Besluit van de Vlaamse Regering tot erkenning van de beroepskwalificatie onderhoudsmonteur

  • goedkeuringsdatum
    08 juli 2016
  • publicatiedatum
    B.S.21/10/2016
  • datum laatste wijziging
    21/10/2016

DE VLAAMSE REGERING,

Gelet op het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, artikel 12, vervangen bij het decreet van 1 juli 2011;

Gelet op het erkenningsadvies van het Agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs, Kwalificaties en Studietoelagen, gegeven op 17 juni 2016;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 29 juni 2016;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs en de Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport;

Na beraadslaging,

Besluit :

Artikel 1.

De beroepskwalificatie van onderhoudsmonteur, ingeschaald op niveau 3 van de Vlaamse kwalificatiestructuur, wordt erkend. De beschrijving opgenomen in de bijlage die bij dit besluit is gevoegd, omvat de definitie en de bijbehorende competenties.

Art. 2.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Bijlage

Beschrijving van de beroepskwalificatie van onderhoudsmonteur (0232) als vermeld in artikel 1

1. GLOBAAL

a. Titel

Onderhoudsmonteur

b. Definitie

De onderhoudsmonteur voert preventieve onderhoudsacties uit teneinde de functionaliteit (prestaties, betrouwbaarheid, beschikbaarheid, veiligheid,...) van industriële machines en installaties te behouden en de verwachte levensduur ervan te verzekeren.

c. Niveau

3

d. Jaartal

2016

2. COMPETENTIES

2.1. Opsomming competenties

BASISACTIVITEITEN

Werkt in teamverband (co 01919)

- Wisselt informatie uit met collega's en gebruikers van de machine of installatie

- Volgt aanwijzingen van collega's van ondersteunende diensten

- Volgt aanwijzingen op van verantwoordelijken

- Vult werkdocumenten in

- Rapporteert aan leidinggevenden

Volgt de planning (co 01920)

- Leest en begrijpt het preventief onderhoudsplan

- Verzamelt materiaal en gereedschappen voor het uitvoeren van de opdracht

Werkt met oog voor veiligheid, milieu, kwaliteit en welzijn (co 01921)

- Houdt zich aan de regels over veiligheid, gezondheid en milieu

- Gaat zuinig om met materialen, gereedschappen, tijd en vermijdt verspilling

- Houdt zich aan de regels voor traceerbaarheid van producten

- Werkt correct met hef- en hijswerktuigen volgens voorschriften

- Sorteert afval en beschermt het milieu

- Gebruikt persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen (PBM's en CBM's) volgens de specifieke voorschriften

- Neemt gepaste maatregelen volgens de veiligheidsvoorschriften bij ongevallen

- Verzamelt gereedschappen en materiaal

Gebruikt machines en gereedschappen (co 01922)

- Controleert de staat van machines en gereedschappen voor gebruik

- Gebruikt machines en gereedschappen op een veilige en efficiënte manier

- Reinigt en controleert de machines en gereedschappen op zichtbare gebreken en degelijkheid na gebruik

- Signaleert defecten of gebreken

Intervenieert preventief rekening houdend met situationele elementen of de onderhoudshistoriek (I130901 Id12838-c, I131001 Id13042-c)

- Analyseert de opdracht

- Raadpleegt technische informatie (uit handleiding, schema's, logboeken...) die toegevoegd is aan de opdracht

- Overlegt met de leidinggevende, gebruikers en andere betrokkenen in verband met de uit te voeren werkzaamheden

- Legt de volgorde van de eigen werkzaamheden vast

Controleert de werking van het materiaal, de instrumentengegevens (druk, debiet, temperatuur, ...) en de kritieke slijtagepunten, smeringspunten, ... (co 01923)

- Raadpleegt technische informatie (controlelijst, onderhoudsschema's,...) die toegevoegd is aan de opdracht

- Gebruikt zintuigen om afwijkingen in de werking en staat van de machine op te sporen

Gebruikt meetinstrumenten om slijtage of afwijkingen te detecteren

Voert voorbereidende werkzaamheden uit (co 01924)

- Houdt zich aan het preventief onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- Stelt de machine of installatie in veiligheid

- Beveiligt de machine tegen ongecontroleerd herinschakelen

- Gebruikt gereedschappen

Onderhoudt de machine of installatie preventief (co 01927)

- Houdt zich aan het preventief onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- Voert preventieve onderhoudsacties uit zoals reinigen, smeren en vloeistofreservoirs bijvullen

- Sorteert afval en voert het af volgens de richtlijnen

Vervangt elektrische onderdelen en componenten en stelt ze af (co 01925)

- Raadpleegt het preventief onderhoudsplan

- Gebruikt gereedschappen

- Gebruikt meetinstrumenten (multimeter, ampèretang, isolatiemeter...)

- Beoordeelt de werking van de onderdelen

- Rapporteert vaststellingen

- Demonteert elektrische componenten en onderdelen (schakelaars, drukknoppen, sensoren, connectoren...)

- Reinigt componenten en onderdelen

- Monteert of hermonteert componenten en onderdelen

- Regelt onderdelen af en sluit ze aan

- Voert eenvoudige soldeerverbindingen uit

- Borgt de verbinding volgens voorschriften

- Draait proef samen met de gebruikers van de machine of installatie

Vervangt hydraulische en pneumatische componenten en onderdelen en stelt ze af (co 01926)

- Raadpleegt het preventief onderhoudsplan

- Gebruikt gereedschappen

- Gebruikt meetinstrumenten (multimeter, drukmeter...)

- Beoordeelt de slijtage of afwijking van de onderdelen

- Rapporteert vaststellingen

- Demonteert componenten en onderdelen (kleppen, ventielen, drukknoppen, sensoren...)

- Reinigt componenten en onderdelen

- Monteert of hermonteert componenten en onderdelen

- Regelt onderdelen af

- Controleert op lekdichtheid

- Borgt de verbinding volgens voorschriften

- Draait proef samen met de gebruikers van de machine of installatie

Vervangt mechanische onderdelen en stelt ze af (co 01928)

- Raadpleegt het preventief onderhoudsplan

- Gebruikt gereedschappen

- Gebruikt meetinstrumenten (schuifmaat, koppelmeter, temperatuurmeter, meetkaliber...)

- Beoordeelt de slijtage of afwijking van de onderdelen

- Rapporteert vaststellingen

- Demonteert onderdelen (lagers, riemen, filters, tandwielen, remschoenen,...)

- Reinigt onderdelen

- Monteert of hermonteert onderdelen door krimpen, uitzetten, persen of met schroeven, pennen, ....

- Borgt de verbinding volgens voorschriften

- Draait proef samen met de gebruikers van de machine of installatie

Vult opvolgdocumenten van de werkzaamheden in en geeft de informatie door aan de betrokken dienst (I131001 Id17981-c)

- Gebruikt applicaties (machinegebonden en dienstgebonden) voor administratieve opvolging van het preventief onderhoud

- Houdt gegevens bij over het verloop van de werkzaamheden

- Houdt gegevens bij over vaststellingen tijdens het preventief onderhoud

- Houdt gegevens bij over het verbruik van materiaal

- Meldt af en rapporteert aan zijn leidinggevende

2.2. Beschrijving competenties/activiteiten adhv de descriptorelementen

2.2.1. Kennis

- Basiskennis van kwaliteitsnormen

- Basiskennis van veiligheidsregels

- Basiskennis van elektrische veiligheidsnormen

- Basiskennis van constructietekeningen mechanica

- Basiskennis van schemalezen elektriciteit

- Basiskennis van schemalezen hydraulica

- Basiskennis van schemalezen pneumatica

- Basiskennis van automatisering: schema's lezen en begrijpen, componenten kennen

- Basiskennis van voorraadbeheer

- Basiskennis van verbindingstechnieken

- Basiskennis van de werking van de machines of installaties die gebruikt worden in het bedrijf of de sector

- Basiskennis van interne procedures inzake veiligheid, milieu en risicobeoordeling, machinerichtlijn, EMC-richtlijn

- Kennis van elektriciteit: installaties, onderdelen en componenten

- Kennis van mechanica: onderdelen

- Kennis van hydraulica: onderdelen en componenten

- Kennis van pneumatica: onderdelen en componenten

- Kennis van meettechniek in het kader van onderhoudswerkzaamheden

- Kennis van meetgereedschappen voor elektrisch en mechanisch onderhoud (schuifmaat, temperatuurmeter, drukmeter, multimeter, ampèretang, ..)

- Kennis van hulpmiddelen (gereedschappen, vervangingscomponenten, onderhouds- en reinigingsproducten....) voor preventief onderhoud

- Kennis van visuele en auditieve kenmerken van slijtage en defecten

- Kennis van montage en -demontagetechnieken

- Kennis van borgingstechnieken

- Kennis van bedrijfsspecifieke onderhoudsinstructies

- Kennis van algemene en bedrijfsspecifieke opvolgsystemen

2.2.2. Vaardigheden

Cognitieve vaardigheden

- Het kunnen raadplegen van technische informatie (handleidingen, schema's, logboeken, controlelijst, onderhoudsschema's ...) die toegevoegd is aan de opdracht

- Het kunnen lezen en begrijpen van het preventief onderhoudsplan

- Het kunnen analyseren van de opdracht

- Het kunnen overleggen met de leidinggevende, gebruikers en andere betrokkenen in verband met de uit te voeren werkzaamheden

- Het kunnen uitwisselen van informatie met collega's en gebruikers van de machine of installatie

- Het kunnen volgen van aanwijzingen van collega's van ondersteunende diensten en verantwoordelijken

- Het kunnen vastleggen van de volgorde van de eigen werkzaamheden

- Het kunnen gebruiken van onderhoudsspecifieke applicaties (machinegebonden en dienstgebonden) voor administratieve opvolging

- Het kunnen bijhouden van gegevens over het verloop van de werkzaamheden

- Het kunnen bijhouden van vaststellingen tijdens het preventief onderhoud

- Het kunnen bijhouden van het verbruik van materiaal

- Het kunnen afmelden en rapporteren aan de leidinggevende

- Het zich kunnen houden aan de regels over veiligheid, gezondheid en milieu

- Het zuinig kunnen omgaan met materialen, gereedschappen, tijd en vermijdt verspilling

- Het zich kunnen houden aan de regels voor traceerbaarheid van producten

- Het correct kunnen werken met hef- en hijswerktuigen volgens voorschriften

- Het kunnen sorteren van afval en beschermen van het milieu

- Het kunnen gebruiken van persoonlijke en collectieve beschermingsmiddelen (PBM's en CBM's) volgens de specifieke voorschriften

- Het kunnen controleren van de staat van machines en gereedschappen voor gebruik

- Het kunnen verzamelen van materiaal en gereedschappen voor het uitvoeren van de opdracht

- Het kunnen gebruiken van machines en gereedschappen op een veilige en efficiënte manier

- Het kunnen reinigen en controleren van de machines en gereedschappen op zichtbare gebreken en degelijkheid na gebruik

- Het kunnen gebruiken van zintuigen om afwijkingen in de werking en staat van de machine op te sporen

- Het kunnen gebruiken van meetinstrumenten om slijtage of afwijkingen te detecteren

- Het zich kunnen houden aan het preventief onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- Het in veiligheid kunnen stellen van de machine of installatie

- Het kunnen beveiligen van de machine tegen ongecontroleerd herinschakelen

- Het kunnen beoordelen van de werking van de onderdelen

- Het kunnen afregelen en aansluiten van onderdelen

- Het kunnen borgen van een verbinding volgens voorschriften

- Het kunnen controleren van de veiligheidssituatie voor aanvang van het werk

- Het kunnen beoordelen van de slijtage of afwijking van de onderdelen

- Het kunnen afregelen van onderdelen en controleren op lekdichtheid

- Het kunnen rapporteren van vaststellingen

- Het samen met de gebruikers kunnen proefdraaien van de machine of installatie

Probleemoplossende vaardigheden

- Het kunnen nemen van gepaste maatregelen volgens de veiligheidsvoorschriften bij ongevallen

- Het kunnen signaleren van defecten of gebreken

Motorische vaardigheden

- Het kunnen gebruiken van gereedschappen en meetinstrumenten (multimeter, ampèretang, ...)

- Het kunnen demonteren van componenten en onderdelen

- Het kunnen reinigen van componenten en onderdelen

- Het kunnen monteren en hermonteren van componenten en onderdelen

- Het kunnen uitvoeren van eenvoudige soldeerverbindingen

- Het kunnen uitvoeren van preventieve onderhoudsacties zoals reinigen, smeren en bijvullen van vloeistofreservoirs

2.2.3. Context

Omgevingscontext

- Het preventief onderhoud heeft een herhalend patroon met variabele frequenties: sommige acties moeten dagelijks, wekelijks, maandelijks, jaarlijks of na een bepaald aantal bedrijfsuren gebeuren. De uitvoering van de activiteiten ligt voor het preventieve onderhoud vast in werkinstructies met een gestructureerd verloop. Ze zijn bepaald door voorschriften van machineconstructeurs of werden in het bedrijf zelf opgebouwd door analyse en ervaring. Er is bij de onderhoudsplanning evenwel vaak flexibiliteit nodig om een afstemming met de productieplanning te realiseren. Preventieve onderhoudsacties omvatten soms deelprocedures die heel sterk omschreven verlopen zoals bijvoorbeeld het opvolgen van veiligheidsinstructies, procedures voor inbedrijfname,...

- De werkinstructies van de onderhoudsmonteur worden bepaald door contextspecifieke elementen zoals de aanwezige machines of installaties, kenmerken van grondstoffen of halffabricaten die verwerkt worden in de productie-installatie, bedrijfs- of sectorspecifieke gegevens en de productieplanning.

- De onderhoudscontext evolueert voortdurend door aanpassingen aan de productie-installaties, veranderingen in het productieproces, technische evoluties en veranderingen in de verhoudingen tussen bedrijfsinterne en uitbestede onderhoudsdiensten.

- Er is binnen een productie-installatie vaak een grote variatie aan machines, toestellen en merken.

- Naargelang van de schaalgrootte of professionalisering van de onderhoudswerking in industriële bedrijven verloopt het preventief onderhoudsproces minder of meer gestructueerd en kan de taakinhoud enigszins verschillen. Ook de gerationaliseerde verhouding tussen bedrijfsintern en uitbesteed preventief onderhoud is bepalend voor het takenpakket van de onderhoudsmonteur.

- De onderhoudsmonteur is soms lichamelijk blootgesteld aan omgevingsrisico's: chemische producten, stof, warmte, koude, droogte, vochtigheid, temperatuurschommelingen, dampen, rook, stank, lawaai, trillingen, hitte-uitstraling, slechte verlichting, beperkte ruimte en onaangename beschermingsmiddelen. Deze blootstelling hangt sterk af van bedrijf tot bedrijf en hangt samen met specifieke onderhoudsacties aan delen van een installatie. De blootstelling blijft in tijd meestal beperkt tot de duur van een specifieke preventieve onderhoudsactie.

Handelingscontext

- De onderhoudsmonteur gaat veelal om met mechanische en elektrische installaties die in werking zijn.

- Preventieve onderhoudsacties kunnen gevolgen hebben voor de machine- en omgevingsveiligheid.

- De onderhoudsmonteur gaat vaak ook om met gevaarlijke stoffen.

- De activiteiten van de onderhoudsmonteur zijn over het algemeen weinig gevarieerd. Het werk zelf is echter niet eentonig.

2.2.4. Autonomie

Is zelfstandig in

- het uitvoeren van preventief onderhoud volgens het onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- het lezen van technische informatie

- het invullen van opvolgdocumenten en geven van informatie aan de betrokken dienst

- het communiceren met leidinggevenden, collega's en machinegebruikers met het oog op het optimaliseren van het preventief onderhoud

Is gebonden aan

- het preventief onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- de technische voorschriften van de onderhoudswerking in het bedrijf

- veiligheidsprocedures bij het uitvoeren van specifieke onderhoudsacties

- de veiligheids- en milieuvoorschriften

Doet beroep op

- de leidinggevende (elektromecanicien, onderhoudstechnicus, werkleider,...) voor de werkplanning en overleg bij vaststelling van afwijkingen en uitzonderlijke slijtage van onderdelen.

2.2.5. Verantwoordelijkheid

- het werken volgens het preventief onderhoudsplan en de onderhoudsrichtlijnen

- het werken met oog voor veiligheid, milieu, kwaliteit en welzijn

- het preventief interveniëren rekening houdend met situationele elementen of de onderhoudshistoriek

- het controleren van de werking van het materiaal, de instrumentengegevens, de kritieke slijtagepunten en smeringspunten

- het veilig stellen van de machine in installatie voor het onderhoud

- het vervangen en afstellen van mechanische onderdelen

- het vervangen en afstellen van elektrische onderdelen en componenten

- het vervangen en afstellen van hydraulische onderdelen en componenten

- het vervangen en afstellen van pneumatische onderdelen en componenten

- het invullen van opvolgdocumenten

2.3. Attesten

2.3.1. Wettelijke Attesten

Geen vereisten.

2.3.2. Vereiste Attesten

Afhankelijk van de sector waarin de beroepsbeoefenaar terechtkomt :

- VCA-attest

- BA4-BA5

2.3.3. Instapvoorwaarden

Geen vereisten.