Besluit van de Vlaamse Regering houdende de regeling voor huursubsidies voor schoolinfrastructuur

  • goedkeuringsdatum
    04 mei 2016
  • publicatiedatum
    B.S.29/06/2016
  • datum laatste wijziging
    29/06/2016

De Vlaamse Regering,

Gelet op de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving, artikel 19bis, vervangen bij het decreet van 18 december 2015;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 17 februari 2016;

Gelet op advies 59.028/1 van de Raad van State, gegeven op 29 maart 2016, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs;

Na beraadslaging,

Besluit :

HOOFDSTUK 1. - Algemene voorwaarden

Artikel 1.

Een huursubsidie kan worden toegekend om een schoolgebouw te huren dat voorheen nog niet met onderwijsbestemming werd ingezet. De huur kan betrekking hebben op bestaande gebouwen, vernieuwbouw of nieuwbouw, waarbij een algemene oplossing voor de huisvestingsbehoefte wordt beoogd binnen het gewoon en het buitengewoon basis- en secundair onderwijs en de internaten.

Art. 2.

§ 1. Binnen de perken van de door de Vlaamse Gemeenschap beschikbaar gestelde middelen wordt door de raad van bestuur van AGION beslist over de toekenning van een huursubsidie aan de inrichtende macht.

De huursubsidie kan alleen worden toegekend voor projecten die beantwoorden aan de fysische normen, vermeld in artikel 7 tot en met 30 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2007 houdende vaststelling van de regels die de behoefte aan nieuwbouw of uitbreiding bepalen en van de fysische en financiële normen voor de schoolgebouwen, internaten en centra voor leerlingenbegeleiding.

§ 2. De aanvangshuur die voor de berekening van de huursubsidie wordt gehanteerd, mag niet meer bedragen dan een door AGION vastgesteld percentage van de financiële normen, vermeld in artikel 31 tot en met 35 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2007 houdende vaststelling van de regels die de behoefte aan nieuwbouw of uitbreiding bepalen en van de fysische en financiële normen voor de schoolgebouwen, internaten en centra voor leerlingenbegeleiding.

§ 3. Het percentage, vermeld in paragraaf 2, wordt door de raad van bestuur van AGION periodiek vastgesteld in functie van een normaal aanvangsrendement op basis van ten minste de volgende parameters en wordt ter bekrachtiging meegedeeld aan de Vlaamse Regering :

1° de risicovrije rente;

2° een risicopremie;

3° de duurtijd van de huurovereenkomst;

4° het eigenaarsonderhoud.

De raad van bestuur van AGION kan van het percentage, vermeld in paragraaf 2, gemotiveerd afwijken in geval van uitzonderlijke omstandigheden zoals, bijzondere karakteristieken of de ligging van het schoolgebouw.

§ 4. De huursubsidie kan jaarlijks worden geïndexeerd. De jaarlijkse indexatie mag er echter niet toe leiden dat de huursubsidie in een bepaald jaar meer bedraagt dan als de initiële huursubsidie jaarlijks geïndexeerd zou worden aan de consumptieprijsindex.

§ 5. De huursubsidie kan alleen betrekking hebben op de vergoeding van de huur en niet op de uitgaven voor de verwerving van de eigendom of de financieringskosten. De huursubsidie kan niet van toepassing zijn op projecten die geselecteerd zijn in het kader van de inhaalbeweging voor schoolinfrastructuur, vermeld in het decreet van 7 juli 2006 betreffende de inhaalbeweging voor schoolinfrastructuur.

HOOFDSTUK 2. - Aanvraagprocedure

Art. 3.

De inrichtende macht dient, na een periodieke oproep door AGION, een aanvraag in om in aanmerking te komen voor een huursubsidie.

Minstens de volgende gegevens worden opgenomen in de aanvraag :

1° het instellingsnummer, het volgnummer van de vestigingsplaats, de straat, het straatnummer, de gemeente of de deelgemeente van de vestigingsplaats, de kadastrale gegevens;

2° een beschrijving, inclusief de locatiegegevens, van de te huren bestaande infrastructuur of waarvoor minstens een stedenbouwkundige vergunning is verkregen;

3° het aantal leerlingen of internen op de vestigingsplaats bij de indiening van de aanvraag;

4° de totale voorziene capaciteit van de vestigingsplaats die als gevolg van de gehuurde infrastructuur gecreëerd zal worden;

5° een raming van de jaarlijkse en de totale huurprijs;

6° het kalenderjaar waarin in de opstart van de huur wordt voorzien;

7° een vermelding van de huurperiode van de te huren infrastructuur;

8° een onderbouwde motivatie van de criteria, vermeld in artikel 5.

Art. 4.

De inrichtende macht voegt bij de aanvraag een ontwerp van huurovereenkomst op basis waarvan aan de inrichtende macht het genot van het goed wordt verzekerd. Die overeenkomst bevat minstens het moment waarop en de duur van de periode waarin de infrastructuur ter beschikking zal worden gesteld aan de inrichtende macht.

De inrichtende macht bezorgt ook een formele verklaring aan AGION waarin ze zich ertoe verbindt om :

1° de huursubsidie alleen te gebruiken voor het project en de onderwijsbestemming waarvoor ze is bedoeld;

2° elke wijziging, schorsing of beëindiging van de huurovereenkomst of van de voorwaarden voor de toegekende huursubsidie aan AGION te melden;

3° bij het ophouden van de onderwijsbestemming dat aan AGION te melden, zodat AGION de huursubsidie onmiddellijk kan beëindigen.

HOOFDSTUK 3. - Selectie

Art. 5.

Een selectiecommissie, waarvan de samenstelling ter bekrachtiging aan de Vlaamse Regering wordt meegedeeld, bestaande uit de leden van de raad van bestuur van AGION, selecteert de aanvragen en bepaalt de rangschikking van de aanvragen op basis van de volgende criteria :

1° de dwingende behoefte aan onderwijshuisvesting;

2° de kostenefficiëntie van het project;

3° de huurtermijn en de wijze waarop het project past in de langetermijnvisie van de inrichtende macht op de infrastructuur;

4° de duurzaamheid van het project, waarbij onder meer de toegankelijkheid, de energiecertificering, de ecologische componenten en de verhouding tot de beschikbare ruimte in overweging worden genomen;

5° de brede inzetbaarheid en het multifunctionele karakter van de te huren infrastructuur;

6° de mate waarin de inrichtende macht een subsidieaanvraag bij AGION heeft ingediend in het kader van een langetermijnoplossing voor de infrastructuur op de vestigingsplaats, waarbij wordt gekeken naar de datum van de indiening van de subsidieaanvraag;

7° de mate waarin extra capaciteit op het grondgebied van de (fusie)gemeente in kwestie wordt gegenereerd waar de behoefte het grootst is en waar tegemoetgekomen wordt aan de schoolkeuze, als de aanvraag betrekking heeft op een project waarbij nieuwe capaciteitsuitbreiding gerealiseerd wordt.

Art. 6.

Bij de beoordeling van de aanvraag kan aanvullende informatie of verduidelijking gevraagd worden aan de inrichtende macht. Als die aanvullende informatie of verduidelijking niet tijdig wordt verschaft, kan de aanvraag worden verworpen.

Art. 7.

Bij de beoordeling van de aanvraag kunnen opmerkingen en aandachtspunten worden bezorgd aan de inrichtende macht. De inrichtende macht bezorgt zo spoedig mogelijk een eventueel aangepaste aanvraag, rekening houdend met de bezorgde opmerkingen en aandachtspunten, of ze deelt mee dat ze geen aangepaste aanvraag zal indienen.

Art. 8.

De inrichtende macht wordt met een brief op de hoogte gebracht van de beslissing van de raad van bestuur van AGION over de aanvraag van de huursubsidie.

HOOFDSTUK 4. - Betaling

Art. 9.

Nadat de inrichtende macht met een brief op de hoogte is gebracht van het akkoord met de aanvraag van de huursubsidie, bezorgt de inrichtende macht een kopie van de definitieve huurovereenkomst, het rekeningnummer en de identiteit van de rekeninghouder aan AGION. De huursubsidie wordt uitbetaald per afgelopen kwartaal van het kalenderjaar.

HOOFDSTUK 5. - Slotbepaling

Art. 10.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.