Methode en instrumenten: wat bekijken we, en hoe?
Wat bekijken we?
Met het CIPO-referentiekader verzamelt en ordent de onderwijsinspectie haar
vaststellingen tijdens een doorlichting.
- De ordening steunt op de vier componenten: Context, Input,
Proces, Output.
We vertrekken bij ons onderzoek vanuit de output: we kijken wat de instelling
met haar processen bij de leerlingen of cursisten bereikte.
De processen
verklaren het al dan niet bereiken van die effecten.
Ten slotte kijken we ook
naar de context en de input, maar op zich relativeren die het al dan niet
bereiken van de output niet.
- Alleen de component Proces is verder onderverdeeld in vier domeinen:
- algemeen beleid
- personeelsbeleid
- logistiek beleid
- onderwijs
- Elke component bestaat uit een verzameling van indicatoren.
- Variabelen zijn meer specifieke karakteristieken die een indicator concreet
vorm geven.
CIPO in schematische vorm (.pdf, 1 p.)
Omschrijving
CIPO-indicatoren en -variabelen (.pdf, 7 p.)
Hoe kijken we?
Bij elk aspect van de werking waar we naar kijken, stellen we dezelfde basisvragen.
| - |
Welke ondersteunende initiatieven neemt de
onderwijsinstelling om de inspanningsverplichting en/of
resultaatsverplichting waar te maken? |
| - |
Welke effecten wil het team met deze initiatieven
bereiken? |
| - |
Welke ontwikkelingen zijn aan de gang? |
| - |
Hoe verantwoordt het team de keuzes die gemaakt
werden? |
Nog een woordje uitleg
Een school heeft een opdracht en een doel
Een school moet niet alleen zorg dragen voor haar leerlingen, maar
ook nadenken over wat ze met die zorg en ondersteuning wil bereiken bij
haar leerlingen. De inspanningen die ze levert worden weliswaar
gewaardeerd, maar krijgen maatschappelijk pas waarde door het effect dat
men ermee bereikt.
In het CIPO-referentiekader vinden we onder ‘output’ indicatoren en
variabelen die overeenstemmen met wat de overheid belangrijk vindt om
via onderwijs te realiseren. De onderwijsinspectie stelt zich bij het
bekijken van processen en acties van de school, de vraag in welke mate
en op welke manier deze bijdragen tot het bereiken van de
overheidsdoelen bij leerlingen.
Om bij leerlingen een goed resultaat te bereiken zal het nodig zijn
ook de leraren te ondersteunen.
Of het nu over de ondersteuning van leerlingen of leraren gaat, een
school moet steeds nagaan of dit nodig is voor alle leerlingen/leraren,
voor bepaalde doelgroepen of voor individuele leerlingen/leraren. Zo
ontstaan doelgerichte acties en houdt men rekening met de verschillende
behoeften.
De onderwijsinspectie benadrukt in haar manier van kijken dan ook
niet de wijze waarop men aan een proces of actie werkt. De inspecteurs
hebben oog voor de doelgerichtheid waarmee de school haar processen
uitwerkt en voor de zorg die men hieraan koppelt om de vooropgestelde
effecten met alle leerlingen/leraren te bereiken. Dat vereist van de
scholen niet alleen visie, maar ook een verantwoording voor de gemaakte
keuzes aan de hand van evaluatiegegevens, resultaten van leerlingen
en zo meer.
Een school ontwikkelt zich en bewaakt zelf haar kwaliteit
Ondersteuning bieden, doelgerichtheid nastreven en effect bereiken
zijn belangrijk, maar ook voor een school geldt dat niet alles tegelijk
kan. Bovendien zijn er steeds weer (externe of interne) nieuwe impulsen
en staat de school zelf in voor de kwaliteit van haar processen en
acties.
De onderwijsinspectie kijkt daarom ook naar de dynamiek van een
proces. De inspecteurs hebben oog voor de manier waarop de school zelf
haar kwaliteit in de organisatie bewaakt. Ze zijn alert voor een
kritische en onderbouwde reflectie op wat men doet en bereikt en ze
waarderen goed beheerste verbeterinitiatieven die een sterk draagvlak
binnen de organisatie hebben. De onderwijsinspectie kijkt naar de wijze
waarop men omgaat met vernieuwing en hoe men als organisatie leert en
groeit.
De onderwijsinspectie legt bijgevolg in haar manier van kijken ook de
nadruk op de kracht die de school toont op vlak van ontwikkeling en
kwaliteitszorg.
Meer info over deze aspecten van onze werking vindt u in onze nota:
Gedifferentieerde doorlichting,
nota oktober 2008 (.pdf, 11 p.)
Naar boven
|