de productiestof volgens het productieorder en de toegestane toleranties

- Snijdt de stoflagen op de juiste lengte af volgens het productieorder, spreidingsmethode en de toegestane toleranties

Snijdt of stanst (manueel) onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering (Id 25255 - Id 23187- Id 23186 - Id 20799 - Id 17209 - Id 14911 - beroepscompetentieprofiel)

- Brengt het snijplan op de productiestof aan volgens de instructiefiche

- Snijdt de productiestof volgens het snijplan met de beschikbare manuele snijapparatuur

- Identificeert en sorteert de gesneden onderdelen

Snijdt (automatisch ) onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering (Id 23186 - Id 17209 - Id 14911 - beroepscompetentieprofiel)

- Voorziet de snijtafel van de te snijden productiestof

- Stuurt het snijplan elektronisch door naar de snijmachine

- IJkt de machine

- Raapt de gesneden onderdelen uit en/of bindt ze samen

- Identificeert en sorteert de gesneden onderdelen

Controleert het uitzicht van het materiaal (ontbreken van plooi, uniformiteit van de tint, ...) en duidt de plaatsen met onregelmatigheden en fouten aan (Id 1198)

- Duidt onregelmatigheden en fabricatiefouten aan

- Voorkomt dat de gebreken zich in de uitgesneden stukken bevinden

- Beoordeelt zintuiglijk de kwaliteit van de stof

- Onderscheidt kleuren (regelmatigheid, ...) van de stof

- Controleert de gesneden en gestanste stukken

2.2 Beschrijving van de competenties/activiteiten aan de hand van de descriptorelementen

2.2.1 Kennis

Generiek

- Basiskennis van hygiëne-, veiligheids- en milieuvoorschriften

- Basiskennis van kwaliteitsnormen

- Basiskennis van rapporteringsmogelijkheden

- Basiskennis van werkpostorganisatie

- Basiskennis van werking en bediening van de machine

- Kennis van kenmerken van weefsels en textielmaterialen

- Kennis van productietechnieken kleding en confectie

- Kennis van verwerkingsmogelijkheden van textielmaterialen

- Kennis van het productieproces

Specifiek

- Basiskennis van ergonomische hef- en tiltechnieken

- Basiskennis van computergebruik

- Kennis van snijgereedschap

2.2.2 Vaardigheden

Cognitieve vaardigheden

Generiek

- Het kunnen lezen van de productieorder en/of technische fiche

- Het kunnen lezen van codes en symbolen

- Het kunnen beoordelen van de te verwerken/bewerken onderdelen en hulpgoederen

- Het kunnen manueel of computergestuurd instellen van parameters

- Het kunnen naleven van de veiligheidsnormen bij het instellen en bedienen van de machines/gereedschappen

- Het kunnen gebruiken van meest geschikte machine bij de verwerking/bewerking

- Het kunnen bijhouden van gegevens over het verloop van de productie (tijdstip, aantal stukken,...)

- Het kunnen bijhouden van gegevens over het gebruik van materiaal

- Het zich kunnen houden aan het onderhoudsplan en -richtlijnen

- Het kunnen beoordelen van de netheid van de werkpost

- Het kunnen controleren van de werking van de machine/apparatuur

- Het kunnen vervangen van onderdelen

- Het kunnen sorteren van afval volgens de richtlijnen

- Het kunnen controleren van eigen bewerkingen

- Het kunnen respecteren van de veiligheids- en milieuvoorschriften

Specifiek

- Het kunnen (manueel of machinaal) spreiden van de verschillende lagen van de productiestof volgens het productieorder

- Het kunnen afsnijden (manueel of machinaal) van de stoflagen op de juiste lengte volgens het productieorder en spreidingsmethode

- Het kunnen snijden (manueel of machinaal) van de productiestof volgens het snijplan met de beschikbare snijapparatuur

- Het kunnen identificeren en sorteren van de gesneden onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering

- Het kunnen de snijtafel voorzien van de te snijden productiestof

- Het kunnen elektronisch doorsturen van het snijplan naar de snijmachine

- Het kunnen ijken van de machine

- Het kunnen aanbrengen van het snijplan op de productiestof volgens de instructiefiche

- Het kunnen aanduiden van onregelmatigheden en fabricatiefouten

- Het kunnen voorkomen dat de gebreken zich in de uitgesneden stukken bevinden

- Het kunnen zintuiglijk de kwaliteit van de stof beoordelen

- Het kunnen onderscheiden van kleuren (regelmatigheid, ...) van de stof

- Het kunnen controleren van de gesneden en gestanste stukken

- Het kunnen (manueel of via de computer) maken van snijplannen

- Het kunnen rekening houden met stoflengtes en -breedtes, krimp- en rekwaarden.

Probleemoplossende vaardigheden

Generiek

- Het kunnen onderkennen van eenvoudige stoornissen en fouten van de machine

- Het kunnen voorkomen van productieonderbrekingen en opstoppingen

- Het kunnen ondersteunen van medewerkers in probleemsituaties

Motorische vaardigheden

Generiek

- Het indien nodig kunnen plaatsen van hulpstukken op de machine

- Het kunnen schoonhouden van de werkplek

- Het kunnen opbergen van de eigen gereedschappen en hulpmiddelen

- Het kunnen aan- en uitzetten van de machine/apparatuur

- Het kunnen aannemen van een goede ergonomische houding

Specifiek

- Het kunnen de werkpost voorzien van de te snijden stoffen

- Het kunnen uitrapen of samenbinden van de gesneden onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering

- Het kunnen gebruiken van etiketteersystemen

2.2.3 Context

Omgevingscontext

- Dit beroep wordt uitgeoefend in fabrieken voor het produceren van artikelen in kleding, confectie en meubelstoffering

- Het wordt overwegend uitgeoefend in een dag-systeem

- De activiteit varieert naargelang de grootte en de automatiseringsgraad van de onderneming

- Dit beroep wordt eerder in een zeer afwisselende, vertrouwde en meervoudige context uitgeoefend

- De werkcontext is in zeker mate gestructureerd met tijdsdruk

Handelingscontext

- Dit beroep vereist een permanente vorm van concentratie rond de kwaliteit van het product en de nodige flexibiliteit en polyvalentie bij het uitvoeren van zijn werkzaamheden

- De operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering houdt rekening met de veiligheid op en rond de werkplek en de machineveiligheidsinstructies

- De beroepsbeoefenaar moet zijn werkplek steeds schoonhouden en steeds zijn eigen gereedschappen en hulpmiddelen opbergen

2.2.4 Autonomie

De operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering

- is zelfstandig in het uitvoeren van opgestelde taken en in het oplossen van eenvoudige machinestoringen, probeert problemen en/of onregelmatigheden die zich voordoen bij het uitvoeren van zijn werkzaamheden zelf op te lossen

- is gebonden aan zowel mondelinge als schriftelijke instructies van de leidinggevende

- meldt aan de leidinggevende het einde van de opdracht

2.2.5 Verantwoordelijkheid

De operator snijafdeling kleding, confectie en meubelstoffering is verantwoordelijk voor een correcte, nauwkeurige en tijdige uitvoering van het werk en dit volgens de mondelinge en schriftelijke instructies van de leidinggevende. De operator dient de stoffen die hij/zij krijgt na te kijken op de kwaliteit. Indien hij/zij onregelmatigheden vaststelt, overlegt de operator hierover met de leidinggevende. De operator is verantwoordelijk voor :

- een werkpost te voorzien van de te snijden grondstoffen en gereedschap

- het monteren van gereedschap en het instellen van een machine of een geselecteerd programma

- het controleren van de kwaliteit van de stoffen

- het opleggen van de stoffen volgens het productieorder

- het uitsnijden van onderdelen van kleding, confectie en meubelstoffering volgens het snijplan

- het identificeren en sorteren van de gesneden onderdelen

- de registratie van de gegevens van de activiteiten

- de uitvoering van preventief of curatief basisonderhoud van machines of uitrustingen

- het ondersteunen van medewerkers productielijn kleding, confectie en meubelstoffering bij de start op de werkvloer

2.3 Vereiste attesten

Er zijn geen attesten vereist.