Besluit van de Vlaamse Regering tot uitbreiding van het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren en houdende diverse maatregelen betreffende basis- en secundair onderwijs, leertijd en leerlingenbegeleiding

  • goedkeuringsdatum
    07/07/2017
  • publicatiedatum
    B.S. 24/08/2017 (pagina 80828)
  • bron

    Numac : 2017040631
  • datum laatste wijziging
    18/05/2018

Aanhef

DE VLAAMSE REGERING,

Gelet op het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, artikel 15, § 7, laatst gewijzigd bij het decreet van 17 juni 2016;

Gelet op het decreet van 1 december 1998 betreffende de centra voor leerlingenbegeleiding, artikel 10;

Gelet op het decreet van 9 december 2005 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het onderwijs, artikel 3, gewijzigd bij het decreet van 17 juni 2016, artikel 4, gewijzigd bij de decreten van 18 december 2009 en 16 juni 2017, en artikel 6, § 2, ingevoegd bij het decreet van 22 juni 2007;

Gelet op het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, artikel 86, § 1, 3°, gewijzigd bij het decreet van 17 juni 2016, artikel 93, § 2, artikel 100, zevende lid, gewijzigd bij het decreet van 19 juli 2013, en achtste lid, gewijzigd bij het decreet van 13 juli 2012, en artikel 101, zevende lid;

Gelet op de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, bekrachtigd bij het decreet van 27 mei 2011, artikel 12, 115, § 1, eerste lid, 1°, en 4°, ingevoegd bij het decreet van 4 april 2014, artikel 123/20, ingevoegd bij het decreet van 19 juni 2015 en gewijzigd bij het decreet van 17 juni 2016, artikel 177, vervangen bij het decreet van 17 juni 2016, artikel 209, § 2, en artikel 294, § 8, ingevoegd bij het decreet van 21 maart 2014;

Gelet op het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen, artikel 5;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 tot vastlegging van het pakket "uren-leraar" in het voltijds secundair onderwijs;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 31 augustus 2001 houdende de organisatie van het schooljaar in het secundair onderwijs;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2002 betreffende de organisatie van het voltijds secundair onderwijs;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 12 september 2008 betreffende het multidisciplinaire dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 houdende uitvoering van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de voortrajecten die in aanmerking komen voor subsidiëring binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de subsidiëring van voortrajecten binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap voor de schooljaren 2013-2014 tot en met 2016-2017;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 17 januari 2014 met betrekking tot programmatie van structuuronderdelen in het voltijds gewoon secundair onderwijs;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot verdere uitvoering van het decreet van 21 maart 2014 betreffende maatregelen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 houdende uitvoering van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen;

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016 betreffende het basis- en secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding;

Gelet op het overleg met de afgevaardigden van de schoolbesturen op 2 februari 2017;

Gelet op het overleg met de representatieve vakorganisaties op 2 februari 2017;

Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 28 maart 2017;

Gelet op het advies van de raad van bestuur van Syntra Vlaanderen met betrekking tot het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren, gegeven op 28 april 2017;

Gelet op het advies van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen met betrekking tot het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren, gegeven op 3 mei 2017;

Gelet op het advies van de Vlaamse Onderwijsraad met betrekking tot het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren, gegeven op 9 mei 2017;

Gelet op protocol nr. 53 van 24 mei 2017 houdende de conclusies van de onderhandelingen die werden gevoerd in de gemeenschappelijke vergadering van Sectorcomité X, van onderafdeling Vlaamse Gemeenschap van afdeling 2 van het Comité voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten en van het overkoepelend onderhandelingscomité, vermeld in het decreet van 5 april 1995 tot oprichting van onderhandelingscomités in het vrij gesubsidieerd onderwijs;

Gelet op advies 61.608/1 van de Raad van State, gegeven op 29 juni 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende het besluit van de Vlaamse Regering van 22 april 2016 betreffende het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in het secundair onderwijs, bekrachtigd bij het decreet van 10 juni 2016;

Overwegende het besluit van de Vlaamse Regering van 28 oktober 2016 betreffende het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in de leertijd, bekrachtigd bij het decreet van 23 december 2016;

Op voorstel van de Vlaamse minister van Onderwijs en de Vlaamse minister van Werk, Economie, Innovatie en Sport;

Na beraadslaging,

Besluit :

HOOFDSTUK 1 Uitbreiding van het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren

ART 1.

De bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 april 2016 betreffende het tijdelijke project "Schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in het secundair onderwijs, bekrachtigd bij het decreet van 10 juni 2016, zijn onverkort van toepassing op de scholen en opleidingen in dit besluit, met uitzondering van de artikelen 5, eerste en tweede lid, 6, 12, eerste lid, 19 eerste lid, en 20, voor zover het secundair onderwijs betreft.

De bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 oktober 2016 betreffende het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in de leertijd, bekrachtigd bij het decreet van 23 december 2016, zijn onverkort van toepassing op de centra en opleidingen in dit besluit, met uitzondering van de artikelen 5, eerste en tweede lid, 6 en 12, voor zover het leertijd betreft.

ART 2.

Het tijdelijke project Schoolbank op de werkplek wordt uitgebreid naar de volgende opleidingen:
1° afwerking bouw duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied bouw, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
2° binnenvaart en beperkte kustvaart duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied maritieme opleidingen, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
3° brood- en banketbakkerij duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied voeding, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
4° chocolatier duaal: te organiseren als een specialisatiejaar in het derde leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied voeding, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
5° dakwerker duaal: te organiseren als een specialisatiejaar in het derde leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied bouw, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
6° decoratie en schilderwerken duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied bouw, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
7° fitnessbegeleider duaal: te organiseren als een Se-n-Se in het derde leerjaar van de derde graad technisch secundair onderwijs, studiegebied sport, van het voltijds gewoon secundair onderwijs;
8° hotelreceptionist duaal: te organiseren als een specialisatiejaar in het derde leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied voeding, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
9° kinderbegeleider duaal: te organiseren als een specialisatiejaar in het derde leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied personenzorg, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
10° lassen-constructie duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied mechanica-elektriciteit, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
11° onderhoudsmechanica auto duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied auto, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
12° ontwikkelaar patronen kleding- en confectieartikelen duaal: te organiseren als een Se-n-Se in het derde leerjaar van de derde graad technisch secundair onderwijs, studiegebied mode, van het voltijds gewoon secundair onderwijs;
13° slagerij duaal: te organiseren in het eerste en tweede leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied voeding, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd;
14° tuinaanlegger-groenbeheerder duaal: te organiseren als een specialisatiejaar in het derde leerjaar van de derde graad beroepssecundair onderwijs, studiegebied land- en tuinbouw, van het voltijds gewoon secundair onderwijs, of in het deeltijds beroepssecundair onderwijs, of in de leertijd.

De opleidingen, vermeld in het eerste lid, 4°, 5°, 7°, 8°, 9°, 12° en 14°, zijn eenjarig. De opleidingen, vermeld in het eerste lid, 1°, 2°, 3°, 6°, 10°, 11° en 13°, zijn tweejarig.

ART 3.

Alle opleidingen, vermeld in artikel 2, en alle opleidingen met uitzondering van de opleiding elektromechanische technieken duaal, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 april 2016 betreffende het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in het secundair onderwijs, bekrachtigd bij het decreet van 10 juni 2016, en het besluit van de Vlaamse Regering van 28 oktober 2016 betreffende het tijdelijke project "schoolbank op de werkplek" rond duaal leren in de leertijd, bekrachtigd bij het decreet van 23 december 2016, mogen samengenomen maximaal 124 keer worden aangeboden. Het Gemeenschapsonderwijs, de verenigingen van schoolbesturen van het gesubsidieerde onderwijs en het Vlaams Agentschap voor Ondernemersvorming - Syntra Vlaanderen selecteren samen, in overleg met de betrokken sectoren, de scholen en centra die in het tijdelijke project worden opgenomen en de opleidingen die er worden georganiseerd. Ze houden er daarbij rekening mee dat:
1° alle opleidingen samen maximaal 100 keer mogen worden aangeboden in het Gemeenschapsonderwijs, het door de Vlaamse Gemeenschap gesubsidieerde officieel onderwijs en het door de Vlaamse Gemeenschap gesubsidieerde vrij onderwijs;
2° de opleiding groen- en tuinbeheer duaal niet mag worden aangeboden in de leertijd.

Voor de selectie gelden de volgende voorwaarden:
1° de niet-duale gelijknamige opleiding of, als een dergelijke opleiding niet voorkomt in het Vlaamse studieaanbod, een nauw verwante niet-duale opleiding wordt in de school of het centrum in kwestie tijdens het schooljaar 2015-2016 of 2016-2017 georganiseerd;
2° de school beantwoordt aan de toepasbare rationalisatienorm;
3° de projectdeelname kan alleen op basis van vrijwilligheid van het schoolbestuur of centrumbestuur;
4° in het secundair onderwijs moet de deelname aan het tijdelijke project in overeenstemming zijn met de afspraken die binnen de scholengemeenschap daarover zijn gemaakt;
5° in het secundair onderwijs moet, na kennisname van de bepalingen van dit besluit, over deelname aan het tijdelijke project overleg worden gevoerd in de schoolraad;
6° in het secundair onderwijs moet, na kennisname van de bepalingen van dit besluit, over deelname aan het tijdelijke project in het lokaal onderhandelingscomité een protocol van akkoord worden gesloten;
7° in de leertijd moet, in voorkomend geval en na kennisname van de bepalingen van dit besluit, over deelname aan het tijdelijke project overleg worden gevoerd in de ondernemingsraad;
8° er zijn ondernemingen beschikbaar waarmee de school of het centrum kan samenwerken, en die ondernemingen zijn, zowel voor de trajectbegeleider als voor de leerling, bereikbaar;
9° de scholen en centra in het project zijn zo evenwichtig mogelijk geografische verspreid over alle Vlaamse provincies en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest.

De selectie vindt plaats uiterlijk op 10 juli 2017. De lijst van geselecteerde scholen en centra wordt door alle actoren samen die bij de selectie betrokken zijn, ter goedkeuring voorgelegd aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor werk.

ART 4.

Om als regelmatige leerling te worden toegelaten, gelden de volgende specifieke voorwaarden:
1° voor de opleidingen afwerking bouw duaal, binnenvaart en beperkte kustvaart duaal, brood- en banketbakkerij duaal, decoratie en schilderwerken duaal, lassen-constructie duaal, onderhoudsmechanica auto duaal en slagerij duaal:
a) ofwel houder zijn van een getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs;
b) ofwel beschikken over een gunstige beslissing van de klassenraad of het begeleidingsteam, naargelang van het geval, over een leerling die aan de voltijdse leerplicht heeft voldaan;
2° voor de opleidingen chocolatier duaal, dakwerker duaal, hotelreceptionist duaal, kinderbegeleider duaal en tuinaanlegger-groenbeheerder duaal:
a) ofwel houder zijn van een diploma van secundair onderwijs, uitgereikt binnen een opleiding van hetzelfde studiegebied als de desbetreffende duale opleiding;
b) ofwel houder zijn van een diploma van secundair onderwijs, uitgereikt in het deeltijds beroepssecundair onderwijs of de leertijd op basis van een certificaat van een opleiding die verwant is met het studiegebied van de desbetreffende duale opleiding;
c) ofwel houder zijn van een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs, uitgereikt binnen een opleiding van hetzelfde studiegebied als de desbetreffende duale opleiding;
d) ofwel houder zijn van een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs, uitgereikt in het deeltijds beroepssecundair onderwijs of de leertijd op basis van een certificaat van een opleiding die verwant is met het studiegebied van de desbetreffende duale opleiding;
e) ofwel én houder zijn van één van de in a) tot en met d) vermelde studiebewijzen, uitgereikt binnen een opleiding van een ander studiegebied dan dat van de duale opleiding of binnen een opleiding die niet verwant is met het studiegebied van de duale opleiding, én beschikken over een gunstige beslissing van de klassenraad of het begeleidingsteam, naargelang van het geval.

Bovendien geldt als bijzondere toelatingsvoorwaarde voor onderstaande opleidingen dat de leerling medisch geschikt moet zijn bevonden voor de uitoefening van het beroep. Die geschiktheidsverklaring is eenmalig en geldt voor de duur van de opleiding:
1° binnenvaart en beperkte kustvaart duaal;
2° dakwerker duaal;
3° kinderbegeleider duaal.

Bovendien geldt als bijzondere toelatingsvoorwaarde voor onderstaande opleidingen waarin de leerling rechtstreeks met voedingswaren of -stoffen in aanraking komt en die waren kan verontreinigen of besmetten, dat de leerling medisch geschikt moet zijn bevonden. Die geschiktheidsverklaring is eenmalig en geldt voor de duur van de opleiding, tenzij er een aanleiding is om de geschiktheid te herevalueren. Een ongeschiktheidsverklaring in de loop van het schooljaar impliceert de beslissing van de betrokken personen om de leerling uiterlijk op het einde van dat schooljaar de opleiding te laten stopzetten:
1° brood- en banketbakkerij duaal;
2° chocolatier duaal;
3° slagerij duaal;
4° hotelreceptionist duaal.

Bovendien gelden als bijzondere toelatingsvoorwaarden, rekening houdend met beroepsuitoefeningsvoorwaarden, voor de opleiding kinderbegeleider duaal:
1° van onberispelijk gedrag zijn, zoals dat blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dat niet langer dan drie maanden voor de effectieve start van de opleiding door de betrokken leerling werd afgegeven;
2° uiterlijk op 30 september van het betrokken schooljaar in het bezit zijn van een attest van kennis van levensreddend handelen bij kinderen;
3° achttien jaar worden uiterlijk in het schooljaar waarin met de opleiding kinderbegeleider duaal wordt gestart.

ART 5.

Voor de vaststelling van het pakket uren-leraar in het voltijds gewoon secundair onderwijs met toepassing van de geldende regelgeving worden de onderstaande opleidingen ondergebracht in de opgegeven overeenkomstige disciplines:
1° afwerking bouw duaal: discipline hout en bouw (bso);
2° binnenvaart en beperkte kustvaart duaal: discipline rijn- en binnenvaart (bso);
3° brood- en banketbakkerij duaal: discipline hotel (bso);
4° chocolatier duaal: discipline hotel (bso);
5° dakwerker duaal: discipline hout en bouw (bso);
6° decoratie en schilderwerken duaal: discipline decoratieve technieken (bso);
7° fitnessbegeleider duaal: discipline sport (tso);
8° hotelreceptionist duaal: discipline hotel (bso);
9° kinderbegeleider duaal: discipline personenzorg (bso);
10° lassen-constructie duaal: discipline metaal (bso);
11° onderhoudsmechanica auto duaal: discipline metaal (bso);
12° ontwikkelaar patronen kleding- en confectieartikelen duaal: discipline kleding en confectie (tso);
13° slagerij duaal: discipline hotel (bso);
14° tuinaanlegger-groenbeheerder duaal: discipline land- en tuinbouw (bso).

ART 6.

Aan de scholen en centra in het secundair onderwijs die door de uitbreiding van het project worden gevat, wordt zowel voor het schooljaar 2017-2018 als voor het schooljaar 2018-2019 een financiële incentive toegekend voor zover de school of het centrum in kwestie op de eerste lesdag van oktober ten minste één regelmatige leerling telt in een duale opleiding.

De incentive moet aantoonbaar voor de realisatie van de duale opleiding worden aangewend. Ze bedraagt voor elke school of centrum 10.000 euro per duale opleiding.

HOOFDSTUK 2 Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 tot vastlegging van het pakket "uren-leraar" in het voltijds secundair onderwijs

ART 7.

In artikel 4, § 7bis, van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 juli 1990 tot vastlegging van het pakket "uren-leraar" in het voltijds secundair onderwijs, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 juli 1993 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 14 mei 1996 en 30 augustus 2016, wordt punt 4° opgeheven.

HOOFDSTUK 3 Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 augustus 2001 houdende de organisatie van het schooljaar in het secundair onderwijs

ART 8.

In artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 augustus 2001 houdende de organisatie van het schooljaar in het secundair onderwijs, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 2012, worden de punten 3° en 4° opgeheven.

HOOFDSTUK 4 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2002 betreffende de organisatie van het voltijds secundair onderwijs

ART 9.

In artikel 32, § 1, eerste lid, 1°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2002 betreffende de organisatie van het voltijds secundair onderwijs, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016, wordt de zinsnede "uiterlijk 25 lesdagen" vervangen door de zinsnede "uiterlijk 60 kalenderdagen".

ART 10.

 In hetzelfde besluit wordt een artikel 32/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 32/1. Met behoud van de toepassing van artikel 31 worden leerlingen die, door een wijziging in het verslag vermeld in artikel 294, § 2, van de codex secundair onderwijs van 17 december 2010, overstappen van opleidingsvorm 1, 2 of 3 van het buitengewoon secundair onderwijs naar opleidingsvorm 4 van het buitengewoon secundair onderwijs, met uitzondering van het eerste leerjaar A en B en het specialisatiejaar thuis- en bejaardenzorg/zorgkundige bso, als regelmatige leerlingen toegelaten, onder de voorwaarde van een gunstige beslissing van de toelatingsklassenraad, uiterlijk 10 lesdagen na de aanvang van de regelmatige lesbijwoning.".

HOOFDSTUK 5 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 september 2008 betreffende het multidisciplinaire dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding

ART 11.

Aan artikel 2, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 september 2008 betreffende het multidisciplinaire dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding wordt de volgende zinsnede toegevoegd:
"of door CLB-medewerkers van een ander centrum als de leerling ook onder begeleiding van dat andere centrum is".

ART 12.

Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt :
"Art. 5. Elke CLB-medewerker van het centrum die betrokken is bij de begeleiding van de leerling in kwestie, heeft toegang tot alle gegevens, vermeld in artikel 2.

Een CLB-medewerker van een ander centrum die betrokken is bij de begeleiding van de leerling, kan toegang krijgen tot het multidisciplinaire dossier van de leerling onder begeleiding van dat andere centrum. De toegang tot voormelde gegevens voor de betrokken CLB-medewerker gebeurt altijd onder de verantwoordelijkheid van de directeur en de verantwoordelijke beroepsbeoefenaar van het centrum. De toegang tot voormelde gegevens voor de betrokken CLB-medewerker is daarenboven slechts mogelijk mits toestemming van de ouders, de bekwame minderjarige leerling zoals omschreven in artikel 4 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de rechtspositie van de minderjarige in de integrale jeugdhulp of de meerderjarige leerling.".

ART 13.

In artikel 9, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 en 30 augustus 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de inleidende zin wordt vervangen door wat volgt:
"Met behoud van de toepassing van de bepalingen van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, mogen het centrum en de CLB-medewerkers alleen in het belang van de leerling gegevens uit het multidisciplinaire dossier bezorgen aan de volgende derden:";
2° punt 1° /1 wordt opgeheven.

HOOFDSTUK 6 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 houdende uitvoering van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap

ART 14.

In artikel 17 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 houdende uitvoering van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de zinsnede "het schooljaar 2016-2017" wordt vervangen door de zinsnede "het schooljaar 2017-2018";
2° de zinsnede "het schooljaar 2015-2016" wordt telkens vervangen door de zinsnede "het schooljaar 2016-2017" en de zinsnede "het schooljaar 2015-16" wordt vervangen door de zinsnede "het schooljaar 2016-2017";
3° in punt 4° wordt een punt h) toegevoegd, dat luidt als volgt :
"h) een overeenkomst van alternerende opleiding zoals bedoeld in artikel 3, 1°, van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen;";
4° in punt 4° wordt een punt i) toegevoegd, dat luidt als volgt :
"i) een stageovereenkomst alternerende opleiding zoals bedoeld in artikel 3, 2°, van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen.".

ART 15.

In artikel 19 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de zinsnede "het schooljaar 2016-2017" wordt vervangen door de zinsnede "het schooljaar 2017-2018";
2° de zinsnede "het schooljaar 2015-2016" wordt vervangen door de zinsnede "het schooljaar 2016-2017".

ART 16.

In artikel 20quater van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016, wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"Elk jaar bepaalt de Vlaamse Regering het bedrag van de vergoeding die wordt toegekend aan de organisator. Deze vergoeding bedraagt minimaal 4,50 euro per effectief gepresteerd begeleidingsuur.".".

HOOFDSTUK 7 Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de voortrajecten die in aanmerking komen voor subsidiëring binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap

ART 17.

In artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de voortrajecten die in aanmerking komen voor subsidiëring binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016, wordt het jaartal "2017" vervangen door het jaartal "2018".

HOOFDSTUK 8 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de subsidiëring van voortrajecten binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap voor de schooljaren 2013-2014 tot en met 2016-2017

ART 18.

In het opschrift van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de subsidiëring van voortrajecten binnen het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap voor de schooljaren 2013-2014 tot en met 2016-2017, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 en 30 augustus 2016, wordt de zinsnede "voor de schooljaren 2013-2014 tot en met 2016-2017" opgeheven.

ART 19.

 In artikel 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juni 2014, 10 juli 2015 en 30 augustus 2016, wordt het jaartal "2017" vervangen door het jaartal "2018".

HOOFDSTUK 9 Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 januari 2014 met betrekking tot programmatie van structuuronderdelen in het voltijds gewoon secundair onderwijs

ART 20.

In de bijlage 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 januari 2014 met betrekking tot programmatie van structuuronderdelen in het voltijds gewoon secundair onderwijs, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015, wordt de zin "Alle structuuronderdelen die niet zijn opgenomen in bijlage 2" vervangen door de zin "Alle structuuronderdelen die niet zijn opgenomen in bijlage 2 of waarvan de benaming niet de component "duaal" of de component "maritieme" bevat."

HOOFDSTUK 10 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot verdere uitvoering van het decreet van 21 maart 2014 betreffende maatregelen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften

ART 21.

In artikel 6, tweede lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering en tot verdere uitvoering van het decreet van 21 maart 2014 betreffende maatregelen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften wordt punt 3° opgeheven.

ART 22.

 In artikel 7, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt het woord "vergaderingen" vervangen door het woord "bemiddelingsgesprekken".

ART 23.

Artikel 11 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11. Een bemiddelingsverzoek is ontvankelijk:
1° na het doorlopen van de fase van uitbreiding van zorg, vermeld in artikel 3, 53° bis, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997, en artikel 3, 44° /1, van de codex secundair onderwijs van 17 december 2010;
2° en in geval de vraag tot bemiddeling gesteld wordt door de ouders, na het doorlopen van de klachtenprocedure van het CLB.".

ART 24.

 In artikel 12, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "uiterlijk op de zitting" vervangen door de zinsnede "voorafgaand aan het bemiddelingsgesprek en uiterlijk op het door de voorzitter bepaald tijdstip".

ART 25.

 In artikel 14 van hetzelfde besluit wordt het woord "zitting" vervangen door het woord "bemiddelingsgesprek".

HOOFDSTUK 11 Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 houdende uitvoering van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen

ART 26.

In artikel 6, eerste lid, van bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juli 2016 houdende uitvoering van het decreet van 10 juni 2016 tot regeling van bepaalde aspecten van alternerende opleidingen wordt in de voetnoot het punt 3°, d) opgeheven.

HOOFDSTUK 12 Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016 betreffende het basis- en secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding

ART 27.

 Het opschrift van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 augustus 2016 betreffende het basis- en secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding wordt vervangen door wat volgt:
"Besluit betreffende de organisatie van stages en sociaal-maatschappelijke trainingen in het buitengewoon secundair onderwijs".

ART 28.

 In artikel 1 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 wordt voor het eerste lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De klassenraad bepaalt de minimale en de maximale duur van de niet-verplichte leerlingenstage of sociaal-maatschappelijke training, die in groep en onder voortdurende begeleiding van de leraar kan plaatsvinden in opleidingsvorm 1.";
2° in paragraaf 1 wordt in het bestaande eerste lid, dat het tweede lid wordt, tussen het woord "niet-verplichte" en het woord "leerlingenstage" het woord "individuele" ingevoegd en wordt tussen de woorden "of van de" en de woorden "sociaal- maatschappelijke training" het woord "individuele" ingevoegd;
3° in paragraaf 2 wordt voor het eerste lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De klassenraad bepaalt de minimale en de maximale duur van de niet-verplichte leerlingenstage, die in groep en onder voortdurende begeleiding van de leraar kan plaatsvinden in de tweede fase van opleidingsvorm 2.";
4° in paragraaf 2 wordt in het bestaande eerste lid, dat het tweede lid wordt, tussen het woord "niet-verplichte" en het woord "leerlingenstage" het woord "individuele" ingevoegd.

HOOFDSTUK 13 Slotbepalingen

ART 29.

Dit besluit treedt in werking op 1 september 2017, met uitzondering van artikel 1 tot en met 6, die in werking treden op 15 juni 2017, en artikel 20 dat in werking treedt op 1 november 2017.
Artikel 1 tot en met 5 treden buiten werking op 1 september 2019.

ART 30.

De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.