Besluit van de Vlaamse Regering tot erkenning van de beroepskwalificatie spuiter carrosserie

  • goedkeuringsdatum
    25 april 2014
  • publicatiedatum
    B.S.03/09/2014
  • datum laatste wijziging
    03/09/2014

De Vlaamse Regering,

Gelet op het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, artikel 12, vervangen bij het decreet van 1 juli 2011;

Gelet op het erkenningsadvies van het Agentschap voor Kwaliteitszorg in Onderwijs en Vorming, gegeven op 2 april 2014;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 7 april 2014;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel ende Vlaamse minister van Financiën, Begroting, Werk, Ruimtelijke Ordening en Sport;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

De beroepskwalificatie van spuiter carrosserie, ingeschaald op niveau 3 van de Vlaamse kwalificatiestructuur, wordt erkend. De beschrijving, opgenomen inde bijlage die bij dit besluit is gevoegd, omvat de definitie en de bijbehorende competenties.

Art. 2.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

BIJLAGE

Beschrijving van de beroepskwalificatie van spuiter carrosserie (m/v) (BK0122) als vermeld in artikel 1

1. GLOBAAL

a. Titel

Spuiter carrosserie (m/v)

b. Definitie

De spuiter carrosserie werkt op de spuitafdeling van een schadeherstelbedrijf en realiseert afwerkingsoperaties volgens de veiligheidsvoorschriften en de regelgeving (oppervlakken voorbereiden, schilderen, ...) teneinde deze in de oorspronkelijke of een nieuwe kleur te spuiten.

c. Niveau

3

d. Jaartal

2014

2. COMPETENTIES

2.1. Opsomming competenties

BASISACTIVITEITEN

• Bepaalt de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke (Id 13304-c)

- Raadpleegt technische bronnen

- Raadpleegt de werkfiche

• Bereidt de werkplek en het voertuig voor aan de hand van de werkfiche, zodat vlot, correct, net en veilig gewerkt kan worden (co00816)

- Verwerkt en interpreteert de werkfiche

- Identificeert het voertuig

- Verplaatst het voertuig en zet het klaar

- Bereidt het gereedschap en de producten voor en zet ze klaar

- Beschermt het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)

• Vult de opvolgdocumenten van de interventie in en geeft de informatie door aan de betrokkenen (Id 17315-c)

- Vult de werkfiche in voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden

- Registreert gebruikte hoeveelheden materialen

- Wisselt mondeling en schriftelijk informatie uit met collega's en verantwoordelijke

- Gebruikt bedrijfseigen software

• Ruimt de werkplek op en onderhoudt ze (Id 16298-c)

- Sorteert en bergt onderdelen op

- Plaatst gereedschap en materiaal in rekken of karren

- Ruimt de werkplek op en reinigt ze

- Reinigt het gebruikte gereedschap en de apparatuur

- Sorteert afval volgens de richtlijnen

SPECIFIEKE ACTIVITEITEN

• Bepaalt, in overleg met de verantwoordelijke welke onderdelen gespoten moeten worden van zodra het herstelproces aanvangt (co00817)

- Schat de grootte van de reparatiezone en de aan te maken hoeveelheid in

- Schat de haalbaarheid van de kleur in en bepaalt desgevallend uitspuitzones

• Bepaalt de kleurtinten van verven en lakken van zodra het herstelproces aanvangt (Id 32256-c)

- Houdt zich aan de voorschriften van de fabrikant

- Bepaalt de lakmethode en het laksysteem volgens de aard van ondergrond

- Kiest een tint grondverf die de afwerkingslaag voldoende dekkracht geeft

- Zoekt de juiste kleur voor de afwerkingslaag met een kleurenindex, kleurendetector en kleurendatabank

• Doseert de kleurtinten van verven en lakken en past ze aan (originele referentiepunten, veroudering, beoogde effecten,...) (Id 5844-c)

- Maakt kleuren aan met de verfmenginstallatie volgens de mengformule

- Test de aangemaakte kleur aan de hand van een staal

- Maakt de juiste hoeveelheden grondverf en lak aan

- Controleert de temperatuur, viscositeit en de zuiverheid van grondstoffen en materieel

- Filtert de verf met behulp van verffilters

• Brengt de verven en lakken aan (Id 5884-c)

- Controleert de voorbereidende werkzaamheden (geschuurd, ontvet, afgekit, afgeplakt,...)

- Stelt de verfspuitinstallatie en de spuitcabine af

- Stoft het voertuig af als het zich in de spuitcabine bevindt

- Brengt indien nodig een primer aan

- Spuit de verf met een spuitpistool in een gelijkmatige, beheerste en loodrechte slag

- Laat de aangebrachte verf uitdampen en brengt een tweede laag aan in overeenstemming met de uitdamptijden

- Bepaalt een droogtechniek (drogen door oxidatie, moffelen in een convectie- of radiatie-oven, drogen buiten de droogcabine met infrarooddrogers, ...)

- Laat het voertuig drogen volgens de geschikte techniek, droogtijd en temperatuur

- Verwijdert het afplakmateriaal

• Herstelt spuitfouten (Id 32260)

- Controleert de aangebrachte laklaag na het droogproces

- Bepaalt de foutoorzaak van spuitfouten en isoleert ze indien mogelijk

- Schuurt of poliert spuitfouten uit

- Brengt eventueel een nieuwe verf- of laklaag aan

2.2. Beschrijving van de competenties/activiteiten aan de hand van de descriptorelementen

2.2.1. Kennis

Generiek

- Basiskennis van bedrijfseigen software

- Kennis van voertuigtypes

- Kennis van persoonlijke beschermingsmiddelen

- Kennis van constructeursvoorschriften of het opzoeken ervan

- Kennis van procedures omtrent veiligheid en milieu

- Kennis van ergonomie

- Kennis van eigenschappen van de gebruikte materialen

- Kennis van eigenschappen van de te bewerken materialen

- Kennis van het gebruik van apparatuur en gereedschap

- Kennis van kwaliteitsnormen

Specifiek

- Basiskennis van plaatwerk

- Kennis van schoonmaaktechnieken

- Kennis van de kenmerken van verf

- Kennis van schilder- en spuittechnieken

- Kennis van de lakmethode en het laksysteem

- Kennis van kleurmeting

- Kennis van principes van kleurenmenging

- Kennis van de kenmerken van oplosmiddelen

- Kennis van regels voor het hanteren van giftige producten

- Kennis van droogtechnieken

- Kennis van de werking en het onderhoud van de spuitcabine

- Kennis van de werking en het onderhoud van de droogoven en andere droogtoestellen (bv. IRT)

- Kennis van de voorbewerkingswijze om een spotrepair correct uit te voeren

- Kennis van afplaktechnieken

- Kennis van het interne herstelproces (Wat komt voor en na de eigen taken?)

- Kennis van schuurtechnieken

- Kennis van de principes van uitspuitzones

2.2.2. Vaardigheden

Cognitieve vaardigheden

- Het kunnen raadplegen van technische bronnen

- Het kunnen raadplegen van de werkfiche

- Het kunnen verwerken en interpreteren van de werkfiche

- Het kunnen identificeren van het voertuig

- Het kunnen verplaatsen en klaarzetten van het voertuig

- Het kunnen voorbereiden en klaarzetten van het gereedschap en de producten

- Het kunnen beschermen van het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)

- Het kunnen invullen van de werkfiche voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden

- Het kunnen registreren van gebruikte hoeveelheden materialen

- Het mondeling en schriftelijk informatie kunnen uitwisselen met collega's en verantwoordelijke

- Het kunnen gebruiken van bedrijfseigen software

- Het kunnen sorteren en opbergen van onderdelen

- Het kunnen sorteren van afval volgens de richtlijnen

- Het zich kunnen houden aan de voorschriften van de fabrikant

- Het kunnen bepalen van de lakmethode en het laksysteem volgens de aard van ondergrond

- Het kunnen kiezen van een tint grondverf die de afwerkingslaag voldoende dekkracht geeft

- Het kunnen zoeken van de juiste kleur voor de afwerkingslaag met een kleurenindex, kleurendetector en kleurendatabank

- Het kunnen inschatten van de grootte van de reparatiezone en de aan te maken hoeveelheid

- Het kunnen inschatten van de haalbaarheid van de kleur en desgevallend bepalen van uitspuitzones

- Het kunnen maken van kleuren met de verfmenginstallatie volgens de mengformule

- Het kunnen maken van de juiste hoeveelheden grondverf en lak

- Het kunnen controleren van de voorbereidende werkzaamheden (geschuurd, ontvet, afgekit, afgeplakt,...)

- Het kunnen controleren van de temperatuur, viscositeit en de zuiverheid van grondstoffen en materieel

- Het kunnen afstellen van de verfspuitinstallatie en de spuitcabine

- Het kunnen bepalen van een droogtechniek (drogen door oxidatie, moffelen in een convectie- of radiatie-oven, drogen buiten de droogcabine met infrarooddrogers, ...)

- Het kunnen drogen van het voertuig volgens de geschikte techniek, droogtijd en temperatuur

- Het kunnen controleren van de aangebrachte laklaag na het droogproces

Probleemoplossende vaardigheden

- Het kunnen bepalen van de foutoorzaak van spuitfouten en ze indien mogelijk isoleren

- Het kunnen uitschuren of polieren van spuitfouten

Motorische vaardigheden

- Het kunnen voorbereiden/klaar zetten van het gereedschap en de producten

- Het kunnen testen van de aangemaakte kleur aan de hand van een staal

- Het kunnen aanbrengen van een primer indien nodig

- Het kunnen spuiten van de verf met een spuitpistool in een gelijkmatige, beheerste en loodrechte slag

- Het kunnen afstoffen van het voertuig als het zich in de spuitcabine bevindt

- Het kunnen aanbrengen van eventueel een nieuwe verf- of laklaag

- Het kunnen verwijderen van het afplakmateriaal

- Het kunnen filteren van de verf met behulp van verffilters

- Het kunnen laten uitdampen van de aangebrachte verf en het aanbrengen van een tweede laag in overeenstemming met de uitdamptijden

- Het kunnen plaatsen van gereedschap en materiaal in rekken of karren

- Het kunnen opruimen en reinigen van de werkplek

- Het kunnen reinigen van het gebruikte gereedschap en apparatuur

2.2.3. Context

Omgevingscontext

- De spuiter carrosserie situeert zich in de autosector bij de schadeherstelbedrijven

- Hij werkt alleen of samen met collega's spuiters en/of voorbewerkers

- Bij het uitvoeren van de werkzaamheden kan lawaaihinder voorkomen

- Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen is vereist

- Enkel tijdens de spuitfase bevindt de spuiter zich in de cabine. De duur hiervan hangt van de organisatie maar bedraagt ongeveer een halve werkdag

- De spuitcabine is een sterk verlichte, zeer sterk geventileerde omgeving

- De activiteiten vinden plaats in de werkplaats zelf, hij gaat niet ter plaatse

- Het beroep wordt uitgeoefend binnen een aaneenschakeling van activiteiten in een herstelproces, waarbij de spuiter een duidelijk afgebakende plaats inneemt

- Het beroep is vrij gestructureerd, er is een logische volgorde bij het herstellen van de schade

- De spuiter dient efficiënt te werken zodat de planning en het gehele herstelproces geen vertraging oploopt.

Handelingscontext

- De spuiter carrosserie dient oog hebben voor kwaliteit en de tevredenheid van de klant door met zorg, precisie en toewijding te werken.

- Hij moet aandacht hebben voor gevaarlijke situaties

- Hij moet omzichtig omgaan met grondstoffen en producten, rekening houdend met veiligheidsvoorschriften.

- Hij dient zorgvuldig en nauwkeurig gebruik te maken van machines, gereedschappen en materialen.

- Indien hij als spuiter een spuitfout maakt, moet de wagen terug een deel van het proces doorlopen. Dit kost tijd, producten, energie, vervangend vervoer,...

- Tijdens het spuiten zelf dient hij dus een verhoogde aandacht te hebben.

- Als spuiter heeft hij ook een controlefunctie. Hij dient na te gaan of de voorbewerker zijn werk correct uitgevoerd heeft.

2.2.4. Autonomie

De spuiter is zelfstandig in :

- het plannen van de eigen werkzaamheden binnen een voorgeschreven volgorde en werkfiche

- het voorbereiden van zijn werkplek en het voertuig

- het bepalen van de kleurtinten van verven en lakken

- het bepalen van een gepaste aanpak bij het spuiten van de onderdelen

- het doseren en aanpassen van de kleurtinten van verven en lakken

- het aanbrengen van kleuren en lakken

- het herstellen van spuitfouten

- het invullen van opvolgdocumenten en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen

- het opruimen en reinigen van de werkplek en het gereedschap

- het sorteren van afval

De spuiter doet beroep op :

- zijn verantwoordelijke om samen met hem te bepalen welke onderdelen gespoten dienen te worden indien zijn mening verschilt van de opdracht op de werkfiche

De spuiter is gebonden aan :

- de voorschriften van de constructeur en de leverancier

- de richtlijnen van zijn verantwoordelijke

- milieu- en veiligheidsvoorschriften

- zijn werkfiche

2.2.5. Verantwoordelijkheid

- Het bepalen van de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke

- Het voorbereiden van de werkplek en het voertuig aan de hand van de werkfiche

- Het bijdragen tot het bepalen van welke onderdelen gespoten moeten worden

- Het bepalen van de kleurtinten van verven en lakken

- Het doseren en aanpassen van de kleurtinten van verven en lakken

- Het aanbrengen van kleuren en lakken

- Het herstellen van spuitfouten

- Het goed onderhoud van de spuitcabine

- Het nagaan of de voorbewerker zijn werk correct heeft uitgevoerd

- Het invullen van opvolgdocumenten van de interventie en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen

- Het opruimen van de werkplek en het onderhouden ervan

- Het veilig werken op de werkplek

- Het sorteren van afval

2.3. Vereiste attesten

Er zijn geen vereiste attesten.